Opvallend

Een gewone straat met doorsnee deuren. Beetje grijs en grauw.

Dat zou wel anders kunnen, moet de bewoner van deze woning hebben gedacht. Een beetje kleur, wat glitter en glans. Hoe zal ik dat nou doen?

Tja, dan kun je het beste een beetje bescheiden beginnen. Later kan er nog van alles aan toegevoegd worden. Maar met een beetje flink huisnummer is de toon tenminste gezet.

Wie weet wat er nog volgen zal…?

Communicatie

Leo kreeg een oproep voor controle in het Oogziekenhuis. Tenminste… dat dacht hij.

Nou staat het Oogziekenhuis al sinds 1948 aan de Schiedamse Vest. En daar reed ik hem dan ook naar toe. Fijn parkeerplekje gevonden en Leo ging naar de afspraak. Ik zou wachten en omdat het lekker weer was, besloot ik een wandelingetje te maken. Tijd zat, want zo snel gaan de afspraken niet, weten we uit ervaring.

Maar het liep anders. Leo was al heel snel weer terug. Ik was nog niet uitgewandeld toen ik zijn telefoontje kreeg. Die afspraak was niet in het Oogziekenhuis, maar op een ander adres. Ja, het stond in de brief, maar echt heel in het oog springend was dat niet gedaan.

Bron: Google foto’s

En dat vind ik dan raar, in een tijd met zoveel communicatie mogelijkheden. Zoveel moeite is het niet om een stukje tekst wat opvallender te maken.

Elke Rotterdammer rijdt zowat blindelings (!) naar het Oogziekenhuis. Het is een instituut en niet alleen in Rotterdam. Ja, natuurlijk hadden we de brief goed moeten lezen. Maar na 73 jaar een ander adres, dat had wel even wat duidelijker en in grotere letters vermeld mogen worden. Ik vind dit een gevalletje van mis-communicatie.

Toen en nu

Ik kwam toevallig in de Van Brakelstraat, waar lange tijd mijn tante en oom woonden. Vaak geweest als kind, aan de hand van mijn moeder. Toen ik in de buurt werkte, ging even gauw in mijn lunchpauze op bezoek. Later kwamen we op bezoek met onze kinderen en damden ze met oom, die ze stoere verhalen vertelde uit zijn tijd als sleepbootkapitein. Wat later bakte hij dan gauw suikervlinders voor ze en was er altijd nog wel een cafetariahapje in zijn “kombuis” voor Leo en mij.

Er is veel veranderd. Huizen zijn gesloopt, winkels verdwenen. De kroeg waar Noorse zeelieden met elkaar overhoop lagen, is al lang gesloten. Geen Spaans restaurantje meer. Het is nu een rustig ogende straat.

Aan één kant zijn oude woningen gesloopt en nieuwe huizen gekomen. De kant waar tante woonde wordt nu helemaal gestript en gerenoveerd. Ik zag nog wat oude tegelwanden, maar de grote trap was al weg. Tja, zo gaat dat. Tijden veranderen.

Maar ik kon het niet laten een oude foto op te zoeken in het Stadsarchief en een nieuwe van af (bijna) dezelfde plek te maken. Geen fraaie foto, want ik stond wel een beetje in de weg. 😉

Toch maar niet…

Toen ik deze plant zag, dacht ik “wat leuk, dat lijken allemaal hartjes”. Maar toen keek ik nog eens goed, en zag ik de venijnige stekels. Dus toch maar niet cadeau doen met Valentijnsdag.

Ik had natuurlijk meteen moeten weten dat het een cactus was, want de plant (nou ja, bijna een boom) staat in de cactus-kas van het Trompenburg Arboretum.

Alle planten die daar staan zijn cactussen of succulenten. Ik vind ze niet allemaal even mooi, wel vaak heel intrigerend. Maar de meesten ogen niet echt vriendelijk.

Ze worden al vele jaren zeer goed verzorgd, dat is wel duidelijk.

En zo zie je er weer een heel andere kant van de natuur.

Nieuw land

Het is niet iets wat men zich dagelijks realiseert, maar Nederland is in de afgelopen jaren groter geworden. Dat zie je goed als je in Hoek van Holland richting Noordzee kijkt. Moet je wel op het juiste punt staan, dus bij de pier. Want dan kijk je naar de Maasvlakte.

Niet meteen een stukje grond voor massa-toerisme. Geen liefelijk landschap, maar wel heel veel grote kranen. En containerschepen natuurlijk, die af en aan varen om geladen of gelost te worden.

Ik vind het indrukwekkend, zelfs op een bepaalde manier mooi. Maar tegelijkertijd ook een beetje beangstigend, dat mensenhanden dat allemaal maken kunnen.

Water

Een paar weken geleden schreef ik over de nieuwe wijk “Little C.” in Rotterdam. Een stukje stad met een nieuwe look, maar ook met een geheel nieuwe manier van zaken maken.

