Afgelopen zaterdag werd voor de 28e keer het Zomercarnaval in Rotterdam gehouden. Met een bescheiden zon, maar met veel muziek, dans en kleur. Wij stonden bijna vooraan en konden alles goed zien en fotograferen.
Hier een impressie:
Een hele CD met oude foto’s van Rotterdam bracht een vriend voor ons mee. Hij had ze weer via via gekregen. Van straten en pleinen in een stad zie wij niet meer gekend hebben, of soms nog heel vaag herkennen.
Van straten met nauwelijks auto’s, met vele herinneringen aan wat al weer een lange tijd geleden is.
Zoals deze. Het is de straat waar ik woonde totdat ik het ouderlijk huis verliet. Ons huis staat er niet op, maar wel de kruidenier/waterstoker van de Hefbrug, de poort naar het gymlokaal en de melkwinkel verder op de hoek.
De foto stamt uit 1956. Ik deed mijn ogen dicht en was weer 8 jaar oud, met een grote witte strik in mijn haar en een rood portemonneetje in mijn hand. Boodschappen doen voor mama. Even maar, toen zat ik weer in de realiteit. Toch leuk, zo’n dagdroom.
Ik ben benieuwd welke bruggen-foto’s er deze week zullen worden ingestuurd bij Stuureenfoto.
Een brug is toch vaak een belangrijk deel van een stad of dorp, het vormt de verbinding tussen twee oevers en er zullen dus wel heel veel foto’s van gemaakt worden.
De foto hieronder werd gemaakt vanaf de Erasmusbrug, van waar je de Willemsbrug kunt zien en een stuk van “De Hef”. Het is dus wel een typisch Rotterdams plaatje geworden. Klik op de foto voor een vergroting.
Je zult maar chauffeur van zo’n enorme vrachtwagen zijn en ergens in Rotterdam een lading moeten afleveren. Door allerlei opbrekingen en omleidingen hebben die mensen soms toch grote problemen.
En als hij dan bij het adres aangekomen is, is er geen plek om je vrachtwagen te parkeren. Het is soms passen en meten, en vaak kielekiele. Gisteren zag ik op de Coolsingel eerst een grote vrachtwagen met zand, die zijn lading kwijt moest. Hij werd tenminste nog geholpen door een verkeersregelaar. Maar even later had de chauffeur van McDonalds zijn enorme truck op de stoep neergezet. De verse burgertjes moeten uiteindelijk toch bezorgd worden, nietwaar?
Tweehonderd meter verder stond de wagen van Deli XL half op de stoep en op het fietspad. Waar die spullen afgeleverd moesten worden, weet ik niet.
Nee, ik benijd ze niet de chauffeurs van die grote wagens. En ik probeer een beetje consideratie met ze te hebben.
Elk jaar zijn er weer hordes mensen die zich in het zweet lopen voor de Marathon van Rotterdam. Ik weet dat ze er heel lang en heel intensief voor hebben getraind en dat dwingt op zich alleen maar bewondering af. Zelf zie ik het me niet (meer) doen. Ik heb altijd al de p… gehad aan hardlopen, dus ik hou het bij wandelen. Maar voor al die stugge volhouders en doordouwers gaat mijn petje af. Misschien ga ik vanmiddag wel even kijken hoe vriendin Dorothé het er af brengt. Zij schrijft regelmatig over haar hardloophobby en morgen staat ze hopelijk moe, maar glunderend op haar blog. Dan heeft ze dit parcours helemaal en binnen de tijd uitgelopen (klik op de foto voor een goed leesbare kopie)
Er was een tijd dat je niet eens kleurenfoto’s had. Alles was in zwart-wit en foto’s werden maar mondjesmaat gemaakt. Er zaten 8 of 12 foto’s op een rolletje. Daar sprong je zuinigjes mee om, want een afdruk was heel erg duur.
Ja, ja, en nu tante Els toch uit de oude doos vertelt, heeft ze meteen een mooie nostalgische foto van de straat waar ze geboren werd te voorschijn getoverd. Want hier, in de Van Lennepstraat in Rotterdam zag ik het levenslicht.
Van wanneer deze foto dateert, weet ik niet. Hij is misschien nog wel ouder dan ikzelf. Er staan nog zo weinig auto’s, maar wel een bakkerskar. In het gebouw links zat Van de Meer & Schoep, de bakker. Op zolder werden zakken meel opgeslagen. Soms zag de stoep er helemaal wit. De straat ziet er allang heel anders uit. Ach ja, tijden veranderen.
Deze foto kreeg ik deze week toegestuurd. Hoe toepasselijk, want het thema bij Stuureenfoto is ook al zwart-wit.
Met de zon en die prikkelende vrieslucht was het gisteren heerlijk wandelen. En op de singels hier in de buurt werd ook al druk geschaatst. Maar op de Rotte, dat leek ons toch nog wat te voorbarig, al werden er wel baantjes voorbereid.

Een enkele waaghals ging alleen op schaatstocht. Totdat even later, ja hoor.. “Help, help”. Daar lag ie in een wak. Er stonden mensen aan de kant te kijken, probeerden te helpen, maar hoe? Godzijdank kon hij er zelf uitkomen. Snel terug naar huis, naar een warme douche waarschijnlijk.
In dezelfde krant las ik dat de meeste relschoppers op 1 januari nog niet uit hun roes waren ontwaakt en dus geen taakstraf konden uitvoeren. Wat zijn we toch een softies aan het worden. Bij ons thuis was de leus: ‘s-avonds een vent, ‘s-morgens een vent. Brak of niet, ze hadden moeten werken. Dat helpt een kater te verdrijven.