Licks, Sticks and bricks, history of ice (Uitgegeven door Unilever)
Dit lijvige boek mocht ik inkijken. Het is een loodzwaar boek, maar met een licht onderwerp: de geschiedenis van consumptie ijs.
Likkend aan een cornetto of perenijsje zijn onze gedachten nou niet direct bij historie. Toch gaat de geschiedenis van ijs heel ver terug.
Deze dikke pil, in de vorm van een reuze ijswafel, staat vol wetenswaardigheden en vooral veel foto’s van ijsreclame, ijs etende mensen, cartoons en kunstuitingen.
Maar ook ijsserviezen, ijsbekers en ijsschaaltjes van glas, metaal of flinterdun porselein.
Ik kreeg dit boek van een vriendin. Het lag een tijdje op mijn tafel, maar toen las ik het in één adem uit.
Jojo Moyes: De sterrengever
Het is het verhaal van Alice. Ze trouwde hals over kop en vertrok naar Amerika. Daar komt ze terecht in een benauwend huwelijk met een kille, wat vreemde man en een bemoeizuchtige schoonvader.
Als ze in contact komt met een groep vrouwen die te paard boeken rondbrengen besluit ze om die afleiding met beide handen aan te nemen. Margery, Beth, Izzy en Kathleen worden niet alleen haar vriendinnen, maar ook haar steun. Ze leert ook Sophia kennen. Langzaamaan gaat ze van de bergen houden en rijdt ze met haar paard naar verre gebieden, geeft boeken door waar mensen naar uitkijken en andere, waar kinderen uit kunnen leren. En soms leest ze voor omdat de huisvrouwen daar geen tijd meer kunnen vrijmaken. Het is een hard en rauw bestaan.
Dan gebeurt er iets wat alles op z’n kop zet. Het hele dorp is in rep en roer. Maar wat er aan de hand is moet je zelf maar lezen, anders verraad ik de hele boel.
Het boek is gebaseerd op de mobiele bibliotheken die presidentsvrouw Eleanor Roosevelt opzette. Het was een goed initiatief, maar strandde helaas op het uitbreken van de 2e wereldoorlog.
Deze bibliotheek staat in de Chinese stad Tianjin. Een havenstad met meer dan 11 miljoen inwoners. Geen wonder dat er een grote bibliotheek verrees. Want hoewel dit op de foto een gewone bieb lijkt, is het een futuristisch gebouw met een Nederlands tintje. Want het ontwerpbureau MVRDV, dat onder andere in Rotterdam de Markthal tekende, ontwierp ook deze bibliotheek.
Een groot gebouw, waarin in het midden het auditorium staat, een gigantische witte bol die wordt omringd door golvende wanden. Die wanden geven ruimte aan meer dan 200.000 boeken, maar kunnen ook dienen als zitplekken en daartussen lopen trappen.
De buitenwanden zijn van glas en van buitenaf lijkt het ’s avonds op een oog, wat ook zijn bijnaam is geworden.
Niet alle planken werden vol boeken gezet. De bovenste planken bleven leeg, maar de achterwanden werden voorzien van boeken-afbeeldingen. Dus het lijkt wel vol.
Toch jammer dat wij in Nederland zo weinig chauvinistisch zijn. Dit ontwerp had van mij wel wat meer in de picture mogen worden gezet, want dit is toch wel een kijkje waard.
Een thriller van mij een nog onbekende Duitse schrijver, Jörg Bong, die misdaad romans schrijft onder het pseudoniem Jean-Luc Bannalec. Ik las van hem Bretonse verhoudingen.
Commissaire Dupin is een eenzelvige en stuurse man met duidelijke voorkeuren en soms een pittige hekel aan anderen. Hij is ongeduldig, driftig en daardoor weggepromoveerd naar Bretagne. Hij werkt het liefst alleen, houdt zijn conclusies lang voor zichzelf.
Maar allengs raakte ik gewend aan zijn karakter en manier van onderzoeken. De hotelier van een zeer bekend en al lang bestaand hotel is vermoord. Waarom werd de vier-en-negentig jarige kunstliefhebber gedood? En wat was de reden voor de moord? Zo te zien is er niets gestolen.
Maar dan wordt ingebroken en weer later wordt de zoon van de hotel dood gevonden. Zelfmoord, gevallen….?
Een verrassende wending en al met al een lekkere detective.
Eens kijken of er meer te vinden is van deze schrijver.
Wie er over schreef weet ik niet meer. Maar meteen nadat ik over dit boek las, kon ik het vinden in de bieb. De schrijfster kende ik al van een eerder boek, dat ik met veel plezier had gelezen.
En ook dit boek hield mijn aandacht behoorlijk vast. De beschrijving van de vijf zussen, waar ook schrijfsters moeder toe behoorde, was op veel plekken herkenbaar. De vrouwen waren allemaal geboren in het begin van de 20e eeuw. Een generatie die ik ken van mijn eigen moeder, haar zussen.
Loes Hegger: Zoals zussen zijn.
Als hun moeder plots overlijdt, wordt zwijgend aangenomen dat de oudste dochter het huishouden op zich neemt. Zij is net vertrokken naar het buitenland, wordt halsoverkop teruggeroepen en ziet haar dromen en haar kansen op een eigen leven vervliegen. Het maakt haar boos, streng en zurig.
De oudste moet zich schikken. Die simpele gedachte van “zo hoort het, dus zo gaat het” past in die tijd. De man/vrouw verhoudingen, de plaats van de vrouw en haar ondankbare, maar vreselijk belangrijke taken in het huishouden, zullen velen herkennen.
Niet alleen oudste zus, maar ook de anderen, voelen het gebrek aan duidelijke waardering, de weggestopte gevoelens en frustraties, het uit de weg gaan van lastige vragen.
