Wandelen

Blogvriendinnen brengen regelmatig inspiratie met hun verhalen over wandelen, fietsen en leuke uitjes. Zo schreef Marthy laatst een blog over Ameide.

Dat stadje kende ik van verhalen van vroeger. Mijn vader kwam uit die buurt en ik denk dat er nog wel wat verre familieleden wonen.

Dus op een mooie dag in maart vertrokken wij, niet per fiets maar per auto. Eerst wandelden en picknickten we in het Loetbos en daarna reden we naar Ameide.

Overvaren met de pont, wat ik al een hele belevenis vind. Een stuk langs de Lek, ook al zo mooi.

En daarna op ons gemak wat lopen door Ameide met z’n oude huisjes en dromerige straatjes en een ooievaar op het kerkdak. Op een bank langs de Lek bekeken we de schepen die langs voeren. En lazen we het bord met uitleg over het rampjaar 1672, waardoor ik ineens plompverloren in de zesde klas van de Lagere school leek te zitten 😉

Och, wat brengt zo’n dag een hoop plezier.

Water

Een paar weken geleden schreef ik over de nieuwe wijk “Little C.” in Rotterdam. Een stukje stad met een nieuwe look, maar ook met een geheel nieuwe manier van zaken maken.

Onder deze flats ligt een parkeergarage, want ergens moet dat blikken geluk toch ook een plek krijgen. Maar wie verwacht er nou een dak dat tegelijkertijd dienst doet als waterreservoir. Maar in dit filmpje wordt dat duidelijk gemaakt.

Straks lijken die flats dan ook helemaal niet meer op New York, maar meer op een flink uit de kluiten geschoten verticaal park.

Daar kom ik zeker nog wel een keer op terug. Want ik ben reuze benieuwd hoe dit er over een paar jaar uit zal zien.

Zielloos

Hoe het leven ook min of meer normaal doorgaat, we kunnen er toch niet altijd omheen. We leven in een vreemde tijd, met vreemde maatregelen. En wanneer je zo op weg naar je vakantiebestemming bent, zie je dat steeds duidelijker.

In alle plaatsen en dorpen lijkt het leven weggevloeid te zijn. Stille straten, lege terrassen, winkels met vreemde plakaten op de ruiten. Je went er wel aan, maar prettig vind ik het nog steeds niet. Maar ja, wie wel?

En als je dan even naar een stadje gaat om iets te kopen, valt het nog meer op. Ik fotografeerde hier in Ommen, maar het kan natuurlijk in elke plaats zijn. En als ik het moet omschrijven, schiet me telkens het woord “zielloos” te binnen.

Winkelen is geen optie meer. Nou ja, de plaatselijke bakker was natuurlijk wel open en daar kochten we krentenwegge. Dat was tenminste nog iets…!

Er even uit

Naar Twente ging ons midweekje. Even andere horizon, ander huis, andere dingen zien. Niks spectaculair, maar wel fijn.

Het weer was heerlijk, lekker voorjaarsachtig en de omgeving mooi. Dus trokken we er op uit om te wandelen. Broodje mee, drinken mee en wat te versnaperen. Goh, dan is het leven best wel aardig 😉 😉

Kijk hier kozen we onze route. Dwars door het bos en voor ons volkomen onbekend gebied. Maar prachtig en heerlijk ontspannen lopen.

In het begin alles vlak, maar later toch regelmatig heuveltje op en heuveltje af. De winterjas was al gauw een beetje te warm.

We wandelden en waren zo maar gelukkig in een Twents bos. Wat wil een mens nog meer…

Hoog, hoger, hoogst

De skyline van Rotterdam is de laatste maanden veranderd. Langzaamaan verscheen een nieuw gebouw tussen de hoge wolkenkrabbers:
De Zalmhaven.

En nu is het hoger dan alle andere gebouwen in Rotterdam. Nog steeds niet uitgegroeid, want nog elke week komt er een verdieping bij. Uiteindelijk moet deze woontoren een hoogte van 215 meter bereiken. Wie er (genoeg) geld voor heeft, kan dan gaan wonen op de 60e verdieping.

Het is spectaculair, beslist. Maar toch niet ons idee van leuk wonen. Helemaal boven heb je weliswaar een schitterend uitzicht, maar mis je het contact met de grond.

En stel je eens voor, de elektriciteit valt uit. Je wilt of moet naar beneden of naar boven. Al die trappen….. wat een nachtmerrie.

Maar ja, er zijn altijd mensen die er anders over denken. Dus zullen de appartementen wel verkocht worden.

Verandering

Jaren geleden reden wij door een stukje van Rotterdam waar Leo herinneringen had aan bezoeken bij ooms en tantes. De buurt zei mij niks. Toen ik klein was kwam ik nooit “op Zuid”.

