De jongen zat achter de kraam op zijn mobieltje te kijken, terwijl ik langsliep en dit bord zag.
Ik bekeek hem eens goed. Kan ik u misschien helpen? Nee, ik rook al lang niet meer. Maar dat bordje trok mijn aandacht. Nou vraag ik me af, hoe oud ben jij? Ben jij al achttien?
Hij lachte. Nee, nog niet. Knettergek hè? Ik mag geen sigaretten of shag kopen, maar verkopen dat mag ik wel….
Ik lachte en vond het ook “knettergek”. Zo nu en dan vraag ik me af hoe krom de wet kan zijn.
Nu plastic in de ban wordt gedaan, lijkt me dat een nieuwe trend weer vrij baan kan krijgen. We gaan weer picknicken.
Niks boterhammetje uit het vuistje en een kant en klaar pakje drinken of flesje water. Nee, laten we weer gaan picknicken, net als de Engelse koninklijke familie.
Met zo’n prachtige luxueuze “hamper”, een flinke rechthoekige rieten koffer, gevoerd met ruitjeskatoen en voorzien van fraaie porseleinen borden, keurig bestek. Natuurlijk ook voorzien van champagneglazen en koelruimte voor een flinke magnum champagne. En (koel)dozen voor de komkommer sandwiches. En niet te vergeten een leuk peper-en-zoutstel.
Zit ik alleen nog met een klein probleempje. Want wie gaat dat dan allemaal sjouwen? En wie maakt alle lekker hapjes voor ons klaar…?
Ach, zo nu en dan een beetje dromen…. Daar is toch niks mis mee?
Rotterdam herbergt meer dan 170 nationaliteiten. Het is dan ook niet vreemd dat er in de stad zoveel “bijzondere” kerken zijn.
Voor de vele buitenlandse zeelieden werden in het verleden diverse kerken gesticht. En natuurlijk zijn de meeste daarvan in de buurt van de haven gevestigd.
Ik kwam wel eens in de Noorse, Zweedse en Deense kerk. Ook ken ik de Schotse en Franse kerk. Er zijn er nog veel meer, want ook Grieken, Indonesiërs en Portugezen kunnen naar hun eigen kerk. Net als de Russen, die ook een eigen kerk hebben. Die staat op de punt van de Schiedamse Vest en het Vasteland en wie er wel eens langs gekomen is, herkent hem meteen aan het mooie gouden dak.
Graag had ik de kerk ook eens van binnen bekeken. Maar toen ik er was, bleek de kerk gesloten te zijn.
Natuurlijk ook het geliefde poppenhuis van Petronella de la Court moet tijdelijk naar het depot. Dat is nogal een klus, want het huis bestaat uit wel 1.500 onderdelen. Een miniatuur boekenkast, een viool op schaal, een wafelijzer van een paar centimeter… Alles moet stuk voor stuk worden gearchiveerd, gefotografeerd, ingepakt, en klaargemaakt voor de verhuizing.
Ik ben benieuwd hoe dat in zijn werk gaat en kijk dan ook zo nu en dan mee naar dit proces. Verhuizen is in het normale leven al een heel gedoe, maar stel je voor hoe de poppen zich moeten voelen 😉
Bron: website Centraal Museum Utrecht
Kijk, dit is het poppenhuis. Alles minutieus in miniformaat gemaakt. Keurige dames en heren, een kraamkamer, natuurlijk een keuken en zelfs een tuin met tuinbeelden. De moderne techniek zorgt ervoor dat je je zelf in het huis waant en alle werkzaamheden ook nog op de voet kunt volgen.
En alhoewel het beslist een lang geleden verschenen nummer is, blijft het mooi. Hier klinken de Everly Brothers met “So sad” dan ook nog regelmatig, zij het meestal via Spotify.
Toen er nog vla en yoghurt in glazen flessen werd verkocht, vond je in elk huishouden wel een “flessenlikker”. Zo’n lange staaf met een halfrond schijfje rubber eraan. Enorm handig om de flessen tot op de bodem leeg te maken.
Bron: Google foto’s
Nu zit alles in kartonnen pakken, met een plastic schenktuit. Best handig, maar er blijft ook heel veel in zo’n pak achter. En voedsel weggooien vind ik zonde.
