Deze week bezocht ik de tentoonstelling van Jan Taminiau in het Centraal Museum in Utrecht. Sinds koningin Maximá zijn ontwerpen regelmatig draagt, is hij heel bekend en dat is zeer terecht!
Wat een prachtige creaties waren er te zien. De tentoonstelling wordt druk bezocht en je krijgt dan ook beperkt maar wel voldoende tijd om hem te bezichtigen.
Miljoenen pailletten, kraaltjes, steentjes verwerkt Jan Taminiau in zijn creaties. Maar in zijn beginnende ontwerpen zag ik ook honderden drukknoopjes gebruikt om een touch van glitter aan te brengen.
De japonnen waren schitterend, de opzet van de tentoonstelling vond ik er niet helemaal bij passen. Maar dat is een kwestie van smaak. Wel vond ik de grote overvloeiende beelden prachtig, waarmee werd getoond waar zijn inspiratie o.a vandaan komt. En de tientallen proef-borduursels maakten duidelijk wat een priegelig werk het is en hoeveel tijd, geduld en kunstenaarschap er in verwerkt is. Jan Taminiau heeft een ongebreidelde fantasie en een creatieve geest zonder grenzen.
Naast allerlei (letterlijk) schitterende japonnen stond ook de blauwe kroningsrobe van de koningin tentoon. En ik verbaasde me er over dat deze japon weliswaar uitzonderlijk luxe was, maar toch eenvoud uitstraalde. Zodat dat juist op die kroningsdag alle aandacht naar de koning zou gaan.
Eén van de bezoeksters zwijmelde bij al die robes en bekende dat ze zo graag eens er een wilde dragen. Ik keek haar aan, begreep het wel. Maar helaas, het was hier niet in onze maat verkrijgbaar… 😉 😉
Boek
Een thriller met een excentrieke detective, een mooi maar domme secretaresse, die soms toch heel interessante dingen weet te zeggen en zich niet zo snel uit het veld laat slaan. En natuurlijk een zaak waar in het begin geen touw aan vast te knopen is.
Stukje bij beetje komen alle losse eindjes bij elkaar.
Van dat soort boeken hou ik, met een beetje spanning, onwaarschijnlijke wendingen en tenslotte de ontknoping. Geen diepgravende psychologie, gewoon lekker zittend onder een parasol om te lezen. Met een koel drankje en een knabbeltje kom je zo’n warme dag dan wel door.
Onhandig…
In het Centraal Museum in Utrecht moet iedereen zijn (hand)tas opbergen in een kluisje. Ook als je maar een inie-mini tasje hebt. Och, ik begrijp dat wel, maar het is wel onhandig. Zeker als je hoort dat de audiotour via je mobieltje te beluisteren is. En als je nadien nog even wat wilt drinken, moet je toch portemonnee of pinpas meenemen. Je moet het sleuteltje van het kluisje kwijt, en een zakdoek is ook altijd handig, of zelfs onmisbaar. Misschien kun je niet zonder leesbril…
Oh hemeltje, waar laat je die dingen dan toch….?
Ik stond in ieder geval te prutsen in mijn broekzakken, die niet zo ruim zijn. En ik was niet de enige. Misschien zou een papieren mini tasje een oplossing zijn. Door het museum aangeboden, met een lange band, zodat het schuin over je schouder, om je middel of je nek gedragen kan worden? Er zou zelfs reclame op gedrukt kunnen worden, dus ze betalen zichzelf. Dat zou ik nou handig vinden…!
Natuur in de stad
Op weg naar het Centraal Museum in Utrecht zag ik deze fraaie stokroos.
Op sommige plaatsen zaaien die zich jaarlijks meer en meer uit. Ik vind ze prachtig! En ze geven een straat een bijzondere sfeer.
Elk jaar bedenk ik me dat ik zaad moet oogsten en telkens ben ik dan toch weer te laat of vergeet ik het gewoon. Nou ja, kopen zal ook wel kunnen… dus nog maar weer eens een goed voornemen.
En geduld, want het is een tweejarig, dus eerst een jaar alleen maar blad en dan het jaar daarop hopelijk zo’n fraai stammetje met bloemen.
Uitgeteld…
Het zit er op. Gisteren was de laatste bestraling een feit. Zestien keer gingen we naar het Erasmus MC. Zestien keer lag ik daar en telde de minuten weg. Gek dat zoiets zo’n impact hebben kan. Want je voelt het niet, ziet het niet, ruikt het niet en toch… Als in een griezelig soort spookwereldje gaan die stralen je te lijf en maken je beter en tegelijkertijd ook weer niet. Want mijn vel is inmiddels rood en geïrriteerd, ik ben sneller moe dan vroeger. Maar kom op, dat gaat straks allemaal weer over. Ik mag zeker niet klagen, want ik voel me beter dan dat ik had durven hopen.
