Versiering

Versiering zit de mensen in het bloed. Alles hetzelfde vindt men al snel veel te saai. Dat zal zo in vroeger tijden ook wel geweest zijn.

Kijk je om je heen, dan zie je vaak allerlei soorten. In de stad zie ik veel verschillend metselwerk, allerlei soorten stenen om ramen, deuren die afwijken van de rest in een straat.

Ook tijdens onze vakantie in Twente zag ik natuurlijk veel verschillende dingen. Maar één ding viel me toen het meest op en dat waren de muren van sommige schuren. De schuur zelf wat opgetrokken van zwarte planken en daar boven een rieten matwerk, mooi en regelmatig versierd met vlechtwerk.

Geen krullen, maar alles netjes recht in een soort wiebertjes. In sommige dorpen zag je bijna elke schuur met zulk vlechtwerk, op andere plaatsen wat dat minder.

Ik vraag me af of het ook nog een doel diende en bedacht zelf dat het misschien wel een goeie ventilatie zou geven. Dicht, maar toch met kieren zodat er frisse lucht in de schuur kon komen.

Misschien was het toch alleen maar als versiering, maar ik houd wel van dit soort mooimakerij.

Er even tussenuit

We hadden het een paar weken geleden reuze naar onze zin in Sibculo. Alleen het weer werkte niet erg mee. Maar dat kan gebeuren. Ach, een paar dagen rustig aan is helemaal niet erg.

Gingen we dan helemaal niet weg? Natuurlijk wel! Maar we vinden er niks an als het miezert en alles klam en nat is. En met een grijze lucht worden die foto’s er ook niet fraaier op. Dus maakten we wel wat kortere wandelingen.

We bezochten ook een paar dorpen in de omgeving, zoals Vilsteren, Ommen en Beerze. Als het even droog was, stapten we uit de auto en liepen wat. Maar te vaak werden we door de regen weer teruggeleid.

Vlak bij Sibculo ligt het natuurgebied De Engbertsdijkvenen. Een gebied met het nog zeldzame hoogveen, plassen en uitgestrekte heidevelden. En daar wandelden we wel een paar keer en kon ik gelukkig toch nog wat foto’s maken.

Maar wie weet gaan we nog een keertje terug…

Landverhuizers

Vanuit elke havenstad zullen mensen wel vertrokken zijn om elders hun heil te zoeken. Rotterdam kent een hele wijk, die bekend stond om zijn Chinese bewoners. Sommigen vonden er hun geluk, hun partner of verdienden genoeg om weer terug te keren naar hun vaderland.

Maar vanuit Rotterdam vertrokken ook honderdduizenden om aan de andere zijde van de oceaan hun geluk te beproeven. Misschien trokken ze verder, naar Canada of naar de westkust van de Verenigde Staten. Ze begonnen een bedrijfje, kochten land om een boerderij op te zetten of trokken naar de goudvelden in Californië of Alaska.

De meesten van hen zullen zijn scheep gegaan aan boord van één van de schepen van de Holland America Lijn. Op die kade begonnen heel wat verhalen, van tragedies tot succes stories.

Het hoofdkantoor van de HAL stond aan de Wilhelminakade en is nu het welbekende “Hotel New York”. De loodsen van toen zijn omgebouwd tot een grote “terminal” voor cruiseschepen.

Wie wil weten of een oud familielid aan boord van één van de HAL-schepen was, kan nu die passagierslijsten digitaal inkijken.

Ik weet intussen dat er heel wat reislustige familieleden waren. Niet allemaal waagden ze de oversteek definitief. Ze gingen soms ook alleen op (zaken)reis en kwamen na verloop van tijd weer terug. Misschien vind ik zo ook nog wel “verdwenen” familie…. 😉

Boek

Vanuit Rotterdam vertrokken honderdduizenden mensen op zoek naar geluk in het verre Amerika. Ze stapten op een schip van de Holland America Line in de hoop dat aan de overzijde van de oceaan hun fortuin zou liggen. Helaas, velen zullen er vooral armoe gevonden hebben. Tenminste dat vermoed ik, want er zijn tientallen boeken over verschenen.

Eén van die boeken is “Fortuna’s kinderen” van Annejet van der Zijl.

Het begint met het verhaal van Léon Herckenrath, zoon van een gegoede familie in het Zuid-Hollandse westland. Hij wordt voor zaken naar Amerika, naar Charleston gestuurd. Als hij daar ernstig ziek wordt, zorgt de kleine Juliette voor hem en waakt dag en nacht. Leon en Juliette worden verliefd. Eigenlijk kan dat niet goed gaan, want Juliette is een slavenkind.

In het geniep leven ze samen, krijgen kinderen. Maar als het er echt om gaat spannen weet Leon toch zijn kinderen en vrouw naar Nederland te sturen, waar ze allen in de familie worden opgenomen. In Nederland is Juliette weliswaar een bijzonderheid, maar de Nederlanders reageren zeer nuchter op haar huidskleur. Nu is zij de dame en heeft ze bedienden die voor haar werken.

De oudste dochter trouwt een vriend van de familie. En ook deze man heeft reisbloed in zijn aderen, want hij vertrekt naar Californië om goud te zoeken. Het goud wordt hem niet in de schoot geworpen, maar dankzij zijn handelsgeest weet hij wel een succesvol zakenimperium op te zetten.

Zoals in alle boeken van Annejet van der Zijl is zij diep in de geschiedenis gedoken. Het boek is niet zozeer een roman als wel een prachtig historisch verhaal.

Onvoorspelbaar

Het is een oneindig onderwerp van gesprek en je kunt er nauwelijks op rekenen. ???? Ik bedoel natuurlijk het weer.

