Kinderboerderij

Kinderboerderij “De Blijde Wei” ligt er nu maar verlaten bij. Het hek is dicht. Er klinken nu geen kinderstemmen. Alleen de medewerkers zijn er om de boel te onderhouden en de dieren te verzorgen.

Maar de dieren zijn er nog wel. Die trekken zich niks aan van Corona en vinden het misschien wel rustig. Nu kunnen ze heerlijk spelen in de wei en worden ze niet achterna gezeten door lawaai makende kinderen.

Het ziet er wat “terug in de tijd” uit. Jetses zou hier nog leuke platen hebben kunnen tekenen. Vroeger was dit een echte boerderij. Alles is nog authentiek en ademt een sfeer van vroeger.

Wij kwamen hier al met onze kinderen en nu komen er buurkinderen met hun pappa en mamma naar toe. Normaal gesproken is het er altijd wel druk. Op de parkeerplaats bij de grote witte Kip staan meestal rijen auto’s, want ook opa’s en oma’s gaan graag even een kijkje nemen. Net als wij dus deden, maar nu vanaf het wandelpad langs de sloot.

Rustig

Vandaag zomaar een plaatje dat ik schoot in de wijktuin, vorige week.

Normaal loop ik over het fietspad, maar nu nam ik een klein zijweggetje. En ineens zag ik weer hoe mooi het hier toch is. De bomen die nog niet helemaal in het blad staan, de zon, de prachtig heldere hemel en dat alles weerspiegeld in de grote vijver.

Ik hoef niet ver te wandelen om midden in de natuur te staan. Je zou niet zeggen dat dit stukje tuin ligt tussen twee wijken, waar aan de ene kant hoge flats staan en aan de andere kant eengezinswoningen. En nu is het ook nog eens heel rustig. Geen kwetterende kinderen bij de school, nauwelijks verkeer, geen vliegtuigen in de lucht.

Bijna ideaal zou je zo maar kunnen denken. Maar toch, niet alles is wat het lijkt in deze tijd….

Geen woorden maar…!

Als je de titel van dit blog ziet, zou je denken dat ik een voetballiefhebster ben. Maar dat is niet zo. Het interesseert me maar matig, ken de spelregels niet. En dan ook nog ligt de club uit de Kuip me minder na aan het hart dan die van het Kasteel en Jules Deelder.

Maar geen woorden maar daden past niet alleen bij voetballen, het past ook bij het Rotterdamse karakter. Niet voor niks zegt men dat in Rotterdam de overhemden met opgestroopte mouwen worden verkocht ๐Ÿ˜‰

Op de Rotterdamse kalender vond ik volgend verhaal:
In het poep-chique Marina Bay Sand Hotel in Singapore hoorde iemand in onvervalst Rotterdams roepen: “Sjon, hellup jai dat waiffie effe, dan ken ze ook nog mee naar bove!. De dame in kwestie was duur gekleed. Het waiffie was een schoonmaakster, die een grote en zware zak wasgoed in de lift probeerde te tillen. De echtgenoot van mevrouw, Sjon dus, was een ook al duur uitziende meneer. Maar dat belemmerde hem niet om met een zwaai de zak wasgoed in de lift te zetten, zodat ook de schoonmaakster mee kon.

Typisch Rotterdams, geen woorden maar daden.! ๐Ÿ˜‰

Bron: Google afbeeldingen

Laurenskerk

Tijdens het bombardement op Rotterdam werden niet alleen heel veel huizen vernietigd, ook de Grote of Laurenskerk werd zeer ernstig beschadigd. Lang heeft de kerk in de steigers gestaan, maar gelukkig is ze nu weer in volle glorie te bewonderen.

Er moest natuurlijk heel veel opnieuw gebouwd en gemaakt worden. Zo ook de gebrandschilderde ramen. En hiervoor werd glazenierster Gunhild Kristensen gevraagd. Zij ontwierp drie prachtige ramen. Je zou toch denken dat de kerkleden daar zeer verguld mee waren. Maar nee, in de jaren zestig besloot de conservatieve tak van het kerkbestuur, dat zulk monumentaal werk door een man gemaakt diende te worden. Dus gaf -heel terecht- mevrouw Kristensen de opdracht terug. Slechts รฉรฉn raam werd geplaatst.

Gelukkig dacht men anno 2014 wat vooruitstrevender en werd geld opgehaald om alle drie ramen alsnog te plaatsen. En nu kan men ze bewonderen, want ze zijn prachtig. Alsnog gerechtigheid.

Bron: Google afbeeldingen

Hoe kan dat?

Laatst maakte ik foto’s in Delft, samen met Jeanne en nog wat andere fotomaatjes.

En dit plaatje kon ik natuurlijk niet weerstaan. Want hoe krijg je in hemelsnaam je fiets daar geparkeerd? Wel lekker veilig, niemand zal hem daar jatten. Maar makkelijk lijkt het me niet.

Of is het nou zo’n deelfiets en wilde iemand hem per slot van rekening toch niet met anderen delen? Ik blijf het onhandig vinden ๐Ÿ˜‰

Rare tijden..!

Er is genoeg over te schrijven, over de malle tijd waarin we nu leven.

Maar ik wil er toch niet zo veel aandacht aan geven. Ik kijk maar vooruit en zet, net als gisteren, hier een paar foto’s van de ontluikende lente. Want hoe je het went of keert, de mens wikt, maar de natuur beschikt.

Het klein en groot hoefblad steekt aarzelend boven de grond en bij de buren staat de magnolia al bijna volop in bloei. Lichtpuntjes in donkere dagen.

Tekenen aan de wand…!

Al lopend ontdek je vaak allerlei merktekens op ramen, deuren, muren. Sommige zijn goed te begrijpen, zoals huisnummers.

Andere zijn wat raadselachtiger, zoals letters op gebouwen of reclameborden. Hoe je moet varen van hier naar daar is ook voor een landrot te begrijpen.

En de aanduiding van de metrolijn is natuurlijk wel duidelijk, maar wat die roze papiertjes op een raam in Delft nou te betekenen hadden?

Het scheelt maar 1 letter…

Op de markt lagen deze boeketten klaar. Ik hou niet zo van witte bloemen, maar goed… Drie bijna identieke boeketten. Het riep vragen bij mij op.

Een drieling die ging trouwen? Of vergiste ik me nou toch? Eventjes vragen aan de koopman.

Ja, mevrouwtje, dit zijn rouwboeketten. Nee, nee, geen trouw, echt rouwboeketten. Nou ja….

Waar ben je…?

Tijdens de fototour in Delft kwamen we deze zaak tegen. Nou ja, er zijn erg veel horeca gelegenheden in Delft, dus dat is ook niet zo verwonderlijk. Maar toen ik de naam en de bijbehorende borden zag, ontspon in mijn hoofd meteen dit telefoon-gesprek ๐Ÿ˜‰ ๐Ÿ˜‰ ๐Ÿ˜‰ :

Hallo? Waar ben je? Ik zit even bij Moeke…
Bij Moeke? Ja!
Waarom? Nou, Moeke heeft gin. Oh…?
En Moeke brouwt haar eigen bier…. Ja,ja, en is dat dan wat?
Ja zeker! IPA, Blond en ook nog Weizen.
Trouwens, Moeke ruimt haar kelder op. Het duurt dus nog wel even voor ik weer thuis kom.
Oh ja, zucht….. ik zie het wel…. !!!

De plaatjes spreken gewoon voor zichzelf, nietwaar?