Ik had een doosje gemaakt met iets lekkers voor de mensen van de bestralingsunit. Zij zorgen er elke dag nauwkeurig voor dat je in dezelfde positie ligt, stellen alles in en helpen je weer van die smalle plank af. En altijd vriendelijk en opgewekt. Het is hun werk, jazeker. Maar ze verdienen toch een schouderklopje, vandaar!
Muzikaal begin van de week
Net als vorig jaar begin ik elke week weer met muziek. Het kan van alles wat zijn, in elke taal, soms ontroerend, soms carnavalesk. Maar het brengt in ieder geval mij altijd in een goed humeur.
Johnny Hallyday was niet mijn grootste favoriet, maar van dit liedje word ik nog altijd heel vrolijk:
Traditie
Hoe het ontstaan is, weten we niet meer. Maar als wij op vakantie gaan, eten we de avond tevoren witbrood met haring en aardbeien. Nee, niet meteen roepen van “Bah”, want we eten natuurlijk eerst brood met haring (en uitjes) en dan pas één of meer boterhammen met aardbeien. En geloof me, dat is heerlijk.
Toen ik voor het eerst bij mijn schoonouders kwam, lustte ik geen haring. Dat kon niet vond schoonmoeder en haar wil was wet. Dus proefde ik mijn eerste haring zuinigjes op een boterham, bedekt met heel veel ui en tomaat. Dan hoefde ik die enge vis niet te zien. Dat het zo lekker was, leerde ik snel. En nu eet ik het ook zonder ui en tomaat leg ik er al heel lang niet meer op.
Manlief is nog steeds dol op haring en zonen lusten ook wel graag een lekkere. Soms met brood of zo uit het vuistje.
Ik geloof niet dat de jongens nog aan die vakantietraditie vasthouden, maar zij gaan vaak buiten de zomer op reis. Dan zijn aardbeien weer lastig te krijgen. Maar wij houden hem er in. Hoef ik die laatste avond voor we vertrekken niet na te denken over wat we zullen eten. Makkelijk toch?
Deur
Wandelend over een mooie Rotterdamse singel zag ik deze deur. Ik moet hier al vele keren langs gelopen zijn, maar pas nu viel het me op wat een prachtige deur hier te vinden was. Ik denk dat het een oud patriciërshuis is geweest, al schat ik in dat er nu een kantoor gevestigd is.
Zo’n mooie boog, glas-in-lood erboven en fraai koper beslag.
Al kijkend naar die foto zie ik ineens dat er links een wapen van Rotterdam en rechts een mij onbekend wapen te zien is. Dat wordt dus binnenkort eens even flink googlen en zoeken in de site van de Gemeente Rotterdam.
Hopelijk kan ik er iets over vinden en dan komt er nog wel een berichtje achteraan.
Natuur in de stad
Ja, zo kan het natuurlijk ook. Geen sierbloemen zaaien, maar nuttige gewassen telen vlak onder je eigen raam. En als je dan van vakantie thuis komt ontdekken dat je binnenkort weer een recept met courgette moet verzinnen. Deze foto mocht ik van Michiel van Zuijlen gebruiken. Hij zaaide namelijk courgette in zijn geveltuintje. Niet verwonderlijk, want hij bedenkt regelmatig heerlijke vegetarische recepten en publiceert die op FB in “Smakelijke druppels op een gloeiende plaat”.
Ik ben benieuwd wat hij van deze courgette in spé gaat maken. Misschien wel een recept uit zijn kookboek, dat binnenkort verschijnt. Ik blijf het op de voet volgen…
Eetmoment….?
Laatst las ik dat we op één dag zo’n 200 eetmomenten kennen. Het leek me nogal veel. Maar toen ik er over nadacht bleek er toch wel waarheid in te zitten. Niet dat we 200 keer per dag iets eten, maar denken aan eten, of aandacht geven aan iets om te eten, ja dat zou best kunnen. Denk aan de vele TV-reclames, de plekken waar je iets te eten kunt kopen, de bladen waarin van bijna elke pagina etenswaren je toelachen. En er komt telkens weer iets nieuws op de markt. Niet dat we daar op zitten te wachten, maar daar wordt niet naar gevraagd. Eten zullen we…
Neem nou dit. Naast de Cup-a-soup kunnen we nu ook om 4 uur een beker pasta nemen. Hup zakje er in, kokend water erop…. Lekker? Geen idee, want ik fotografeerde alleen het spul. Dit eet ik niet (meer), vast veel te zout. Maar wie het wil proberen….. voor nog geen euro heb je het….
