About KnutzEls

Hallo, dit is het weblog van KnutzEls. Samen met Leo woon ik in Rotterdam. Onze twee zonen zijn al lang volwassen en wonen elders. Ik heb vele hobbies, die allemaal min of meer creatief zijn. Maar ook reizen vind ik heerlijk, of het ver weg of dichtbij is. En tijdens die reizen fotografeer ik van alles onderweg. Ik hou ook nog van wandelen, lezen, puzzelen en naar muziek luisteren. Speciaal voor mijn 61e verjaardag kreeg ik dit blog van jongste zoon. Zijn vertrouwen in moeders IT-kennis is groot, maar hij blijft op de achtergrond als steun en toeverlaat bij technische problemen

Rotterdam

Regelmatig worden er in de grote bibliotheek in Rotterdam lezingen gehouden. Vaak heel interessant, andere wat minder. Maar vorige week waren we bij een ongelofelijk leuke! Over Rotterdam, en nu eens niet over de architectuur, al had dat er zijdelings wel iets mee te maken. Maar deze lezing ging over mijn stad als decor voor films en reclames. En dan gaat er toch echt een nieuwe wereld voor je open. Want wat er allemaal niet komt kijken bij zo’n filmopname.
Je kunt natuurlijk niet zomaar beginnen. Je hebt toestemming nodig, moet rekening houden met de buurt en de mensen die er wonen en werken. En dan kom je vanzelf bij ShootRotterdam terecht. Daar regelen Saskia Kagchèl en haar collega alle formaliteiten.
Bij het maken van een film moet van alles afgezet, omgeleid, verborgen of pontificaal in beeld gebracht worden. Vaak binnen een paar dagen, want tijd is geld en geduld staat niet in het script van de makers.
Saskia bracht haar presentatie met verve en enthousiasme over het voetlicht. Uiteraard vergezeld van mooie voorbeelden, waarin Rotterdam uitgebreid of wat wazig in beeld kwam, waar bekende plekken ineens opdoken. Wij kijken niet zo veel reclame, maar nu letten we toch wel een beetje beter op. En ja, dan is mijn stad veel meer te zien dan ik had gedacht. En terecht natuurlijk, want een beetje groos ben ik er toch wel op!
Klik maar eens hier, of op deze link, dan kun je het zelf ook zien.

..en dan ook nog een eigen foto… 😉

Bewaren

Bewaren

Terugblik

Dit is mijn (voorlopig) laatste terugblik op wat mij vorig jaar rond deze tijd is overkomen.

Als je in het ziekenhuis ligt, draait alles om je leven daar. Wat er thuis afspeelt, is ver buiten je zicht. Maar er gebeurt natuurlijk wel van alles. Niet alleen jouw leven, maar ook dat van je man en kinderen staat op z’n kop. Ook zij zitten in die achtbaan en moeten wel mee.
En de gewoonste dingen worden ineens veel belangrijker. Thuis draai ik echt niet elke dag een wasje, maar nu wilde ik toch echt elke dag een schoon nachthemd en schoon goed. Dus moest er gewassen worden en kreeg Leo in een spoedcursus van jongste zoon uitgelegd hoe die wasmachine en droger bediend moesten worden.
Ik begreep heus wel dat Leo z’n hoofd niet naar praktische zaken stond. Maar zorgde hij ook een beetje voor zichzelf, zou hij wel genoeg eten? Gelukkig waren daar oudste zoon en schoondochter die meteen al op de stoep stonden met een grote schaal stamppot. Ook later zorgden zij er voor dat papa alleen maar een schaal eten in de magnetron hoefde schuiven. Dat was een hele geruststelling voor mij. Later kwam ook onze jongste thuis een paar keer voor ons koken, zodat niet alles op Leo aankwam.
En dan belden er veel mensen die wilden weten hoe het met me ging. Daar bracht een What’s app groep uitkomst, zodat Leo niet telkens opnieuw alles vertellen hoefde.