Tijdens onze vakantie in Twente hoopten we op een beetje mooi weer. Maar wat we voorgeschoteld kregen was grauw, mistig, koud en bij wijlen zelfs onaangenaam.

Maar op de op één na laatste dag stonden we op met zon en een stralend blauwe hemel. Dus besloten we wat vroeger op stap te gaan. Maar nauwelijks waren we op weg of Leo realiseerde zich iets te zijn vergeten. Bij een benzinestation keek hij nog even in zijn rugzak of hij het toch bij zich had. Maar nee…

Hè bah, nou ging net de zon weg. En wat was dat, zag ik dat goed? Ja, het sneeuwde een beetje. Nou ja, natte sneeuw… Leo stapte weer in en reed weg. En ineens zaten we in een hevige sneeuwbui. We reden het dorp in, waar alles al enigszins wit was. Bij een rotonde keerden we en reden terug naar ons huis. Het hield op met sneeuwen en …. kijk nou, stralende zon, helderblauwe lucht. Geen regendrop te bekennen. Op nog geen drie kilometer zoveel weersverandering, het leek een beetje surrealistisch.

Thuis zocht Leo zijn spullen bij elkaar en stopte ze snel in de rugzak. Opnieuw gingen we op weg. En weer doken we de grauwe wolken in. Maar gelukkig, droog bleef het en wandelen konden we dus ook. Al was het echt bitter koud.

Even rust

Bron: Google

Door de omstandigheden is ons leven in wel heel rustig vaarwater gekomen. En dan valt er gewoon weinig te vertellen. Daarom las ik even een radio-stilte in.

Leo en ik gaan er weer eens even op uit. Lekker ergens in Nederland uitbuiken, bijkomen, op verhaal komen of gewoon bijtanken. We zien wel wat het wordt.

In ieder geval schrijf ik een aantal dagen geen blogjes.

Alleen op maandag heb ik wat gepland, zodat jullie toch de week muzikaal beginnen 😉

Wij trekken ons nu even terug. Doei……!

Moet dat nou?

De afgelopen maanden waren een paar keer in de Achterhoek en Twente. Prachtig landschap, waar we met veel plezier hebben rondgetoerd en gewandeld en ik ook diverse keren over blogde.

Maar waar we ook diverse malen stuitten, waren op grote borden of spandoeken met protesten. Tegen de komst van enorme windmolens. Molens van meer dan 230 meter hoog, die het landschap beslist niet zullen verfraaien. Om nog maar te zwijgen over de schade aan vogels en de menselijke leefomgeving. Want stel je eens voor, zulke joekels die vrijwel constant staan te draaien….

Het doet me pijn om te zien dat wij mensen telkens weer de aarde op een of andere manier geweld aan doen. Ik snap natuurlijk heus wel dat we, met onze manier van leven, steeds meer energie nodig hebben.

Maar als ik lees dat die grote wieken niet te recyclen zijn en dus maar begraven worden. Probleem nu even weg, straks -de generaties na ons- moeten ze het maar zien op te lossen.

Kunnen we daar nou geen betere manier voor bedenken?

Toch droog

Al wandelend kom je de vreemdste voertuigen tegen. Zoals dit futuristische karretje. Is het een autootje of een fiets? En hoe snel kun je hier mee rijden?

Het is een brommer, volgens zoon. Dus gemotoriseerd. wel een heel erg individualistisch vervoer. Een soort van eigen bubbel op de weg.

Ik vroeg me af hoe comfortabel het zou rijden… Nou ja, dat zal ik wel nooit te weten komen, want dit is zeker niets voor “dames” van mijn leeftijd. Vraag me zelfs af of ik er wel in zou kunnen komen en zo ja, hoe kom ik er dan weer uit…?

Nee, dit is voor hippe jongeren. Die kunnen er nog wel indruk mee maken.

Ingepakt

Den Haag en Rotterdam, twee steden op maar een korte afstand van elkaar. Maar wat een verschillen.

Rotterdam recht voor z’n raap, een beetje ongepolijst. Doe maar gewoon…..

Den haag een beetje chique, wat afstandelijk en met heel veel decorum.

Waaraan je dat kunt zien? Nou…, bijvoorbeeld aan dit. Een statig gebouw, tot in de puntjes verzorgd. Een hotel, in de kersttijd versierd. Niet met een overdaad aan lichtjes, maar met prachtige strikken. Een tikkeltje bescheiden, als het niet voor elk raam een strik was.

In Rotterdam zou ik me geen gebouw als dit zo kunnen voorstellen. Daar zouden de lichten je van verre toeknipperen en de toon een beetje “over the top” zijn.

Zo’n dichtbij en toch zo anders. Maar daarom juist ook zo leuk om zo nu en dan beide steden te bezoeken.

Souvenirs

Sommige dingen hebben geen woorden nodig. Zoals dit, want die twee verlichte poppetjes vertellen op zichzelf een heel verhaal.

Het zijn Ampelmannetjes, figuurtjes die op de verkeerslichten staan. Niet in Nederland, maar in Berlijn. Eerst in Oost-Berlijn, maar nu zijn ze een symbool voor de stad. En inmiddels is een hele handel in allerlei artikelen (klik) ontstaan.

Ik weet bijna zeker dat de bewoners van dit huis in Berlijn waren en deze lichtjes als souvenir hebben meegenomen.

En toen ik ze zag, daar in die onbekende straat, fladderden mijn gedachten weer naar onze bezoeken aan Berlijn. De sfeer, de indrukken, de verhalen over de Muur.

En toch maar gewoon twee lichtjes, het begin van veel dierbare herinneringen.