De Kleine Aarde

Zo ongeveer 1974-1975 luisterden man en ik naar een lezing door Sietze Leeflang, over het project De Kleine Aarde.

Het maakte diepe indruk. Hij vertelde toen dat er minimaal 8 kilo graan moet worden verbouwd om 1 kilo vlees te kunnen produceren, waardoor er een enorme verspilling ontstaat. Hoe milieubelastend de kassen zijn en hoe we beter met het milieu zouden moeten omgaan, zodat we de aarde in goede staat aan onze kinderen kunnen overdragen.

We werden prompt vegetarisch, gebruikten recycled papier en werden zuinig met energie. Jarenlang wilde ik geen koffiezet-apparaat, maar gebruikte ik  een Melitta-filter.

De ideeën van Sietze Leeflang en de Kleine Aarde zijn al lang niet meer “geitenwollen-sokkenpraat”, maar worden nu gretig omarmd door “groene” politici.

Aardbeientrifle

Graag had ik hier een filmpje van “NRC Kookt” laten zien, maar helaas lukt mij dat niet. Maar wie wil kijken: klik hier

Voor 2 personen:

  • 1 klein bakje aardbeien
  • 2 eetlepels limoncello
  • 3 eetlepels mascarpone
  • een scheutje melk
  • 2 – 3 theelepels poedersuiker
  • 6 cantuccini (Italiaanse amandelkoekjes)
  • 1 eetlepel amandelschaafsel

Maak de aardbeien schoon en halveer ze. Schep ze samen om met de limoncello en laat een half uur marineren.

Klop de mascarpone luchtig op met een elektrische mixer en voeg zoveel poedersuiker toe als je lekker vindt en een scheutje melk om de room iets te verdunnen.

Breek de cantuccini in stukjes en verdeel ze over twee mooie glazen. Verdeel er de gemarineerde aardbeien over en vervolgens een schep mascarpone. Zet de glazen een uurtje in de koelkast.

Rooster het amandelschaafsel lichtbruin in een koekenpan.

Bestrooi de trifle met het amandelschaafsel.

Dag opa

Ik denk dat het in de vierde klas van de lagere school was, dat wij regelmatig “kwekelingen” hadden. Jongens en meisjes van de kweekschool, die het vak van meester of juf moesten leren en praktijkervaring kwamen opdoen. Zo ook meester Mensonides. Een lange jongen (maar in mijn ogen toen al een man) die trots vertelde dat hij van Griekse afkomst was. Ik vond hem best wel aardig in het begin.

Ik denk dat het in de vierde klas van de lagere school was, dat wij regelmatig “kwekelingen” hadden. Jongens en meisjes van de kweekschool, die het vak van meester of juf moesten leren en praktijkervaring kwamen opdoen. Zo ook meester Mensonides. Een lange jongen (maar in mijn ogen toen al een man) die trots vertelde dat hij van Griekse afkomst was. Ik vond hem best wel aardig in het begin.

Op een dag stonden de klassen allemaal al in de gang, klaar om naar huis te gaan. Zes keer zo’n dertig meisjes, met hun hoge stemmetjes. Die tegen elkaar kwebbelden dat horen en zien je verging. En het galmde zo in die betegelde hal. Meester Mensonides kwam de klas uit, met zijn regenjas aan en een aktetas onder de arm. Hij voelde zich heel wat, dat kon je van zijn houding aflezen, al had ik dat toen niet zo in de gaten. . Onder het langslopen riep hij luid: “Daaaaag, omaatjes, tot morgen.” “Dag opa,” riep ik luid en duidelijk boven al het geroezemoes uit. .

Met een ruk stond hij stil. Hij draaide zich om en zijn ogen schoten vuur. “Wie riep dat?” “Ik,” zei ik en stak mijn vinger op. “Hierrrr komen,” wees hij. Ik liep naar voren, me van geen kwaad bewust. Hij pakte me bij de arm en trok me de gang door, op weg naar het lokaal van het hoofd der school. Kortaf vertelde hij haar wat gebeurd was en bleef staan om haar reactie te peilen.

Het schoolhoofd was een rijzige dame, met gezag en charisma. Ze overzag de situatie onmiddellijk. Misschien vond ze hem ook wel een blaaskaak, die nog veel moest leren. Mij kende ze redelijk goed en ze wist dat ik geen kwaad in de zin had, maar slechts een grap met een grap wilde beantwoorden.

“U kunt wel gaan,” sprak ze afgemeten. “Ik zal dit afhandelen, daar kunt u gerust op zijn.”

En daar kon meester Mensonides het mee doen. Enigszins teleurgesteld verliet hij het lokaal.

“Els toch,” sprak het hoofd ernstig. “Je mag toch geen opa tegen de meester zeggen?” Haar ogen twinkelden en heel even kroop een zweem van een glimlach om haar mond. “Maar hij zei toch ook oma tegen ons?” “Ja, goed, maar….” Ze dacht even na. “Daar houden meesters niet zo van. Zul je het onthouden?” Ik knikte. “En morgen breng je me een blaadje waarop je twintig keer hebt geschreven: ik mag de meester geen opa noemen.”

Tegen meester Mensonides vertelde ik de volgende dag dat ik strafregels had moeten schrijven. Hoeveel en over wat er verder nog was gezegd, liet ik me niet uit. Tussen meester Mensonides en mij is het nooit meer goed gekomen, maar met jhet hoofd heb ik altijd een prima verstandhouding gehad. Ze was streng, maar rechtvaardig, maar bovenal had ze gevoel voor humor!

