Deze foto kwam ik tegen op Facebook. Het draait allemaal om geld, ons oude gelde welteverstaan.
De tijd dat een gulden op de markt een daalder waard was. Je geen rooie cent meer in je zak kon hebben, maar dan ook niks kopen kon. Want in die tijd was er nog geen plastic geld.
En je de hele wereld rond kon reizen, als je een kwartje had en voorspellende gaven. Want anders kwam je natuurlijk nog niet ver.
China is een enorm land met enorme wegen. Die hadden ze al toen wij er in 1997 waren, maar inmiddels zullen ook die wegen wel breder en langer geworden zijn.
Toch kennen de Chinezen ook het file probleem. Want als ze een Nationale vrije dag hebben, willen ze allemaal naar buiten.
En dan krijg je zulke taferelen. Enorme files, waar geen begin of een eind aan te zien is. Een oponthoud van enkele uren? Nou reken maar op enkele dagen….!
Deze poster hing de hele maand januari in onze hal, als deel van de jaarkalender.
Zermatt is een dorpje in Zwitserland, waar je kunt er skiën, wandelen, genieten van de natuur.
Oorspronkelijk was er voornamelijk landbouw in en rondom het dorp. Maar nadat Britse bergbeklimmers in de 19e eeuw de nabij gelegen Matterhorn ontdekt hadden, werd de belangrijkste bron van inkomsten het toerisme.
Omdat het al vele jaren autovrij is, moet je je auto aan de rand van het dorp achterlaten en met elektrische bussen of paard en wagen naar je vakantieadres rijden.
Het winkelcentrum dichtbij onze wijk heeft al lang veel betere tijden gekend. Toen was het winkelaanbod veel gevarieerder. Er was een modewinkel, een grote radio- en tv-zaak, een doe-het-zelfwinkel en een bank. Ook was de drogist veel beter gesorteerd en luxer dan nu het geval is. Er zijn ook winkels gebleven, zoals de banketbakker, Zeeman en met drie supermarkten hoeven we niet te klagen. Sommige winkels staan al weer langere tijd leeg, maar er zijn wel drie kapperszaken.
Bron: Facebook
Maar Toko Sodiro kwam al weer vele jaren geleden erbij en is inmiddels niet meer weg te denken. Klein begonnen, groter gegroeid en ruim voorzien van allerlei tropische levensmiddelen. Het is er vaak druk, roezemoezig en het ruikt er heerlijk. Er heerst een gemoedelijke sfeer.
Ik koop er graag kruiden en specerijen, rijst, kroepoek of mie. En dan snuffel ik even tussen alle onbekende artikelen. Maar we halen er ook zo nu en dan een heerlijk broodje. Daarvoor moet je wel even in de rij wachten. Geen punt, want er is altijd wel iemand in voor een praatje.
Dit gedicht moest leren op school. Er bleef niet veel van hangen. Behalve de eerste zin van het tweede couplet. Toen hoorde ik het op de radio, voorgelezen door Jacques Klöters en stond de complete tekst op Facebook. Nu hoef ik het nooit meer te vergeten.
Bron: Google fotos / Omrop Fryslan
AFSLUITDIJK De bus rijdt als een kamer door de nacht de weg is recht, de dijk is eindeloos links ligt de zee, getemd maar rusteloos, wij kijken uit, een kleine maan schijnt zacht.
Vóór mij de jonge pas-geschoren nekken van twee matrozen, die bedwongen gapen en later, na een kort en lenig rekken, onschuldig op elkanders schouder slapen.
Dan zie ik plots, als waar ’t een droom, int glas ijl en doorzichtig aan de onze vastgeklonken soms duidelijk als wij, dan weer in zee verdronken de geest van deze bus het gras snijdt dwars door de matrozen heen. Daar zie ik ook mezelf. Alleen mijn hoofd deint boven het watervlak beweegt de mond als sprak het, een verbaasde zeemeermin Er is geen einde en geen begin aan deze tocht, geen toekomst, geen verleden, alleen dit wonderlijke gespleten lange heden.
M.Vasalis (ps. M.Droogleever Fortuyn – Leenmans 1909-1998) uit: Parken en woestijnen. Amsterdam: Van Oorschot, 1940
In deze tijd van digitale documenten en e-mail zal niet iedereen deze rolletjes meer kennen. Maar de meeste van mijn leeftijdgenoten herkennen dit natuurlijk meteen. Een inktlint, dat zorgde voor de letters op het papier in je schrijfmachine.
Dat apparaat waar ik nu op zit te tikken bewaart al mijn verhaaltjes in zijn binnenste. Maar vroeger tikte je op een schrijfmachine waar geen elektriciteit aan te pas kwam. Zo’n lint was natuurlijk altijd op het meest vervelende moment op.
Bij een zuinige werkgever waren de letters dan nauwelijks meer te lezen. En dan moet je dus eerst het oude lint eruit wurmen en het nieuwe erin. Vieze vingers, beduimeld papier en mijn humeur zakte ver onder nul. Later kwamen er elektrische typmachines, met inktcassettes.
En ja nu, hebben we helemaal niks meer van dat soort ergernis. Je print slechts dt wat je echt nodig hebt, met plaatjes en zelfs in kleur.
Alleen, digitaal heeft ook zijn nukken. Daar kan ik nog wel een ander blog over schrijven.
Ik moet me wel erg vergissen als de makers van “The Godfather” deze poster in gedachten hadden. Maar dan niet voor het helen van wonden, maar voor heel wat griezeliger zaken.
Dat Pratt’s Healing Ointment is voor alles geschikt, voor mens en dier, voor snijwonden, schrale billen van te lang op het zadel zitten, brandwonden. Nou gewoon, voor alles. Een wondermiddeltje dus.
Zou het nog te koop zijn? Geen idee….!
Het ruikt vast niet zo lekker…. Ik gok op een stalluchtje.