Hallo, dit is het weblog van KnutzEls.
Samen met Leo woon ik in Rotterdam. Onze twee zonen zijn al lang volwassen en wonen elders.
Ik heb vele hobbies, die allemaal min of meer creatief zijn. Maar ook reizen vind ik heerlijk, of het ver weg of dichtbij is. En tijdens die reizen fotografeer ik van alles onderweg.
Ik hou ook nog van wandelen, lezen, puzzelen en naar muziek luisteren.
Speciaal voor mijn 61e verjaardag kreeg ik dit blog van jongste zoon. Zijn vertrouwen in moeders IT-kennis is groot, maar hij blijft op de achtergrond als steun en toeverlaat bij technische problemen
Net als in voorgaande jaren begin ik de week met muziek. Met gezellige, vrolijke of sentimentele liedjes in het Nederlands of in andere talen. Misschien herken je er een of zijn ze helemaal nieuw en fris. Het uitzoeken brengt mij veel plezier en ik hoop dat jij ze ook met genoegen beluisteren zal.
Een stukje klassiek, maar in een jazzy jasje. Het ballet moeten we er zelf bij bedenken of door de kamer dansen. Maar stil luisteren naar het Lincoln Centre Jazz Orchestra in the Ouverture van de Nutcracker Suite is ook leuk.
Net als in voorgaande jaren begin ik de week met muziek. Met gezellige, vrolijke of sentimentele liedjes in het Nederlands of in andere talen. Misschien herken je er een of zijn ze helemaal nieuw en fris. Het uitzoeken brengt mij veel plezier en ik hoop dat jij ze ook met genoegen beluisteren zal.
Deze week een oud lied in een nieuw jasje: Abba (maar ook ouder nu, maar onzichtbaar) in Ode to Freedom. Maar wel met tekst, zodat er meegezongen kan worden.
De wereldhandel vraagt om steeds grotere schepen. Sinds op 3 mei 1966 het eerste containerschip van New York naar Rotterdam voer, is er in de capaciteit van de schepen wel heel veel veranderd.
Bron: Google foto’s / NT-boek ‘Rotterdamse containerkopstukken’
Het ms FAIRLAND van de Sea-Land rederij had 226 containers aan boord. Zo’n container was 20 voet groot (6,10 meter lang, 2,44 meter breed en 2,59 meter hoog) en die maat geldt nog steeds als standaard (TEU = twenty-foot equivalent unit) om de omvang van de containers en de hoeveelheid aan boord van een schip te omschrijven.
Het ms FAIRLAND is maar een kleintje, het ms EVER ALOT, op dit moment het grootste containerschip, is een reus, die 24.004 TEU aan boord kan laden.
Bron: Google foto’s / Havenloods
In enkele decennia zijn de containerschepen steeds groter geworden. En nu zijn ze enorm en worden de containers gevuld met alle goederen die wij willen kopen.
Maar de schepen kunnen niet blijven groeien. Dan wordt het te lastig om nog in een haven aan te leggen. Rotterdam heeft daar al vroeg op ingespeeld met de aanleg van de Maasvlakte, waar schepen met een grote diepgang nog wel kunnen komen.
Eigenlijk denk dat je het nergens meer kunt kopen, pruimtabak. Ja, in Indonesië zagen we het nog vaak, ook in Birma. Mensen met brokkelige zwarte tanden van het kauwen van betelblad. Het scheen zelfs een beetje mode te zijn. Ik vond het een vreselijk vies gezicht.
Vroeger kauwde men hier ook op tabak, pruimtabak. Je kon het gewoon kopen bij de tabakswinkel. Mijn moeder hielp bij zo’n winkel in de buurt en soms mocht ik ook achter de toonbank staan en sigaren, sigaretten en dus ook pruimtabak verkopen.
Sommige mensen hadden thuis een kwispedoor, een flinke pot waar de uitgekauwde prut in gespuugd werd. Wij hadden zo’n ding gelukkig niet in huis, al pruimde mijn opa wel.
Dan kwam hij bij zijn wekelijks bezoek op vrijdagavond al kauwend binnen. Ik vond hem niet zo aardig, want hij was vaak onhebbelijk tegen mijn moeder.
En was dan ook blij als hij rond een uur of negen weer naar huis ging. Dan kreeg ik meestal een dubbeltje. Maar soms “verraste” hij me een stopte dan zo’n warme, zachte en natte klets in mijn hand.
Ik word nog kotsmisselijk als ik er aan denk. Nee, ik had geen goede band met mijn opa. Maar een stukje over pruimen op de scheurkalender bracht me op dit blogje.
