Raadsel

Al een tijdje vielen deze roestvrijstalen dingen me op. Ik zie ze overal in de stad. Soms op regel-
matige afstand, soms is er geen verband te vinden.
Eerst dacht ik dat het alleen in Rotterdam was en dan wel daar waar opnieuw
 

bestraat was, zoals op de Binnenweg.
Maar vorige week zag ik ze ook in Amsterdam. Ik heb geen flauw idee waar ze voor dienen of wat ze markeren. Het zal best wel enig nut hebben, want anders worden ze niet in de grond geslagen. Iemand een idee?

Kleurrijk

Al weer een hele tijd geleden, in 2001 om precies te zijn, waren wij in Vietnam. We maakten de reis van Saigon naar Hanoi en bezochten ook  Bac Ha. Daar wordt regelmatig markt gehouden waar de minderheden hun waren komen verkopen. De vrouwen van de Hmong dragen schitterend geborduurde kleding. Ik vond het zo fascinerend dat ik wel foto’s kon blijven maken.

Strandbeest

Het gebeurt niet vaak dat ik niet kan slapen, maar als het dan eens zo ver is, dan kijk ik graag TV. En zo stuitte ik laatst op een uitzending van Discovery Channel over de Nederlandse kunstenaar Theo Jansen. Hij maakt strandbeesten. Gewoon, (nou ja gewoon?) van PVC-buis, lege PET-flessen en wat plastic lappen creëert hij zelfstandig bewegende figuren. Adembenemend mooi.

 

Ambacht

 “Waar vind je nog een goeie timmerman, zo’n man die wat z’n ogen zien, met zijn handen maken kan?” Het is het begin van een liedje over vaklieden, die je tegenwoordig met een lantaarntje moet zoeken.
Toch worden ook nu nog altijd jonge mensen opgeleid tot “ambachtslieden”. Vakmensen die perfect maatwerk leveren, ideeën werkelijkheid kunnen maken.  Knap werk, dat waardering verdient.
 

In andere landen bestaat er zoiets als een “meesterstitel”. In Nederland niet meer. Maar er doet wel een flinke groep jonge mensen mee aan de “World Skills” in Leipzig, waar de wereldkampioenschappen voor beroepen worden gehouden. Ze zouden best wat meer in het zonnetje gezet mogen worden, want een goeie vakman/vakvrouw is zijn/haar gewicht in goud waard.
Voor het hele team dus: toi, toi, toi, veel succes!

Plezier

Vorige week vroeg ik op Stuureenfoto naar wat anderen blij maakt, maw je “favourite things”. Zelf had ik een foto van een boeket rozen er bij gezet, omdat bloemen en met name rozen me altijd blij maken. De een wordt blij van de gedachte dat hij binnenkort zijn wandelschoenen weer aan kan, de ander verheugt zich regelmatig op een lekker kopje cappuccino.  

Maar wat maakt me nou nog meer blij? Oh, heel veel. Luchtjes bijvoorbeeld kunnen m’n stemming helemaal doen omdraaien. Ben ik zo nu en dan een beetje down, dan is een geurend stukje zeep voldoende om me blij te maken. Maar ook ’s morgens onder de douche geeft een fijn geurende doucheschuim me een enorme opkikker. Het zijn tenslotte de kleine dingen die het ‘m doen!

Kapot (2)

De nieuwe wasmachine is er, maar daarmee is de zaak nog niet rond. Want op de oude wasmachine stond een droger.
De bezorgers hadden de droger met gemak op de grond getild. Maar op mijn vraag of ze zo vriendelijk wilden zijn om hem na installatie op de nieuwe wasmachine te zetten, kreeg ik als antwoord “dat ze dat niet mochten doen”. Kwestie van juridisch indekken, want als die droger na verloop van tijd er af zou vallen…. Dat leek me nogal stug. Totdat ik er op gewezen werd dat de nieuwe machine iets kleiner was dan de oude. Het bovenblad was niet 59 x 59, maar 59 bij 53. Ik stond perplex. Beide apparaten zijn van hetzelfde merk en nergens was vermeld dat een droger erop plaatsen moeilijkheden zou geven. Welke sufferd van een ontwerper hanteert nou toch ineens andere maten? Of je de machines nou stapelt of naast elkaar zet, de bovenbladen moeten toch de zelfde diepte hebben. Anders is het geen gezicht. Nou we gaan maar eens bekijken hoe we dit gaan oplossen. Liefst voor maandag, want dan staat er weer een andere klus op stapel.

Kapot

Na ruim 15 jaar trouwe dienst begaf gisteren onze wasmachine het. Halverwege het programma nog wel. Dus zat ik met een emmer vol druipnat wasgoed, dat nog gespoeld moest worden.
En daar sta je dan, als techniekverslaafd modern wezen. Geen flauw idee hoe ik nou verder moet. Nou ja, een nieuwe machine bestellen natuurlijk. Wat we dan ook onmiddellijk deden, per internet. Dus de narigheid is maar van korte duur, want vandaag wordt die al bezorgd.
Gek, toen ik zo´n jaar of 13 was, had ik er totaal geen probleem mee gehad. Was ik (weliswaar met enige tegenzin) achter de wastobbe gaan staan en had ik de was verder afgemaakt, door de wringer gehaald en op de zolder opgehangen. Klus geklaard zonder ook maar een greintje paniek. Wel met heel veel meer werk, want dat wassen toen was een heel karwei. Meestal werd dat natuurlijk door mijn moeder gedaan. Als ik eens insprong, was het omdat zij ziek was.
Tijden veranderen, maar het is nog helemaal niet zo gek om eens terug te denken aan de jaren dat alle technische hulpmiddelen nog niet bestonden en het op pure menskracht aankwam…..

Ritme van de regen

Vijftien was ik en ik zat in de 4e klas van de MULO. En hij was ons idool: Rob de Nijs. Toen hij in Rotterdam was, gingen we tussen de middag snel, snel naar de stad voor een handtekening. Kwamen natuurlijk te laat terug en kregen straf. Maar dat gaf niet, we hadden hem gezien, gesproken en die handtekening prijkte in onze agenda.
We zijn allemaal ouder geworden, maar dit liedje vind ik nog steeds leuk.

 

Terug in de tijd

Het kan even duren, maar alles komt een keer terug. In de mode, in wat we eten en nu dus in handwerktrends. Want ik zie op dit moment bijna niets anders op Pinterest dan gehaakte tassen.
Ik doe mijn ogen dicht en dan zie ik mijn haakwerkje weer voor me. Ik denk in de vijfde klas van de Lagere School (basisschool, groep 7 voor de wat jongeren onder mijn volgers 😉  ) maakte ik een “ballennet” van lichtgeel katoen. Je begon met een ring van 5 lossen en daar maakte je dan telkens een nieuw boog in van weer 5 lossen, die je met een (halve?) vaste vastzette. Nu ik het zo lees, snap ik het bijna zelf niet, maar het was een kinderlijk eenvoudig patroon. Als je maar stevig door haakte, kwam dat ballennet voor de zomervakantie af en kon je er dus buiten mee pronken. Helaas kwam het bij mij nooit zo ver. Mijn net bleef ienie mini en slechts door hevig getrek leek het wat en kon het de goedkeuring van de juf krijgen. Slechts twee ballen pasten er in, terwijl je je toch met minstens drie ballen op straat kon vertonen.

Maar nu zijn dus hele hordes vrouwen zo’n zelfde net als boodschappentas aan het haken. Grappig, maar ik begin er niet weer  aan. Ik naai liever een boodschappentas!

bron: Pinterest