Hutspot Madras

De pot Madras curry is nog niet leeg. Dus maar eens gezocht naar een gerecht, waar wel een Indiase twist aan gegeven kan worden:

HUTSPOT MADRASVoor 4 personen:
750 gram aardappelen
400 gram winterwortel, in blokjes
400 gram uien, grof gesneden24 grote garnalen, schoongemaakt en gepeld
1 eetlepel Madraskruidenmix
blikje kokosmelk
1 teen knoflook, geperst
1 kleine fijngesneden rode peper
olie

klontje boter
peper en zout naar smaak

koriander of peterselie (optioneel)

 

Kook de aardappelen en stamp ze met wat zout en een klont boter tot een grove puree.
Doe wat olie in een pan, voeg knoflook en rode peper toe en bak daarin de garnalen tot ze roze zijn. Schep uit de pan en houdt warm onder alufolie.
Bak in dezelfde pan  de uiensnippers even aan tot ze glazig worden, voeg de wortelstukjes toe en bak ongeveer 3 minuten. Voeg kokosmelk en kruidenmix toe en roer alles goed door. Smoor in ca. 10 tot 15 minuten beetgaar. Breng op smaak met zout en peper.
Schep aardappelen op de borden, verdeel er de uien/wortelen over en de garnalen.
Strooi er wat koriander of peterselie over ter garnering.

EET SMAKELIJK!!

 

Kruidenmix

Vorige week maakte ik “Kip Madras”. De kruidenmix daarvoor maakte ik zelf. Je kan ze kant en klaar kopen, maar meestal zit daar vooral veel zout in en dat wil ik juist niet.

Dit is het recept, dat ik al snel hier op internet vond:

Madras currymix

  • 4 el korianderpoeder
  • 2 el komijnpoeder
  • ½ el kurkuma
  • 2 tl gemalen zwarte peper
  • 2 tl mosterdzaad
  • 1 tl chilipoeder
  • 5 tenen knoflook, uit de knijper
  • 2 el verse gember, geraspt
  • 2,5 el zonnebloemolie
  • 2 el citroensap
 

Neem een schaaltje en meng alle droge kruiden goed door elkaar.
Voeg de knoflook en de gember toe.
Roer de olie en het citroensap erdoor tot een pasta ontstaat.
Doe het mengsel in een (glazen) potje en voeg eventueel nog een klein laagje olie toe.
De currypasta is wel een paar weken houdbaar in de koelkast.

De meeste ingrediënten had ik wel in huis, maar wat er niet was , kocht ik in de toko.

En zo stond er binnen no time dit potje in de koelkast, genoeg voor wel vier keer Kip Madras.

Maar ik maakte er ook iets anders mee. Dat recept komt later.

Maak er iets van

Dit zie je zo snel niet op een Nederlandse markt. Wij zijn meer van het netjes stapelen, zonder franje en poespas. Maar in Italië maakt de koopman van zijn waren soms een klein kunstwerkje. Zoals hier, in Rome. Je zou zo’n boeketje toch zo voor Valentijn kunnen geven. Nou ja, als je geliefde van lekker eten en koken houdt. Maar bij wijze van spreken dan…;-)

Preitaart

Afgelopen zaterdag stond hij op mijn Facebook-pagina. Vandaag heb ik het recept uitgewerkt en dat geef ik hierbij. Wie hem voor 4 personen wil maken, neemt een natuurlijk een grotere vorm en stelt de hoeveelheden bij. Maar hij smaakt hoe dan ook lekker!

Voor 2 personen:4 plakjes bladerdeeg (diepvries)
ca. 400 gram prei, in dunne ringen
75 gram spekblokjes
100 gram belegen, pittige geitenkaas (dat mag ook een andere soort pittige kaas zijn, of een combi)
3 eieren
scheut room
peper, zout, tijm naar smaak
olijfolie
2 eetlepels oude geraspte kaas
springvorm van 18 cm. Diameter, ingevet.

Bak de spekjes zachtjes uit en haal uit de pan. Voeg aan het vet in de pan wat olijfolie toe en bak hierin de preiringen met wat tijm in ongeveer 5 tot 8 minuten beetgaar. Laat afkoelen.

Verwarm de oven voor tot 200° C.

Rol het bladerdeeg uit tot een ronde lap (ik leg daarvoor de plakjes telkens kruislings verspringend over elkaar en rol dan uit). De lap moet groot genoeg zijn om bodem en rand te bekleden. Bekleed de vorm met het bladerdeeg.
Klop de eieren los met room, peper en zout.
Snij de kaas in kleine blokjes. Meng eieren, kaas en prei door elkaar. Giet dit in de vorm en vouw de rand enigszins naar binnen over de vulling. Strijk wat eimengsel (er is altijd nog een beetje in de schaal achtergebleven) over de deegrand, bestrooi met geraspte kaas.

