Pittig

Wij houden van pittig eten. Ik hanteer dan ook de pepermolen met ruime hand. En gebruik daarnaast nog wel wat andere pittige toevoegingen.

Voor dit blog zette ik mijn potjes en flesjes eens op een rijtje. Niet alles is even sterk van smaak. Van sommige dingen kun je met gemak een flinke theelepel gebruiken. Maar dat kleine donkere flesje is zo sterk, dat een druppel al meer dan genoeg is.

Wanneer ik voor anderen kook, beheers ik me dus wel met al dat hete spul. Maar dan is het eten soms een beetje te flauw, want met zout ben ik dan weer zeer zuinig. Maar daar is het zoutvaatje dan weer goed voor.

Recept

Minstens één maal per week eten wij ’s avonds soep. Makkelijke, lekkere en vooral voedzame soep. Ik heb een hele rij met recepten, maar vorige week ontdekte ik deze pindasoep van Karin Luiten.

Ik reageerde op Facebook dat deze soep gegarandeerd een keer op onze tafel zou komen. Of ik dat dan wilde bewijzen, met een foto! Nou, bij deze dus, Karin 😉 Ook Leo vond de soep heerlijk en rangschikte het recept onder de “herhaalrecept”.

Karin Luiten’s pindasoep met rijst
Voor 4 personen:
175 g pindakaas (= ½ pot à 350 g)
300 g (zoete) aardappel
150 g sperziebonen
200 ml kokosmelk
200 g rijst
4 eieren
1 liter groentebouillon
2 volle eetlepel tomatenpuree
1 grote ui
1 knoflookteen
1 rode peper
4 cm verse gember
3 lente-uitjes
1 limoen
4 eetlepel seroendeng (liefst van de toko)
scheutje plantaardige olie
zout & peper uit de molen

Snipper de ui, knoflook, rode peper en gember. Fruit zachtjes 5 minuten in wat olie in een (braad)pan. Voeg de tomatenpuree toe en bak even mee. Snij intussen de geschilde zoete aardappel in dobbelsteentjes, de sperziebonen in kleine stukjes. Doe de kokosmelk, (liefst hete) bouillon en pindakaas erbij en roer glad terwijl de boel aan de kook komt. Doe dan de groentestukjes erbij en laat onder een deksel ± 20 minuten zachtjes sudderen tot de groente gaar is. Kook intussen de rijst en eieren gaar en snij de lente-ui in ringetjes. Breng de soep op smaak met zout, peper en een kneep limoensap. Schep in 4 kommen, leg in elk twee halve eieren, bestrooi met lente-ui en seroendeng. Geef de rijst er in een tweede kommetje apart bij.

TIPS van Karin:
• Garneer eens met taugé, wat bladselderij of koriander. Geen rode peper? Lepeltje sambal.

Dit recept kopieerde ik van de site Koken met Karin.

Recept

Zoals beloofd vandaag het recept voor het deeg van de gevulde speculaas.

Deeg:
75 gram bloem
75 gram zelfrijzend bakmeel
100 gram (room)boter
50 gram lichtbruine basterdsuiker
ca 2,5 theelepel speculaaskruiden
1 eetlepel melk
1 ei + 1 ei om te bestrijken
snufje zout

Meng in een kom de bloem, suiker, speculaaskruiden en het zout. Snijdt de boter er met 2 messen doorheen en meng daarna met de melk tot een stevig samenhangend deeg.

Dat kan ook in de keukenmachine. Ik deed dat meteen na het maken van de amandelpers. In de koelkast blijft het deeg wel een of twee dagen goed. Scheelt wel afwas 😉 In elk geval moet het deeg minstens 1 uur in de koelkast rusten en koelen.

Verwarm de oven voor op ca. 160 graden. Vet de bakvorm in en bekleed eventueel met een velletje bakpapier.
Deel het deeg in tweeën. Rol uit tot een lap die groot genoeg is om de bakvorm en de rand te bekleden (ik gebruikte een vorm van ca. 20×20 cm).

Verdeel dan de amandelpers over het deel. Rol het andere deeg uit ter grootte van de vorm en leg op de amandelpers. Druk goed aan en druk wat amandelen in het deeg. Bestrijk het tenslotte met wat los geklopt ei.

Zet de vorm in de oven en bak ca. 40 minuten. Haal de bakvorm daarna uit de oven en laat afkoelen. Daarna kan de gevulde speculaas uit de vorm gehaald en gesneden worden.

VEEL SUCCES EN EET SMAKELIJK!!

Recept

Op veler verzoek ( 😉 ) is hier het recept van mijn onvolprezen gevulde speculaas. Ik geef vandaag het recept voor amandelpers, morgen ga ik verder met het deeg.

