Even druk met andere dingen, even geen tijd voor bloggen. Geen zin ook, het duizelt me.
Morgen staat er wel een muziekje gepland.
De rest van de week hou ik me nog even koest.
Even druk met andere dingen, even geen tijd voor bloggen. Geen zin ook, het duizelt me.
Morgen staat er wel een muziekje gepland.
De rest van de week hou ik me nog even koest.

Na een boodschap in een andere wijk nog even de benen strekken. En dan meteen even “gluren bij de buren”.

Het is een mooie, rustige en vooral groene wijk achter de Kleiweg in Hillegersberg. Fraaie huizen, mooie tuintjes, ja prima wonen.
En voor sommige huizen geldt een soort bonus. Want die liggen met hun achtertuin aan de Bergse plas.
Oké, ik moest even op mijn tenen staan en kreeg maar een klein stukje blauw te zien.
Maar onmiddellijk ging mijn fantasie op hol. Tuin, eigen strandje, zwemmen en zonnen. Je eigen Rivièra…. Tja, het blijft bij dromen.
Tot mijn 23e woonde ik vlakbij het Justus van Effencomplex. Toen was het nog een wat vervallen gebouw, met veel grauw en grijs beton. Heel zelden kwamen we er weleens, maar echt herinneringen had ik er niet aan.
Leo en ik waren er al eens gaan kijken, na de grote renovatie en afgelopen zaterdag konden we het bezoeken, in het kader van Open Monumenten-dag.
Het complex is in alle glorie gerenoveerd en gerestaureerd en intussen al lang geen “arbeiders-vesting” meer. 264 Woningen werden samengevoegd en verbouwd, waarna er nog 154 woningen over zijn. Die zijn allemaal aangepast aan de eisen van deze tijd.





We kregen een rondleiding en gingen natuurlijk ook naar de woonstraat. Nee, geen galerij. Hier konden in 1922 bakker, groenteman en melkman met hun kar komen, zodat men niet telkens naar beneden hoefde. Heel vooruitstrevend. Helaas is die mogelijkheid in deze tijd gesneuveld. Veel bewoners gebruiken de woonstraat nu als terrasje, met planten in potten.
Midden in het complex ligt het badhuis, want douches of badkamers waren niet voorzien in 1922. Nu natuurlijk wel en daardoor is de functie van het badhuis beneden veranderd in een galerie ruimte. Maar ook huisvest dit gebouw de warmtevoorziening. die zorgt voor warmte in de winter, maar ook voor koelte in de zomer.
Een klassieker, maar dan wel heel apart vertolkt.
Detectives kunnen natuurlijk overal spelen. Maar een detective die in Rotterdam speelt, heeft toch wel iets extra’s.

Er zijn meerdere auteurs, maar niet alle boeien kunnen me evenveel.
Dit boek van P. Dieudonné las ik wel met veel plezier. Hij schrijft in de stijl van Baantjer, die hij zeer bewondert.
Het is geen griezelige thriller, waar je met geknepen billen in zit te lezen. Het is een goed verhaal, met een beetje spanning en een goed plot. Maar het wordt nergens ijzingwekkend.
Fijne ontspannende lectuur dus, tegen een voor mij heel bekend decor.
PS: ik was bijna vergeten het boek te fotograferen. Dat deed ik dus maar zonder rode bril, op de inlevertafel bij de bieb 😉

Een tijdje geleden vroeg ik buurman S. of ik zijn oldtimer mocht fotograferen en de foto’s doorsturen naar Sjoerd.
Buurman had geen bezwaar en zo kwam zijn Volvo Amazon op het blog van Sjoerd terecht.


Een paar weken later nodigde S. ons uit voor een ritje met deze mooie auto, maar dan moest het wel mooier weer zijn. Maar vorige week waren de weergoden ons goed gestemd en zo reden wij dan op een middag door de groene omgeving even buiten Rotterdam.
Vooraf kregen we nog een kort “college” over de technische dingen van de auto. Vijftig jaar oud en nog steeds in puike conditie, dankzij het sleutelen en poetsen van buurman en zijn vrienden.
Je kunt zien dat zo’n auto sentimentele gevoelens oproept. Hij is minder geruisloos dan de auto’s van nu, hij hobbelt wat meer en sturen vereist nog echte spierkracht, want geen stuurbekrachtiging. Wat er wel in zat, waren diverse asbakjes en dat is dan weer iets wat nu in auto’s ontbreekt.
Ik snap heel goed dat zo’n auto indruk maakt en bij velen een gevoelige snaar raakt. Het is toch een brok geschiedenis op de weg.
Op vakantie, lang geleden. Met de kinderen in de auto op weg naar …. Ach wie kent dat niet. Nog voor je de eerste stoplichten voorbij bent, beginnen de vragen.
Zijn we al ver, zijn we er bijna, wanneer zijn we er…. Ja, nou zijn het zoete herinneringen, toen lag de stress en kribbigheid van ons op de loer.
Maar we hadden in ieder geval muziek. Een bandje met leuke songs voor ons zelf en voor de kinderen (tot een bepaalde leeftijd) was er strijk en zet elke vakantie een bandje met Sesamstraat. En het blijft leuk.
Dat het er was, wist ik al een tijdje. Maar er naar toe gaan, dat kwam er maar niet van.
Tot vorige week. Toen reden Leo en ik naar het westen van Rotterdam, naar het Essenburgpark. Een stukje groen tussen een woonwijk en de spoorbaan. Lang lag het braak en werd het verwaarloosd.

Tot een aantal vrijwilligers de koppen bij elkaar stak en het omtoverde tot een mooi stukje “wilde” natuur. Natuurlijk hoor je regelmatig een trein voorbij denderen. Maar ook fluiten er allerlei vogels, lopen leuke paadjes tussen de bomen door. Er zit een kleine klim in, want je kunt naar de (afgeschermde) spoorbaan toe.

Honden mogen mee. Maar de hondenpoep moet worden opgeruimd en daar staan van de oude vuilnisbakken voor, kriskras door het park.
Het is een oase in de drukke stad en een plek om zeker vaker naar toe te gaan.

Zodra het september is, komen de kruidnootjes in de winkels te liggen. Niet zo maar een paar zakjes, nee volop! In mijn Appie kon ik 6 van dit soort uitstallingen fotograferen.
Ja, ik weet dat ze lekker zijn en ik zal dit jaar zeker wel een of twee zakjes kopen.
Die kruidnootjes kun je nu natuurlijk ook kopen bij de andere supers, bij het Kruidvat, bij de bakker, bij… vul maar in.
Maar voordat het nou 5 december is…. Dan is de voorraad voor de zoveelste maal al weer aangevuld.
Obesitas is een steeds groter probleem. Nu ligt er een plan bij gemeentes om fastfoodzaken te gaan beperken… Nou, dit is een mooi voorbeeld van dweilen met de kraan open.
Ik blijf me verbazen.