Recept

Een zelfbedacht Hollands recept met een Italiaanse twist. Of is het Italiaans met een Hollandse touch? In ieder geval een makkelijke maaltijd, met veel groente en maar weinig vlees. Ik maakte vorige week:
Zelf bedacht recept voor Italiaanse hutspotItaliaanse hutspot
Voor 2 personen:
140-150 gram pasta (ik gebruikte elleboogjes)
100 gram hamreepjes
1-2 uien, gesnipperd
1 kleine winterpeen, in blokjes gesneden
3-4 stengels bleekselderij, ook in blokjes
1 kleine rode paprika, ook in blokjes
2 tenen knoflook, fijngehakt
1 theelepel Italiaanse kruiden
1 theelepel (gerookte) paprika
peper, zout en eventueel wat hete paprika naar smaak
100-150 ml. witte wijn of bouillon
1-2 eetlepels (olijf) olie
100 – 125 gram geraspte kaas

Verwarm de olie in een hapjespan, bak hier in de hamreepjes even aan.
Voeg ui en knoflook toe en bak zachtjes, tot de ui glazig is.
Strooi de kruiden erover en bak even aan totdat het geurt.
Voeg winterpeen, bleekselderij en paprika toe en laat alles even fruiten.
Giet wijn of bouillon erbij zodat de groenten gaar kunnen stoven, dat duurt ongeveer 10-15 minuten.
Kook ondertussen de pasta gaar.
Giet de pasta af en roer door het groentenmengsel.
Roer op het laatst de kaas erdoor en serveer.
Als je dit te voren klaar maakt, kun je het gerecht ook nog bestrooien met wat kaas en in de oven warm laten worden en licht gratineren.

EET SMAKELIJK!

Ik heb geen exacte hoeveelheid groenten aangegeven, dat hangt er van af wat je hebt. Totaal moet het ongeveer 500 gram zijn.

 

Bewaren

Capsule

ergo-videocaspsuleNee, deze capsule behoort niet tot mijn dagelijkse medicijn-inname. Het is een capsule met aan beide zijden een video-cameraatje. Je slikt hem in en dan wordt een filmpje van je maag en darmleven gemaakt. Lijkt het je niks? Nou, bedenk dan dat de huidige onderzoeken van maag en darm vaak heel vervelend zijn. Zo’n capsule slikken is een stuk prettiger.
Dergelijk onderzoek is nog niet standaard in Nederland, maar wordt al wel toegepast bij het grote ERGO-onderzoek in onze wijk. Voorlopig steekproefs gewijs.
Het materiaal waarin dat cameraatje zit, wordt in de VS en Israel in de wapenindustrie gebruikt. Persoonlijk vind ik dit gebruik beter, maar ja…. Ik kan me zo voorstellen dat je ook heel goed met dit soort capsules kunt spioneren. Want kan er een camera in, dan zou ook een GPS-chip mogelijk zijn. En kun je precies nagaan waar je slachtoffer zit, staat of loopt. Of stop er een microfoontje in, kun je zijn of haar gesprekken ook nog horen. Sience Fiction in optima forma. Maar ik vind die medische toepassing stukken beter en daar mag van mij nog veel meer mee gedaan worden.