De verstikkende regels van fatsoen, maar ook soms -binnenkamers- bevrijdende slappe lach en het beoordelen van afwijkend gedrag.
Maar toch is er de onmiskenbare liefde en verbondenheid van de zussen. Al worden de goed bedoelde bedoelingen ook weer niet snel herkend.
Al met al een goed leesbaar boek, dat de lezer misschien wel even aan het denken zet.
Dit boek staat al jaren in onze boekenkast. Naast nog veel meer reisboeken en kaarten mappen. Helemaal old school en eigenlijk niet meer noodzakelijk. Want nu hebben we Google maps, navigatie en Internetlinks. We kunnen vanuit onze luie stoel de hele wereld over.
Maar toch, niks zo lekker als met zo’ n boek op schoot een route uitzoeken, met je vinger over de kaart en een notitieblok onder handbereik de weg uitstippelen.
Van te voren kijken waar wat bezienswaardigs te vinden is. En dan op internet zoeken of dat nog klopt en wat er inmiddels bij is gekomen of -helaas- verdwenen is.
Natuurlijk gebruiken we ook de moderne mogelijkheden, want we willen natuurlijk wel weten hoe lang die omweg duurt, waar er verkeersopstoppingen kunnen zijn of de weg is afgesloten.
Eigenlijk het beste van de twee mogelijkheden gecombineerd. Dat geeft fijne voorpret.
Eva Philips: Beatrix, hare Majesteit privé detective
Een boek van Eva Philips, met drie verhalen waarin Koningin Beatrix de rol van detective speelt. Dat doet ze met verve en doortastendheid, bijgestaan door haar privé secretaris Henriette.
In het eerste verhaal vindt Beatrix zelf een lijk. Nou ja, haar hond Pongo graaft het op als de koningin wat uurtjes voor zichzelf heeft en wat vergeten rozenstruiken wil gaan snoeien.
Een paar maanden later wordt er een moord gepleegd nabij Paleis Noordeinde. En op slinkse wijze wordt deze moord in de schoenen van de koningin geschoven.
In het derde verhaal zit een klein gezelschap ingesneeuwd op Kasteel het Oude Loo. En moet de dader van de moord zich dus tussen de gasten zitten.
Het zijn niet superspannende verhalen, maar wel met heel veel humor geschreven. De schrijfster geeft heel veel details over het koninklijke leven en het reilen en zeilen in de royality-kringen.
Een heerlijk ontspannen boek, lekker vakantie leesvoer.
Het is maar een klein boerendorp, ergens tussen Frankfurt en Bad Homburg. De bewoners kennen elkaar, steunen elkaar en roddelen over elkaar.
Tussen de twee wereldoorlogen in kabbelt het leven er voort. Er zijn geldproblemen, maar ook ontstaan er hechte vriendschappen.
Marthe runt de dorpswinkel en krijgt de nieuwtjes uit de eerste hand. Haar man is in de oorlog omgekomen en zij moet dus alleen haar dochters opvoeden. Herta, de oudste maakt de minste problemen. Maar Frieda en Ida willen zich uit het keurslijf van het dorp wringen. En vestigen hun hoop op de dorpsonderwijzer.
Kan hij Frieda helpen om toneelspeelster worden? Zal Marthe haar dichter met een een gerust hart loslaten.
Prettig geschreven roman die enkele jaren ineen Duits dorp beschrijft.
En dan is dit -voorlopig- het laatste deel van de trilogie over Abel Sikkink en Kalle.
Na alle narigheden die ze beiden zagen en ondervonden in de Amerikaanse Burgeroorlog is het een verademing om naar Europa en in het bijzonder Parijs te worden overgeplaatst.
De stad bruist, is aan een compleet nieuwe tijd toe. Keizer Napoleon Bonaparte III laat huizen slopen en Baron Haussmann ontwerpt daarvoor in de plaats brede boulevards en zet er mooie hoge gebouwen langs.
De Eiffeltoren staat nog maar net en er is een wereldtentoonstelling met de allerlaatste snufjes op allerlei gebied. Parijs is de hoofdstad van Europa.
Maar ook dan trekken donkere wolken samen. Het volk mort, er ontstaan opstootjes en Frankrijk trekt ten strijde tegen Duitsland. Wat een formidabele overwinning lijkt te worden, loopt uit op een desastreus fiasco.
De Duitsers omsingelen de stad en dan ontstaat er hongersnood. Abel, zijn vrouw en kind en Kalle weten tenslotte uit Frankrijk weg te komen en gaan weer naar Amerika.
Ook dit boek las ik weer in één adem uit. Maar van nu zal ik het zonder de avonturen van Abel en Kalle moeten doen. Hier eindigt -voorlopig- hun levensverhaal.
Al lange tijd staat een boek van deze schrijfster op mijn lijst, maar het is al maanden uitgeleend. Daarom las ik eerst dit boek.
Amande is totaal van slag. Er is iets verschrikkelijks gebeurd en ze denkt dat het leven nooit meer waard te leven zal zijn.
Ze besluit haar huis te verlaten en zich te verschansen in een huurhuis in de Auvergne. Dat het donker is en al jaren onbewoond, maakt haar niet uit. Ze brengt een deel van de nog aanwezige spullen naar de zolder. Ze laat de luiken dicht en houdt bezoekers op een afstand.
Dan komt de dochter van de eigenaresse om spullen van haar moeder op te halen. Ook een stapel aantekeningen, maar die trekken Amande’s aandacht. Ze wil ze graag bewaren. En langzamerhand leert Amande met vallen en opstaan de weg terug naar het dagelijks leven en om te gaan met de pijn van haar verlies.
Een bijzonder verhaal over ondragelijk verdriet en de hoe de natuur ons helpen kan het gewone leven weer te aanvaarden.