Een gedicht op onze dagkalender, er zullen er vast meer zijn die het lazen. Ik vind het mooi en passen bij de lijsterbessen. Zij kondigen elk jaar voor mij de herfst aan.
September
Blond lief, de laatste gouden dagen wuiven ten afscheid en wij achten ’t niet, de bomen en de struiken dragen hun laatste tooi en in het riet schuilen de vissen en hun trage vinslag verraadt hen niet.
Het wordt nu tijd ons te bezinnen; de bossen kleuren dieper bruin en lila herfstasters beginnen hun ijle bloeien in mijn tuin.
Het wordt nu tijd om te bedenken: de zomer houdt niet eeuwig stand; zij schonk ons al wat zij kon schenken – de laatste gouden dagen wenken en herfst komt reeds in feller kleuren drenken de bloemen van dit dierbaar land.
Net als in voorgaande jaren begin ik de week met muziek. Met gezellige, vrolijke of sentimentele liedjes in het Nederlands of in andere talen. Misschien herken je er een of zijn ze helemaal nieuw en fris. Het uitzoeken brengt mij veel plezier en ik hoop dat jij ze ook met genoegen beluisteren zal.
De zoon van Jules de Corte zingt een liedje van zijn vader: De wonderman. Een liedje dat je onmiddellijk herkent als “ja van….!” en ook nog altijd fijn om te luisteren.
Net als in voorgaande jaren begin ik de week met muziek. Met gezellige, vrolijke of sentimentele liedjes in het Nederlands of in andere talen. Misschien herken je er een of zijn ze helemaal nieuw en fris. Het uitzoeken brengt mij veel plezier en ik hoop dat jij ze ook met genoegen beluisteren zal.
Hoe ik aan de link voor deze song kwam, geen idee. Maar ik vind het een ontroerend verhaal. Een verhaal in een song, gezongen en gespeeld door John Prine.
Het is altijd weer een verrassing hoe een hotelkamer eruit zal zien. De kamer die we kregen toegewezen was prima. Ruim, schoon, mooie badkamer, prima bed.
Maar wat misten we een kleurtje in die kamer. Alles was zwart, de muren, de kasten, de stoelen. Gelukkig lagen er twee kleurige kussentjes en was het beddengoed wit, anders was ik gillend weg gelopen.
Het hotel was verder uitstekend en we hebben er prima geslapen, dat wel. Maar voor ons hoeft zo’n donkere kamer niet. Geef ons maar een pittig kleurtje op de muur, desnoods een ratjetoe van kleuren en stijlen.
Onze oudste is al heel lang het huis uit. Net 18 was ie toe hij in Groningen ging studeren. En van dat ogenblik werd hij een beetje een Grunneger.
Daarna ging hij in Den Haag wonen. En van lieverlee werd dat zijn stad. Het knaagt een klein beetje dat hij Rotterdam met een schuin oog bekijkt. Maar ja, zo gaat dat. Het is niet anders.
Als hij komt brengt hij vaak iets lekkers mee, van een slager op de Fred, van een Haagse bakker.
Zoals laatst, toen hij met deze onmiskenbare Haagse Harry-doos aankwam. Er zat een Haagse poffert in, of zoals ’t op z’n plat Haags heet “uhn poffah”.
Onbekend voor ons Rotterdammers, maar erg lekker. Het lijkt op een enorme krentenbol, met een laag zoete vulling.Haagse Harry houdt zo te zien van een stevige hap.
We wilden er even een paar dagen tussenuit. Niet te ver, naar België misschien? En toen zag ik een berichtje over Lier. Nooit van gehoord, moest ook opzoeken waar het lag. Nou vlak bij de grens, we waren er zo.
Een kleine plaats, maar heel gezellig. Vrijwel alles is op loopafstand en er is beslist heel wat te zien. Het is de geboorteplaats van Felix Timmermans, er is een mooie klokkentoren met bijzondere uurwerken en een planetarium. Je kunt over de stadswal lopen en er is een begijnhof dat dateert uit de 14e eeuw.
En natuurlijk zijn er talloze terrassen, waar met gulle hand bier en andere dranken geserveerd worden. Het viel ons op dat elke biersoort een eigen glas heeft. En dat staat heel erg gezellig op de tafeltjes. En als oud-bierproever liet Leo zich natuurlijk diverse soorten goed smaken.
Er volgen nog meer blogjes over ons bezoek aan Lier, maar voorlopig een korte diashow als voorproefje.
Onze eigen Nijntje van Dick Bruna is niet alleen in Nederland populair, maar ook in Japan. Begrijpelijk want de stijl van Dick Bruna appelleert aan de stijl van de Japanners. Simpel, zonder poespas. Geen lijn of streepje te veel.
Nijntje is dan ook veelvuldig te spotten in Japanse winkels. En nu Nijntje inmiddels 70 jaar oud is geworden, is er in Kobe een tentoonstelling georganiseerd. Daar zullen vast wel mooie posters van gedrukt zijn, maar dit vond ik een heel bijzondere manier van aandacht trekken voor die tentoonstelling.
Simpelweg twee stippen en een kruisje op een gebouw. Et voilá, daar is Nijntje. Mooi en treffend in alle eenvoud.