Little C.

Van de Kunsthal wandelden we over de Westzeedijk naar een gloednieuwe wijk: Little C. Het is een wijkje, van daar dat Little nabij de Coolhaven.

Allemaal appartementsgebouwen natuurlijk, maar met een wat New Yorkse uitstraling. Een luxe wijk ook, gezien de beplantingen tussen de gebouwen door. Maar met een heel aangename sfeer. De overbruggingen tussen de gebouwen en de balkons hebben fantasierijke balustrades, zodat het niet zo eenvormig is als bij andere gebouwen.

De straten zijn autoloos, maar fietsers maken er heel graag gebruik van. En de bewoners doen er alles aan om ook een beetje mediterraanse sfeer te maken. De balkons zijn vaak beplant en ook de “balkons” op de begane grond waren vaak uitbundig van planten, potten en meubilair voorzien.

De terrassen van de horecabedrijven deden er nog een schepje bovenop met stro-parasols en nog meer planten. We voelden ons even “in het buitenland” en dat gaf een heel plezierig gevoel 😉

Tentoonstelling

Afgelopen week bezochten Leo en ik de tentoonstelling “Here we are” in de Kunsthal in Rotterdam. De tentoonstelling belicht de rol van de vrouw in het ontwerpen van allerlei zaken. Van stof tot meubels, lampen. Vaak worden de ontwerpen van vrouwen niet zo duidelijk in de picture gesteld, maar dat blijkt niet terecht.

De invloed van vrouwen op de maatschappelijke ontwikkelingen is juist heel groot en op allerlei vlakken. Dat merk je soms bij het gebruik van sommige producten. Vrouwen hebben vaak een wat andere kijk op de zaak. Praktischer of economischer. Dingen worden soms net wat sierlijker, sfeervoller.

De tentoonstelling beslaat een periode van 120 jaar, van begin 20e eeuw tot nu. Er kwamen bekende ontwerpsters aan bod, maar ook vrouwen die niet zo bekend geworden zijn. Politieke invloeden kon je herkennen, maar ook de invloed van de moderne technieken.

Vrouwen mochten vroeger niet werken en dat maakte hen tot afhankelijke wezens. Ze werden eerst ook een beetje “veroordeeld” tot nuttige handwerken. Maar niet elke vrouw wilde haar brood verdienen met nuttige handwerken, zoals bij “Arbeid Adelt”.

Leo en ik vonden het een aanrader!

Boek

Een boek van Marjan Berk kan bijna niet droevig zijn. Als geen ander weet ze de dagelijkse dingen een hilarische draai te geven. En een portie extra fantasie leukt alles nog meer op.

Toch is in dit boek ook heel wat droefenis te vinden. Je zou zeggen, bijna als het gewone leven, niet waar?

Drie alleenstaande vrouwen zoeken wat meer warmte en reageren op een contactadvertentie van een alleen zijnde heer. Allemaal retoucheren ze hun uitstraling een beetje. En soms valt het mee, soms valt het tegen.

Eigenlijk bestaat het boek uit drie delen. Een soort van intro, waarin we de vrouwen en hun entourage leren kennen, daarna een uit pure recalcitrantie geboren beslissing om alles achter te laten en naar een zonnig oord te vertrekken. En dan als laatste deel de onontkoombare werkelijkheid. Wat we ook willen, wat we ook doen, het leven gaat zijn eigen weg. En hoe ouder we worden, hoe meer hobbels de weg gaat vertonen.

Ik vond het een boek met soms wat Hendrik Groen-sfeer, soms uiterst humorvol, soms met een bittere ondertoon. Maar wel heel leesbaar.

Mode

Ik ben dan wel geen modepop, maar van modefilmpjes kan ik geen genoeg krijgen.

Filmpjes over kleding door de geschiedenis heen, tentoonstellingen over kleding en natuurlijk modeshows zijn bij tientallen te vinden op Instagram of YouTube, in welk genre dan ook.

