Klaverjassen

Hoewel er bij ons thuis vaak een potje geklaverjast werd door mijn vader, zus en zwager, ooms en vrienden, heb ik dat spelletje nooit doorgekregen. Ik ben sowieso niet zo goed in kaartspelletjes. Eén keer heeft een vriendje het me willen leren, maar het duizelde me al snel van alle troeven, kaartwaardes en hoeveel kaarten er nog in het spel zaten. Het werd dan ook geen succes.

Leo treurt er niet om, want die vindt spelletjes slaapverwekkend. Ik speel soms patience op de telefoon en tablet. En met andere spelletjes weet ik mijn tijd ook wel te vullen.

Bron: Google photos

Maar nu las ik dat er minder en minder geklaverjast wordt. Dat doen alleen nog ouderen. En eerlijk gezegd zou ik ook niet zo een twee drie iemand weten die dat nog regelmatig doet. Er werd geopperd om het op de UNESCO werelderfgoedlijst te zetten. Maar zou dat kans hebben?

Kinderlijk genoegen…

Het was nog even dubben of ik wel zou gaan wandelen, want het regende donderdag. Maar toch besloten om te gaan en de weergoden te trotseren. En dat pakte heel gezellig uit.

Zes dames waren er en we namen dit keer eens een nog niet zo vaak belopen gebied, het Hoge Bergse Bos. Een wandeling daarheen had ik al eens uitgezocht. Maar jammer genoeg kun je bij het uitzoeken op de computer niet zien of je echte wandelpaadjes neemt of dat het meer asfalt is. En dat laatste bleek het geval. Maar toen we iemand aan het maaien zagen, vroegen we hem de weg.

Het vee-hek door en daar stonden we meteen in wild 😉 gebied. Het paadje was net gemaaid. Verderop stuitten we op een heel stuk met uitbundig groeiende bramen. En dan worden keurige dames opeens weer kinderen. We plukten en snoepten van het fruit. Een dame zocht en vond nog een plastic zakje en scharrelde haar toetje van de dag bij elkaar. Dat het soms een beetje regende maakte de wandeling juist nog leuker. Want deze vrouwen zijn toch zeker niet van suiker!

Recept

Misschien willen jullie de lekkere pruimen plaattaart ook wel eens maken. Nu zijn tenslotte de pruimen nog volop te koop of moet je ze nog van je eigen bomen plukken. Hier volgt dus het recept:

Zo schoof ie de oven in. Daarna vergat ik nog meer foto’s te maken 🙁
  • 50 gr zachte boter
  • 150 gr suiker
  • 1 zakje vanillesuiker
  • 2 grote eieren
  • 250 gr bloem
  • 1/2 zakje bakpoeder
  • scheutje melk
  • 750 gram stevige pruimen
  • 25 gram suiker
  • 2 theelepels kaneel
  • evt. wat amandelschaafsel

Oven voorverwarmen op 170 graden Celsius
Pruimen wassen, goed afdrogen en in tweeën snijden en pit eruit halen.
Bakplaat of bakvorm met bakpapier bekleden.

Meng boter, suiker en vanillesuiker door elkaar
Klop de eieren er door en voeg het meel met de bakpoeder toe. Roer tot een stevig beslag. Voeg eventueel wat melk toe als het te stevig is, want het moet goed smeerbaar zijn.
Strijk het beslag uit over de bakplaat.

Verdeel de pruimenhelften er over en druk die een beetje aan, zodat ze goed in het deeg liggen.

Bestrooi de pruimen met kaneel en suiker (wat minder als het heel zoete pruimen zijn, wat meer bij iets zuurder pruimen) en als je het in huis hebt wat amandelschaafsel.

Bak de plaattaart in het midden van de voorverwarmde oven circa 30 tot 40 minuten.
Het ligt aan je oven hoe lang de baktijd exact is, hou dat in de gaten. Wanneer een satéprikker in het midden van de taart gestoken er droog uit komt, is de taart gaar.

EET SMAKELIJK!!

Als je nou denkt, dat ik zo’n recept eventjes uit mijn mouw schud… Nee hoor, ik zocht en vond op Smulweb.nl dit heerlijke recept van Petra Wiggers, dat ik zeker nog eens vaker ga maken.

Lekker!!!

Vroeger, heel lang geleden, hadden mijn ouders vrienden met een grote tuin, waarin allerlei fruitbomen en struiken stonden. En als de gesprekken niet voor kinderoortjes geschikt waren, werd ik de tuin in gestuurd. Daar mocht ik snoepen van het fruit. En wat was dat lekker!!! Het is nog steeds een zalig zoete herinnering 😉

Het buitenlandse fruit, die onrijp en nog groen geplukte vruchten uit allerlei Verwegistan, kan niet tippen aan de smaak van mijn herinnering.

Maar vorige week kocht ik geen buitenlands fruit, maar een doos Nederlandse pruimen, rijp geplukt. En toen ik thuis kwam en een pruim proefde, wow, wat een smaak. De volgende dag terug naar de winkel en meteen nog twee dozen gekocht. Ja, ogen die groter zijn dan de maag…

Het was zonde die heerlijke pruimen te laten bederven, dus bakte ik een flinke plaattaart. Maar hemel, nu had ik niet alleen te veel pruimen, maar ook teveel taart. Gelukkig wilden de buren wel meedelen. En hielp Leo ook danig mee om alles op te eten.