Amandelpers:
100 gram amandelen
100 gram kristalsuiker
1 theelepel rozenwater *)
1/2 ei
1 eetlepel room
rasp van 1 bio citroenschil
wat druppels citroensap

Maak de amandelpers liefst enige dagen tevoren, zodat de smaken goed kunnen rijpen.
Haal de bruine vliesjes van de amandelen door ze in ruim water ca. 1 minuut te koken en dan koud af te spoelen. De vliesjes kunnen er dan makkelijk vanaf geschoven worden. Droog de amandelen in een theedoek.
Heb je geen rozenwater in huis, dan kun je het ook weglaten.

Voor het malen van de amandelen is een keukenmachine erg handig, maar vroeger heb ik het ook met zo’n ouderwets molentje gemaakt.

Maal de amandelen tot een grof mengsel. Voeg dan de suiker toe en maal tot het lijkt op grof zand.
Voeg het rozenwater en citroenrasp toe en maal tot een samenhangend “deeg”. Doe over in een schaal en roer er de room en het ei door. Het moet enigszins smeerbaar worden, maar niet vloeibaar. Mocht het te droog zijn, voeg dan nog wat druppels water toe.
Dek af met plasticfolie en zet in de koelkast.

Kookboek

Dit is een uniek exemplaar, want een zelfgemaakt kookboek.

In 1971 volgde ik , met collega Ans, een avondcursus “Fijne keuken” bij de “Rotterdamse Huishoud-school” in de Graaf Florisstraat. Destijds een bekend instituut in Rotterdam.

Ik leerde er bijzondere dingen koken en bakken, zoals bavarois maken, mokkataart, ragouts en gevulde speculaas.

De recepten kregen we op een gestencild papiertje. En die schreef ik dan keurig over in mijn map. Die ik ook weer zelf had versierd en geplastificeerd. Later schreef ik er andere recepten in, plakte ik uitgeknipte recepten uit de Libelle of Margriet in. Het werd een persoonlijk document en kreeg en mooi plekje in onze boekenkast.

En zeker eens per jaar haal ik dit boek weer te voorschijn. Meestal zo tegen december, want dan is het dé tijd om gevulde speculaas te maken.
En dat deed ik vorige week ook weer. Aan de hand van dat bij 50-jaar oude recept. Het is even wat werk, maar dat is het alleszins waard. Volgens Leo kan geen enkele bakker tippen aan die heerlijke smaak 😉

Ongewoon

Ik moet al ontelbare keren een hartige taart gemaakt hebben. Heel vaak met prei, soms met een ander vulling. Met vis, met vlees of geheel vegetarisch. Maar de mogelijkheden zijn natuurlijk eindeloos.

Vorige week maakte ik deze taart, uit de laatste Allerhande. Een taart gevuld met bloemkool, rode ui en oude kaas.

Het leek me zo op het eerste gezicht erg lekker. Maar toen ik het recept eens goed bekeek, zag ik dat de bloemkool er rauw inging en daarover had ik zo mijn twijfels…

Maar… geheel onterecht. Want die taart was echt lekker. De bloemkool was knapperig, fris en combineerde prima met de rode ui.

En niet onbelangrijk, die taart was zo klaar gemaakt. Dat kan zelfs van te voren. Dus echt een recept voor drukke dagen.

Ouderwets

Hoewel we heel vaak vegetarisch eten, had ik vorige week ineens ontzettende zin in een lekkere stoofschotel. Misschien kwam het door het akelige weer? Maar de Allerhande lag binnen handbereik en misschien ben ik toch iets te veel beïnvloedbaar door mooie foto’s en wervende praatjes 😉

In ieder geval zat tussen mijn boodschappen een flink stuk vlees. En geurde de keuken binnen no time verrukkelijk naar roomboter, rode wijn, uien. Het was echt een flinke pan vol. En toen ik daarbij ook nog eens een “gratin dauphinois” maakte, konden we aan een heerlijke dis.

Natuurlijk eten we met z’n tweeën alles niet in één keer op. Dus kon ik wat doosjes met stoofvlees in de vriezer schuiven. Een voorraadje is tenslotte ook wel handig.

Makkelijk

Als we in de loop van de middag afspraken hebben, vind ik het makkelijk om bij thuiskomst iets in de oven te kunnen schuiven. Niet al te ingewikkeld en toch lekker en gezond.

Vorige week maakte ik deze ovenschotel met spinazie en champignons.