Bewaren

Bewaren

Bewaren

Niet voor niks…

Image

duur kopje thee in AhoyDoe mij maar een kopje thee, zei ik tegen Leo, toen we op de Boekenmarkt in Ahoy waren. Hij kwam terug met twee loei hete kartonnen bekertjes, één met koffie voor hemzelf en één met water. Het theezakje, de suiker, melk en plastic lepeltjes had hij zelf moeten pakken. Het ene links en het andere rechts van de verkoopstand.
Voor dat bekertje thee moest hij € 2,50 betalen. We vonden het nogal een prijs en Leo had er dan ook wat van gezegd. Maar dat haalde niks uit natuurlijk.
Ik erger me vaker aan de slechte kwaliteit van de Hollandse horeca. Zo’n kopje thee kost aan inkoop niet meer dan € 0,10. Reken er wat bij voor het opwarmen van het water. Want aan service komt er niks bij, de rommel dien je na afloop zelf op te ruimen. Met € 1,50 is het meer dan dik betaald.
Nou ja, het was in ieder geval niet zo duur als het kopje “Chai extra latte” dat ik een paar weken geleden in Leeuwarden geserveerd kreeg. Ik stelde me er veel van voor, maar het bleek een glas slappe thee met wat kruiden en daarbij een glas opgeklopte melk te zijn. Voor € 3,95 ook niet voor niks.
Ben ik nou een eenling die zich hierover druk maakt?

Bewaren

Bewaren

Bewaren

Begin de week met muziek

Dit jaar begin ik elke week vrolijk met muziek. Elke maandag, 52 weken lang, zal hier een clipje van You Tube staan. Zo stel ik in de loop van het jaar een speellijst samen van muziek die me, op welke manier dan ook, geraakt heeft.

Deze week koos ik voor Katie Melua met Nine million bicycles:

 

 

 

 

 

 

 

Bewaren

Bewaren

Bewaren

Bewaren

De winter van ’63

Vorige week reageerde Wieneke op een blog en vroeg of ik me de winter van ’63 nog herinnerde. Nou en of, die winter met dikke pakken sneeuw in de straten, gladde stoepen, glibberende mensen en natuurlijk de Elfstedentocht.
Toen zat ik nog op de MULO en moest dagelijks met de tram naar school. Van Spangen naar de Schonebergerweg. En in dat jaar had ik ook nog een aantal weken kookles, in de Huishoudschool op de Graaf Florisstraat. Daar moest ik dan van school naar toe lopen. Tja, ik vind het nu een afstand van niks, maar toen een lange weg. Ik droeg waarschijnlijk een lange broek onder mijn rok. Want alleen een lange broek was niks voor meisjes, vond mijn moeder. In mijn tas zat een pannetje voor mijn kookkunsten. Wat maakte ik? Pepermuntkussentjes…. En dat vond mijn moeder wel lekker, maar helemaal niet praktisch 😉 Maar ik kookte ook soep, aardappelen, rijst en groenten en vanillevla. Nou ja, de basis voor goed huishouden werd in ieder geval gelegd.
De dag vóór de Elfstedentocht trouwde mijn nichtje. In een witte kanten jurk. Veel te koud voor die barre temperaturen, dus werd op de laatste nipper een bontcape voor haar gehuurd. Desondanks zag je haar bibberen op de foto’s.
En op de radio, want TV hadden wij nog niet, hoorde ik het verslag over de tocht der tochten. Over bevroren oren, neuzen, afzien en doorzetten. Dat het zo’n verschrikkelijke tocht was, realiseerde ik me niet. Dat besef kwam veel later.
Leo lag toen in dienst, in Steenwijkerwold. Hij droeg kranten onder zijn kleren, tegen de felle wind. Hij herinnert zich nog de hoge sneeuwduinen, daar in het noorden.
Tja, kom daar nu eens om. Dat kennen we toch niet meer, zulke arctische weersomstandigheden. Dat zijn nu toch echt verhalen uit de oude doos…?

Zo zag Rotterdam er in de sneeuw van 1963 uit
Foto: Jan Sluijter

Bewaren

Terugblik

Dit is mijn (voorlopig) laatste terugblik op wat mij vorig jaar rond deze tijd is overkomen.

