Gek woord

Zo nu en dan zie ik een woord en leg dan de klemtoon verkeerd, waardoor het in mijn hersenpan een heel raar woord wordt.

Dat heb ik bijna altijd met bommelding, wat ik dan lees als bommel-ding in plaats van bom-melding. Ook het woord revers spreek ik vaak verkeerd uit. Re-vers, terwijl ik echt wel weet dat het revèrs op z’n  Frans moet zijn.

Toen ik dit woord las, wist ik echt niet wat ik me er bij voor moest stellen. Tram-perron werd tramper-on….???

Ergens zal ik wel een draadje verkeerd hebben. Niks ernstigs. Want na enig nadenken wist ik het gelukkig wel.

Boek

Bart Wagendorp: Kalle

Ook het tweede deel van de trilogie las ik in een adem uit.

Kalle van Bert Wagendorp volgt de vrienden Kalle en Abel, die nu in New York wonen en werken.

De Amerikaanse Burgeroorlog staat op het punt te ontbranden. Lincoln wordt tot president verkozen en Abel en Kalle hebben het druk om alle nieuws de wereld in te brengen.

Dan krijgt Abel de opdracht om de oorlog van nabij te gaan verslaan. Ook Kalle gaat mee, want beelden zeggen meer nog dan woorden.

Wat in het begin een groot avontuur lijkt, verandert al snel in de hel. Oorlog is iets afschrikwekkends, al wordt het als avontuur gebracht. Jonge jongens, in de bloei van hun leven, worden opgeofferd aan de ideeën van de politici. Generaals, aan tafel vriendelijke gesprekspartners, drijven hun soldaten rücksichtslos de dood in. Er vallen vele doden en degenen die het overleven, missen vaak een of meer ledematen. Sommigen raken nooit meer over hun trauma heen en leven geestelijk en lichamelijk beschadigd verder.

Als Kalle gewond raakt, gaan Abel en hij terug naar New York. Lincoln wordt herkozen en de Burgeroorlog loopt op zijn eind. Dan hoort Abel van nog een oorlog, die geheel buiten het nieuws is gebleven. En hij gaat op onderzoek uit. Deels omdat ook die strijd onder de ogen van de Amerikanen moet worden gebracht, deels om te onderzoeken wat er met zijn familie is gebeurd.

Ook dit boek barst weer van de voetnoten, feiten en historische personen. Ik hou er van, zoek regelmatig op internet naar meer informatie. Maar ook zonder zoeken is het boek goed te lezen. Ik was er in ieder geval in één dag doorheen.

Boek

Meteen toen ik over dit boek las bij Sjanne, wist ik dat ik het ook wilde lezen. Gelukkig was het vrijwel meteen te reserveren bij de bieb.

Bert Wagendorp: Phoenix

In Phoenix van Bart Wagendorp vertelt Abel Sikkink zijn levensverhaal. Als kind reist hij met zijn ouders naar Amerika, want de armoede in Winterswijk is niet meer te harden. Ze zullen in Sheboygan (Wisconsin) een nieuw bestaan opbouwen.

Ze komen veilig in Amerika aan, maar dan vergaat het schip waar de familie verder mee reist. Alleen Abel overleeft de overtocht. Kalle, zijn boezemvriend die ook meereisde, is wel veilig overgekomen. Samen zetten zij hun hechte vriendschap voort.

Abel wordt manusje-van-alles bij een drukkerij, waar hij opklimt tot verslaggever van de plaatselijke krant. Kalle is fotograaf geworden en trekt naar New York. Daarop vertrekt ook Abel naar die stad en gaat hij werken voor de Herald Tribune.

Abel en Kalle zijn fictieve figuren, maar de meeste mensen die hen omringen hebben wel degelijk bestaan en zijn na te gaan door middel van voetnoten. Dat maakt het boek heel interessant en je kunt er veel van opzoeken. Ik vind dat heel leuk, maar ik kan me voorstellen dat zoveel namen en feiten anderen een beetje te veel worden. Laat onverlet dat Bert Wagendorp prettig en zeer onderhoudend schrijft.

Het tweede deel, Kalle, ligt inmiddels hier op tafel en roept om gelezen te worden.

Boek

Harriët Duurvoort: De dochter

De Dochter van Harriët Duurvoort vertelt het verhaal van de kleine Eva, die zo anders is als alle anderen. Kinderen zijn geneigd om alle omstandigheden te accepteren, maar later wil Eva wel weten hoe ze zo heel erg anders is dan haar ouders.

