Brilletje

Bettie vroeg zich af waar mijn rode brilletje gebleven was. Was ik het kwijt geraakt, was het kapot…?

Nee hoor, het lag gewoon boven op mijn werkkamer. Tussen de papiertjes en de andere rommel. Dat brilletje heb ik nodig om te lezen of zo. Maar gebruik ik het niet, dan schuif ik het boven op mijn hoofd. En zo komt het nog wel eens ergens anders terecht, want op een gegeven moment gaat dat brilletje in mijn haar me irriteren en leg ik het opzij.

Och, het is maar gewoon een brilletje van de HEMA. En ze kosten geen kapitalen, dus heb ik her en der zo’n brilletje liggen.
En kies ik ook telkens voor een ander kleurtje.
Een zwarte voor bij de computer, een kleine smalle roestbruine als ik knutsel.
En in mijn gele tasje zit een geel brilletje. Dat rode brilletje lag gewoon niet op z’n normale plek.

En dan heb ik op de slaapkamer ook nog een wat chiquere van de opticien, maar die is om TV te kijken als ik mijn lenzen uit heb. Wat een luxe toch, al die brillen. Maar dan moet ik wel ze altijd netjes op hun plek leggen.

Voorspellen

Dit jaar is een heel vreemd jaar. Met nieuwe regels, een nieuw “normaal”, nieuwe vormen van werken, onderwijs en contact met familie, vrienden en kennissen.

Wie had dat kunnen bevroeden? Ik geloof niet dat er één koffiedikkijker is geweest die dit heeft aan zien komen. We meenden dat de wereld maakbaar was, dat we leven tot in het oneindige zouden kunnen rekken, de dood uit konden bannen of tenminste ver voor ons uit zouden kunnen schuiven. Maar nee, die dromen (of nachtmerries?) worden nu wreed verstoord.

Wie kan in de toekomst kijken? Ik niet, niemand kan het. We kunnen het een klein beetje sturen, maar onverwachte dingen komen altijd om de hoek kijken. John Lennon wist het al: “Life is what happens when you are making other plans”

En afgelopen zondag hoorden we Rick Nieman in WNL op zondag zeggen: “voorspellen is altijd moeilijk, vooral als het de toekomst betreft.”

Kijk, dat bedoel ik!

Laurenskerk

Tijdens het bombardement op Rotterdam werden niet alleen heel veel huizen vernietigd, ook de Grote of Laurenskerk werd zeer ernstig beschadigd. Lang heeft de kerk in de steigers gestaan, maar gelukkig is ze nu weer in volle glorie te bewonderen.

Er moest natuurlijk heel veel opnieuw gebouwd en gemaakt worden. Zo ook de gebrandschilderde ramen. En hiervoor werd glazenierster Gunhild Kristensen gevraagd. Zij ontwierp drie prachtige ramen. Je zou toch denken dat de kerkleden daar zeer verguld mee waren. Maar nee, in de jaren zestig besloot de conservatieve tak van het kerkbestuur, dat zulk monumentaal werk door een man gemaakt diende te worden. Dus gaf -heel terecht- mevrouw Kristensen de opdracht terug. Slechts één raam werd geplaatst.

Gelukkig dacht men anno 2014 wat vooruitstrevender en werd geld opgehaald om alle drie ramen alsnog te plaatsen. En nu kan men ze bewonderen, want ze zijn prachtig. Alsnog gerechtigheid.

Bron: Google afbeeldingen

Boek

Zou je het herlezen van een boek ook recyclen kunnen noemen? In dat geval is dit een heel duurzaam boek, want ik las het al vele malen. Hoe vaak al? Ik zou het niet weten, maar in ongeveer 60 jaar toch zeker al een keer of acht of negen. Misschien zelfs wel meer.

Ik begon er in omdat mijn zus het zo mooi vond en het -toentertijd- drie dikke delen waren. Je begrijpt dat ik toen nog veel te klein was om zulke grotemensen-boeken te lezen. Maar ik had zo’n letterhonger dat ik alle onbegrepen passages toch doorspitte.

