Irritatie

Bron: Google foto’s

Ik was blij bij een andere blogster te lezen dat zij ook sneller geïrriteerd raakt door minder comfortabele kleding. Kon ik me vroeger nog wel een beetje insnoeren, nu heb ik graag wat ruimers aan.

Maar jammer genoeg krijg ik ook last van sieraden. De kettingen zitten iets te dicht op m’n hals en daardoor krijg ik het gevoel dat ik zachtjes gewurgd word. Of ze zijn zo gemaakt dat er iets prikt, kietelt of op een andere manier irriteert.

Zonde, vind ik dat, want ze zijn niet alleen mooi, maar er zitten ook bijzondere herinneringen aan. Veel ervan kreeg ik van Leo bij bijzondere gelegenheden. Maar zo nu en dan draag ik ze nog wel.

Maar ja, met het ouder worden raakt alles een beetje slapper en dijt er hier en daar wat uit. Ach, ik mag nog niet klagen. Zo nu en dan op chique en dan later lekker losjes in een ruim zittende jurk op de bank.

Wat was het spreekwoord ook al weer? Wie mooi wil zijn, moet (pijn) lijden.

Niet weggegooid

Bron: Instagram / Oscar Olivares

In onze weggooi-cultuur maalt men nog maar weinig om al het afval dat dagelijks geproduceerd wordt. Maar soms is er iemand die er heel andere dingen mee wil én kan doen.

Zoals Oscar Olivares, een Venezolaanse illustrator. Hij verzamelt plastic doppen en maakt er prachtige wanddecoraties mee.

Natuurlijk kan hij al die doppen niet alleen bij elkaar brengen en vraagt hij mensen hem daarbij te helpen. Zo bevordert hij het hergebruik, zet mensen aan het denken en maakt hij de omgeving een stuk vrolijker.

Wil je nog meer werk van hem zien, kijk dan op zijn Instagram.

Murphy

Bron: Google

Net in een periode dat er van alles gebeurde, begaf mijn telefoon het ook nog.

Eerst leek het apparaat compleet stil te blijven, maar na veel proberen kwam hij wel weer op gang. Maar helaas, met dezelfde snelheid sloeg ie weer op tilt.

En ja, zeg nou zelf, kun je nog wel zonder mobieltje? Ook ik ontkom er niet aan. Alles digitaal en op een app. Betalen, parkeren, dingen bestellen, noem maar op.

Maar het leek allemaal voorspoedig te verlopen. Ik bestelde een apparaat en kon het de volgende dag al ophalen bij de winkel in Rotterdam. Meteen een mooi hoesje erbij. Ik was weer helemaal blij.

Natuurlijk moest ie nog geïnstalleerd worden. En dat nu heel simpel. Door de technische ontwikkelingen is het mogelijk dat het apparaat met je oude telefoon “praat” en alle apps en bestanden naar de nieuwe kopieert. Ik had alles dan ook snel bedrijfsklaar.

Maar dan begint het personaliseren. Alle apps netjes op je scherm, in mapjes. Afijn, ik was toch nog uren zoet.

Zaterdag vond ik een nieuwe mogelijkheid: je apparaat beveiligen. En ja, ook dat lukte me. En of het werkte? Nou en of. Google gaf keurig aan dat mijn mobieltje te vinden was op mijn huisadres. Maar toen was ie ook meteen geblokkeerd. Alles helemaal weg, alleen nog fabrieksinstellingen. Kon ik weer opnieuw beginnen. Ach ja, de Wet van Murphy.

Bamboe

In Diergaarde Blijdorp staat een grote hoeveelheid bamboe. In allerlei soorten en maten, van klein tot groot. In het diergaardemagazine De Giraffe van zomer 2023 is een heel artikel aan dit gewas gewijd. .

Bamboe is een grassoort met een overweldigende groeikracht. Het is altijd groen, een sterk gewas en past dan ook mooi bij de aankleding van de dierentuin. De omgeving van het olifantenverblijf lijkt op een ware jungle met enorm hoge stengels.

Bron: Google foto’s

Doordat het zo hoog kan worden, geeft het ook veel schaduw en brengt het verkoeling. Bij heet weer is het dan heerlijk in de koelere lanen te lopen.

En het is ook nog nuttig, want een aantal dieren gebruiken bamboe als voedsel. De rode panda lust er wel pap van.

In onze tuin staat ook bamboe. We hebben het gekocht als een niet woekerende soort, maar toch is de groeikracht verbazingwekkend.

Belemmeringen

Het gebeurt me niet vaak, maar soms wil ik wel eens een klacht indienen bij een bedrijf.

Vroeger stuurde je een brief, maar dat werd allengs lastiger gemaakt want nergens kon je meer een gewoon postadres vinden.

Bellen? Welnee, voortaan gaat alles via het internet. Ja, daar kun je over klagen, maar de nieuwe tijd, net wat u zegt.

Nou had ik vorige week een klacht bij die bekende Grootsuper. Het ging over de prijs van iets, dat volgens de bonusbox 3,04 zou bedragen, maar waar ik uiteindelijk 3,82 voor moest betalen.

Ik wilde een e-mailtje sturen, maar dat lukte niet. De klantenservice was wel te bereiken, maar dan moest ik inloggen. Daarop werd een code naar mijn e-mailadres gestuurd. En daarna ontving ik het verzoek mijn telefoonnummer in te vullen, waarop een SMS-code volgde.

