Er even uit

Na vele weken hadden we dan besloten dat wij onze huishoudhulp wel weer wilden laten komen. Leo en ik hadden samen zo veel mogelijk alles in huis bijgehouden, maar haar hulp zou echt heel welkom zijn.

De afspraak werd gemaakt en wij besloten om gedurende die uren weg te gaan. En zo reden we dus al om kwart over negen weg, met bestemming Agneta-park in Delft.

En dat is een heel mooie wijk. Eigenlijk bestaat hij uit twee delen, het nieuwe deel, opgeleverd in 1925 ziet er alweer wat moderner uit dan het eerst gebouwde deel. Hier vallen de kleurige houten ramen en deuren in vrolijk wit, geel en groen op, mooi gemetselde muren en allemaal dezelfde dakkappelletjes. Fraai geschoren heggen rondom de tuinen, mooie bloemen en bomen. In het oudere deel, dat dateert van rond 1885 staan kleine “cottages” die vier arbeiderswoninkjes bevatten met tuintjes rondom, waartussen slingerende straatjes. Het oogt allemaal zo rustig en netjes. Een wijk waar je je erg op je gemak voelt.

Ik maakte er een hele serie foto’s. Het was prachtig weer, heel rustig en vredig. We zochten een bankje, aten een krentenbol en genoten van het vele groen.

En tot slot werden we nog eens extra verrast. Maar dat komt in een ander blog aan de orde.

Jarig in Corona-tijd

De verjaardagsfeestjes van onze neefjes zijn altijd druk bezocht. Opa’s, oma’s, tantes, ooms, buren en vrienden en vriendinnen komen allemaal om de jarige te feliciteren en een cadeautje te geven.

Maar in deze rare Corona-tijd is op visite gaan nogal lastig. Hoe moest dat nou met die 1,5 meter?

Gelukkig hebben mama en papa veel fantasie en maakten ze er een leuke happening van.

Met Whatsapp werden we uitgenodigd om een “drive by-verjaardag” te komen opluisteren. Met een versierde auto, als dat zou kunnen…? Natuurlijk, we verzinnen wel iets.

Dus reden we zaterdag naar Culemborg, hingen we ballonnen uit het raam en gaven we het presentje door de zijruit aan de jarige. Die stond al te wachten op de auto’s die aan kwamen rijden.

En de visite kreeg nu eens geen kopje koffie met taart, maar een “goodiebag” met (zelf gebakken) lekkers.

En zo werd 4 jaar worden in Corona-tijd een heel bijzondere gebeurtenis, waar nog vaak over gepraat zal worden.

Maar volgend jaar hopen we toch weer “gewoon” op visite te kunnen gaan.

Bezoek

Dieren hebben geen last van de Corona-lockdown. Die springen of kruipen van hot naar her en laten zich niet ringeloren. Neem nou deze kikker. Die zat zomaar ineens doodleuk op de rand van onze vijver.

Ik vind dat wel leuk en van mij mag ie ook nog wel een paar vriendjes meenemen. En ja hoor, dat deed ie ook. Soms zitten ze met z’n vieren rustig te genieten van de zon. Ze zijn aan ons gewend, want springen niet meer altijd in het water als we langslopen. Je moet natuurlijk wel rustig doen, maar dan kun je ze ook goed van dichtbij bekijken.

En ze zijn eigenlijk heel mooi. Groen met mat-gouden accenten, glanzend in de zon. Kleine juweeltjes op de rand.

Aanwaaiers

Onze tuin is een beetje wild. Op sommige plekken misschien zelfs wel een beetje te wild. Maar heel erg vinden wij dat niet.

Integendeel zelfs.
Wij verwelkomen de aanwaaiers die onze tuin als een plek hebben gekozen om op te groeien.

Soms hebben ze het zo naar hun zin, dat de toevloed iets te veel wordt.

Maar bevallen ze ons niet, dan is het niet te veel moeite ze uit de grond te rukken. Dus mogen akelei, IJslandse papaver en hibiscus gewoon nog even doorgroeien.

Vooruitziende blik

In 1962 publiceerde een Italiaans blad deze tekening.

De tekenaar dacht dat de wereld er in 2022 zo uit zou zien. Wat had die man een vooruitziende blik.

Al zal men toentertijd wel hartelijk gelachen hebben om zo veel fantasie.

(Ramp)toerisme

Het mag dan heerlijk rustig zijn in Nederland en de ons omringende landen. Dat betekent wel dat het toerisme zo langzamerhand de nek is omgedraaid.

Ik maakte wat foto’s bij de molens van Kinderdijk en bedacht een beetje beschaamd dat dit toch wel een soort van ramptoerisme mag heten.

Want het is fijn als je op je gemak kunt kijken, maar saai en levenloos is het wel. Een beetje reuring was toch wel prettig.