Waarom de scheiding van een katholieke veearts zoveel ophef veroorzaakte, geen idee. Wat er in sommige delen verteld en geroddeld werd, ik begreep het niet. Maar van lieverlee en na een aantal keren lezen, snapte ik natuurlijk wel waar het over ging. En wat voelde ik me dan toch volwassen worden… 😉

Nu lees ik het weer en ook dit keer boeit het me. Ik ken langzamerhand wel de pointes van alle gebeurtenissen. Maar toch, het leven van een veearts in het Brabant van de jaren 30 is nog steeds lezenswaard en goed beschreven. De kleinburgerlijkheid van de mensen, de strijd om het bestaan van de boeren en de macht van de katholieke kerk blijft interessant. Misschien juist wel in deze tijd. Hoeveel narigheid ook. je kunt er altijd weer bovenop komen.

Angst

Zo langzamerhand lijkt de angst ons in zijn greep te houden. Angst om ziek te worden, om dood te gaan. Dat is op zichzelf niet zo raar. Niemand wil dood gaan, al is dat onze enige zekerheid in dit leven.

Maar al die maatregelen die onze vrijheid beperken, maken ons tot angstige wezens. We durven niet meer gewoon bij elkaar te zijn. We zijn bang om om huidcontact te maken, dus kijken we weg als iemand in de supermarkt geholpen moeten worden.

We durven onze kinderen niet meer te knuffelen, te zoenen, even op de rug te slaan. Erger, we zien onze kinderen zelfs niet meer, alleen nog maar via een digitale verbinding.

Zo nu en dan hoor of lees ik reacties, waarvan ik het koud krijg. “Pas op, raak dit niet aan. Weet je wel hoeveel handen dat vastgehouden hebben? Is dat apparaat wel ontsmet? Koop jij nog gewoon schepijs?”

Even een blaadje inkijken bij de supermarkt lijkt voor sommigen een zelfmoordactie. Alles wordt afgewassen, ontsmet. Post niet verzonden of geopend, want misschien….. Het begint in mijn ogen hysterische trekjes te vertonen.

Zelf probeer ik, mijn sterrenbeeld indachtig, de gulden middenweg te vinden. Als ik wandel, wil ik niet in de berm kruipen of me gedragen alsof de tegemoetkomende man of vrouw een schurftige hond is. Ik passeer op de grootst mogelijke afstand, maar of dat nou anderhalve meter is…? Ik zeg nog vriendelijk gedag in plaats van afwerend mijn hoofd om te draaien.

Hopelijk komt er een tijd dat we allemaal weer gewoon gaan doen. Of zullen we de angst voor Corona dan inruilen voor een andere angst? Omdat we er zo aan gewend zijn, smetvrees is verworden tot een normale karaktertrek? Ik hoop toch van harte dat het zover niet zal komen.

Muzikale maandag

Dit chanson bestaat uit allerlei fragmenten, die bij een ieder thuis zijn opgenomen. De tekst is aangepast, de muziek is van Georges Brassens. Er staat een Engelse vertaling onder, maar we begrijpen het ook wel zonder de tekst te begrijpen. Tederheid hebben we nodig, de aanraking om je te bemoedigen, te belonen, om zo maar even te laten weten dat er om je gegeven wordt. In de tussentijd moeten we het hebben van dit soort gebaren, opgenomen en met liefde doorgegeven.

Genieten

Ondanks alle narigheid van deze tijden, voel ik me beslist niet ongelukkig. Reizen is heerlijk, maar thuisblijven heeft ook z’n charme. En ik ben van nature optimistisch. Er komen betere tijden, daar ben ik van overtuigd.

In de tussentijd moet je natuurlijk zien te vermaken. Ik heb mijn hobby’s, ik lees eens een boek en speel een spelletje op m’n tablet.

Natuurlijk gaan we zo nu en dan even wandelen. En dan valt op hoe helder de lucht nu is. Van het zuiverste blauw. De net ontluikende takken steken er mooi bij af. En dat is echt genieten.

Glazen bol

Het nieuws over het virus begint een beetje af te nemen. Of zijn we murw van alle statistieken, cijfers en narigheden? Ik volg het nieuws al langere tijd niet meer op de voet.

Maar nu komen anderen met hun berichten. De betweters, de “ik had het al voorspeld”roepers, de beste stuurlui, die aan wal staan en oh zo goed weten hoe het allemaal geregeld had moeten worden.

