Ingepakt

Den Haag en Rotterdam, twee steden op maar een korte afstand van elkaar. Maar wat een verschillen.

Rotterdam recht voor z’n raap, een beetje ongepolijst. Doe maar gewoon…..

Den haag een beetje chique, wat afstandelijk en met heel veel decorum.

Waaraan je dat kunt zien? Nou…, bijvoorbeeld aan dit. Een statig gebouw, tot in de puntjes verzorgd. Een hotel, in de kersttijd versierd. Niet met een overdaad aan lichtjes, maar met prachtige strikken. Een tikkeltje bescheiden, als het niet voor elk raam een strik was.

In Rotterdam zou ik me geen gebouw als dit zo kunnen voorstellen. Daar zouden de lichten je van verre toeknipperen en de toon een beetje “over the top” zijn.

Zo’n dichtbij en toch zo anders. Maar daarom juist ook zo leuk om zo nu en dan beide steden te bezoeken.

Souvenirs

Sommige dingen hebben geen woorden nodig. Zoals dit, want die twee verlichte poppetjes vertellen op zichzelf een heel verhaal.

Het zijn Ampelmannetjes, figuurtjes die op de verkeerslichten staan. Niet in Nederland, maar in Berlijn. Eerst in Oost-Berlijn, maar nu zijn ze een symbool voor de stad. En inmiddels is een hele handel in allerlei artikelen (klik) ontstaan.

Ik weet bijna zeker dat de bewoners van dit huis in Berlijn waren en deze lichtjes als souvenir hebben meegenomen.

En toen ik ze zag, daar in die onbekende straat, fladderden mijn gedachten weer naar onze bezoeken aan Berlijn. De sfeer, de indrukken, de verhalen over de Muur.

En toch maar gewoon twee lichtjes, het begin van veel dierbare herinneringen.

Niks

Vorige week reden we even naar de Kralingse plas. Even een stukje lopen, dachten we.

Maar het was mistig en regende.

Wij zijn mooiweer-lopers, dus kropen we snel weer terug in de auto.

Niks te zien, niks te beleven. Miezerig en kil, geen lol aan.

Maar een paar dagen later, wat een verschil…! Een wat waterig zonnetje, maar wat een uitzicht daar aan het water.

Op vrijwel exact dezelfde plek maakte ik een totaal andere foto.

Mist of regen, wat een verschil…!

Toegedekt

Tussen alle moderne en hoge gebouwen, midden in een bruisende wijk, ligt de Historische tuin Schoonoord.

Je stapt de brug over, loopt door het oude hek en… rust! Fladderende en fluitende vogels, eeuwenoude bomen, een verstilde vijver. Je waant je in een buitenplaats. En dat is niet zo gek, want van oorsprong was het dat natuurlijk ook. Een plek buiten de bedompte stegen en straten van het 19e eeuwse Rotterdam te vertoeven. Een plek waar de beter gefortuneerden zich terug konden trekken.

Diverse eigenaren hebben er gewoond en in 1860 besloot de toenmalige eigenaresse de tuin in Engelse landschapsstijl te laten aanleggen. Sommige van de toen aangeplante Libanon ceders en beuken staan er nog steeds.

Het woonhuis bestaat niet meer, maar de tuin is overgedragen aan de Gemeente Rotterdam en is opengesteld voor publiek.

Wanneer werd deze Gunnera aangeplant? Ik zou het echt niet weten, maar gezien de omvang moet het al een vrij oude plant zijn. ‘s-Zomers vormen de geweldige bladeren een absoluut spectaculair hoogtepunt.

Maar Gunnera is niet winterhard en moet dus beschermd worden. En dan is het toch handig dat de plant zelf voor zijn eigen dekentjes zorgt. Moeder Natuur weet het wel….!

Wederopbouw

Lange tijd was Rotterdam een beetje vreemde eend in de bijt van de Nederlandse steden. Er waren meer steden die enorm geleden hebben onder de oorlog en die voor grote delen verwoest waren. Maar het bombardement van 10 mei 1940 sloeg een enorm gat in het hart van de stad en de herinneringen van de bewoners. Voor vele mensen werd in één klap hun verleden weggevaagd.

