In het oog springend…

Meestal als we er naar toe gaan, kijken we niet zo naar het gebouw zelf. We zoeken de ingang, willen snel geholpen worden en dan ook snel weer weg. Je komt tenslotte niet voor je plezier in het Oogziekenhuis in Rotterdam.

Afgelopen dinsdag moest Leo er zijn voor controle. En hij ging alleen, want in verband met Corona werd dat aangeraden. Ik was wel mee, maar wachtte met een drankje en een boek op een terras in de schaduw.

Leo was al snel klaar en gelukkig was alles goed. Pas weer over een jaar terugkomen. Pak van zijn en mijn hart.

Toen Leo appte dat hij bijna klaar was, liep ik alvast de goede richting uit. En toen viel me op hoe fraai dat gebouw is. Mooi metselwerk, statige bogen en strakke uitstraling.

Gek toch, dat je ineens met heel andere ogen naar zo’n gebouw kan kijken.

Verstopt

kunstLeo sloot achteraan in de rij voor de balie, ik ging zitten op de stoeltjes tegen de wand van het Oogziekenhuis. Ik keek op. “Hè, wat is dat nou? Het lijkt wel kunst, maar wat een gekke plaats en waarom zoiets nou in dit ziekenhuis?” Ik keek nog eens beter, nee dat kon het niet zijn. Maar wat dan wel?
Toen bewoog er iets en viel het kwartje.
Niks kunst dus, gewoon de benen van een werkman die bezig was met iets tussen het plafond te monteren.
Wat kan een mens toch een rare associaties hebben….