We hebben het allemaal nodig, elke dag. Vroeger gebruikte men een stukje krant, nu is het zachtste nog niet zacht genoeg.
Toiletpapier, het is absoluut niet het duurste deel van de boodschappen, maar wel het meest in trek. Maar dat je er om zou moeten vechten en dat er thuis een zeer ruime voorraad noodzakelijk is, lijkt me toch overdreven.
Maar daar blijken anderen dus geheel anders over te oordelen. De chef van een groot Plus-filiaal in Utrecht dacht dat een leuke aanbieding wel klanten zou trekken. En dat heeft hij geweten. De rollen wc-papier werden uit de handen van zijn medewerkers gerukt, mensen gingen bijna op de vuist en binnen no time was alles weg.
Het filmpje van de TV werkte bij mij vooral op de lachspieren, maar ik denk ook dat er een draadje los is bij de mensen die zo tekeer gaan.
Net als in voorgaande jaren begin ik de week met muziek. Met gezellige, vrolijke of sentimentele liedjes in het Nederlands of in andere talen. Misschien herken je er een of zijn ze helemaal nieuw en fris. Het uitzoeken brengt mij veel plezier en ik hoop dat jij ze ook met genoegen beluisteren zal.
Een song waaraan velen een herinnering zullen hebben. Het was in 2002 hét evenement van het jaar, met dé traan. En daarvoor zorgde toen Carel Kraayenhof met Adios Nonino.
Het is niet druk in de metro. Voor ons zitten twee meisjes, zo te zien schoolvriendinnen. Natuurlijk hebben ze een telefoon in hun handen. Ze bekijken de berichten bij elkaar, wisselen filmpjes uit en kletsen ondertussen honderd uit.
Plotseling glipt een telefoon uit de hand en valt op de grond. “O jee, als tie nou maar niet kapot is” zegt het meisje met het rode haar. “Oh nee, dat kan niet hoor!” Gelukkig blijkt alles nog goed te werken en gaat het gesprek moeiteloos verder.
Toch heeft het voorval wel indruk gemaakt, merk ik wat later. Want dan zegt de roodharige “Ik zou niet weten wat ik moest doen als m’n telefoon kapot zou zijn. Als ik er aan denk, kan ik huilen”. Ze zucht en kijkt haar vriendin aan.
Die knikt en antwoordt: “Hoe zouden ze vroeger toch geleefd hebben. Geen telefoon, wat moet je dan toch de hele dag doen?
Soms denk ik dat we hier in Nederland de weg compleet kwijt zijn. Over de meest simpele dingen wordt een toestand gemaakt alsof de wereld aan zijn eindje is.
Bron: Google foto’s / ANP
Neem nou het weer. Het vroor deze week. Lekker pittig weer, met een beetje zonneschijn. Prima weer om een wandeling te maken. Wie op de fiets moet, heeft beslist wel een muts en handschoenen om zichzelf warm te houden. En wat heerlijk is het dan om binnen te stappen in een behaaglijke warmte.
En voor veel mensen de voorpret van weer op natuurijs te kunnen schaatsen.
Maar op het nieuws niets anders dan codes en berichten om je te beschermen. Ik zag een bericht voorbij komen waarin verteld werd hoe je “niet zou bevriezen”. Nota bene, het was nauwelijks 5 graden onder nul. En ja, met de wind was het best koud.
Maar in 1963, ik zat op de MULO, was er wekenlang veel meer vorst. En ik -en ook medescholieren- had nog nooit van thermokleding, fleecetruien of warmtekussens gehoord, laat staan dat we het gebruikten.
De nieuwsgaring nu loopt van overdreven naar rampzalig. Wanneer beseffen we nu eens dat het weer deel uitmaakt van de natuur en dat we daar weinig tot niks aan kunnen veranderen.
Laten we vooral de prettige kanten van zulk weer benadrukken. Al schaats ik zelf al lang niet meer, ik kan met veel plezier kijken naar de mensen die op het ijs zijn.
Na vele weken niet wandelen met de Ganzen omdat het weer niet meewerkte, dreigde het deze week niet door te gaan omdat er andere dingen op het programma stonden.
Maar gelukkig, één Gans wilde en kon wel en stelde voor een rondje Kralingse Plas te maken.
Voor haar op loopafstand, voor mij beginnend en eindigend met een ritje met de metro. Weer eens wat anders.
Het Kralingse bos was nog stil, misschien vanwege de kou? Maar zo liepen we onder een stralend blauwe lucht langs een rustige en stille plas.
Natuurlijk koffie onderweg en van alles bepraat. Fijne wandeling. Deed me goed.