Bak de taart in het midden van de oven gedurende 20 minuten, verlaag de temperatuur dan tot 180° en bak nog 25 minuten tot de vulling goed gaar en stevig is. Laat nog even afkoelen en serveer.

 

Opruimen

Niet elk kookboek dat ik heb/had, gebruik ik ook echt. Ik vind het vaak ook vooral echte leesboeken en geniet van de schitterende foto’s. Maar sommige boeken zijn wel vaker gebruikt. Dat zag ik ook aan alle stukjes papier die er her en der instaken en aan de recepten die er zo nu en dan uitvielen.

En dit briefje zat bij het recept van de Arabische lamsragout. Het stamt uit de tijd dat ik op woensdag naar de markt ging en insloeg voor de hele week. Als ik thuis kwam, maakte ik een weekmenu en hing dat in de keuken op het prikbord.  Zo kon ik op mijn gemak een beetje gevarieerde maaltijd bedenken en alvast plannen. De jongens gaven daar natuurlijk hun commentaar op. Niet alles vonden ze even lekker, maar er was altijd wel één dag dat het “spekkie naar hun bekkie” was.

 

 

Kliekjes

Eigenlijk heb ik niet vaak kliekjes. Ik probeer zo veel mogelijk “op maat” te koken, zodat alles schoon op gaat. Brood komt sneegewijs uit de diepvriezer en als er al eens wat restjes zijn dan brengt ook die diepvries uitkomst. Kortom, eten weggooien doe ik vrij weinig. Ik vind het ook heel vervelend, want goed eten in de vuilnisbak gooien staat me tegen.

Mijn moeder schermde vroeger altijd met “die arme kindertjes in Afrika”, maar meer indruk maakte het verhaal van het vrouwtje van Stavoren. Ik voel me altijd een beetje betrapt als er eten in de vuilnisbak gaat, hoe weinig dat dan ook is.  Kliek&Co mag dan ook op mijn steun rekenen.
En dat daar nog het een en ander te winnen is, bleek wel uit het gesprek dat ik laatst in de bus hoorde. Twee dames, waarvan de een blijkbaar verrast was met een biologisch voedselpakket. “Nou ja, dat was niet veel hoor”, vertelde ze. “Wat fruit en een paar bietjes, maar van de rare gele en witte. Die heb ik meteen in de kliko gepleurd! Want daar kan ik niks mee”. Wat zonde, want daar was vast iets lekkers mee te bereiden geweest!

 

Soort van….

Kennen wij de zoete poffertjes, met suiker en roomboter geserveerd in een nostalgisch ogende zaak, in Japan eten ze ook een soort van poffertjes. Maar die zijn dan gevuld met inktvis en dus hartig. Dat vullen gaat nog niet zo eenvoudig. En hoewel er nu ook geautomatiseerde manieren zijn, vinden wij deze manier toch het leukst. Samen maken de man en vrouw handig leuke ronde bolletjes, die grif van de hand gaan.
Klik hier of op het filmpje om te zien hoe dat gaat.

Helaas hadden we net gegeten en hebben we deze specialiteit niet geproefd 🙁

Lekker?

Dit is Kappabashi Dori in Tokio, een winkelstraat zoals er zo vele zijn in deze stad. Maar hier verkoopt men vooral alles op het gebied van eten en koken. Messen, schalen, eetstokjes in soorten en maten, schaafjes voor de wasabi, kommetjes voor de sojasaus.

En natuurlijk eten. Maar vergis je niet, lekker is dit niet. Het ziet er allemaal heerlijk uit, maar is gemaakt van plastic. Deze schotels vind je in allerlei restaurant-etalages. Zo kan je zien wat er te krijgen is en dat is wel zo handig voor ons als we een Japanse menukaart voor onze neus krijgen.

 

Lekker

Leo kookt regelmatig en heeft een aantal favoriete recepten. Maar laatst vond hij op de site van Appie een nieuw recept. Met veel groente en niet zo heel erg ingewikkeld om te maken. En bovendien super lekker!! Deze soep komt vast veel vaker bij ons op tafel!!

Voor 4 personen:
250 g chorizo (worst)
2 uien
1 zak paprikamix (3 stuks)
1 tl gemalen komijn (djinten)
800 g kikkererwten (blik)
350 g tomatensaus (tomato frito, pakje)
1 rundvleesbouillontablet
750 ml kokend water
1 stokbroodSnijd de chorizo in blokjes en de uien in halve ringen. Snijd de paprika’s in repen. 

foto: www.ah.nl

Bak de chorizo 1 min. in een soeppan zonder olie of boter.
Voeg de ui, paprika en komijn toe. Bak al roerend 4 min. op hoog vuur.
Laat de kikkererwten uitlekken en voeg ze samen met de tomatensaus, het bouillontablet en het water toe. Roer goed door en kook 6 min. op middelhoog vuur.
Breng op smaak met peper en zout en verdeel de soep over de kommen.
Serveer met het stokbrood.