Ben ik erg achterdochtig als ik vermoed dat de trend bij leveranciers is, dat je na zoveel belemmering denkt “Ach, laat ook maar…”

Vernielen

Bron: Google foto’s

Sommige berichten keren met de regelmaat van een klok terug in de krant. Het meeste valt onder de noemer “klein leed”. Vernielingen aan gebouwen, stenen gegooid vanaf een viaduct, ruiten door de ramen, alloemaal “voor de lol”

Laatst las ik weer over een bankje van een mevrouw in Nijmegen. Compleet aan gort getrapt tijdens de 4daagse door “lallende jongelui”.

En dan sommige commentaren daarop. Nou ja, was al een gammel bankje. Ze had het ook binnen moeten zetten. Ach, dat heb met de feestende jeugd.

Gelukkig, er was ook iemand die meteen aanbood het bankje te repareren.

Maar soms vraag ik me werkelijk af welke hersenkronkel mensen moeten hebben om hier zo gemakkelijk mee om te gaan.

Dat wat niet van jou is, daar blijf je af. En als je -per ongeluk- een keer iets stuk maakt, wees dan een vent/vrouw en laat een briefje achter, zodat je de schade kunt betalen.

Gevallen engel

Daar lag ze, de engel. Zomaar van de boekenkast op de grond gevallen. Het draadje waar ze aanhing was volkomen verteerd en doorgesleten.

Nou ja, ze was ook al op leeftijd, voor een namaak engel dan. Want ik boetseerde haar ongeveer 40 jaar geleden. Van zoutdeeg en beschilderd met plakkaatverf.

Dus ze moest voorzichtig behandeld worden, mocht niet in het sop en kreeg daardoor een beetje smoezelig uiterlijk. Er hingen spinnenwebben in heur haar en pluisjes aan het muziekblad. Door de smak op de harde grond waren haar teentjes verbrijzeld.

Ik maakte nog een laatste foto en heb haar toen zachtjes en een beetje weemoedig in de afvalbak gestopt.

Diepvries

In veel huishoudens is een diepvries te vinden. Handig, om gekochte spullen in te bewaren, als voorraad. Maar ook om te gebruiken als er eens iets overblijft of te veel is klaargemaakt.

Veel recepten zijn gemaakt voor vier personen. En dan wordt het moeilijk om zo’n recept aan te passen voor twee mensen. Ook zijn verpakkingen vaak te groot en blijft er wat over.

Lange tijd verpakte ik een restje in een diepvriesdoos en stapelde ik dat in onze vrieskast. Tegenwoordig gebruik ik van die handige afsluitzakken. Dan worden het platte pakketjes, die gemakkelijk te stapelen zijn.

Maak ik veel in één keer klaar, zoals rijst of (bruine) bonen, dan stop ik twee porties in zo’n zak en stapel de pakketjes op in zo’n zakje dat tegenwoordig bij de groenten ligt. Die zijn groot genoeg.

Briefje erbij wat er in zit en wanneer ik het maakte. Lekker handig.

Lekker

Op Instagram kwam een lekkere abrikozentaart voorbij.

Uit het commentaar erbij maakte ik op dat het vrij simpel te maken was. En omdat de abrikozen op dit moment goed te verkrijgen en lekker zijn, besloot ik die cake te maken. Het is een “moeulleux”, een zeer zachte en soepel soort cake. Simpel te maken, met eerlijke producten.

Origineel recept: www. carnetdesaveurs.com

Dit is het recept:
2 eieren
115 gram zachte boter
135 gram suiker
115 gram bloem
6 gram bakpoeder (= half zakje)
445 gram abrikozen, zonder pit, ongeschild in vieren gesneden.
snufje zout (optioneel)

Meng eieren, boter en suiker goed tot een glad geheel, voeg de bloem en bakpoeder toe en roer de abrikozen er door. Bekleed een vorm met bakpapier (ik gebruikte een vierkante glazen vorm van ca. 25 cm. ) en stort het deegmengsel er in. Strijk enigszins glad en bak ca. 35-40 minuten in het midden van een voorverwarmde oven op 180 graden.

Heerlijk, om in de Franse stijl te blijven: délicieux!!

DDT

Bron: Google foto’s / Shutterstock

Bij 2voor12 kwam een vraag over een insectenbestrijdingsmiddel voorbij. Helaas wisten de spelers niet dat het om DDT ging.

Een veel geroemd en gewaardeerd middel, ontwikkeld in de jaren 30, in 1948 bekroond met de Nobelprijs. In de jaren 60 werd pas onderkend dat het middel zijn vernietigende werking niet beperkte tot insecten, zoals muggen, luizen. Toen waren er al heel wat dieren bijna uitgeroeid.

Maar malaria werd er ook door teruggedrongen. Tenminste als je de huizen regelmatig royaal bespoot. En ach, dacht men, laten we dan ook maar de mensen een flinke portie geven. En zo werden mannen, vrouwen, kinderen bestookt met een forse wolk DDT. En dat allemaal in het kader van “gezondheid”.

Inmiddels is wel bekend dat het zinvol is om muren te besproeien, al geldt ook hier dat meer beslist niet beter is. DDT heeft wel degelijk nut, maar moet slechts spaarzaam gebruikt worden.

En dan vraag ik me altijd af, moeten we nou echt met zoveel zware middelen iets bestrijden. Kwam het nou werkelijk bij niemand op dat we door al die DDT niet alleen de schadelijke, maar ook de nuttige dieren om zeep hielpen?

Eerst denken, dan doen. Helemaal zo gek nog niet.