Alweer wachten…

Ja hoor, ook vandaag was het wachten geblazen in Rotterdam. Nu liep iedereen te hoop om koningin Maximá te zien, die de nieuwe Markthal kwam openen.
Wij volgden het via de TV. Jammer genoeg viel op het moment suprême het beeld stil en stond de koningin als bevroren voor een levensgrote weegschaal.De spetterende muziekshow hebben we weer wel gezien.

Maar nu kunnen we dus van allerlei verse waar kopen in een werkelijk schitterende markthal. Net als in Budapest, Barcelona en vele andere steden, maar wel van een grootse allure. Een immens gebouw met een heel  bijzondere plafondversiering. Een prachtig bouwwerk, waar Rotterdam zeker trots op mag zijn!!

Bron: Koninklijk Huis

Wachten

Waar staan deze mensen toch zo geduldig op te wachten? Het is nog een beetje mistig en tamelijk vroeg. Sommigen weten het wel, het kan nog wel even duren. Die zijn er bij gaan zitten en kletsen wat.

 

Ze staan op het havenhoofd in Vlaardingen, waar je mooi zicht hebt op het grootste cruiseschip van de wereld, dat voorbij komt varen. En na een uurtje is het dan zover. Een schip, zo groot dat het je bijna niet voor kunt stellen. Een varende flat, die zowat de hele Nieuwe Maas in beslag neemt.

Op weg naar Keppel Verolme B.V., waar alle tapijten vernieuwd zullen worden en ook diverse technische reparaties zullen worden uitgevoerd. En ja, dat kon alleen in Rotterdam 😉 😉 😉

Herfst

We zijn verwend dit jaar met mooie zonnige dagen. Toch zullen we er ook aan moeten geloven, zachtjes schrijdt het jaar verder en komt de kou er aan.

Maar je moet dichter zijn, om het zo mooi te verwoorden: 

Ik voel in mij september weer
hoe dagen korten en de zomer
mat aan mij het leven lomer
toont en geurt naar ommekeer

de zon is nu de zon niet meer
maar schijnt nog slechts een onderkomen
vale kleur – zoals de bomen
legt zij zich bij minder neer

de dichter klemt zich aan zijn pen
en haalt het woordje ‘herfst’ van stal
hij schrijft van schoonheid in verval

want net als ik in mij herken
dat ik zoals seizoenen ben
besef ik wat er komen zal.

© bert deben
Antwerpen, 28 aug. 1999

 

 

Rotterdam

Rotterdam is niet alleen de stad, het is ook het grote schip, dat nu al weer een aantal jaren aan de kade ligt en dienst doet als hotel/congrescentrum. Al zijn we daar nog nooit op geweest, moet ik bekennen. Waar we wel waren, is De Rotterdam. Het grote gebouw bij de Erasmusbrug, dat door Rem Koolhaas ontworpen werd en een stad op zichzelf genoemd kan worden.
Vorige week kregen we er een rondleiding. Daarbij hoor je allerlei weetjes en details, die je anders nooit van z’n leven gehoord zou hebben. Dat het gebouw op palen staat, die nog gesteld kunnen worden, zodat het niet voorover in de rivier plonst. Hoe snel de lift gaat en dat er een speciaal computerprogramma is, dat die lift bedient. Zodat je niet al te lang op je lift hoeft te wachten en hij niet voor jou alleen naar boven of beneden gaat, maar berekent op welke verdieping er nog meer mensen wachten. Dat de ruimte zo gemaakt is, dat je door kunt kijken en zo de grootte van het gebouw nog duidelijker wordt. Dat er is een hotel in is gevestigd, waarvan wij één van de kamers mochten zien.
Natuurlijk hoorden we ook dat er nog flats te koop staan en dat de vier penthouses door één persoon tegelijk gekocht zijn. Wie daar komt te wonen, weten we niet. Maar hij hoeft geen claustrofobie te hebben 😉 En hij  heeft een magnifiek uitzicht.

Hieronder wat impressies.

de parkeergarage met stelkolommen

kamer in Hotel Nhow

een penthouse op de 40e verdieping

het uitzicht van de 40e verdieping

Afwezig

Ze zijn al weer gesignaleerd: kruidnootjes in vele soorten, suikergoed en pepernoten. En ja, ik heb me er aan geërgerd. Maar niet omdat het al zo vroeg in de winkels ligt, maar omdat er iets zeer duidelijk afwezig was. Er was namelijk geen Zwarte Piet meer te bekennen. Oud Hollandse huisjes, oh ja, schoorstenen, zeker! Maar geen Zwarte Piet. Allemaal keurige, politiek correcte, zakjes. Trouwens ook Sinterklaas was in geen velden of wegen te zien. Die is als priester zeker ook al verdacht. Dus uit voorzorg, meteen hop, ook die maar weg!Bah, Nederland op z’n smalst.  

 

Jubileumsreünie

Zo’n 25 jaar geleden kwamen we elkaar tegen, in Duitsland. In Weissenborn, een piepklein plaatsje tegen het IJzeren gordijn. Wij met onze kinderen kwamen voor een wandeling en zij met hun zoontje en dochtertje ook. Het klikte meteen. De mannen praatten, Carla en ik kletsten en de kinderen renden van hot naar her en hadden reuzenlol. Voor dat wij weer naar huis toe zouden gaan, gingen we nog even langs om gedag te zeggen. Er was koffie, de kinderen kropen bij elkaar met Donald Ducks en we wisselden adressen. Het was het begin van een hechte vriendschap. We vierden nog regelmatig vakantie, gingen vele dagen samen wandelen. De kinderen werden groter, gingen naar de Middelbare School,  studeren. We vierden Kerst, waren bij trouwerijen en deelden onze zorgen bij ziekte. En nu, na 25 jaar, was het tijd voor een grote reünie. Met alle volle agenda’s was dat nog wel even een probleempje, maar uiteindelijk, op 31 augustus 2014 vonden we elkaar weer terug in Plaswijck in Rotterdam. Er waren foto’s van toen en er werden foto’s voor later gemaakt. En aan het eind van de middag stonden we met z’n allen klaar voor een groepsfoto:

Avondrit

Vandaag een niet alledaagse opname, geschoten tijdens een avondlijke rit naar de Maasvlakte. Want het eerste weekend in september betekent in Rotterdam:  Wereldhavendagen.

Wij hadden o.a. geboekt voor de excursie “Containers by night”, waarbij we in de schemering een lange tocht maakten over de ECT-Delta Terminal op de Maasvlakte, die volop in bedrijf was en daarna nog in het donker langs de havens en de vele bedrijven reden. Zoiets zie je niet elke dag, toch?

Commercie

Het kon natuurlijk niet uitblijven. Nu half Nederland geen gluten meer wil/mag eten, springt de commercie daarop in met allerlei glutenvrije producten. Met een zeer ongewone prijs, want voor het bedrag van een heel normaal brood krijg je in dit schap bij ’s lands grootgrutter nog net een kwart broodje. Netjes verpakt, dat wel. Met de naam Livwell, nou dat klinkt gezond. Dan weet je zeker dat het goed zit 😉 ;-)Die slimme jongens kunnen in ieder geval goed rekenen!