Als je in het ziekenhuis ligt, draait alles om je leven daar. Wat er thuis afspeelt, is ver buiten je zicht. Maar er gebeurt natuurlijk wel van alles. Niet alleen jouw leven, maar ook dat van je man en kinderen staat op z’n kop. Ook zij zitten in die achtbaan en moeten wel mee.
En de gewoonste dingen worden ineens veel belangrijker. Thuis draai ik echt niet elke dag een wasje, maar nu wilde ik toch echt elke dag een schoon nachthemd en schoon goed. Dus moest er gewassen worden en kreeg Leo in een spoedcursus van jongste zoon uitgelegd hoe die wasmachine en droger bediend moesten worden.
Ik begreep heus wel dat Leo z’n hoofd niet naar praktische zaken stond. Maar zorgde hij ook een beetje voor zichzelf, zou hij wel genoeg eten? Gelukkig waren daar oudste zoon en schoondochter die meteen al op de stoep stonden met een grote schaal stamppot. Ook later zorgden zij er voor dat papa alleen maar een schaal eten in de magnetron hoefde schuiven. Dat was een hele geruststelling voor mij. Later kwam ook onze jongste thuis een paar keer voor ons koken, zodat niet alles op Leo aankwam.
En dan belden er veel mensen die wilden weten hoe het met me ging. Daar bracht een What’s app groep uitkomst, zodat Leo niet telkens opnieuw alles vertellen hoefde.

En nu is alles allang weer gewoon bij het oude. Ik doe het huishouden weer, wandel veel en we gaan er ook weer regelmatig samen op uit. Uiteindelijk is alles dus op zijn pootjes terecht gekomen.

Gedichtendag

Vandaag, de laatste donderdag van januari, is sinds 2000 Gedichtendag en het begin van de Poëzieweek. Dus zet ik hier dit gedicht van Annie M.G. Schmidt, dat ik zo’n mooie en humorvolle mengeling van droom en daad, kunst en praktijk vind. Natuurlijk geïllustreerd met een onnavolgbare tekening van Fiep Westendorp

Moeder dicht
‘Mijn bladerloze schaduw mijdt het water’
Ziezo hè hè, de eerste regel staat er.
‘en speurt de witte angst van eeuwen later’
Ga weg! Ga spelen met je transformator!
Je ziet toch dat je moeder zit te dichten.
‘ik wend mij af en doof mijn vale lichten
ik heb ’tedúm tedúm’ geweten’
Dat vul ik later in. Na ’t middageten.
‘mijn weemoed maakt de koele vlinder wakker
van mij getooide zelf’. Daar is de bakker!
Zeg maar: ’n halfje bruin en ’n heel wit.
‘o grijze schim die daar zo heilloos zit
ik zie mijn grijze droefheid aan de kim’
Da’s tweemaal grijs. Dat kan niet. ‘naakte schim

aan wie ik zal mijn zachte treurnis zeg’
En nog een rol beschuit! O is ie weg?
‘als dauw die druppelt van de trage bomen’
Als jij nog één keer binnen durft te komen,
dan krijg je geen vanille-vla vanavond!
‘zo druppelt in dit hart tezeer gehavend’
Je moeder dicht. Ze heeft geen tijd, totaal niet.
Als vader thuiskomt gaat het helemaal niet.
Je moeder zou een Shakespeare kunnen zijn.
Ze is het niet. Dat komt door jouw gedrein.
Daar gaat ie weer. ‘O humtum klaar en koel
in ’t land van late regen en ik voel
mijn schamelheid.’ ’n Heer met een kwitantie?
Zeg maar: m’n moeder is met kerstvakantie.
‘mijn schamelheid.’ Wat is dat? Hoofdje zeer?
M’n schatje toch… Gevallen met je beer?
Je moeder komt… na na… daar is ze al.
Wees nou maar zoet – ’t genie staat weer op stal.

