Op onze computer staan duizenden foto’s, die zelden of nooit meer bekeken worden. Jammer, want er zitten soms heel leuke tussen, die ik best wil delen.
Zoals van het Miao-festival in Leishan, waar wij tijdens onze reis in Zuid China in 2005 kwamen. Grote groepen etnische minderheden trokken daar aan ons voorbij. De kleding van de mannen en vrouwen was zeer divers, en vaak overweldigend mooi. Soms bezweken de meisjes bijna onder hun zilveren hoofdtooien en ook kleine kinderen waren prachtig gekleed. Er was muziek, er werd gedanst en gehandeld. De (toen nog) weinige toeristen konden bijna niet stoppen met fotograferen.
In bad
Image
Wie denkt er nog na over badderen? Dat is toch zo gewoon. Je stapt onder de douche, of laat het bad vollopen met lekker warm water. Beetje badschuim, een washand, grote handdoek. Het is een luxe die we dagelijks tot ons nemen. Toch was dat niet altijd zo gewoon. Wij hadden vroeger geen aparte douche. We gingen in de teil. In een koude keuken. Het was een beetje behelpen en al die rompslomp haalde je je niet elke dag op de nek.
Eén keer per week mocht ik, meestal op zaterdagmiddag. Ik geloof dat er bij ons thuis wel voor iedereen schoon water genomen werd. Ik zat dus niet in de rommel van anderen.
Mijn vader ging niet in die teil. Hij stapte elke week met schoon ondergoed in een handdoek gerold naar het badhuis.
De rest van de week werd er aan de kraan in de keuken gewassen. En altijd met koud water, want er was ook nog geen geiser. En denk niet dat dit verhaal alleen staat. Ook Leo heeft herinneringen aan zich wassen op zolder, aan een kleine wasbak en met koud water.
Ach ja, tijden veranderen. Zo’n zinken teil brengt nu wat nostalgische gedachten terug. Maar geloof maar niet dat ik mijn luxe badkamer nog wil ruilen. Voor geen goud!
Elektrisch
Als we de politiek moeten geloven, dan rijden we binnenkort allemaal in elektrische auto’s. Nou geloof ik de politiek niet. Het zal dus allemaal wel niet zo’n vaart lopen.
Want naast alle halleluja geroep, zie ik toch wel wat problemen opduiken. Zie ik dat dan te somber, te negatief? Of sluiten die politici de ogen voor de werkelijkheid?
Neem nou mijn eigen straatje. Twee bewoners hebben al een oplaadpunt aan hun huis laten maken. Eén is aan de kant waar je eigenlijk niet mag staan, de andere aan de overkant. Borden met een grote P erop markeren die parkeerplaatsen. Maar ja, als buurmans auto er niet staat, en er geen andere plek over is, dan zet iedereen daar toch zijn auto neer. Het gaat nog goed….. Maar als iedereen zo’n oplaadplek nodig heeft,. dan wordt het echt dringen. Stel je voor hoe dat dan moet gaan bij flats, kantoren, op industrieterreinen. Hoe moet dat met een caravan of een camper? Hoe ver kun je er dan mee?
En die enorme vrachtauto’s van tegenwoordig. Hoe gaat dat? Er zijn al elektrische trucks, maar die kunnen maar ritten van zo’n 120 kilometer aan. Voor stadsritten geen probleem, maar voor lange trajecten…
Ik zie heus wel in dat we van al die fossiele brandstof af moeten, maar of het allemaal zo simpel gaat als sommigen denken, dat betwijfel ik.
Begin de week met muziek
Dit jaar begin ik de week vrolijk met muziek.
Elke maandag, 52 weken lang, zal hier een clipje van You Tube staan.
Zo stel ik in de loop van het jaar een speellijst samen van muziek die me, op welke manier dan ook, geraakt heeft.
Vandaag heb ik gekozen voor Hildegard Knef, die op onnavolgbare wijze Berlijn bezingt.
Achter de schermen
Achter deze schermen ligt een voor Rotterdam heel bekend gebouw. Heel wat Rotterdammers kochten hier hun spullen, gingen er eventjes een kijkje nemen of hebben nog fijne herinneringen aan de “croquetten”, die hier vroeger verkocht werden. Ikzelf kwam er vaak met mijn moeder. Even een middag winkelen en ja, dan werd je wat flauw en zo’n kroketje ging er dan wel in. Later wipte ik vaak tussen de middag even binnen, want ik werkte er vlak in de buurt.
Het gebouw is vaak verbouwd, gerenoveerd en opgeknapt. En toen viel het doek voor Vroom en Dreesman, want die was in dit gebouw gevestigd.
Nu wordt er weer met hartstocht getimmerd en verbouwd en verrijst straks het filiaal van Hudson’s Bay.
Ik ben benieuwd of dat Canadese concern wel voet aan de grond krijgt. Maar de tijd zal het leren. Nog een paar weken wachten, dan kunnen we zien hoe het is geworden.
Scrabble
Als afsluiting van het Scrabble-seizoen organiseerde een clublid een Scrabble-dag, tevens verjaardagsparty annex houseviewing. Dus reed ik afgelopen disndag met nog 3 andere scrabbelaarsters naar Vlaardingen. Natuurlijk eerst het huis bewonderen, daarna aan de koffie en scrabblespullen klaarleggen. We spelen altijd duplicate, en onze scores worden netjes bijgehouden. Zo weten we dus ook wie van ons de sterkste is. We speelden 2 spellen, aten tussendoor wat en aan het eind van de middag zou bekend owrden gemaakt wie gewonnen had. Ik ben niet zo’n ster, maar speel met heel veel plezier. Ik was dan ook heel verrast dat ik deze keer gewonnen had, omdat ik mijn gemiddelde score die dag ruim verbeterd had. Vandaar deze beker voor de “Woman of the Day”.
