Nu al is er meer geld aan vuurwerk besteed als vorige jaren. Dus alweer een nieuw record. Deze foto maakte ik vorige week, kun je nagaan.Je zou toch zeggen…
Als je alle berichten over onze kwakkelende economie hoort, dan kijken mensen wel uit waar ze hun geld aan besteden.
Nu moet iedereen natuurlijk zelf beslissen waar hun portemonnee voor open gaat. De onze blijft voor vuurwerk in elk geval dicht. Vanuit de verte, lekker veilig, kan ik een mooie vuurwerkshow wel waarderen. Maar die knetterharde knallen hoeven voor mij niet. Soms lijkt het wel oorlog, bah!
Het duurde even voor ik dit jaar op gang was, maar nu ben ik toch ook helemaal “in Kerstsfeer”.
De kerstspullen zijn weer van zolder gehaald, het minikerstboompje staat klaar om te worden versierd en voor het keukenraam staan witte cyclamen tussen de sparrentakken, hulst en ander groen. Compleet met lichtjes.’s Avonds ben ik wel even bezig met het aansteken van de kaarsjes en het jaarlijks terugkerend gepruts met de lijn voor de kerstkaarten, is ook al weer gebeurd.
Het kerstmenu staat min of meer vast en de inkopen daarvoor stapelen zich langzamerhand op.Leo haalt vanmiddag de kerstelpees van zolder. De kinderen komen, dus het wordt vast weer een beetje nostalgisch. Nu alleen nog een beetje sneeuw……
En ook bij Stuureenfoto staan deze week de kerstversieringen centraal.
Het derde deel van de trilogie van Jenny Glanfield heb ik ook uit. En weer kon ik het boek bijna niet wegleggen. Misschien kwam dat ook wel doordat hierin de meest recente geschiedenis wordt beschreven, Berlijn in de periode van 1945 tot en met de val van de Muur in 1989.
We brachten in de jaren 80 nogal eens onze vakanties in de buurt van het IJzeren Gordijn door. ‘s-Winters waren wij in Weissenborn, ‘s-zomers gingen we naar Beieren. En omdat die vreemde grens grote indruk maakte, reden wij er nog als eens naar toe.
Maar het meeste indruk maakte toch die keer dat wij, aan de westkant van het IJzeren Gordijn, gescheiden door metershoog prikkeldraad, waarachter woedende bloedhonden liepen, een bus voorbij zagen komen. Wij zwaaiden uitbundig, maar de passagiers keken stoïcijns voor zich uit. Slechts een enkeling waagde het stiekem en tersluiks te zwaaien. Nooit heb ik onvrijheid beter gevoeld. En sindsdien waardeer ik de vrijheid hier des te meer. Toch konden wij niet echt beseffen hoe het leven daarginds zou zijn.
Een klein tipje van de sluier werd opgelicht, toen we kort nà de val van de Muur in Eschwege waren en er Ossies zagen die met open mond van verbazing de rijkdom van het westen bekeken. Toen we zelf de grens over konden, verbaasden wij ons weer over de armoe die we er aantroffen.
In “Verdeelde stad” wordt de sfeer tamelijk goed verwoord, lees je hoe onvrijheid en dictatuur, spionage en verklikkerij het leven van mensen verwoest. Maar ook hoe liefde zich niet laat dwingen door grenzen, hoe mensen gehersenspoeld kunnen worden.
Het boek eindigt met het openstellen van de Muur, een ogenblik dat nog op You Tube terug te vinden is en bij mij nog steeds kippenvel veroorzaakt:
De boeken van Jenny Glanfield kunnen apart gelezen worden, maar samen geven ze een mooi stuk geschiedenis weer.
Je kunt de krant niet opslaan of je leest berichten over fraude. Eergisteren nog was het Amarantis, waar bestuurders zich schandalig verrijkten.
Maar wij zijn nette burgers, die hun belastingaangifte op tijd wegsturen, de belasting netjes betalen, geen bumperklevers zijn en ons aan de maximum snelheid houden. Waarvan de overheid heel veel weet, zoals wanneer ze geboren of getrouwd zijn, hoeveel de verdienen en verdienden, hoe hoog hun banksaldo is en nog veel meer. En dan rijzen je haren dus te berge als je een brief ontvangt van de SVB waarin je als een notoire fraudeur wordt afgeschilderd. Een (niet ondertekende) maar wel persoonlijk gerichte brief, die begint met “De overheid heeft bepaald dat vanaf 1 januari 2013 de boete voor overtredingen op het gebied van sociale zekerheid omhoog gaat.”
