Na de Haagse markt namen we de tram en reden naar de Fred. Dat is een liefkozend naampje voor de Frederik Hendriklaan in Den Haag. Winkels in allerlei soorten, chique, gewoon of zo maar gezellig.
We hoefden niks te kopen, schoondochter en ik zijn allebei meer snuffelaar dan koopgraag. Een bezoek aan de boekenwinkel van Paagman is altijd leuk. Niet alleen kijken bij de boeken, maar ook bij de talloze hebbedingetjes.
Op maandag waren jammer genoeg ook veel winkels dicht en moesten we ons beperken tot etalages bekijken. En daar zag ik deze spiegelverzameling. Genoeg om je zelf op allerlei manieren te bewonderen.
Bewonderen deed ik ook de gevels van de huizen. En we belandden uiteindelijk bij een gezellige zaak voor een aperitief om daarna een restaurantje op te zoeken.
Waarom we dat doen, weten we niet meer. Maar op allerlei buitenlandse markten maakten we foto’s van stapels teiltjes en bakken. Niet bijzonder mooi gestapeld, meer gewoon. Maar vaak wel kleurig, dat maakt het materiaal zo vrolijk.
En nu, op de Haagse markt, viel mijn oog er meteen weer op. Afwasteiltjes in soort en maten, van klein tot supergroot. En alle mikmak die er bij hoort. Borstels, rekjes, kinderstoeltjes, voorraadpotten en dozen. Te veel om op te noemen.
Ik vroeg me af of er een mode in afwasteiltjes kan bestaan. Want deze verzameling was vooral pastelkleurig. Geen felle kleur te bekennen.
Al lange tijd stond het op het programma. Met schoondochter naar de Haagse markt. Ik had geen idee hoe die er uit zou zien. Ik dacht lange straten met overal winkels tussen woonhuizen. Maar het bleek een ommuurd gebied te zijn waar alleen allerlei vaste kramen te vinden waren.
Maar je waant je meteen in een ander land. Overal geroezemoes, marktlui die hun waren aanprijzen en zoveel verschillende artikelen.
Natuurlijk is de markt in Rotterdam ook flink “buitenlands”, zeker die op het Afrikaanderplein. Maar daar worden de kramen op bepaalde dagen opgezet en later weer afgebroken. En dat maakt toch sfeerverschil.
Winkelen maakt hongerig, dus namen we nog een hapje en drankje op een terras. En daarna? Gingen we weer winkelen, maar in een heel andere buurt.
In Den Haag daar woont een graaf en zijn zoon heet Jantje Als je vraagt: Waar woont je pa? dan wijst hij met zijn handje met zijn vingertje en zijn duim. Op zijn hoed draagt hij een pluim Aan zijn arm een mandje. Dag, mijn lieve Jantje.
Och nee, geen paniek want zo erg was het ook weer niet. Maar we keken wel een beetje vreemd op toen schoonzus en ik vorige week in Den Haag waren.
We liepen de Lange Poten op, op weg naar koffie en taart. Maar alle winkels waren nog gesloten. Midden in de week om bij twaalven?
Toen we neerploften bij de Wiener Konditorei werd al snel verteld dat we alleen filterkoffie konden krijgen. Want er was geen stroom. Het dienstertje stond er wat verloren bij. Ja, alleen filterkoffie en taart dat wel. En heeft u cash geld, want pinnen kan ook niet.
Schoonzus en ik dronken heerlijke filterkoffie en abrikozenstrudel, maar de man naast ons keek heel bedenkelijk. Geen cappuccino, latte of chocola? Helaas nee!
Bij het woord “cash” schudde hij z’n hoofd. Hij was nog niet ingesteld op noodsituaties….!
Ja, zo voelt dat een beetje, want we gingen naar de tentoonstelling “Nieuw Parijs” in het Kunstmuseum in Den Haag. En die is sinds gisteren gesloten. Dus wat zou ik er nu nog over moeten vertellen?
Maar ik wilde die tentoonstelling heel graag zien, omdat ze zo mooi aansluit op het boek dat ik gisteren besprak.
De tijd dat heel Parijs op de schop ging, dat baron Haussmann de grote boulevards aanlegde en de stad maakte tot wat het sindsdien is. De stad van mode, elegantie, brede straten, drukke pleinen.