Airfryer
Wij zijn niet zulke frituurliefhebbers. Veel te veel rompslomp, vette troep en onze gezondheid, toch…?
Een airfryer had ik dan ook niet nodig, dacht ik. Totdat schoonzus vertelde dat zij er niet alleen friet in maakte, maar ook broodjes bakte en nog wel meer gerechten er in maakte. Kon dat dan? Jazeker! Dus bij de eerstvolgende Lidl-aanbieding kochten wij zo’n apparaat. Meteen mooie aanleiding om ons te ontdoen van wat overtollig spul, zoals de friteuse, die al lang stond te verstoffen.
Inmiddels heb ik al diverse malen broodjes gebakken en dat gaat reuze snel en goed. En natuurlijk heb ik al wat geëxperimenteerd met wat er allemaal meer mee kan. Zoals kleine appelbollen maken. Of even snel een klein snackje. Grote hoeveelheden willen wij toch niet, dus is het nu niet meer nodig om de grote oven er voor aan te zetten.
Ik heb een er een Pinterest-bord voor gemaakt, waar ik al heel wat recepten op verzameld heb. Binnenkort zet ik hier een zelfbedacht en gemaakt recept.
Drama…
De vuurdoorn in onze tuin is dringend aan een snoeibeurt toe. Ik was dat al langer van plan, want weken geleden stond ik klaar om te gaan knippen. Toen begon papa Merel op de pergola angstig te piepen. Ik wist het niet, maar hij en moe Merel waren al aan een tweede leg begonnen. In het nest dat veilig leek, daar in die prikkende vuurdoorn. En dus liet ik de boel de boel. Dat snoeien komt later nog wel.
Niet dat ik rampspoed kon voorkomen. Want afgelopen zondag is het in de tuin ineens een kabaal van jewelste. Papa Merel vliegt van de ene kant naar de andere kant, met een dikke worm in zijn bek. Mama Merel fladdert heen en weer, angstig piepend. En een ander zielig piepen komt uit de vuurdoorn.
Dan springt de buurtkat ineens vanaf de schutting en schiet ijlings weg. Hij kijkt schichtig en schuldig achterom. Pffft…. het zal toch niet? Maar dan zie ik de beide vogels weer af en aan vliegen, met dikke wormen en slakken in hun bek. Het zal dus wel niet zo’n vaart gelopen hebben. Nog een paar keer horen we zulk kabaal en dan snellen we naar de deur, trekken hem open en roepen “ksss” om die kat te verjagen.
Maar gisteren hoorde ik opeens wel heel angstig piepen, maar zag ik geen kat. Ik installeerde me met goed zicht op de tuin. En al na een paar minuten kwam moe Merel aangevlogen. Ze landde op de grond, net naast het keitjespad. En ja, daar zat een klein mereltje. Ik zag z’n bekje opensperren. Even later wipte hij het pad op en och wat een kleintje was dat. Nog met fluffige nestveren, geen staart, niet in staat om te vliegen. Hij was ook een beetje mank. Die kat had hem dus wel degelijk te pakken gehad. Och arme, amechtig scharrelde hij rond en viel uiteindelijk tussen de keien. Je zag hem nauwelijks. Moe kwam er weer aan, met twee oranje bessen in haar bek. Merelkind nam ze nog wel aan, maar nee, dat mocht niet meer baten. Deze zou het niet halen.
Een klein drama, zo dicht bij huis, vlak onder mijn neus…. Je zou er een verhaal over kunnen schrijven.
Boek
Van Colm Toíbin las ik al Nora, waarover ik eerder schreef.
Ook Brooklyn is zo’n boek waar de tijd langzaam verglijdt. Er gebeurt wel iets, maar het is allemaal niet wereldschokkend. Toch las ik het met veel plezier. Omdat je langzaamaan ontdekt dat alle kleine dingen leiden tot een veel groter geheel. Dat mensen kunnen groeien qua karakter, ze niet meer willoos doen wat een ander bedenkt. Iedereen neemt zijn eigen, soms onvoorspelbare beslissingen. Zoals Eilis, die in het Ierland van na de oorlog nauwelijks kans op werk heeft, droomt van een kantoorbaan. Maar moet werken in een kruidenierswinkel, waar de bazin haar onheus behandelt. Dan besluit haar zus dat ze wel naar Amerika kan gaan, waar wel werk is. Ze gaat, maar of dat helemaal haar eigen wens is…? In de loop van de tijd gaat ze het leven daar echter waarderen, leert ze andere mensen kennen en ontdekt ze dat stereotypen niet altijd waar zijn. Als haar zus is gestorven, komt ze terug Ierland. Voorgoed, zoals haar moeder denkt?
Niet iedereen zal Toíbin’s schrijfstijl waarderen, maar ik vond het een heel prettig lezend boek.
PS: het boek is ook verfilmd. Bettie schreef erover. Misschien ook maar eens bekijken.
Waterlelie
Eigenlijk is ie te groot voor ons kleine vijvertje. Het had een mini-waterlelie moeten zijn. Maar ja, dat had ik even over het hoofd gezien.
De eerste jaren bloeit zo’n plant niet, krijg je alleen maar bladeren. Maar dit jaar verraste ze met flinke knoppen. En ik vind ze zo mooi, zo sprookjesachtig. Dus zolang ze er nog wel inpast, mag ze blijven.
Misschien kan ik ze wel delen en iemand anders er een plezier mee doen. Dat moet ik toch eens aan de tuinman vragen. Voorlopig maak ik me geen zorgen. Ik geniet ervan.