Dat er zo’n enorme pandemie aan zat te komen, verbaasde me niks. Op de een of andere manier moet er weer een nieuw en beter evenwicht in de natuur komen. De Spaanse griep maakte meer dan 50.000.000 (vijftig miljoen) slachtoffers. En dat is nog maar een vrij bescheiden schatting. Het kunnen er ook twee keer zoveel zijn geweest. Hoeveel slachtoffers zullen er dan nu vallen? Is het nu nog maar een schijntje en zal er in de toekomst met nog veel grotere getallen gerekend moeten worden? We zijn geneigd te geloven dat de wereld maakbaar is, maar of dat ook zo is…?

Niemand die het weet…! Toch hoor je nu al mensen beweren dat het allemaal van te voren bekeken had moeten worden. Zo lees ik vaker dat er veel meer IC-bedden hadden moeten zijn. Ik vraag me dan altijd af of ze wel enig idee hebben hoe een IC-kamer er uit ziet. Welke apparatuur er aanwezig is en vooral welk prijskaartje er aan zal hangen. Ik schat dat je met 100.000 euro niet erg ver van de waarheid bent, maar ik weet echt niet of dat een redelijk bedrag is. Misschien is het zelfs hoger. Maar dat je met een paar IC-bedden al gauw richting een miljoeneninvestering gaat, lijkt me wel. Laat staan dat je eist om honderden meer bedden….!

Bron: Google afbeeldingen

Geloof me, ik weet heus wel dat de bezuinigingen in de zorg niet altijd helemaal terecht waren. Het had echt beter gekund en ik hoop dan ook dat we in de toekomst meer geld voor de zorg zullen uittrekken. En meer waardering zullen hebben voor de handen aan het bed.

Dat de managers zich wat bescheidener gaan opstellen bij de salarisvaststelling.

Maar laten we asjeblieft ophouden met het allemaal beter te weten. Niemand beschikt over een goed werkende glazen bol en achteraf praten is zo gemakkelijk. Wie alles van te voren weet, komt met een euro de wereld door.

Fijne Paasdagen

Het wordt thuis zitten, werken in de tuin, opruimen.
Alle kranten met het C-nieuws doorbladeren of het nieuws het nieuws laten en een heel ontspannend boek lezen in je luie stoel.

Wat het ook wordt, maak het gezellig met elkaar en geniet van de het mooie weer.

Ook in de rare C-tijd, wens ik iedereen heel gezellige Paasdagen.

Wit goud

Vroeger, toen ik nog aan de hand van moeder en vader, op vakantie naar Brabant ging, was het altijd vaste prik. Eerst asperges eten. Als ze erg duur waren in die tijd, kreeg ik alleen aspergesoep. Maar soms lagen de witte stengels in het gelid op mijn bord.

Asperges zijn er maar kort en dus moet je ze eten als ze er zijn. Vorige week kocht ik ze bij de grootsuper. Vraag me nou niet hoeveel ik daarvoor betaalde, want in deze vreemde tijd doe ik mijn boodschappen met een lijstje in mijn hand. Geen acht slaand op bonus of reclame, leg ik mijn zaken in de boodschappenkar. Ons geld besteden we nu aan niet veel meer dan de dagelijkse boodschappen.

Maar donderdag waren de asperges bij Appie uitverkocht. Pas ’s middags zouden nieuwe komen. En nog een keer in die rare boodschappenmodus, nee… Dan maar een alternatief voor de zondagse maaltijd.

Toch moest ik gisteren nog een keer naar het winkelcentrum en dus keek ik nog even in de supermarkt. Weer niks, maar verderop zit een groenteboer. Die bezoek ik zeer zelden, want hij is nogal aan de prijzige kant. Ik vroeg even, op de juiste afstand uiteraard, of hij asperges had. Jazeker, natuurlijk mevrouw. Dus wachtte ik netjes voor de winkel op mijn beurt om binnen te mogen. Ja, daar lagen ze. Mooie dikke roomwitte asperges. Hoeveel wilt u? Nou ja, een stuk of eh…. toen zag ik de prijs. Of ik even ook roomwit uitsloeg weet ik niet, maar slikken deed ik wel. Doet u maar… even aarzelde ik. Doet u er maar 8, zei ik resoluut. Het totaal bedrag benam me nog even de adem.

Er komen straks nog vele dagen met genoeg vrije tijd om over die exorbitante prijs na te denken. Maar mijn schoondochter heeft gelijk, dat is geen groenteboer, dat is een groentenjuwelier.