En nu is alles allang weer gewoon bij het oude. Ik doe het huishouden weer, wandel veel en we gaan er ook weer regelmatig samen op uit. Uiteindelijk is alles dus op zijn pootjes terecht gekomen.

Gedichtendag

Vandaag, de laatste donderdag van januari, is sinds 2000 Gedichtendag en het begin van de Poëzieweek. Dus zet ik hier dit gedicht van Annie M.G. Schmidt, dat ik zo’n mooie en humorvolle mengeling van droom en daad, kunst en praktijk vind. Natuurlijk geïllustreerd met een onnavolgbare tekening van Fiep Westendorp

Moeder dicht
‘Mijn bladerloze schaduw mijdt het water’
Ziezo hè hè, de eerste regel staat er.
‘en speurt de witte angst van eeuwen later’
Ga weg! Ga spelen met je transformator!
Je ziet toch dat je moeder zit te dichten.
‘ik wend mij af en doof mijn vale lichten
ik heb ’tedúm tedúm’ geweten’
Dat vul ik later in. Na ’t middageten.
‘mijn weemoed maakt de koele vlinder wakker
van mij getooide zelf’. Daar is de bakker!
Zeg maar: ’n halfje bruin en ’n heel wit.
‘o grijze schim die daar zo heilloos zit
ik zie mijn grijze droefheid aan de kim’
Da’s tweemaal grijs. Dat kan niet. ‘naakte schim

aan wie ik zal mijn zachte treurnis zeg’
En nog een rol beschuit! O is ie weg?
‘als dauw die druppelt van de trage bomen’
Als jij nog één keer binnen durft te komen,
dan krijg je geen vanille-vla vanavond!
‘zo druppelt in dit hart tezeer gehavend’
Je moeder dicht. Ze heeft geen tijd, totaal niet.
Als vader thuiskomt gaat het helemaal niet.
Je moeder zou een Shakespeare kunnen zijn.
Ze is het niet. Dat komt door jouw gedrein.
Daar gaat ie weer. ‘O humtum klaar en koel
in ’t land van late regen en ik voel
mijn schamelheid.’ ’n Heer met een kwitantie?
Zeg maar: m’n moeder is met kerstvakantie.
‘mijn schamelheid.’ Wat is dat? Hoofdje zeer?
M’n schatje toch… Gevallen met je beer?
Je moeder komt… na na… daar is ze al.
Wees nou maar zoet – ’t genie staat weer op stal.

Annie M.G. Schmidt (uit: ‘Huishoudpoëzie’, 1957)

 

 

Bewaren

Terugblik

Deze weken kijk ik terug op wat mij vorig jaar rond deze tijd is overkomen.
Mijn genezing verliep zeer voorspoedig en omdat er geen kostgangers in het ziekenhuis gehouden worden, mocht ik op vrijdag 29 januari 2016 al weer naar huis. Precies twee weken nadat ik opgenomen werd.
Wat was ik blij! Ik dacht meteen weer st
erk te zijn, maas dat was ik helemaal niet. Ik kon nog geen bloemenvaas optillen, een blokje rond was een hele toer. Dat viel me verschrikkelijk tegen. Want dan loop je tegen muren op. De was in en uit de machine doen, in de droogtrommel stoppen, strijken, ik mocht en kon het allemaal nog niet. Wat voelde ik me beperkt. Ik wilde koken, maar moest Leo vragen de pan met pasta of aardappelen op het gas te zetten of af te gieten. Iets hoog uit de kast pakken, iets laag neer leggen, het ging de eerste weken allemaal nog niet. Leo moest me zelfs helpen met aan- en uitkleden. Maar telkens zag ik wel vooruitgang. En hield me daaraan ook vast. Kijk, gisteren kon ik dit nog niet, maar vandaag lukt het me wel, hield ik me zelf voor. En zo kwamen we telkens weer een stapje verder.