De huizen waren oud en werden gesloopt. Maar niet helemaal, want men liet de gevels staan. Tenslotte heeft Rotterdam weinig historie over, dus alles met de grond gelijkmaken was niet logisch. Zo zag het er toen uit:

Een paar weken geleden reden we weer naar deze wijk. De huizen leken onveranderd, maar we wisten dat het slechts schijn was. Want nu straalden ze op mooi opgeknapte gevels, mooi schilderwerk aan de voorkant, maar splinternieuwe woningen erachter.

Zo’n wijk krijgt daardoor weer een heel ander gezicht. Het leek me er fijn wonen. Leuk om dat te zien.

Little C

Nee, nee, dit gaat niet weer over het beruchte Corona. De titel verwijst naar een compleet nieuwe wijk in Rotterdam. Zo langzamerhand zie je die wijk groeien en je hoeft geen architectuurdeskundige te zijn om te zien waar de inspiratie vandaan kwam.

Juist, de architect vond zijn inspiratie in New York. De wijk ligt aan de Coolhaven, dus “Little C(ool)” past mooi.

Ik maakte de foto van een afstand. Nog maar een klein deel van de wijk is bewoond en we hebben nog niet de gelegenheid gehad om er wat in rond te neuzen. Maar het oogt wel erg leuk.

Willen wij dan gaan verhuizen? Nee hoor, wij blijven waar we al zo lang zitten.

Oude bomen willen niet verplaatst worden.

Ouds en nieuw

Een paar weken geleden reden we hier op een sombere zondagmiddag langs. Een stukje Rotterdam met veel herinnering voor Leo, maar totaal onbekend voor mij. Ik kwam zelden op Zuid, en zeker niet in de wijk achtyer de fabriek van Van den Bergh en Jurgens.

In deze buurt woonden Leo’s tante en oom en hij ging er destijds graag op bezoek. Sommige dingen zijn onveranderd gebleven, maar toch anders geworden. Het cafeetje zit nog steeds op dezelfde plek, maar heeft heel andere eigenaars. De huizen langs de kade lijken nog hetzelfde, maar zijn totaal vernieuwd, al bleven de gevels overeind staan. Hoe dat zit, laat ik nog wel eens zien.

Maar deze huizen zijn gloednieuw. En gebouwd op een onderlaag die drijft. Sommige zijn al bewoond, andere net opgeleverd.

Ze liggen aan de wal verankerd met bruggen. Nu is het nog een beetje kaal, maar straks zullen bloembakken en buitenmeubelen voor een ander gezicht zorgen.

Het lijkt me een mooie stek. Op een rustige plek in een drukke stad, met je eigen jacht(je) voor de deur.

En de architectuur van de huizen is ook bijzonder. Blokkendozen, maar wel met stijl, vind ik. De lijnen lopen mooi in elkaar over. Een beetje Mondriaans.

En binnenin zou ik ook wel willen kijken. Maar weer eens op Funda neuzen, wie weet.

Ook nuttig

Je zou het bijna niet meer verwachten in deze tijd van techniek en kunststof materialen,, maar wilgentenen worden nog steeds gebruikt om zinkstukken mee te maken.

Vroeger bestonden de zinkstukken compleet uit wilgenhout en riet. Tegenwoordig gebruikt men wel een kunststof weefsel tussen de samengebonden wilgentenen. Maar het blijft toch nog steeds voornamelijk natuurlijk materiaal waar zo’n grote mat uit bestaat.

Dus worden de wilgentenen in de Rhoonse en Carnisse Grienden bij elkaar gebonden en naar verschillende waterwerken vervoerd.

Ook worden er schuttingen van gemaakt. Persoonlijk vind ik die mooier dan de houten exemplaren van Gamma c.s.

En natuurlijk manden worden ook nog gemaakt van wilgentenen. Gelukkig is dit soort ambachten nog niet verloren gegaan.

Wandelen

Gisteren, na het bezoek aan de fysio, reden we door naar Albrandswaard, naar de Rhoonse Grienden. Vroeger waren we daar al vaker geweest. Ik herinner me wandelingen met modderpaden en natte voeten.

Nu is het er wat meer gecultiveerd, met nette schelpenpaden. En het is er nu ook veel drukker. Gelukkig nog niet zo druk dat we besloten terug te gaan.

Er is veel te zien, maar de hoofdmoot van de begroeiing bestaat uit wilgen. Sommige al heel oud aan hun verweerde en grillige staat te zien. En ook al heel vaak geknot. Met dat knotten waren ze nog druk bezig. Overal lagen stapels wilgentenen, al wel samen-gebonden, te wachten op verder transport.

Lekker ruim een uur gelopen in de wind, maar met heerlijke zon. Daar knapt een mens van op.

Volgende keer gaan we er weer wandelen, op zoek naar wat er dan al bloeit en misschien zien we dan ook de bevers, waar een wandelaar ons over vertelde.