Maar het was ook de stad van de opstand, de Commune. Bij vlagen kwamen scenes uit het boek van Wagendorp voorbij. Zo zag ik een portret van Louise Michel en foto’s van Nadar.
Maar er waren ook prachtige impressionistische schilderijen van Monet, Renoir, Morisot en vele anderen.
Je kon affiches uit die tijd bewonderen en zo zien dat wat wij nu nog aan reclame en marketing te zien krijgen in die tijd is ontstaan.
De zalen zijn nu gesloten en een nieuwe tentoonstelling staat al weer op de rol. Maar dit wilde ik nog even kwijt.
Hoe ouder je wordt, hoe minder dingen “voor het allereerst” gebeuren. Die allereerste keer maakt indruk, maar naarmate je ouder wordt is er steeds minder iets totaal nieuws.
Bron: Google fotos / Wikipedia
Toch ervoeren Leo en ik afgelopen zaterdag toch nog zo’n “de allereerste keer”. We gingen met de Metro en de Randstadrail naar Den Haag.
Deden we dat dan nog nooit? Ja, natuurlijk, ontelbare keren. Maar deze keer wachtten we op een speciale rit. Al om half elf zaten we in het zonnetje op een bankje op station Leidschenveen, te wachten op lijn 3 uit Zoetermeer. We lieten er een aantal doorgaan, want het was niet die lijn 3 die we wilden.
En ja, precies op tijd kwam het voertuig bij de halte aan. De bestuurder liet de bel eens extra tingelen en bij binnenkomst hoorden we “beste reizigers, u bevindt zich in lijn 3 naar Loosduinen”.
We hadden hem natuurlijk al lang herkend. Die trambestuurder was onze eigen oudste zoon. Hij heeft een carriĆØreswitch gemaakt van kantoorbaan naar trambestuurder bij de HTM. En deze keer reden we dus voor het eerst met hem mee.
We zochten een plaats vlak achter de cabine en keken mee hoe hij dat grote voertuig over de rails reed, door de Haagse tramtunnel en het drukke Haagse verkeer op weg naar Loosduinen.
Het was een gewone en toch bijzondere rit. Met nog even een praatje bij de eindhalte, terug richting Rotterdam en een extra omroep “voor de passagiers die met de Metro naar Rotterdam willen”.
Voor onze zoon is het inmiddels gesneden koek en hij heeft erg naar z’n zin. Leuk om dat mee te maken.
Afgelopen woensdag was het zover. De Bloggersclub kwam weer eens bij elkaar.
Dit maal niet in Utrecht, maar in Den Haag. Ook heerlijk centraal en bij deze Bar Beton voelde het al snel weer helemaal als vanouds.
Dit keer waren het alleen de dames. Ton en Sjoerd konden er helaas niet bij, maar Bettie, Marthy, Emie, Judy, Sjanne, Mieke en ikzelf kletsten weer alle nieuwtjes en wetenswaardigheden bij elkaar. Alles kwam aan bod en ondertussen lieten we koffie en broodjes goed smaken.
En telkens vinden we het weer een wondertje dat wij elkaar zo maar op het grote Wilde Wijde Web hebben gevonden.
Volgend jaar weer, hebben we afgesproken. Wanneer, dat zullen we dan wel weer zien. We houden sowieso contact.
Op weg naar oudste in Den Haag stapten we even uit op halte Spui, in de tramtunnel. Daar hingen tekeningen van Babette Wagenvoort.
Het was nog even zoeken, maar na roltrap op en af en informeren bij een passante, zagen we de tekeningen hangen.
Babette Wagenvoort was de stadstekenaar van Den Haag en docente op de kunstacademie. Haar tekeningen zijn snelle schetsen van wat ze zoal in Den Haag ziet. Van de Haagse markt tot aan het strand van Scheveningen. Leuke ontmoetingen met diverse mensen in hun dagelijks leven.
We bewonderden de tekeningen en verwonderden ons over de andere mede-reizigers die zonder op of om te zien langs liepen. De tekeningen verdienen meer aandacht.
Dus wie binnenkort naar Den Haag gaat.., het is het uitstappen op Spui zeker waard. De tekeningen hangen er nog tot 3 maart. Er komt weer een tram na 10 minuten, dus wat let je?