De eerste zes weken mocht ik niet auto rijden, maar daarna stapte ik toch weer gewoon achter het stuur. In het begin wandelde ik met Leo maar kleine stukjes, die allengs langer werden. De eerste keer alleen was best een beetje griezelig. Maar wat voelde ik me goed toen helemaal alleen een stuk was gaan lopen. Dat had ik hem toch maar geflikt.
Wat later sloot ik me aan bij een wandelclub. Tijdens een van die wandelingen liepen we naar het Hooge Bergse bos. Daar ligt al een aantal jaren een skiheuvel. En voor ik er erg in had, stond ik daar in eens boven op. Zonder dat ik ook maar gevoeld had dat ik naar boven klom. Pas op dat moment realiseerde ik me, dat die operatie me heel veel goed had gedaan.
Inmiddels weet ik dat ik weer gewoon de dingen kan doen, die passen bij mijn leefstijl. Ik hoef niet te rennen, aan extreme sporten te doen. Maar ik gym, loop veel meer dan vroeger en voel me weer helemaal prima. Echt prima!
Natuurlijk moet ik medicijnen slikken, maar veel minder dan ik in het ziekenhuis kreeg voorgeschreven. Het is een routine, elke morgen meteen na het opstaan pilletjes nemen. En ’s avonds gaat om 10 uur mijn telefoon, om me te herinneren aan dat laatste tabletje.
(wordt vervolgd)

Terugblik

Deze weken kijk ik terug op wat mij vorig jaar rond deze tijd is overkomen.
En dan gaat alles heel snel. Na een dag op de intensive care werd ik naar de gewone verpleegafdeling gebracht. Ik kreeg gewoon eten, mocht even buiten mijn bed, een stukje lopen. En aan het eind van die dag kwam zelfs de fysiotherapeute om te zien of ik ook de trap op en af kon. Oeps, dat is dan wel even een rare gewaarwording. Maar het lukte en liep ik zelfs gewoon de trap af. En ook weer op. Nee, geen moeite, geen kortademigheid, niks! En ik vond dat eigenlijk doodnormaal. Pas later, veel later, drong het besef tot me door hoe veel beter het met me gaat en hoe heerlijk dat wel is.

Dinsdagmiddag werd ik weer teruggebracht naar het IJsselland ziekenhuis. Weer terug op de hartverpleging. Maar nu mocht ik wel gewoon mijn bed uit, rond lopen, zelfs het hele ziekenhuis door. Ik kon me enigszins normaal aankleden, dat geeft ook zo’n ander gevoel. En kijk, nu loonde het weer om mijn stappenteller te gebruiken. Dan kon ik tenminste zien hoeveel ik gelopen had. Die stappenteller zit op mijn smartphone. Die telefoon werd bijna onmisbaar voor me. Want in het ziekenhuis is dat je lijntje met de buitenwereld. Ik kon er mee appen, blogs en nieuws lezen, radio horen, muziek mee afspelen. Ik viel er letterlijk mee in slaap en stond er mee op.
(wordt vervolgd)

Begin de week met muziek

Dit jaar begin ik elke week vrolijk met muziek. Elke maandag, 52 weken lang, zal hier een clipje van You Tube staan. Zo stel ik in de loop van het jaar een speellijst samen van muziek die me, op welke manier dan ook, geraakt heeft.

In week nummer 4 koos ik voor een liedje van Annie M.G. Schmidt, gezongen door Nien Besselink met aan de piano Sjoerd Brouwer.

Bewaren

Bewaren

Stroomstoring

Het zal je maar gebeuren. Je hebt een restaurantje, mensen zitten heerlijk te dineren en dan… pfft … het licht gaat uit. Alles donker, de zaak, de keuken. Alle geluid valt weg, want alles stopt. Dan is er lichte paniek!
Het gebeurde ons vorige week in Brasserie De Verandering in Rotterdam-Ommoord.
Het was net na ons voorgerecht. Eerst denk je dat er ergens een stop gesprongen is en dat alles meteen weer aan zal gaan. Maar dat was helaas niet het geval. Het werd een beetje kouder, want de verwarming was ook uitgevallen.
Nee, ze waren daar niet te benijden. Gelukkig was er nog één mogelijkheid om stroom te krijgen en werkte het gasfornuis nog wel. Al kookte de kok bij het licht van zijn smartphone Maar de bediening bleef vrolijk en met een beetje humor en heel veel improviseren lukte het om toch een lekkere maaltijd te serveren. En ging iedereen met een voldaan gevoel naar huis toe. Top dus, helemaal top!

