
Eline stamt uit een gegoed Leids gezin en is getrouwd met Wieger, een archeoloog. Ze is niet religieus, wel ongedurig en heeft behoefte aan vrijheid. Als haar man naar een klein dorp in Drenthe gaat om er een veenlijk te onderzoeken, mist Eline hem enorm. Impulsief besluit ze naar hem toe te gaan en ze neemt haar kinderen mee.
Hoewel ze vriendelijk wordt ontvangen in het dorp, leidt haar aanwezigheid tot opschudding. Eline is niet gewend van haar hart een moordkuil te maken en haar vrije manier van doen en denken valt niet bij iedereen in goede aarde. Ze wordt dan ook min of meer terug gestuurd naar Leiden.
Nederland is in 1918 dan wel nog steeds neutraal in de grote oorlog, iedereen krijgt toch te maken met de nare gevolgen. Familieleden komen om, er is weinig meer te krijgen, het is armoe troef. Dan aan het eind van die oorlog staat een nieuwe en nog onbekende vijand op: de Spaanse griep maakt heel veel slachtoffers. Eline besluit terug te keren naar het Drentse dorp en helpt bij de verzorging van de grieppatiënten. Haar blik op de wereld wordt wijder en haar leven wordt langzaamaan anders.
Het boek is goed geschreven en die periode (1918 tot ca. 1922) interesseert me in hoge mate. Ik las het boek in één adem uit. Ik ga zeker nog meer boeken van deze schrijfster lezen.




Afgelopen zondag bezochten we het
Wie spullen maakt, wil ze aan de man brengen. Daarvoor is reclame bedacht. Wij zouden ons een leven zonder reclame niet meer kunnen voorstellen. Het spat van allerlei manieren in onze ogen. Soms leuk, soms vervelend, smakeloos of schreeuwerig. In vroeger tijden werd er veel minder reclame gemaakt. Was het ook niet zo vluchtig. Had je eenmaal een bedrijfje op poten gezet, dan bleef je daar meestal een flink aantal jaren zitten. En dus loonde het om boven je voordeur een mooie afbeelding te maken en een fraai uithangbord op te hangen.
En wij stonden hier in de rij voor de
Toen de oorlog uitbrak, was ik nog klein.
In een museumvitrine zag ik laatst dit kopje staan. Een beetje vreemd geval, vond ik. Een kopje met een kopje er in. Maar dat onderste kopje, daar kon dan weer geen vloeistof in, want dat was opengewerkt. De gids wist wel waarom. Want dit is een “trembleuse”, een kopje dat vroeger vaak werd meegenomen op reizen. Het onderste opengewerkte deel zit vast aan het schoteltje en daar past het kopje in. Dan viel je kopje niet van het schoteltje als de koets over een hobbel reed. Slim toch….?