Werd je vorig jaar nog onder voet gelopen door hordes Chinezen, Japanners, Italianen of weet ik welke landsaard dan ook. Nu is het overal stil en verlaten. Lege parkeerterreinen, gestapelde stoelen op terrassen, bezoekerscentra en musea leeg en gesloten. Rondvaartboten die aangemeerd blijven.

Overal enorme investeringen die er nutteloos bij liggen. Hoe lang nog? Voorlopig nog wel…

Even weg

Geïnspireerd door de verhalen van Marthy besloten wij afgelopen dinsdag maar eens een keertje naar Kinderdijk te gaan. Dat is een plan van al langer geleden, maar dan wilde ik met de waterbus. Dat leek ons nu niet zo’n goed idee, dus namen we de auto.

We parkeerden vlakbij de molens en liepen langs het water. Het was ongelofelijk stil en rustig. Een beetje winderig, met veel wolken. Maar dat gaf nou juist zulke mooie vergezichten.

Normaal gesproken zouden we wel een flink stuk gewandeld hebben, maar mijn knie is nog steeds pijnlijk en dus liepen we maar een stukje en gingen we al snel weer terug.

Die molens zijn uniek in de wereld en zo mooi. Ze dateren van rond 1740 en werden in die tijd zonder computers, snelle berekeningen of lawaaiige machines gebouwd. Puur mensenwerk, steen voor steen. Ook het binnenwerk van stevige boomstammen werd geheel handmatig gemaakt, gezaagd en gebeiteld. En dan staat alles er na zo veel jaren nog zo prachtig bij.

Wel jammer dat we niet binnen konden kijken. Maar ja, dat zit er nu even niet in. Het was toch een leuk uitje!

Recept

Nu ik nog maar één keer in de week boodschappen haal, is het zaak goed te plannen wat we in de loop van de week zullen eten.

Peulvruchten zitten sowieso een keer ertussen, met een saus of als curry. Maar verder natuurlijk vooral verse groeten, die wel een beetje te bewaren zijn.

Vorige week had ik weer eens paprika mee genomen en daar maakte ik Shakshuka van. Dat is een recept waarin heel veel eigen variatie mogelijk. Leo vond het erg lekker en daarom deel ik het met jullie.

Bron: Google foto’s

Sahkshuka (voor 2 personen)
1 ui, gehakt
2 tenen knoflook, gehakt
1 pepertje, gehakt
3 paprika’s, gehakt
3 stengels bleekselderij, in blokjes
1 lenteui, gehakt
½ bosje peterselie, gehakt
2 tomaten, in kleine stukjes
1 eetlepel tomatenpuree
4 eieren
1 theelepel gemalen komijn
1 theelepel (gerookte) paprika
½ theelepel gemalen korianderzaad
½ theelepel oregano
(olijf) olie om in te bakken

Verwarm de olie en fruit hierin de ui, knoflook, pepertje en bleekselderij licht aan.
Doe de tomatenpuree erbij en bak even mee. Strooi de kruiden erover en roer goed door.
Voeg de paprika toe en laat alles ongeveer 5-10 minuten zachtjes bakken. Doe er eventueel wat water bij als het te droog wordt.
Voeg de tomaten erbij, net als de lenteui en peterselie en laat alles nog even goed door bakken. Proef en breng op smaak met zout en peper.

Maak in de groenten vier holletjes en breek daarin de eieren. Zet het vuur laag en laat de eieren stollen totdat het wit gaar is en de dooier eventueel nog wat zacht.
Bestrooi de eieren nog met wat zout en peper en eventueel nog wat peterselie.

Serveer met brood.

EET SMAKELIJK!!

Nu maar even zo…!

In parken en bossen kun je nog lekker wandelen en daar wordt dan ook grif gebruik van gemaakt. Maar sommige parken zijn maar een paar weken per jaar open. Ze nu open stellen zou zorgen voor een enorme drukte die niet meer verantwoord is.

In de Japanse tuin van Clingendael in Den Haag was ik al een paar keer. Ik herinner me prachtig bloeiende rododendrons, maar vooral ook de rijen mensen die de bloemen bewonderden en er foto’s van wilden maken. Begrijpelijk, maar wat een capriolen sommigen daar voor uit wilden halen. Dat blijft de tuin nu allemaal bespaard. Maar we kunnen toch van alle moois genieten omdat op de site van de Gemeente Den Haag nu een YouTube filmpje te bekijken is. Een mooi initiatief!

Mooi…!

Net als de dieren, laat ook de natuur zich niet ringeloren door wat onze mensenwereld op zijn kop zet.

Het is voorjaar en dus… het fluitekruid groeit en bloeit. En niet alleen het fluitekruid, ook de boterbloemen, het koolzaad, de gele irissen tonen zich op zijn mooist.

Maar het fluitenkruid vind ik toch het allerleukst van alles. Tere witte schermen, net kant. En als je het wilt fotograferen lukt dat maar met moeite. Eén zuchtje wind is voldoende om het heen en weer te laten wiegen.

Sommigen zullen het misschien wel onkruid noemen, maar ik vind het elk jaar weer prachtig.