Droom

Dromen jullie ook wel eens zo raar? Meestal onthoud ik mijn dromen niet, blijft het bij flarden die weer verwaaien in het ochtendlicht. Maar vannacht droomde ik dat ik op een schip was en naar de tandarts moest.

Bron: Pinterest

Ik zou een gebit krijgen, maar al mijn tanden mochten wel blijven zitten. Eerst moest ik happen en duwde de tandarts een hele metalen stellage in mijn mond. Ik kon niets meer zeggen en kreeg mijn kaken niet meer op elkaar. De tandarts schoof me een foto toe. Kijk, zo zal zo zou het worden. Vagelijk herkende ik een werk van de Chinese kunstenaar Yue Minjun.

Zoiets als dit….. Gelukkig werd ik toen wakker!

 

La famille Bélier

Afgelopen vrijdag gingen we naar deze film: La famille Bélier. Een Frans boerengezin met twee kinderen, een jongen en een meisje. Niks bijzonders, ware het niet dat zowel de ouders als de zoon doof zijn. Alleen de dochter kan horen en praten. En zij zorgt voor de communicatie met de buitenwereld. Thuis “spreekt” ze met haar ouders gebarentaal, op school is ze gewoon een leerlinge. Maar alles wordt anders als blijkt dat ze talent heeft en de kans krijgt een zangopleiding te gaan volgen. De strijd die Paula met zichzelf voert, haar trouw aan haar ouders, hun zorgen, angsten en onbegrip én de drang om een eigen leven te gaan opbouwen, het komt allemaal aan bod. Misschien een beetje erg uitvergroot, maar wel heel ontroerend. 

Maar gelukkig is er altijd muziek, in dit geval de muziek van Michel Sardou. Want als alles verloren lijkt, is er nog altijd Sardou.

Geurtje

’s Morgens een lekker luchtje opdoen, dat vind ik zalig. Aangekleed en klaar om weg te gaan en dan nog even een beetje eau de toilette spuiten. Maar ook douchen met een fris geurende doucheschuim vind ik heerlijk. Of uitgebreid badderen in luxe schuim. Gewoon, omdat het me  

een beetje vrolijker maakt. En dan hebben romantische bloemengeuren mijn voorkeur. Zoals Japanese Cherryblossom van de Bodyshop. Een zacht, voorjaarsachtig luchtje. Goed begin van de dag!

Ken je dit nog?

Ken je deze nog? Zo’n schrijfmachine met een rood/zwart lint, op van die metalen rolletjes. Zo’n lint dat soms van al te veel gebruik bijna uit elkaar viel. Waar de letters op het laatst bijna onleesbaar waren. Wazig grijs en roodachtig. En dat natuurlijk altijd net op was, als je het razend druk had. Dan begon het gepiel. Het lint eraf halen en in de prullenbak laten vallen.  

Het nieuwe lint op de lege spoel haken en zorgen dat het goed liep. Je vingers helemaal onder de inkt, zodat je ook nog even je handen moest wassen. En als je pech had, zat je nieuwe bloesje ook nog onder…  Och, och, goeie ouwe tijd. Toen we nog niets wisten van printers en computers en e-mail. Toen we nog zo ongelofelijk jong waren…….

De haas met de amberkleurige ogen

Op aanraden van Bettie en Wieneke dit boek in de bieb aangevraagd. Alleen kreeg ik niet deze titel, maar “Het knoopjeskabinet”. Gelukkig ging het om hetzelfde boek, wel een oudere uitgave.
De eerste paar bladzijden was ik enigszins verward, omdat ik niet goed wist wie wie was. Maar de stamboom hielp me op weg en allengs vond ik het zo mooi, dat ik er maar met moeite los van kon komen.

Edmund de Waal beschrijft zijn familiegeschiedenis zo levendig en echt. Je kunt bijna de geur ruiken die in de 19e eeuwse kamers hangt en je voelt de aanwezigheid van hun vrienden, zoals Proust, Monet, Manet, Renoir, Degas.
In die tijd is handel met Japan nog maar net mogelijk en daar vinden kunsthandelaren de mooiste dingen. Die dan weer grif in de handen van rijke kunstliefhebbers overgaan. Zoals de netsukes, kleine beeldhouwwerkjes in ivoor of glanzend hardhout,  die dienen als een soort knopen aan een kimonoriem.

Na verloop van tijd komen de netsukes in het bezit van een familietak in Wenen, waar ze een beetje uit de toon vallen en onopgemerkt blijven. Alleen de kinderen bekijken de netsukes met een eigen en liefdevolle blik. De rijke Joodse familie ontkomt niet aan het nazi-geweld en moet vluchten, met achterlating van alle kunst en kostbaarheden. Alhoewel, de hele verzameling netsukes wordt wonderbaarlijk gered en komt via omwegen weer terug bij de familie. En via een even wonderlijke speling van het lot weer terug in Japan, al is dit nog niet het eindstation.

Een prachtig boek over kleine, maar schitterende kunstwerkjes.

Handig?

Of het nou echt handig is, dat weet ik niet. Misschien is het wel als gisteren “volkomen overbodig”. Maar dat je de vloer kunt stoffen door er over te dansen, dat trok me toch wel aan. Stel je voor, een gepassioneerde tango of een lekker wilde chachacha! Moet natuurlijk wel voorzichtig gebeuren, want voor je het weet lig je op je snoet.Maar het idee alleen al vind ik hilarisch! 😉 😉