Op een dag stonden de klassen allemaal al in de gang, klaar om naar huis te gaan. Zes keer zo’n dertig meisjes, met hun hoge stemmetjes. Die tegen elkaar kwebbelden dat horen en zien je verging. En het galmde zo in die betegelde hal. Meester Mensonides kwam de klas uit, met zijn regenjas aan en een aktetas onder de arm. Hij voelde zich heel wat, dat kon je van zijn houding aflezen, al had ik dat toen niet zo in de gaten.
Continue reading

Spreuk van de week (23)

Laten we de week beginnen met een spreuk. Grappige gezegden om te (glim)lachen of wijze woorden om te overdenken. Elke maandag vind je er hier een. Ook deze week dus weer:

Elke gedachte die in de ziel valt, is een zaadje dat ontkiemt en in stilte verder groeit.
Boeddha

Spelletje #23

Vorige week stonden hier allemaal verschillende “verkeerslichtmannetjes”. Helaas heeft niemand gevonden bij welk land ze horen. Toch is het allemaal op internet terug te vinden, maar dan moet “verkeerlichtmannetje’ wel vertaald worden.

Ik laat de opgave staan, wie weet vindt iemand toch nog de antwoorden.

Klik op de foto voor een grotere afbeelding

Deze week laat ik drie ernstig kijkende Nederlandse heren zien. Ik wil graag weten wie ze zijn en wat zij met elkaar gemeen hebben.

Antwoorden kunnen, uitsluitend per e-mail, worden gezonden aan: spelletje@knutzels.nl

Jean Ferrat

Pas vorige week las ik dat op 13 maart jl. Jean Ferrat op 79 jarige leeftijd was overleden.
Hij had een voorliefde voor poëzie, met name van Louis Aragon, een prachtige sonore stem en nogal linkse sympathieën.  Klik op de foto hieronder om een opname te openen van al heel lang terug. Maar het chanson is nog steeds even prachtig.

Héél oude kranten

Vroeger hadden wij een buurman die elke dag de hele krant naploos op belangrijke berichten. Hij knipte die uit en bewaarde ze in grote dozen. Geen idee of hij er nog vaak in terugkeek.

Maar had hij nu nog geleefd, dan hoefde hij niet meer zoveel moeite te doen. Want dankzij internet zijn kranten over een periode van 400 jaar nu in te zien op de site van de Koninklijke Bibliotheek.

De kranten zijn gescand en kunnen dus “gewoon” gelezen worden. Met een beetje moeite kun je nog eens wat oude reclames bekijken, zien hoeveel iets in 1932 kostte of familieberichten terughalen.

Recept: sperziebonensalade

Italiaanse sperziebonensalade

(4 personen)

450 gram gekookte sperziebonen

1 rode ui, in ringen

2 eieren, hardgekookt en fijngehakt

Dressing:

  • 1 eetlepel (wijn)azijn
  • 1 eetlepel citroensap
  • 6-8 eetlepels (olijf)olie
  • zout en peper
  • 1 teentje knoflook
  • ½ theelepel vers gehakte oregano of bonenkruid

Een heel simpel recept, goed voor een lome warme dag!

Maak de dressing en schep de uiringen met de sperziebonen er luchtig door.

Bestrooi met de gehakte eieren.

EET SMAKELIJK!!

Uit: Gezond eten zonder vlees

Lekkere thriller

Als het weer tegenzit in de vakantie, kun je natuurlijk altijd nog een goed boek lezen. Maar na een week was de meegenomen voorraad uitgelezen.

Mijn kennis van de Duitse litteratuur is niet zo groot en ik wilde me ook niet al te veel verdiepen in moeilijke boeken. Maar in een boekhandel in Neubrandenburg vond ik een boek bij de ramsj, waarvan de omslag was getooid met een Japanse zwaardvechter. En dat me leek toe te schreeuwen: LEES ME.

Het bleek een schot in de roos. “Tod am Rashomon Tor” is een heerlijke thriller, spelend in het feodale Japan van de 11e eeuw. De resterende avonden werden dan ook doorgebracht met Akitada en zijn helper Tora, tot leven gewekt door Ingrid J. Parker. En dat niet alleen, we gingen nog een keer terug om ook het andere boek te kopen: “Der Prinz van Shadoshima”. Dit was zo mogelijk nog spannender en heb ik ook in één adem uitgelezen.

Helaas zijn Parker’s boeken (nog) niet in het Nederlands vertaald. Maar op haar site staan nog veel meer titels.  Binnenkort toch eens op zoek of ik er hier iets van kan vinden.

Het bleek een schot in de roos. “Tod am Rashomon Tor” is een heerlijke thriller, spelend in het feodale Japan van de 11e eeuw. De resterende avonden werden dan ook doorgebracht met Akitada en zijn helper Tora, tot leven gewekt door Irene J. Parker. En dat niet alleen, we gingen nog een keer terug om ook het andere boek te kopen: “Der Prinz van Shadoshimo”. Dit was zo mogelijk nog spannender.

Helaas zijn Parker’s boeken (nog) niet in het Nederlands vertaald. Binnenkort toch eens op zoek of ik er hier iets van kan vinden.