Bewaren

Bewaren

Bewaren

Bewaren

Bewaren

Wat een ophef…

Afgelopen maandag zette ik ’s morgens de TV aan en meteen hoorde ik de presentatrice kakelen.“Het is buiten ontzettend koud, het vriest, het vriest dat het kraakt. En daarom gaan we nu over naar …. om te horen hoe het met de marathon op natuurijs staat”. En ja hoor, daar kwam een reporter in beeld, die zijn microfoon voor de neus van de ijsexpert hield. “Hoe staat het er mee, gaat het vandaag lukken?” Er werd een gaatje geboord in het ijs op een stuk ondergespoten land. Maar helaas, het ijs was nog geen drie centimeter dik.  Dus die marathon kon nog niet doorgaan. Wat een ophef ….
Oh ja, ik kan begrijpen dat duizenden sportievelingen graag op natuurijs willen schaatsen. Geen leukere winter dan een met ijs op de Rotte. Dan gaan we kijken naar al dat gekrioel. En mijn opa vertelde graag het verhaal dat de Nieuwe Maas was dicht gevroren. In 18zoveel of daaromtrent. Heel lang geleden dus! Maar ja, nu vriest het niet meer zo hard. Want het mag dan koud aanvoelen, die presentatrice overdreef wel met “het vriest dat het kraakt”.

Bron: RTL-nieuws/Google afbeeldingen

Op stap

Gallery

This gallery contains 6 photos.

Deze week had ik een afspraak met mijn schoondochter. Het was weer eens tijd voor een dagje weg, gezellig samen. Dat deden we al vaker, samen op stap in Rotterdam en ook in Haarlem. Dit keer ging ik naar Den … Continue reading →

Terugblik

Deze weken kijk ik terug op wat mij vorig jaar rond deze tijd is overkomen.
Het gekke is dat ik me verder eigenlijk helemaal niet nerveus voelde. Dat verbaasde me wel, maar wellicht zat tussen al die pillen die ik kreeg, ook wel een pilletje om de zenuwen de baas te blijven. Ik mocht me’s avonds zelf douchen en wonder boven wonder viel ik vrij snel in slaap. Wel werd ik tevoren gewaarschuwd dat als ik er uit wilde om te plassen, ik even hulp moest vragen. Maar ik sliep gewoon door. Van het ritje naar de operatiekamer kan ik me weinig herinneren. Hoe het er daar uitzag en voelde, geen idee. In no time wist ik niets meer van de wereld. Pas in de loop van de middag hoorde ik stemmen en werd ik een beetje wakker.
Leo was wel beter op de hoogte. Hij zat gespannen thuis en werd met de regelmaat van de klok gebeld door het ziekenhuis en kreeg dan te horen hoe ver men was. En om kwart over één belden ze om te vertellen dat ik klaar was en bezig was bij te komen.
De beademing kon al snel worden weggehaald en ik kreeg iets te drinken. Voor mijn gevoel was ik best redelijk snel bij mijn positieven en ik dacht dat ik heel normaal praatte. Maar toen Leo me aan de telefoon kreeg, moet ik als een slome duikelaar gesproken hebben. Dat de kinderen en Leo ’s avond kwamen, is ook maar een beetje wazig gebleven. Wel moet ik Leo nog op pad gestuurd hebben voor boodschappen. Ik wilde nieuwe BH’s, en hij ging naar de winkel. Gelukkig stond mijn maat en het model genoteerd, dus kwam hij met de juiste zaken aan.
(wordt vervolgd)