Saar en Jan, streng gereformeerd en kinderloos, adopteren een kind. Dat wordt buiten de moeder om geregeld en Saar en Jan weten dan nog niet dat het kindje dat ze “nemen” zwart is. Voor hen is het geen bezwaar. Met alle liefde die ze in zich hebben accepteren ze Eva van meet af aan. “Je hoort bij ons, bent van ons”, krijgt ze te horen. Maar allengs realiseert de kleine Eva dat er wel degelijk iets anders is.

Maar de lippen van haar ouders blijven op slot. Nooit wordt er gesproken hoe het mogelijk is dat zij zo’n afwijkende kleur heeft.

Wanneer het gezin naar Indië verhuist, ziet Eva dat de mensen daar ook een andere kleur hebben. Ook anders behandeld worden, net als zij dat soms door vreemden wordt. Dan begint de grote puzzel. Wie ben ik, wat ben ik, waar kom ik vandaan…?

Haar hele leven zal Eva blijven zoeken en met haar haar dochters. Wie was mijn natuurlijke moeder, mijn vader, waar, waarom…. En langzamerhand verandert ook nog de wereld. Een leven lang zullen al deze vragen een rol spelen in het leven van Eva, van haar kinderen.

Een vlot geschreven boek, waarin langzamerhand wat sluiers opgelicht worden. Al blijven de vragen zich opstapelen. Met liefde en empathie geschreven door Eva’s dochter Harriët, die ook schrijft in Libelle en De Volkskrant.

Eerste keer

Hoe ouder je wordt, hoe minder dingen “voor het allereerst” gebeuren. Die allereerste keer maakt indruk, maar naarmate je ouder wordt is er steeds minder iets totaal nieuws.

Bron: Google fotos / Wikipedia

Toch ervoeren Leo en ik afgelopen zaterdag toch nog zo’n “de allereerste keer”. We gingen met de Metro en de Randstadrail naar Den Haag.

Deden we dat dan nog nooit? Ja, natuurlijk, ontelbare keren. Maar deze keer wachtten we op een speciale rit. Al om half elf zaten we in het zonnetje op een bankje op station Leidschenveen, te wachten op lijn 3 uit Zoetermeer. We lieten er een aantal doorgaan, want het was niet die lijn 3 die we wilden.

En ja, precies op tijd kwam het voertuig bij de halte aan. De bestuurder liet de bel eens extra tingelen en bij binnenkomst hoorden we “beste reizigers, u bevindt zich in lijn 3 naar Loosduinen”.

We hadden hem natuurlijk al lang herkend. Die trambestuurder was onze eigen oudste zoon. Hij heeft een carrièreswitch gemaakt van kantoorbaan naar trambestuurder bij de HTM. En deze keer reden we dus voor het eerst met hem mee.

We zochten een plaats vlak achter de cabine en keken mee hoe hij dat grote voertuig over de rails reed, door de Haagse tramtunnel en het drukke Haagse verkeer op weg naar Loosduinen.

Het was een gewone en toch bijzondere rit. Met nog even een praatje bij de eindhalte, terug richting Rotterdam en een extra omroep “voor de passagiers die met de Metro naar Rotterdam willen”.

Voor onze zoon is het inmiddels gesneden koek en hij heeft erg naar z’n zin. Leuk om dat mee te maken.

Winkel

Wie Berlijn bezoekt, gaat ongetwijfeld ook op zoek naar leuke en bijzondere winkels. Op allerlei sites kun je daar -al naar gelang je belangstelling- berichten over vinden.

Hoe ik nou op deze winkel kwam, is me niet meer duidelijk. Ik heb de zaak van Paul Knopf nog nooit bezocht en naar Berlijn gaan staat niet in de planning. Toch leek het me zo’n bijzondere winkel, dat ik er een blog aan wijd.

Een zaak met alleen knopen, in allerlei maten, kleuren, vormen en uitvoeringen. Een website over alleen maar knopen: de literatuur, de geschiedenis , de vorm en het formaat van knopen.

Bron: Google fotos / www.paulknopf.de

Het lijkt saai, maar wie zelf naait, weet dat juist knopen een model kunnen opkrikken. Een gewone witte bloes wordt bijzonder met gekleurde knoopjes en bijpassende kleuren knoopsgaten. Een bruidsjurk wordt een japon met speciale knoopjes, die versierd zijn met glitter of juist mat gekleurd.

Dus wie binnenkort naar Berlijn gaat, wil er misschien wel eens even gaan kijken.

Stilte

Vorige week waren we er een paar dagen tussenuit. Even geen huishouden, geen eten koken. Maar ons lekker laten verwennen in een hotel, net over de grens. Daar waren we al eerder en ook toen beviel ons dat heel erg goed.