Annie M.G. Schmidt (uit: ‘Huishoudpoëzie’, 1957)

 

 

Bewaren

Terugblik

Deze weken kijk ik terug op wat mij vorig jaar rond deze tijd is overkomen.
Mijn genezing verliep zeer voorspoedig en omdat er geen kostgangers in het ziekenhuis gehouden worden, mocht ik op vrijdag 29 januari 2016 al weer naar huis. Precies twee weken nadat ik opgenomen werd.
Wat was ik blij! Ik dacht meteen weer st
erk te zijn, maas dat was ik helemaal niet. Ik kon nog geen bloemenvaas optillen, een blokje rond was een hele toer. Dat viel me verschrikkelijk tegen. Want dan loop je tegen muren op. De was in en uit de machine doen, in de droogtrommel stoppen, strijken, ik mocht en kon het allemaal nog niet. Wat voelde ik me beperkt. Ik wilde koken, maar moest Leo vragen de pan met pasta of aardappelen op het gas te zetten of af te gieten. Iets hoog uit de kast pakken, iets laag neer leggen, het ging de eerste weken allemaal nog niet. Leo moest me zelfs helpen met aan- en uitkleden. Maar telkens zag ik wel vooruitgang. En hield me daaraan ook vast. Kijk, gisteren kon ik dit nog niet, maar vandaag lukt het me wel, hield ik me zelf voor. En zo kwamen we telkens weer een stapje verder.


De eerste zes weken mocht ik niet auto rijden, maar daarna stapte ik toch weer gewoon achter het stuur. In het begin wandelde ik met Leo maar kleine stukjes, die allengs langer werden. De eerste keer alleen was best een beetje griezelig. Maar wat voelde ik me goed toen helemaal alleen een stuk was gaan lopen. Dat had ik hem toch maar geflikt.
Wat later sloot ik me aan bij een wandelclub. Tijdens een van die wandelingen liepen we naar het Hooge Bergse bos. Daar ligt al een aantal jaren een skiheuvel. En voor ik er erg in had, stond ik daar in eens boven op. Zonder dat ik ook maar gevoeld had dat ik naar boven klom. Pas op dat moment realiseerde ik me, dat die operatie me heel veel goed had gedaan.
Inmiddels weet ik dat ik weer gewoon de dingen kan doen, die passen bij mijn leefstijl. Ik hoef niet te rennen, aan extreme sporten te doen. Maar ik gym, loop veel meer dan vroeger en voel me weer helemaal prima. Echt prima!
Natuurlijk moet ik medicijnen slikken, maar veel minder dan ik in het ziekenhuis kreeg voorgeschreven. Het is een routine, elke morgen meteen na het opstaan pilletjes nemen. En ’s avonds gaat om 10 uur mijn telefoon, om me te herinneren aan dat laatste tabletje.
(wordt vervolgd)

Terugblik

Deze weken kijk ik terug op wat mij vorig jaar rond deze tijd is overkomen.
En dan gaat alles heel snel. Na een dag op de intensive care werd ik naar de gewone verpleegafdeling gebracht. Ik kreeg gewoon eten, mocht even buiten mijn bed, een stukje lopen. En aan het eind van die dag kwam zelfs de fysiotherapeute om te zien of ik ook de trap op en af kon. Oeps, dat is dan wel even een rare gewaarwording. Maar het lukte en liep ik zelfs gewoon de trap af. En ook weer op. Nee, geen moeite, geen kortademigheid, niks! En ik vond dat eigenlijk doodnormaal. Pas later, veel later, drong het besef tot me door hoe veel beter het met me gaat en hoe heerlijk dat wel is.

Dinsdagmiddag werd ik weer teruggebracht naar het IJsselland ziekenhuis. Weer terug op de hartverpleging. Maar nu mocht ik wel gewoon mijn bed uit, rond lopen, zelfs het hele ziekenhuis door. Ik kon me enigszins normaal aankleden, dat geeft ook zo’n ander gevoel. En kijk, nu loonde het weer om mijn stappenteller te gebruiken. Dan kon ik tenminste zien hoeveel ik gelopen had. Die stappenteller zit op mijn smartphone. Die telefoon werd bijna onmisbaar voor me. Want in het ziekenhuis is dat je lijntje met de buitenwereld. Ik kon er mee appen, blogs en nieuws lezen, radio horen, muziek mee afspelen. Ik viel er letterlijk mee in slaap en stond er mee op.
(wordt vervolgd)