Eigenwijs…

Dat er eigenwijze mensen zijn weten we allemaal. Die komen we in het dagelijks leven vaker tegen. Of misschien zijn we zelf ook wel meer dan eens een tikkie eigenwijs….? Maar van eigenwijze dieren had ik nog nooit gehoord. Toch bestaan ze, althans zo komt dat op me over.

Bron: Wikipedia / Google foto’s

Omdat de broed- en nestellocaties voor kerkuilen steeds minder werden, besloot Natuur- en vogelwacht Biesbosch om nestkasten op te hangen. Tot hun verbazing zagen ze dat vlak naast een nestkast (die flinke afmetingen heeft) een kerkuil haar nest gemaakt had in een omgekeerde kano bovenop een container. Een andere kerkuil maakte het nog bonter, door in een klein gat haar nest te maken, terwijl er op enkele decimeters ook zo’n fraaie nestkast hing. Die nestkast zou prima bescherming hebben geboden, maar nu zat de uil duidelijk zichtbaar voor mens en dier. Gelukkig bracht een partner hem (want ik denk dat vrouwen, ook kerkuil-vrouwen, praktischer zijn 😉 ) op een ander idee en werd uiteindelijk de nestkast toch in gebruik genomen.

Ik las dit in een artikel in het “Natuurblad”, een uitgave van Stichting Natuur- en Vogelwacht . Wie het hele verhaal wil lezen, klikt hier. Daar vind je het artikel in een door mij bij elkaar geplakt .pdf-bestand.

Trammuseum

Aanstaande zaterdag is er weer een open dag in het Trammuseum van de Stichting RoMeO inRottrerdam. Het museum draait volledig op vrijwilligers en is niet elke dag geopend. Wie er een kijkje wil nemen, zou dat dus komende zaterdag kunnen doen. Wij brachten al eerder een bezoekje en dat is altijd leuk. Zoveel oude trams en bussen staan er en ze zijn bijna allemaal ook van binnen te bezichtigen.

Ook staat er een van de eerste metrostellen. Keurig opgeknapt en in oude luister hersteld. Nou ja, wat schrijf ik, oude luister. Als je zo’n wagon van binnen bekijkt, dan blijkt dat de reis vroeger stukken simpeler was. Nauwelijks luxe, harde stoelen en banken. En nog maar weinig technische snufjes.

Vroeger ging ik met de tram naar de middelbare school. En toen ik dan laatst in zo’n oude tram stapte, wist ik het meteen weer. De banken, met handgrepen aan het gangpad, de mechanische bel en het bordje “de aandacht van het personeel niet afleiden”.

De bus was ook soberder dan nu. Al zag ik wel dat de vloer toen gewoon egaal was en dat ik nu opstapje op- en af moet in de bus. Het slingeren is nog steeds hetzelfde vrees ik 😉

Even uitpuffen…

Vlak bij de markt en de bibliotheek in de stad staat een enorme lange bank. Gewoon voor iedereen te gebruiken en dat doen heel veel mensen dan ook. Om even lekker bij te praten, om even uit te rusten, een tukkie te doen, om een patatje te eten of de nieuwste aankopen te bekijken.

Zelf zitten wij er ook wel eens op. Dan kijken we naar alle mensen die voorbij gaan. Lang, dun, dik, gehaast of met een bedachtzaam loopje, met of zonder boodschappen, met de benenwagen of op de fiets. Je ziet van alles voorbij gaan. En als het dan zo’n heerlijke, beetje zomerse dag is, niet te warm, niet te koud, klein beetje wind maar niet te veel, dan is die bank al snel vol. En dan kan ik het niet nalaten om een foto te maken.
Lekker Rotterdams plaatje, niet dan….?

Warm….

Nou ja…, had ik het helemaal nog niet over de warmte gehad. Want warm was het, de afgelopen dagen. Het kwik in onze kamer steeg naar 31,5 graden, een absoluut record. Wat deden wij? Nou, niet zo veel. Zitten, langzaam aan naar de keuken, koel water tappen en dan weer zitten. Lezen, computerspelletje spelen, lui zijn. Te warm om iets te doen. Zelfs koken vond ik een opgave, dus aten we vooral salades met veel groente. En ik haakte af voor de wandeling, zoals bijna iedereen van de wandelgroep.

Bron: Google foto’s

Maar eigenlijk vond ik al die heisa over de temperatuur een beetje overtrokken. We hebben natuurlijk ook genoeg tijd en te weinig zorgen om ons hier mee bezig te houden. Want toen de temperatuur het nu verbroken record haalde (23 augustus 1944) was er wel wat anders om je druk over te maken. Er was geen ijs te koop, geen stroom dus ook geen airco, weinig voedsel en slechts op bonnen te verkrijgen. En dan zijn er ook geen berichten over ouderen die met hun voeten in een koel waterbadje zitten en aan ijsjes likken. Geen foto’s van drukke zwembaden of strandmeertjes. Geen leuke plaatjes van frisse jonge meiden in een kekke bikini.

Wel was er een wrede bezetter in ons land, die weinig plezier toeliet. Die doodvonnissen liet uitvoeren, de bevolking onder de knoet hield. En dan wordt je interesse in de temperatuur danig bekoeld. Zelfs zonder airco. Want een vluchtige zoektocht in de kranten bij Delpher leverde op 24 augustus 1944 geen enkel bericht over het warme weer op. Dat is dus andere koek 😉