Die alinea na alinea verder gaat met dreigen, dat een boete zal worden opgelegd en dat teveel ontvangen uitkeringen terug moeten worden betaald “zonder maximum”.
Leo en ik lazen hem samen en vroegen tegelijkertijd “waar gaat dit over?” Wat hebben we misdaan of verzuimd? Ik kan je verzekeren helemaal niets. Dit is zo’n brief van de een of andere klunzige “communicatiedeskundige”, waar niemand eens kritisch naar gekeken heeft. Natuurlijk weten we dat er mensen zijn, die per abuis of opzettelijk vergeten op te geven dat hun situatie veranderd is, alleen maar omdat dat meer geld in het laatje geeft. En natuurlijk zijn wij het daar niet mee eens. Maar had die wijziging in de wet nou niet een tikkie vriendelijker gemeld kunnen worden?
Als we naar de markt gaan, gaan we meestal ook naar de kerkbazaar.
En deze week lag, in de allereerste doos die ik zag, het Muizenboek.
Dat heb ik als kind zo vaak gelezen, dikke tranen om gehuild en in angst gezeten of het ooit weer goed zou komen met die arme muisjes. En daar lag het weer. Helemaal zoals ik me herinner, een beetje verfomfaaid, met losse blaadjes, maar nog verder helemaal intact.
En voor 50 eurocent laat je dat niet liggen. Eerst moet het gerepareerd worden en dan gaat het bij de andere boeken, op de zolder. Om zo nu en dan nog eens terug te lezen.
Zo nu en dan zie ik op Pinterest iets waar ik me helemaal suf over verbaas. Want hoeveel schoenen kan een mens hebben? Bij mij liggen ze nogal rommelig in een Ikea-kastje.
Maar niet bij Mariah Carey,. Die zet ze allemaal in haar zelf ontworpen “walk-in closet”. En zo te zien is er nog plaats genoeg voor nog meer tassen, schoenen en laarzen.
De meeste reclames vind ik nogal stupide. Ze zijn vaak nogal luidruchtig, met gillende mensen of schreeuwende mannen die beweren niet gek te zijn. Dus gaat het geluid bij ons vaak uit. Maar soms zit er wel een mooie tussen. Zoals deze:
Laten we de week beginnen met een spreuk. Grappige gezegden om te (glim)lachen of wijze woorden om te overdenken. Elke maandag vind je er hier een. Ook deze week dus weer:
Het is je reinste krankzinnigheid om in armoede te leven om rijk te kunnen sterven
Juvenalis.
Deze zomer kwamen we in Berlijn toevallig deze beeldengroep van Frank Meisler terecht. Het staat bij het station Friedrichstrasse en maakte grote indruk op mij.
De groep verbeeldt een aantal joodse kinderen van de “Kindertransporte”. Sommige kinderen werden naar Engeland en geadopteerd; anderen werden naar de vernietigingskampen gebracht en keerden waarschijnlijk nooit meer terug.
De beeldengroep staat niet op zich zelf, er staat van dezelfde beeldhouwer een groep in Londen, bij het Liverpool Street Station en in Dantzig, voor het hoofdstation. Maar ook in Wenen en Hoek van Holland staan beeldengroepen.
Kort na ons bezoek aan Berlijn, was ik in Wenen en ik wilde beslist ook het monument in het Westbahnhof zien.
En natuurlijk ga ik een keer naar Hoek van Holland om daar een foto te maken. Toen ik in 2008 in Dantzig was, stond de beeldengroep daar nog niet. Binnenkort zal ik daarover bloggen.
Wie kent dit flesje nou niet? Thuis gebruikten we het bijna altijd, in de soep, op de andijvie, spinazie en vooral op de spruitjes. Want dan vond ik het nog een beetje smaken.
Bij een tante stond het in een mooie zilveren houder. Die smaakte ook heel anders, vond ik als kind. Rijker, chiquer… Nu heb ik het zelf niet meer in huis.Maar dat de “uitvinder” een van oorsprong Italiaan was en dat het product al meer dan honderd jaar bestaat….? Maggi wordt tegenwoordig geproduceerd door Nestlé. En zij brengen natuurlijk veel meer op de markt dan alleen dit zoute sausje. Maar waar je ook ter wereld bent, iedereen herkent dit flesje.