Dus sta ik regelmatig te hannesen met een dubbelgevouwen pak, waar vaak de yoghurt ongecontroleerd uitblubt. Met als resultaat een smeerboel en ergernis.
Ik zou de terugkeer van die glazen flessen dus helemaal niet erg vinden. Met statiegeld natuurlijk. Een flessenlikker hoef ik niet te kopen, die staat nog in de pot met keukengerei op het aanrecht.
Nu het weer kan, namen we even een kopje koffie op een terrasje.
We zochten plaatsje aan het water van de Oude Haven. Zo hadden we goed zicht op het Witte Huis, eens het hoogste gebouw en daarmee de eerste “wolkenkrabber” van Europa.
Maar nu staat het gebouw in de steigers, dus viel het als fotogeniek onderwerp meteen af. Maar daarnaast en erachter zijn in de loop van de jaren heel veel nog veel hogere gebouwen verschenen.
En met de Oude Haven en zijn nostalgische schepen op de voorgrond ontstond toch een mooi contrast tussen oud en nieuw.
Wandelen in de stad en dan bij mensen binnenkijken. Ik vind dat leuk en kijk dan ook vrijpostig naar binnen als dat mogelijk is.
Nog leuker is het om op Funda binnen te kijken. Sommige mensen hebben alles keurig aan kant gemaakt, maar soms zie ik ook wel eens ergens iets liggen wat duidelijk privé had moeten blijven.
Bron: www.appartmentherapy.com
Maar het allerleukst is op YouTube huizenfilmpjes bekijken. Er zijn diverse sites die lange of kortere inkijkjes in andermans interieur leveren. Tik op YT maar eens “tiny apartment” in.
Ook de site van “Never too small” levert mooie filmpjes op. Soms zijn de huisjes net gebouwd, maar ook oude appartementen worden met veel creativiteit verbouwd en ingericht. De een beperkt zijn spullen, een ander zoekt naar ingenieuze opberg mogelijkheden.
Ik ben dik tevreden met ons eigen huis, maar zo nu en dan bij een ander kijken kan ook geen kwaad.
Leo kreeg een oproep voor controle in het Oogziekenhuis. Tenminste… dat dacht hij.
Nou staat het Oogziekenhuis al sinds 1948 aan de Schiedamse Vest. En daar reed ik hem dan ook naar toe. Fijn parkeerplekje gevonden en Leo ging naar de afspraak. Ik zou wachten en omdat het lekker weer was, besloot ik een wandelingetje te maken. Tijd zat, want zo snel gaan de afspraken niet, weten we uit ervaring.
Maar het liep anders. Leo was al heel snel weer terug. Ik was nog niet uitgewandeld toen ik zijn telefoontje kreeg. Die afspraak was niet in het Oogziekenhuis, maar op een ander adres. Ja, het stond in de brief, maar echt heel in het oog springend was dat niet gedaan.
Bron: Google foto’s
En dat vind ik dan raar, in een tijd met zoveel communicatie mogelijkheden. Zoveel moeite is het niet om een stukje tekst wat opvallender te maken.
Elke Rotterdammer rijdt zowat blindelings (!) naar het Oogziekenhuis. Het is een instituut en niet alleen in Rotterdam. Ja, natuurlijk hadden we de brief goed moeten lezen. Maar na 73 jaar een ander adres, dat had wel even wat duidelijker en in grotere letters vermeld mogen worden. Ik vind dit een gevalletje van mis-communicatie.
Het was me al diverse keren overkomen. Dan stond ik in de winkel en wist ik niet meer wat ik nou precies moest hebben. Diepvrieszakken, maar welke maat? Een lamp, maar wat voor een? En pasten die pedaalemmer-zakken nou wel of niet in de afvalbak?
Ik heb er tegenwoordig een trucje voor. Ik maak met mijn telefoon thuis een foto van de verpakking. Zodat ik gemakkelijk kan zien wat ik nou ook weer wilde. Als het nodig is, kan je zelfs een aantekening erbij maken.
Want vaak is een product niet meer in die uitvoering te krijgen, maar ligt er wel een alternatief.