50 jaar

Ommoord, de wijk waarin wij wonen, bestaat dit jaar 50 jaar. Ze ziet dus Sarah. Wij wonen er sinds 1972, zijn er twee keer in verhuisd en wonen er nog steeds met plezier.
We waren blij met ons 2-kamer flatje en later met het ruime appartement met veel groen ervoor.

Nu wonen we alweer ruim 35 jaar in onze eengezinswoning. Er waren al wel plannen om weer naar een appartement terug te gaan, maar die kregen nog steeds geen vaste vorm. En dan zou ik wel graag in de wijk blijven. Want er is hier alles dicht bij de hand: goed openbaar vervoer, veel groen, allerlei winkels en prima voorzieningen.

Natuurlijk is er in al die jaren veel veranderd. In het begin was het vooral de wijk van de vele hoge flats, zand, bouwlawaai en ongezelligheid. Mijn collega van toen “wilde er nog niet dood gevonden worden”. Het toen geplante prille groen is uitgegroeid tot leuke plekken met statige bomen. Sommige flats zijn al een keer gerenoveerd en er is veel laagbouw bij gekomen. En de wijk vergrijst. De kinderen van toen zijn inmiddels volwassen, vertrokken naar weer nieuwere wijken. Hopelijk komen er weer wat jongeren hier, zodat de balans wat verbetert ๐Ÿ˜‰ย  Wij hebben het hier nog steeds erg naar onze zin!!

 

Natuur in de stad

Stel, je bent emigrant in Rotterdam. Je (voor)vaderland ligt ergens aan de Middellandse zee, met meer zonuren dan hier. Met overal druivenranken en volop bloemen in felle kleuren. Wat doe je dan. Dan probeer je toch een stukje van daar naar hier te brengen. Dan beplant je het rijtje tegels voor je huis met druiven en andere zuidelijke planten.ย  Zodat het hier toch een beetje op daar lijkt ๐Ÿ˜‰

 

Herinneringen

Ook vorige week keken we naar “We zijn er bijna” en wat een verrassing om te zien dat “ons strand” in Tolo er nog bijna net zo bijlag als in 1972.
We kwamen uit Athene, waar het druk en vol was en hadden ons verbaasd over de diepte en de smalte van het Kanaal van Korinthe. Tijd om even uit te blazen en wat te zonnen en te zwemmen.

We sloegen een zijweg in en daar lag het strand. Bijna helemaal verlaten. Er was een strook bos, waar we onze auto neerzetten, lekker in de schaduw. De autoradio stond aan en daar hoorde ik voor het eerst “The candyman” van Sammy Davis. Een liedje dat voor altijd met dat strandje verbonden zal zijn.
We hebben toen geen foto’s maar dia’s gemaakt. Die staan op zolder, in een kast. Jammer eigenlijk, moet ze toch weer eens opzoeken ๐Ÿ˜‰
Maar Wikipedia biedt uitkomst, want dit is Tolo anno 2010. Ach, ik las dat er wel diverse hotels zijn bijgebouwd en dat die soms niet al te fraai zijn. Maar dit is nog een klein stukje, dat precies past in onze herinnering. Via Google Earth ontdekte dat zelfs het kleine restaurantje er nog is. Ach, misschien volgens jaar weer? Samen met de auto, ik zie dat wel zitten ๐Ÿ˜‰

Kinderdromen

Kinderen over de hele wereld dromen hoe het zal zijn als ze groot zijn. Of er van al die dromen ook wat terecht komt, is maar de vraag. Maar het is leuk om te zien wat er zich in hun kleine koppies omgaat.
Vorig jaar, in Okayama stuitten wij op een kleine tentoonstelling van kindertekeningen. En hoewel het hele verhaal erbij ons volkomen ontging, want in het Japans, konden we wel zien wat de vraag was geweest: wat wil je later worden.

Hieronder een greep uit wat wij zoal zagen (klik op de foto om te vergroten):

Deze kindertekeningen passen perfect in het thema van deze week bij Stuureenfoto. Neem een kijkje en doe eens mee!

Herinneringen

We kijken elke maandagavond naar “We zijn er bijna”, waarin een aantal oudere stellen met de caravan op vakantie gaat. Dit jaar gaat de reis naar Griekenland. En daar beginnen onze herinneringen.

Want wij gingen in 1972 in een oude blauwe Volkswagen Kever van Rotterdam naar de Peleponnesos. Vier weken, voor het eerst samen. Nou je kunt begrijpen, dat wij aan die reis veel herinneringen hebben. We kampeerden niet, maar namen op de bonnefooi een hotelletje.

Ook staken wij niet van Italiรซ naar Griekenland over, maar reden we dwars door het toenmalige Joegoslaviรซ. Ik herinner me nog het bord met “Belgrado 778 km. De markt in Skopje, waar ik een levende kip in mijn handen geduwd kreeg. En de Griekse wegen….. Nu zien die er op tv gelikt uit, maar wij vlogen nogal eens met ons hoofd tegen het autodak omdat er enorme kuilen in de weg zaten.

We aten in piepkleine restaurantjes, waar je in de keuken mocht kijken wat er die dag op het menu stond. Vaak niet meer dan bonen, want wij reisden in de vastentijd. Dus er was geen vlees. Maar het smaakte ons prima. Onderweg kochten we kaas en fruit, enorme sinaasappels. We dronken retsina en ouzo. Goeie ouwe tijd….

 

Geluksbrenger

Je ziet ze hier steeds vaker, in Chinese en Japanse restaurants, in de toko en bij mensen thuis. Soms een beetje kitsch, met veel bling-bling, soms zelfs helemaal verguld, maar ook wel helemaal wit.Het is Maneki Neko, de gelukskat. Hij wenkt met zijn poot en roept het geld, bezoek en geluk binnen. Misschien geloof je er niet in, maar ach, kwaad zal het ook niet kunnen. Bij ons hangt ie als magneet aan het prikbord in de keuken. En bij tijd en wijle denk ik dat ie me ook nog helpt ๐Ÿ˜‰

 

Wereldberoemd

In Tuindorp Vreewijk ontdekten we ook deze muurschildering. Ter herinnering aan Milkbar Aurora, destijds wereldberoemd op Rotterdam-Zuid. Daar kwamen jongens en meisjes bij elkaar, om te praten en milkshakes te drinken. En gehaktballen te eten. Onschuldig vertier, maar o,o, wat waren de ouders van die jongens en meisjes destijds bezorgd om hun kroost. Wat moest er terecht komen van die nozems, met hun lawaaiige brommers en hun vetkuiven?

Wat voor toekomst hadden die meisjes, met hun petticoats, korte rokjes en hun opzwepende dansen? Nou ja, we weten het nu. Ze zijn brave burgers geworden. Opa’s en oma’s, die soms verhalen vertellen over die goeie ouwe tijd ๐Ÿ˜‰ ๐Ÿ˜‰ ๐Ÿ˜‰