Voor 2 personen:
400 gram verse spinazie
1 ui, gesnipperd
1 knoflookteen, geperst
250 gram champignons in plakjes
500 gram kruimige aardappelen
200 ml melk
1 ei
ca. 40 gram boter
peper, zout, nootmuskaat
2-3 eetlepels paneermeel
5-6 eetlepels geraspte kaas

Schil de aardappelen en kook ze gaar. Maak er met de helft van de boter, de melk en het ei een luchtige puree van.
Laat het restant van de boter in een grote pan smelten, fruit de ui en knoflook aan tot het glazig is.
Voeg de champignons toe en bak al omscheppend bruin en gaar. Kruid met peper (en wat zout).
Voeg eventueel wat vocht toe (water of wijn) als het te droog wordt.

Schep het champignonmengsel op een bord en bak daarna in dezelfde pan de spinazie. Laat goed slinken. Kruid de spinazie met peper, zout en wat nootmuskaat en bindt het met wat paneermeel. Je kunt de spinazie eventueel nog wat fijner maken. Ik doe dat altijd met de keukenschaar.

Vet een ovenschaal in, leg de spinazie op de bodem. Verdeel daar de champignons over en strooi er 2-3 lepels kaas over.
Verdeel daarover de aardappelpuree en strooi het restant kaas erover.
Leg hierop wat kleine klontjes boter en bak de schaal in de oven 35-45 minuten of totdat alles mooi goudbruin is geworden.

EET SMAKELIJK!!

Dit recept kan aan persoonlijke wensen worden aangepast. Wie het niet helemaal vegetarisch wil maken, kan met de champignons wat blokjes ham of kip mee bakken. Oude, jonge of geitenkaas, net wat je zelf het lekkerst vindt.
En wil je het helemaal makkelijk hebben, neem je diepvriesspinazie 😉

Wat is dat…?

Wat ligt er nu toch in mijn keukenzeef? Het lijkt wel kaviaar…;-)

Dat is het niet. Het zijn linzen, kaviaar- of Belugalinzen. Ik wist wel van het bestaan, maar had ze hier nog nooit gezien. Ik vond ze vorig jaar op Zakynthos en nam een zak mee in mijn koffer.

En toen ik een recept op You Tube vond, moest ik ze natuurlijk een keer proberen. En waren ze lekker? Nou en of.

Ik volgde het hele recept op de voet. Dan wordt alles in de pan gitzwart, ook de oranje wortel. Dus zal ik een volgend keer wat van het groentenmengsel achterhouden en later op de borden strooien. Ook voegde ik op het laatst -zoals ik in een ander recept las- nog wat stukjes blauwe kaas (Stilton) en tomaatjes toe. Maar pittige (geiten)kaas kan ook. Een vers gebakken broodje er bij. Heerlijk.

Ik heb nog wel wat linzen over, maar als ze op zijn ga ik hier zoeken voor nieuwe voorraad. Leo had al uitgezocht dat ze bij Ekoplaza te koop zijn. Dat zal dus niet zo’n probleem zijn.

Bakken

Deze foto stond op Facebook als herinnering aan mijn bakworkshop bij Robèrt Bekhove in 2014.

In de jaren tussen toen en nu is heel veel gebeurd en ook veel veranderd.

Maar bakken doe ik nog steeds heel graag. Maar wat er uit de oven komt, moet ook opgegeten worden. En dat is wel lekker, maar past niet altijd in de dagelijkse maaltijden. Wanneer er bezoek komt, heb ik wel weer een mooie reden om iets in de oven te schuiven.

En deze koekjes, die ik afgelopen weekend bakte, zijn zo lekker. En met mate genuttigd… nou ja 😉 😉 😉

Het recept heb ik uit de Bakbijbel van Rugter van den Broek:

HAVERMOUTKOEKJES
2 eieren
130 gr (donkere) rozijnen
1 tl kaneel
1 sinaasappel, rasp
100 gr boter, op kamertemperatuur
130 gr rietsuiker
130 gr donkere basterdsuiker
¼ tl zout
1 tl vanille-extract
200 gr bloem
2 tl bakpoeder
180 gr havermout
50 gr wal-of pecannoten, grofgehakt

Meng de eieren, rozijnen, kaneel en de sinaasappelrasp door elkaar en laat het mengsel 1 uur staan. Verwarm intussen de oven voor op 180 °C. Doe de boter, suiker, het zout en de vanille in een kom en mix dit kort.
Meng vervolgens de bloem en het bakpoeder erdoorheen en roer daarna het ei-rozijnenmengsel hier goed doorheen. Voeg als laatste de havermout en de gehakte walnoten toe. Maak balletjes van het deeg ter grootte van een walnoot en druk deze iets plat.
Leg ze met voldoende tussenruimte op een met bakpapier beklede bakplaat en bak ze 10 tot 14 minuten lichtbruin.
Laat de koekjes afkoelen op een rooster.

Lekker bij een kopje koffie of thee!