We boften met het weer. Stralende zon, weinig wind en een natuur die bijna niet kon wachten om uit te botten. We reden naar een hoogveengebied, met grote vlaktes onder water en een stilte die we in Nederland bijna niet meer kunnen vinden.

Eigenlijk wilden we wandelen, maar toen we een bankje bij een uitkijkhut vonden, lekker in de zon maar ook een beetje schaduwrijk onder de bomen, besloten we een rustpauze in te lassen.

Zo maar zitten, geen zorg in de wereld en de vogels die een gratis concert gaven. Wat kan een mens meer verlangen?

Vakantieherinnering

In 1988 gingen we met onze toen nog tienerkinderen naar Weissenborn, in Duitsland. Het was de laatste plaats voor de Oostduitse grens.

Toen we aankwamen regende het, ook de volgende dag nog. Maar het werd alsmaar kouder, er hingen inmiddels ijspegels aan de waslijn. En toen we de volgende morgen naar buiten keken was de wereld helemaal bedekt onder een dikke sneeuwdeken. En onze auto onder een dikke ijslaag verborgen.

En het bleef sneeuwen. We konden niet weg, moesten in het dorp onze boodschappen halen. We waren ingesneeuwd. Och, eigenlijk wel een leuk avontuur.

Toen was er nog een kruidenier, een slager, een bakker in het dorp. Dus honger hoefde we niet te lijden. Na een paar dagen kende men ons al een beetje. De kruidenier, altijd gekleed in de zelfde dikke trui, maakte al snel een praatje. We roken waar er gebakken werd en hoorden varkens schreeuwen en koeien loeien.

En natuurlijk genoten we van de natuur rond om het dorp. Het was er nog zo puur, zo ongerept. Je kon er heerlijk wandelen, wat we dan ook volop deden.

Als we ’s middags bij het café wat gingen eten, kregen de jongens al meteen een groot glas Malzbier voorgezet en Leo een bier, met mooie schuimkop. We aten schnitzels, bratwurst, sauerkraut en grunkohl en voelden ons er erg op ons gemak.

Zomaar een herinnering aan een leuke vakantie.

Rijnhaven

De Rijnhaven, één van de oudste havens van de stad. Hij werd gegraven in de periode 1887 tot 1895. Met handkracht, scheppen en kruiwagens werd ongeveer 28 hectare grond weg geschept. Daarna konden de schepen er aanleggen. Dat waren eerst schepen die vanuit Duitsland over de Rijn naar Rotterdam kwamen. Later werd de Rijnhaven uitgediept en konden zeeschepen aanmeren. Ze brachten of haalden “massagoed” (ertsen, granen). Maar na een tijdje veranderde dat weer en werd het een haven voor voornamelijk rijnaken.

Een lange tijd reed ik elke morgen met de metro over de Rijnhaven heen en zag de schepen liggen. Het was er meestal een drukte van belang. Tot in 2015 ook die schepen er niet meer kwamen en de Rijnhaven leger en leger werd.

En nu? Nu wordt een groot gedeelte van die haven gedempt. Vele tonnen zand zijn met vrachtwagens aangevoerd en een gedeelte wordt bouwrijp gemaakt voor hoge woontorens. En er komt groen, een parkje zelfs. Tegenwoordig geen schip meer te bekennen, maar beton, beton, beton….

Toetjes

Er zijn, denk ik, maar weinig mensen die geen toetjes lusten. Die zijn er dan ook in allerlei vormen en smaken en dus kan iedereen wel iets lekkers bedenken als afsluiting van de maaltijd.

Het is dan ook niet verwonderlijk dat de tentoonstelling “Grand dessert” in het Kunstmuseum in Den Haag druk bezocht wordt. Het is een lust voor het oog en je neus. Want er zijn allerlei geuren te herkennen, je kunt (met je ogen) genieten van drilpuddingen tot ijscoupes in soorten en maten.

Samen met Lies bekeek ik een enorme verzameling puddingvormen, konden we likkebaardend kijken naar gehaakte fruittaarten, macarons en andere heerlijke zoetigheden. Er was een grote proeverij van taartjes, koekjes, bonbons en snoep te bewonderen. Niet te eten, want de kunstenares is allergisch en mag geen desserts eten. Dan maar van glas, net zo mooi, zoet en heerlijk om te bekijken. Maar zonder allergenen en zonder calorieën…. 😉

Er was ook plaats ingeruimd voor kookboeken, zodat we even konden uitrusten en een beetje inspiratie op doen om thuis te gaan koken en bakken.

Kortom een heerlijke tentoonstelling, mooi opgesteld en sfeervol. Ik kon er niet genoeg van krijgen, dus ga ik zeker nog een keertje kijken.