Bron: De oud Rotterdammer

Toen na de oorlog de wederopbouw met ferme hand werd opgepakt, handelde men niet altijd met “gezelligheid” en “leefbaarheid” in het achterhoofd. Rotterdam werd een stad met veel strakke nieuwbouw, brede straten. Maar ook met een ongezellig imago.

Mijn ouders konden met veel heimwee vertellen over een wandeling over de oude Hoogstraat, de leuke winkels, de mooie etalages. De nieuwe Hoogstraat kon daar echt niet aan tippen. Al zal ook veel met een laagje nostalgie bedekt geweest zijn. Want van andere verhalen herinner ik me de armoe, de kou of het niet hebben van toch noodzakelijke dingen. Maar ja, zo gaat dat vaak met herinneringen.

Maar inmiddels is Rotterdam uitgegroeid tot een wereldstad. Waar veel buitenlanders komen kijken en zich verbazen over de bijzondere architectuur.

Wie niet regelmatig in Rotterdam op zoek komt of niet in de gelegenheid is om er naar toe te gaan, kan via internet ook een heleboel te weten komen. Op dit platform bijvoorbeeld staan heel veel artikelen over verschillende wijken en buurten in mijn stad. Altijd leuk om er eens een kijkje te nemen.

Hoogst

Alles in het leven wordt tegenwoordig een soort wedstrijd. Dus wil elke architect het hoogste gebouw van alles maken.

Dat gebeurt in Dubai, Hongkong, Japan en weet ik waar nog meer. Maar ja, daar is de grond rotsachtig en niet zo slap als in Rotterdam.

Dus moeten we wachten op gebouwen van meer dan 160 verdiepingen in onze stad. Nou ja, zo erg is dat dan ook weer niet.

Voorlopig hebben we hier een gebouw van 215 meter hoog met ruim 60 verdiepingen. En daarmee is het op dit moment het hoogste woongebouw in Nederland. Voor hoe lang? Geen idee….!

Sinds enige tijd vormt het natuurlijk al van verre een duidelijk herkenningspunt. Dus ja, vanuit het park kon je er ook niet omheen. Dat moest ik wel eventjes met mijn telefoontje vereeuwigen.

Ik geloof dat er veel belangstelling voor is, maar wij blijven nog even met onze beide beentjes op de Ommoordse grond wonen 😉

Herkenningspunt

Al tientallen jaren staat bij de ingang van de Ommoordse kinderboerderij een grote kip. Oorspronkelijk wit, maar soms ook door deugnieten bruin geschilderd. Het is een onderdeel van de kunstobjecten in onze wijk.

En natuurlijk is het geliefd speelgoed voor de kinderen die de kinderboerderij gaan bezoeken. Ik schat dat alle Ommoordse kinderen er wel één keer op gezeten hebben.

Maar ook kunstobjecten zijn aan slijtage onderhevig. De kip werd oud, een beetje gammel en wankelde op zijn poten. Dat was toch te onveilig en dus werd hij weg gehaald.

Maar gelukkig is er nu een geheel nieuwe, stevig op haar poten staande witte Barnevelder teruggeplaatst.

Gelukkig maar, want het dier is een prima herkenningspunt. Als wij in het donker op huis aan rijden, is de kip het seintje dat we bijna thuis zijn.

Geen goud…

Vaak genoeg ben ik langs dit gebouw gereden. Niks bijzonders meestal, al zitter er wel een aantal elementen in die ik graag wat verder zou willen bekijken.

Het staat op een hoek van de Burgemeester Oudlaan en het begin van de Maasboulevard in Rotterdam. Het behoort waarschijnlijk tot de campus van de Erasmus Universiteit en is in gebruik als studentenhuisvesting.

Maar toen ik er laatst langsreed en de zon er op een bepaalde manier op scheen, keek ik er even met andere ogen naar.

Ik maakte snel vanaf mijn bijrijdersplaats een foto. Niet echt onscherp, maar ook niet een toppertje. Maar het laat wel zien dat het in dat licht wel even leek te blinken als goud. Of had ik mijn roze levensbrilletje op? Nou ja, doet er niet toe. Een beetje zonneschijn kan je wereldbeeld toch mooi even met goud besprenkelen… 😉