Het is weer zover, vannacht gaat de klok een uur vooruit. Het wordt weer zomertijd.
Hoewel het fijn is om op weg naar de zomer te zijn, is het ook altijd even wennen. Een uur missen voel ik wel een paar dagen en ’s morgens nog zo donker vind ik ook maar zozo.
Maar het niet anders, zo werd het al weer jaren geleden geregeld.
Gelukkig hebben wij nog een oude klok, met wijzerplaat. Want hoe zou ik hier nou mee om moeten gaan? Dat wordt me te ingewikkeld.
Al enige tijd volg ik het blog “De vogeldagboeken van Adri de Groot“. Hij maakt prachtige foto’s van vogels, insecten en planten. Ik kijk er met heel veel plezier naar en en leer er ook van.
Want vaak maakt hij foto’s niet ver van waar wij wonen. We hoeven dus niet eens zo ver weg te gaan om te genieten van zoveel moois.
Laatst was Adri in de Nieuwe Driemanspolder, ten noorden van Zoetermeer. En daar maakte hij deze foto, die ik voor mijn blog verkleinde. Klik hier om de originele foto te bekijken.
Een patrijshaan, in al zijn glorie gekleed voor een date met een willige patrijshen.
De natuur heeft zijn bruidegomsjas al klaar gemaakt. Kijk maar eens naar dat prachtige verenkleed, bruin met een kanten rand.
Voor mij is dit van een ontroerende schoonheid. Terecht vergelijkt Adri de Groot het verenkleed met Brugs kant. Zo mooi wordt het bijna niet meer gemaakt.
Net als in voorgaande jaren begin ik de week met muziek. Met gezellige, vrolijke of sentimentele liedjes in het Nederlands of in andere talen. Misschien herken je er een of zijn ze helemaal nieuw en fris. Het uitzoeken brengt mij veel plezier en ik hoop dat jij ze ook met genoegen beluisteren zal.
En ja, daar is ie weer, mijn persoonlijk idool. Charles Aznavour, 60 jaar geleden met een liedje over Brasilia. Het staat nog op een LP in onze kast en zo nu en dan draaien we hem een keertje.
Zouden jongeren dit nog herkennen. Weten die waar dit voor gebruikt werd?
In mijn herinnering hing dit in de keuken bij mijn oma en opa en lange tijd was ik onbekend met het gebruik ervan.
Later begreep ik natuurlijk dat het gebruikt werd om schoon te maken. Dat zag ik aan het opschrift “zeep”. Soda kende ik ook wel, daar kookte mijn moeder de ketelpakken van mijn vader in uit.
Maar zand…? Dat was om mee te spelen. Dat je het ook kon gebruiken voor het schuren van de pannen…. Dat leerde ik van mijn tante, die daar een gruwelijke hekel aan had.
Want zij moest als klein meisje op maandagmorgen de vaat doen, die op zondag niet mocht worden afgewassen omdat je niet mocht werken op de Dag des Heeren.
Dat het vervelend werk was begreep ik wel. Maar waarom die vaat niet gewoon op zondagavond afgewassen mocht worden, is nog lang een onbegrijpelijk iets geweest.
Nou ja, eigenlijk snap ik het nog steeds niet. Ben duidelijk niet erg religieus opgevoed.
Blijkbaar ben ik toch vergeetachtiger dan ik denk, want dit boek had ik al gelezen. Maar duidelijk niet meer zo helder voor de geest, dus vroeg ik het weer aan bij de bibliotheek.
Het was geen enkel bezwaar om het opnieuw te lezen en ik had er weer evenveel plezier aan.
Carmen Korn weet te vertellen over het alledaagse leven van de drie gezinnen, die respectievelijk in Hamburg, Keulen en San Remo wonen.
Ze zijn met familie- en vriendschapsbanden met elkaar verbonden. Echt heel bijzonder of spannend zijn hun levens niet. Het zijn gewone mensen met hun dagelijkse zorgen en verdriet, maar ook plezier. Tien jaar lang, van 1950 tot 1960 leven we met ze mee.
Het is geen roman in de zin van een verhaal met een plot. Maar meer de beschrijving van de mensen en de dingen die in de loop der jaren veranderen.
Ik hou van dat soort boeken, omdat je de relaties er in leert kennen en soms ook kunt herkennen.
In 2020 zagen we elkaar voor het laatst. Toen kwam de C-crisis. In de tussentijd deelden we (bijna) dagelijks onze berichten via onze blogs.
Gisteren, 3 jaar later, ontmoetten we elkaar weer. Zoals gebruikelijk in het centrum van het land, Utrecht-Centraal. En ondanks treinstoringen en vertragingen zaten we weer snel aan tafel.
Heerlijk bijpraten, koffie drinken en samen lunchen.
En voor we het wisten was het alweer tijd om op huis te gaan. Maar volgend jaar weer. Dat staat vast.
Leo had een ontstoken vinger. Een paar dagen weken in sodawater hielp geen steek. Maar zelf er in snijden vonden we toch ook een beetje tricky.
Gelukkig kon hij binnen enkele dagen bij de huisarts terecht, die wel meteen de scalpel ter hand nam en er een pleister om deed. “U kunt Betadine kopen en dat er op gebruiken”, was de boodschap. Maar Leo is allergisch voor jodium en juist dat zit in Betadine, zoals ik constateerde bij de drogist.
Gelukkig konden we nog even terug naar de assistente, die meteen de dokter belde. Aan haar reactie zag ik dat hij onmiddellijk inzag dat er iets fout gegaan was.
Thuis gekomen heeft Leo maar weer zijn vinger in sodawater gestopt. En kochten we een flesje chloorhexadine-oplossing. Dat geeft geen last en ontsmet ook prima. Het wondje is trouwens goed geheeld en Leo heeft geen last meer.