Recept

Soms lees je ergens een recept en denk je “Ja, dat ga ik maken”. Dat gebeurde mij enkele maanden geleden, maar het resultaat viel ons een beetje tegen. Ik maakte toen bloemkool met witte bonen puree. De smaak was goed, maar het gaf Leo een beetje te veel de indruk van een potje Olvarit. Toch laat zoiets me dan niet met rust en toen ik afgelopen week een flink stuk (zo’n 200 gram) bloemkool over had, bedacht ik dat ik toch nog eens…. Dan zoek ik nog wat op Google en geef er vervolgens een eigen twist aan. En nu vond Leo het wel lekker en helemaal geen baby-eten. En dus kreeg het restje een eervolle vermelding. Dit is ongeveer wat ik er mee deed:

Restje bloemkool (ca. 200-250 gram) in niet al te grote roosjes
klein blikje witte bonen
1-2 teentjes knoflook, klein gesneden
scheutje (olijf) olie
flinke eetlepel grove mosterd
 bloemkoolpuree

Kook de bloemkool beetgaar, giet af en doe alle ingrediënten in een mengkom en mix met de staafmixer of keukenmachine tot een puree. Hoe fijn of hoe grof bepaal je zelf.

Dit is een bijgerecht en ik gaf er gebakken aardappeltjes, salade en worstjes bij.

EET SMAKELIJK!!

Bewaren

Lekker

Laatst vierden wij onze trouwdag. Geen groot feest, maar met de kinderen uit eten is inmiddels een soort traditie. En in Rotterdam is altijd wel iets leuks te vinden. Maar ja, onze jongste is al weer een tijdje vegetarisch. En hij kookt zelf zo lekker en verrassend. Waar zouden we nou eens bijzonder vegetarisch kunnen eten?
Internet bood uitkomst en zo belandden wij in Spirit, op de Goudsesingel in Rotterdam. Met een wat andere opzet dan een gebruikelijk restaurant. Je kiest namelijk uit een enorm buffet. Ik denk dat er wel 30 tot 40 verschillende gerechten stonden. Alles vegetarisch, biologisch en er stond bij wat er allemaal in zat. Van voorgerecht tot toetje, het was voortreffelijk! De vleeseters misten hun biefstukje of karbonade helemaal niet. Er waren bijzondere combinaties en dingen die wij nog nooit gegeten hadden. We schepten meerdere keren onze borden vol en lieten het wegen. We bestelden iets te drinken, water, wijn of een bijzonder biertje. Aan het eind van de avond werd de rekening opgemaakt en konden wij betalen.
We weten nu al dat we beslist hier nog eens gaan eten.

Reclame

Op Pinterest heb ik een bord met posters en affiches. In het begin verzamelde ik vooral reisposters, maar later kwamen daar ook nostalgische reclames bij. Wie er eens een kijkje wil nemen, klikt hier. En dit is alvast een opwarmertje (klik op een foto om te vergroten):

 

Voeding en gezondheid

Bij de Voedingsvoorlichting van Capri Hartrevalidatie hoorden we dat we moeten oppassen met verzadigd vet. Maar dat wisten we wel. Al lang eet ik weinig zuivelprodukten en dierlijke vetten. Dat kokos- en palmvet ook veel verzadigd vet bevatten, was wel nieuw voor me. Adieu dus kokosmakronen en Bounty  🙁 .

In een ver verleden had ik palmolie één keer in een recept verwerkt, daarna verdween de fles in de berging en later in de kliko. Over palmolie maakte ik me dus geen zorgen. Wat een enorme misrekening!! Want toen Leo en ik de ingrediëntenlijstjes van verschillende doodnormale levensmiddelen eens bekeken, schrokken wij ons een hoedje.
Beschuit, knäckebrod, ontbijtkoek, krentebollen, rozijnen- en mueslibrood, biscuits; ze zijn vrijwel allemaal met palmolie vervaardigd. Ook kunnen bouillonblokjes, slaolie, frituurolie, gebrande noten, stroopwafels, pindakaas, choco- en notenpasta, chocovlokken, babyvoeding, mayonaise, ijs, snacks, (diepvries) pizza, (diepvries) maaltijden, maar ook –en dat vind ik werkelijk belachelijk– (dieet) margarine in meer-of mindere mate palmolie bevatten.

