Kleuren

We zaten nog aan onze uitgebreide Engesle ontbijt, compleet met bonen, black pudding, toast en marmelade, toen de zon doorbrak. Het zou een mooie dag worden om naar Bourton-on-the-Hill te rijden, waar we het Batsford Arboretum wilden bezoeken.

En de herfst is natuurlijk het uitgelezen seizoen om te genieten van de verkleurende bomen. Juist in een arboretum staan diverse soorten en variëteiten, die de kleurverschillen benadrukken.

Het geurde naar aarde, paddenstoelen en de zon speelde met kleuren en schaduwen. Even buiten het park lag een dorpje, met zo’n typische cottage. Ook weer zo’n decor voor een TV-serie met wat excentrieke karakters, honden en geheimzinnige relaties.

Maar we keken ook uit op een enorm huis, waar je onmiddellijk “Upstairs, downstairs” of “Downton Abbey” bij denkt.

En overal bankjes, waar je even stil kon genieten van al het moois. En dat deden wij dan ook en wij niet alleen.

Na onze wandeling streken we neer in de tearoom van het tuincentrum van het arboretum voor koffie en taart. Vanaf het balkon bekeek ik wat er te koop werd aangeboden. Zoveel planten, je zou er zo jaloers van worden. Ik beperkte me maar tot wat praktischer aankopen, zoals potten chutney en marmelade. Altijd fijn om cadeau te doen aan thuisblijvers 😉

Kijk nou…

Een paar weken geleden kwamen we tijdens onze Ganzenpas-wandeling dit dak tegen.

Eigenlijk toch veel leuker dan zonnepanelen…? Je moet dan natuurlijk wel een plat dak hebben, anders rollen die planten er meteen vanaf. Het lijkt me beslist warmer, het staat gezellig en de planten geven zuurstof af. Ik denk dus dat dit drie vliegen in één klap zijn. Misschien zijn er zelfs wel nog meer voordelen, want water opnemen doen die planten ook nog. Waarom gebruiken we dat niet vaker?

Helaas kun je het niet op elk dak aan brengen. Dus houden wij het in elk geval nog maar op onze goeie ouwe dakpannen.

Het bestaat echt…!

Kennen jullie het liedje van El;ly en Rikkert nog, “De kauwgomballen boom”? Een vrolijk liedje, maar natuurlijk helemaal fantasie… zou je denken. Want zo’n kauwgomballenboom bestaat wel degelijk.

Nou nee, niet in de tuin van mijn oom, niet in mijn eigen tuin. Ik heb hem zelfs nog niet eens in het echt gezien. Ik zag een foto van zo’n boom toen ik in Ouwehands Dierenpark in Rhenen was. De boom is familie van de Hibiscus (Malva-achtigen) en groeit in oost en zuid Afrika. Het is een nuttige plant, want niet alleen kun je de vruchten dus kauwen, maar hij levert ook medicijnen, brandstof en voedsel. Helaas niet hier te kweken, tenzij de zomers altijd zo warm blijven als de laatste jaren.

Laten we daarom nog maar eens naar dat liedje van Elly en Rikkert luisteren:

Natuur in de stad

Onkruid (nou ja, wat is onkruid) voldoende zo langs weg en straat. Maar zo nu en dan staat er ineens iets wat bijzonder opvalt. Zoals deze zonnebloemen. Langs een verder volkomen kale weg stonden ze er ineens, stijf tussen de stenen en een paaltje.

Ik vraag me dan altijd af hoe ze daar komen. Maar ja, daar krijg ik geen antwoord op.

Misschien een verdwaalde pit, weg gewaaid uit een zakje…? Wie zal het weten. Maar ze vrolijkten in ieder geval de boel op. Straks hebben niet alleen mensen, maar ook vogels er plezier aan.

Natuur in de stad

Deze uitbudinge druif kwam ik tegen op Katendrecht. Vroeger bekend om de dames van lichte zeden. Tegenwoordig een Rotterdamse wijk met allure. En daar zitten de bewoners natuurlijk niet achter de geraniums. Daar hoort iets van meer standing. Druiven, vijgen, olijven of Agapantussen, je kunt het er vinden. De bewoner van dit huis heel wat te snoepen. Of zou dit een Katendrechtse wijnbouwer zijn?

Nuttig beton…

Toen we vorige week de noordroute langs de Zevenhuizerplas namen, zagen we op eens een grote betonnen muur. Wel veel groen er om heen, maar niet bereikbaar via het pad.

Gelukkig stond er een bordje langs de weg waar we op konden lezen dat deze wand, met een heleboel gaten, er was neer gezet ten behoeve van de oeverzwaluw. Oeverzwaluwen hadden tijdens de bouwwerkzaamheden in Nesselande hun nesten in grote zandbergen gemaakt. Maar ja, die zijn inmiddels allemaal verdwenen. En dus is besloten om een alternatief te maken. Deze wand dus, waar ze in de gaten hun nesten kunnen maken. Nou maak kijken of de dames en heren oeverzwaluw zich hiertoe laten verleiden. Dat zou natuurlijk heel leuk zijn, want er zitten inmiddels heel wat meer soorten vogels in dit gebied. En met mooi weer -en niet te veel wind- lopen de Ganzen daar graag.

Aanwaaier

Mooi hè, zo’n Hibiscus. Vorig jaar zomaar aan komen waaien in de tuin. Zichzelf uitgezaaid in een onmogelijk klein kiertje tussen het terras en het buurhuis

Je kunt zoiets natuurlijk meteen de kop indrukken en met wortel en tak uitroeien. Maar ik ben altijd nieuwsgierig wat er tenslotte uit zal komen. En dat viel zeker niet tegen. Hij mag nog even blijven. Volgend jaar ook en misschien nog wel langer.

Zit er nog leven in…?

Laatst blogde Marthy over de wilde buxus in de Ardèche, die ook opgevreten was door de buxusmot. Hele velden stonden er in 2017 kaal en armoedig bij, een triest gezicht.

In tegenstelling tot de keurig aangeharkte tuintjes in Nederland, waar alle buxus bijna is weggehaald, werd de natuur aan haar lot overgelaten in Frankrijk. En kijk… langzaam aan beginnen de struiken weer uit te lopen.

Zoiets zagen wij ook in Arboretum Poort-Bulten in De Lutte. De taxus (?) die kaal en levenloos leek en al bijna was omgehakt, liep ook hier weer uit. Aarzelend, het was nog maar een begin. Maar toch!

Wij mensen weten best al heel veel, maar echt zien of een boom nou wel of niet dood is, dat is nog steeds erg moeilijk. Misschien moeten we toch iets minder snel de hakbijl ter hand nemen.

Even weg…

Vorige week waren we even weg. Zomaar een paar dagen, rondom onze trouwdag. Niet zo ver, we waren naar Ootmarsum. En daar brachten we, net als vorige keer, een bezoek aan het Arboretum Poort-Bulten.

Dit zag ik vanu8it de vogelkijkhut

Dit keer was het weer een beetje onbestendig, maar tussen de buien door liepen we een lekker rondje. We namen het stuk door een wat moerassig gedeelte en kwamen bij een vogelkijkhut. En wat doe je dan? Ja, natuurlijk kijken of je ook vogels kunt spotten. Horen deden we ze in ieder geval, maar zien… Tot opeens ik een helder blauwe schim over het water zag scheren. Zo mooi blauw, dat moest wel een ijsvogel geweest zijn. Ik wachtte nog wat langer, maar helaas hij kwam niet meer terug. Een geluks-momentje van nauwelijks een seconde, maar toch… een geluks-moment!