Onder deze flats ligt een parkeergarage, want ergens moet dat blikken geluk toch ook een plek krijgen. Maar wie verwacht er nou een dak dat tegelijkertijd dienst doet als waterreservoir. Maar in dit filmpje wordt dat duidelijk gemaakt.

Straks lijken die flats dan ook helemaal niet meer op New York, maar meer op een flink uit de kluiten geschoten verticaal park.

Daar kom ik zeker nog wel een keer op terug. Want ik ben reuze benieuwd hoe dit er over een paar jaar uit zal zien.

Hoog, hoger, hoogst

De skyline van Rotterdam is de laatste maanden veranderd. Langzaamaan verscheen een nieuw gebouw tussen de hoge wolkenkrabbers:
De Zalmhaven.

En nu is het hoger dan alle andere gebouwen in Rotterdam. Nog steeds niet uitgegroeid, want nog elke week komt er een verdieping bij. Uiteindelijk moet deze woontoren een hoogte van 215 meter bereiken. Wie er (genoeg) geld voor heeft, kan dan gaan wonen op de 60e verdieping.

Het is spectaculair, beslist. Maar toch niet ons idee van leuk wonen. Helemaal boven heb je weliswaar een schitterend uitzicht, maar mis je het contact met de grond.

En stel je eens voor, de elektriciteit valt uit. Je wilt of moet naar beneden of naar boven. Al die trappen….. wat een nachtmerrie.

Maar ja, er zijn altijd mensen die er anders over denken. Dus zullen de appartementen wel verkocht worden.

Verandering

Jaren geleden reden wij door een stukje van Rotterdam waar Leo herinneringen had aan bezoeken bij ooms en tantes. De buurt zei mij niks. Toen ik klein was kwam ik nooit “op Zuid”.

De huizen waren oud en werden gesloopt. Maar niet helemaal, want men liet de gevels staan. Tenslotte heeft Rotterdam weinig historie over, dus alles met de grond gelijkmaken was niet logisch. Zo zag het er toen uit:

Een paar weken geleden reden we weer naar deze wijk. De huizen leken onveranderd, maar we wisten dat het slechts schijn was. Want nu straalden ze op mooi opgeknapte gevels, mooi schilderwerk aan de voorkant, maar splinternieuwe woningen erachter.

Zo’n wijk krijgt daardoor weer een heel ander gezicht. Het leek me er fijn wonen. Leuk om dat te zien.

Little C

Nee, nee, dit gaat niet weer over het beruchte Corona. De titel verwijst naar een compleet nieuwe wijk in Rotterdam. Zo langzamerhand zie je die wijk groeien en je hoeft geen architectuurdeskundige te zijn om te zien waar de inspiratie vandaan kwam.

Juist, de architect vond zijn inspiratie in New York. De wijk ligt aan de Coolhaven, dus “Little C(ool)” past mooi.

Ik maakte de foto van een afstand. Nog maar een klein deel van de wijk is bewoond en we hebben nog niet de gelegenheid gehad om er wat in rond te neuzen. Maar het oogt wel erg leuk.

Willen wij dan gaan verhuizen? Nee hoor, wij blijven waar we al zo lang zitten.

Oude bomen willen niet verplaatst worden.

Ouds en nieuw

Een paar weken geleden reden we hier op een sombere zondagmiddag langs. Een stukje Rotterdam met veel herinnering voor Leo, maar totaal onbekend voor mij. Ik kwam zelden op Zuid, en zeker niet in de wijk achtyer de fabriek van Van den Bergh en Jurgens.

In deze buurt woonden Leo’s tante en oom en hij ging er destijds graag op bezoek. Sommige dingen zijn onveranderd gebleven, maar toch anders geworden. Het cafeetje zit nog steeds op dezelfde plek, maar heeft heel andere eigenaars. De huizen langs de kade lijken nog hetzelfde, maar zijn totaal vernieuwd, al bleven de gevels overeind staan. Hoe dat zit, laat ik nog wel eens zien.

Maar deze huizen zijn gloednieuw. En gebouwd op een onderlaag die drijft. Sommige zijn al bewoond, andere net opgeleverd.

Ze liggen aan de wal verankerd met bruggen. Nu is het nog een beetje kaal, maar straks zullen bloembakken en buitenmeubelen voor een ander gezicht zorgen.

Het lijkt me een mooie stek. Op een rustige plek in een drukke stad, met je eigen jacht(je) voor de deur.

En de architectuur van de huizen is ook bijzonder. Blokkendozen, maar wel met stijl, vind ik. De lijnen lopen mooi in elkaar over. Een beetje Mondriaans.

En binnenin zou ik ook wel willen kijken. Maar weer eens op Funda neuzen, wie weet.