Soms is kleding zo eenvoudig en simpel maar maakt één ding het verschil. Eén knoop of meerdere kunnen een enorm verschil maken. Eén grote zwarte knoop op een vuurrode jas, een hele rij mini knoopjes aan een trouwjapon, we kennen allemaal wel zoiets.
Bron: Google foto’s / Bol.com
Zo had mijn zus al vroeg een heel goed gevoel voor mooi en niet mooi. Ergens in de jaren dertig mocht zij een jurkje uitzoeken. Sowieso al een bijzondere gebeurtenis want kinderen hadden destijds maar aan te trekken wat werd klaargelegd. Maar een gulle tante wilde haar nichtje wel eens extra verwennen. Dus op naar de winkel.
Er bleven op het laatst twee leuke jurkjes over en toen moest de prijs de doorslag geven. Het ene jurkje was aanzienlijk voordeliger, maar Rina bleef bij haar keus. Niet dat jurkje maar die, wees haar vingertje aan. De verkoopster schudde haar hoofd. Dat kleine kind hoefde toch niet haar zin door te drijven.
Waarom wil je dat nou jurkje niet? Toen kwam de aap uit de mouw. “Dat zijn de knopen van mijn vaders ketelpak. Die wil ik niet!” Tja, over smaak viel niet te redetwisten.
Heel veel mensen maken foto’s van waslijnen. Zo’n waslijn doet wat met een mens.
Bron: Instagram / Poetryfamilie
Je ruikt vanzelf de lekker fris in de wind wapperende was. De geur van wasmiddel of -maar dat is minder fijn- de geur van kookwas en soda. Zo’n waslijn maakt vaak ook vrolijk. Sommige kleuren passen mooi bij elkaar of ze vloeken juist enorm.
Deze foto is weer van een heel ander kaliber. In tegenlicht lijkt het wel een knipsel. Met een zich buigende wasvrouw.
Ach, eigenlijk vooral een mooie foto, geschoten op het juiste moment.
Vroeger, thuis hadden wij een koperen bel. En een koperen knop om de deur te openen. Misschien hadden we zelfs wel een koperen brievenbus. Het kwam maar heel zelden voor dat dat allemaal niet blinkend gepoetst was. Het behoorde voor mijn moeder tot het zaterdags ritueel.
Bron: Google fotos/Pinterest
Eigenlijk zie je het nog maar weinig, zo’n mooi gepoetste koperen huisbel. Tegenwoordig zijn het vooral elektrische bellen of zelfs digitale bellen. Geen zacht geklingel, maar een stevige dingdong. Efficiënt, zeker. Maar die glimmende bel en knop, het schone straatje, het was de trots van mijn moeder.
Eerst de mat goed uitkloppen, de deur met water afspoelen en daarna zemen, dan de straat vegen en schrobben. Als de emmer leeggegoten was, bracht ze die naar boven, met de spullen die erbij hoorden.
En dan kwam ze weer terug met het mandje met poetsspullen. Een busje koperpoets, wat heel naar rook, een door de tijd zwart geworden oude lap om de koperpoets aan te brengen. En dan werd alles netjes en glanzend uitgepoetst met een zachte flanellen stofdoek.
En dan kon de deur er weer een weekje tegen, tot de volgende zaterdag.
Of het een architectonische uiting is of niet, dit is een raar balkon. De punten aan de zijkant dienen nergens voor en zijn alleen maar last. Wat doe je daarmee?
Maar daar plaats ik deze foto eigenlijk niet voor. Want ik heb me vooral geamuseerd met de commentaren op Facebook. Een kleine greep uit wat er geschreven werd:
Het is een speciaal eco-systeem. Vogels laten er hun uitwerpselen op vallen, het wordt een smeerboel en ineens heb je schoonmakers nodig.
Voor boze katten / daar willen alleen katten zitten.
Dat is voor onhandige geliefden. Daar kunnen ze zich op verbergen / daar kan je een verboden liefde op verbergen.
Prima geschikt om trompet op te spelen.
Speciaal voor 007 om te wachten tot de kwaaien weer weg zijn.
In Singapore moet je voor zo’n extra plekje ook extra belasting betalen.
Er waren nog veel meer opmerkingen te lezen, maar dit lijkt me genoeg 😉 😉 😉
Een tijdje geleden keken we op Duitse zender NDR naar een uitzending over Rotterdam. En nee, dat was geen gebruikelijke touristentour met de Kubuswoningen, Markthal of zicht op de Erasmusbrug.
In deze documentaire werd ingezoomd op allerlei ontwikkelingen en initiatieven die in Rotterdam ontplooid worden.
Grote en kleine projecten, zoals logeren op het ss Rotterdam, de Rotterdamse dakendagen, Floating Farm, de bedrijven in het voormalig Tropicana. Want er heerst in Rotterdam een grote bedrijvigheid, niet alleen van grote en bekende bedrijven, maar ook diverse start-ups van jonge en ambitieuze mensen, die zoeken naar een ander en vooral duurzamer leven.
Wie wil, kan de uitzending nog streamen, dit is de link.
In Oud Beijerland reed ik langs een rotonde met een heel bepalend beeld. De bomen waren er zo gesnoeid dat er 2000 stond. Dat was me nog nooit opgevallen, maar nu, nu de bomen kaal zijn, werd het ineens heel duidelijk te zien.
Maar ja, ik reed er langs en een foto maken lukte van geen kant. Wat is Google dan toch een mooi fenomeen. Na een beetje stevig zoeken had ik de foto, weliswaar van bomen in volle groei. Maar dat maakte het beeld juist nog mooier.
Ik ben benieuwd of er meer van dit soort bomen zijn.
En als er een hemel mocht blijken te zijn daarginds in die lichtblauwe verte vlak achter die blinkende horizonlijn, verwacht ik toch eerst graag offerte.
Ik ben op de aarde toen ook, indertijd zo argeloos aan komen drijven… nou, ’t is om te dragen, maar niet – tot mijn spijt – om over naar huis te schrijven.
Daarom wou ik eerst wat gegevens zien, en ook graag een lijst met de namen, want kijk, anders wordt het zo pijnlijk misschien: stel dat de Van Klaverens kwamen.
dan moet ik weer opstaan en ostentatief de zaal uitgaan met mijn bazuintje, dat geeft allemaal weer zo’n ongerief en waar moet ik heen? Naar het tuintje?
Met vleugeltjes ben je wel gauw een eind weg, dat is zo, je kunt uit de voeten… maar toch, ik ben bang dat ik Dingen Zeg wanneer ik ze weer zou ontmoeten.
Dus iets als een passagierslijst misschien… prospectus, of iets in die richting, dan kan ik dat op mijn gemak eens bezien vrijblijvend en zonder verplichting.
Annie M.G. Schmidt (Uit: Tot hier toe: gedichten en liedjes voor toneel, radio en televisie 1938-1985, Querido)