Ik ben vooral pissig dat je hierover nauwelijks iets hoort of leest. Ongeveer 60% van alle levensmiddelen wordt met palmolie gemaakt. Je hoeft dus helemaal niet buitensporig veel te eten om ongemerkt toch behoorlijk wat verzadigd (en dus ongezond) vet binnen te krijgen. Heel veel mensen hebben een te hoog cholesterol en proberen dat te verlagen door bewuster te eten.  Dat wordt moeilijk als de industrie ons producten levert en reclame maakt voor eten dat juist het tegendeel van gezond is.

Er zijn palmolievrije producten te vinden, maar daar moet je wel intensief naar op zoek! En neem dan vooral je leesbrilletje mee, want de lettertjes zijn verdomd klein op die etiketten. Je kunt natuurlijk ook koken zonder al die potjes, pakjes en zakjes. Zelf maken heeft niet alleen het voordeel van geen kokos- of palmvet, maar ook van minder zout en suiker gebruiken.
Wij zelf hebben inmiddels bijna alle kokos- en palmolie geweerd. Deze producten bijvoorbeeld kopen we niet:

Palmolie verhoogt niet alleen je cholesterol, maar is ook schadelijk voor ons milieu. Hele regenwouden worden er voor gekapt, want niet alleen voedsel, maar ook allerlei andere producten worden er mee gemaakt. Maar dat is weer een ander verhaal.

Schone schijn

Wie in Japan uit eten gaat, hoeft zijn keus niet te laten bepalen door de gedrukte menukaart. Daar is meestal voor ons westerlingen geen touw aan vast te knopen. Nee, je kiest buiten al voor een gerecht wat er wel lekker uitziet. Dat staat in de etalage. Natuurlijk niet echt, het is van plastic, maar zo natuurgetrouw dat je er bijna meteen een hap van zou nemen.
Kijk hier hoe ze dit “nep-eten”maken:

 

Verpakken

Afgelopen week waren wij in Leiden, in het Sieboldhuis voor de tentoonstelling “Te mooi om weg te gooien“. De tentoonstelling is niet groot, maar met mooie antieke dozen en flessen en leuke en kleurige verpakkingen uit het moderne Japan. Want in Japan is de verpakking bijna net zo belangrijk als het cadeautje zelf.
En er was een filmpje waarin je kon zien hoe in het Mitsukoshi warenhuis de spullen verpakt worden. Maar zo gaat dat in andere warenhuizen net zo. Snel, efficiënt en met maar één klein reepje plakband. En altijd uiterst vriendelijk en met een glimlach.
Het zelfde filmpje heb ik niet kunnen vinden, maar dit geeft toch ook een heel goed beeld van hoe het er toe gaat:

 

Oormerk

ov-chip

Klik om te vergroten

Al weer een aantal jaren geleden voorspelde ik in huiselijke kring dat we binnen niet al te lange tijd allemaal geoormerkt zouden worden. Want als dan toch alles digitaal zou gaan, leek me dat reuze handig, zo’n plastic kaartje aan je oren. Daarin zou dan een chip zitten, met daarop alle digitale rimram van deze tijd. Dus je bankpas, je creditkaart, je OV-chippas, het kaartje van de sportschool, je studenten-inschrijving, en noem nog maar een paar dingen die er aan gekoppeld zouden kunnen worden.
Er werd wat besmuikt om gegiecheld. Die mama, met haar rare ideeën. En lees nu eens dit artikel, dat vorige week in de krant stond.
Wie krijgt er gelijk? Ja, juist…!!