Op weg naar oudste in Den Haag stapten we even uit op halte Spui, in de tramtunnel. Daar hingen tekeningen van Babette Wagenvoort.
Het was nog even zoeken, maar na roltrap op en af en informeren bij een passante, zagen we de tekeningen hangen.
Babette Wagenvoort was de stadstekenaar van Den Haag en docente op de kunstacademie. Haar tekeningen zijn snelle schetsen van wat ze zoal in Den Haag ziet. Van de Haagse markt tot aan het strand van Scheveningen. Leuke ontmoetingen met diverse mensen in hun dagelijks leven.
We bewonderden de tekeningen en verwonderden ons over de andere mede-reizigers die zonder op of om te zien langs liepen. De tekeningen verdienen meer aandacht.
Dus wie binnenkort naar Den Haag gaat.., het is het uitstappen op Spui zeker waard. De tekeningen hangen er nog tot 3 maart. Er komt weer een tram na 10 minuten, dus wat let je?








Soms is gebrek aan inspiratie juist de bron voor nieuwe. Want struinend door mijn foto’s kwam ik deze tegen. Gemaakt in het voorjaar van 2016, ergens in het Zeeheldenkwartier in Den Haag. Een nostalgische reclame voor een “Leesinrichting” en stammend uit een tijd dat het helemaal niet zo vanzelfsprekend was dat iedereen de beschikking had over eigen boeken. Maar lenen kon natuurlijk wel, bij zo’n leesinrichting. Dit was waarschijnlijk een chique zaak met zo’n mooi tegeltableau in het portiek. Welke boeken zouden ze daar gehad hebben.
Voor het Vredespaleis, bij de bezoekersingang, staat deze boom. Niet zijn bladeren trekken de aandacht, maar de vele strookjes papier met daarop in alle mogelijke talen geschreven een boodschap voor vrede. Want wie wil nou niet in vrede leven? Bijna ieder mens wenst dat er nooit meer oorlog komt. Er zullen her en der wel wat mensen zijn die goed garen spinnen bij een bewapeningswedloop, maar brengt het ook iets goeds? Is al het bloedvergieten ook maar de moeite waard?
Afgelopen zondag bezochten we het
Ik vraag me af of het toeval is dat een chocoladewinkel, die zich “De Bonte Koe” noemt gevestigd is in een winkelpand dat oorspronkelijk behoorde aan een “vleeshouwerij” oftewel een slagerij. Het past zo mooi bij elkaar. Er lag zelfs een enorme chocolade koeienkop in de etalage. Dan kan het toch bij geen toeval zijn? Maar ja, je weet het nooit hè?
Na een gezellige lunch loop ik met vriendin C. terug naar het station in Den Haag. We gaan via een een binnenplein met rondom mooie appartementen. Maar moeten we nou links of kunnen we ook gewoon rechtdoor…? Een mevrouw op de fiets stopt en wijst ons de weg. “Dan kom je bij SZW, maar daar kun je gewoon doorheen lopen hoor”. En ja, dat klopt. We komen uit op een stukje Den Haag dat ik alleen vanuit de tram ken. Kijk, zegt C. moet je zien en wijst omhoog. We zien door het glazen dak een immens grote, langzaam draaiende bol. Als ik nog na denk wat het voorstelt, komt een jongen op ons af en begint een gesprek. Dat het best wel mooi is, maar dat ook de natuur mooi is. Dat er nog zo weinig natuur over is in Nederland en hoe dat zou moeten veranderen. Hij blijkt voor Natuurmonumenten leden te werven. Maar dat heeft bij ons geen zin, we zijn allebei al jaren lid. Maar het is een aardige knul en we hadden best een goed gesprek. Wat verder loopt een man met een grote zak chocolade paaseitjes en een karton voor zijn borst. Hij deelt knuffels uit. Of wij er ook een willen? Nee, we wimpelen beleefd af. Neem dan een chocolaatje, zegt hij. Maar dat willen we ook niet. Hij zegt lachend gedag. Een gewone dag in Den Haag, en drie aardige, leuke mensen op een rij binnen pakweg 500 meter.
Zo maar een straat in Den Haag, zomaar een fiets…. Maar wat hangt daar nou toch aan? Even goed kijken, nee maar….! Wie heeft dat dat nou toch laten hangen, is dat zo maar vergeten… Want dat je een tas vergeet, je paraplu, maar een BH…!? Oh… wat jammer toch dat mijn schrijftalent niet zo groot is dat ik daar een heel verhaal met sappige details over kan verzinnen.
Jaren geleden las ik een boek van Yvonne Keuls over haar Indische tantes. Echte details hiervan herinner ik me niet. Maar nog wel staat me voor ogen hoe de tantes kwebbelden, met veel “adoeh” en nostalgie naar de tijd in Indië. Op de een of andere manier zag ik ze voor me. Een paar weken geleden liepen we wat door Den Haag en kwam ik de tantes gewoon tegen op het Fredrik Hendrikplein. Natuurlijk niet in levende lijve, maar als beeld.