Maar soms zijn er filmpjes die me de hare ten berge doen rijzen. Hiervan werd ik toch een beetje misselijk. Er zijn nog andere modellen in werkelijk ondraagbare lappen in het Instagram-filmpje te zien.

Wie het filmpje van “Highfashioncatwlk” op Instragram wil bekijken, dit is de link.

Gaan we straks echt zo gekleed of is dit een hersenspinsel van een perverse geest? Ik moet er werkelijk niet aan denken….!

Vakantieherinnering

Op reis kom je de gekste dingen tegen. Van vreemd eten tot wagens die tot de nok toe bepakt zijn.

Zoals deze lading, die me zo verwonderde dat ik niet eens meer weet of het een houten kar was of een vrachtauto. Ik heb ook geen idee wat er in die zakken zit. Graan, grind, etenswaar?

Wel weet ik dat ik het in 2001 in Vietnam al een heel bijzondere manier van lading vervoeren vond.

En nog steeds verwonder ik me er over dat dit zomaar vervoerd werd, ook omdat de wegen soms nogal hobbelig waren en tamelijk smal.

Straatnamen

De straten in onze woonwijk zijn allemaal vernoemd naar een plantensoort, boom of struik. Zo nu en dan zal ik van elke soort een paar onder de loep te nemen. Want na de klavers zijn er nog rozen, doornen, mossen, grassen, kruiden, distels of varens. Kijk, daar kan ik voorlopig wel mee vooruit!

Bron: Google foto’s

Dit is Medicago lupulina, of in gewoon Nederlands “Hopklaver”. Een klaver die je waarschijnlijk vrij veel kunt vinden.

Het is een kruipende, vaste plant uit de vlinderbloemenfamilie en groeit op voedselrijke grond in gras- en bouwland en langs wegen en dijken. Ze komt van nature voor in Eurazië en Afrika.

De stengels zijn opstijgend en de plant wordt 5-50 cm hoog. De hopklaver bloeit van april tot oktober in trossen met één tot vijftig 2-3 mm grote, heldergele bloempjes. De bloeiwijze ziet eruit als hoofdjes op lange stelen, langer dan de bladstelen.

De plant draagt een niervormige, eenzadige met een doorsnede van 2 mm.

Hopklaver is dus een gewone, niet echt bijzondere plant. Ze is niet medicinaal of giftig en je kunt er verder niks mee. Nou ja, als de straat maar een naam heeft, nietwaar?

Schoenen

Bron: Google foto’s

Ik lette altijd al op schoenen, maar nu net een beetje meer. Omdat de meeste mensen op sneakers lopen en die zijn er in zoveel verschillende uitvoeringen.

Niet alles is even mooi, elegant of kleurrijk. Soms zijn ze voorzien van een logo of een merknaam. Soms zijn ze kleurig, maar er zijn ook heel grauwe saaie sneakers.

Sommige vallen een beetje meer op. Deze ben ik al een paar keer tegen gekomen. Vaak loopt de eigenaar er niet al te comfortabel op en ze lijken mij een beetje slap, niet stevig. De beste omschrijving zou, denk ik, zijn: een sok met een zool.

Stevig is wel de prijs: ruim 600 euro, maar ik zag ook prijzen van meer dan 700 euro.

En ik vraag me dan af wie betaalt er nou zoveel voor zulke schoenen?

En koop je dan zoiets vanwege het merk? Ik begrijp daar helemaal niks van…

Vakantieherinnering

Er is niet veel te zien op deze foto, maar ik denk dat heel veel mensen hier wel eens geweest zijn. Het is namelijk het uiterste puntje van Cornwall, “Land’s End”.

Je staat hier letterlijk op de rand van Europa en je moet nog wel een paar dagen varen om weer vaste wal onder je voeten te krijgen.

Natuurlijk heeft de toeristenindustrie hier een beetje tamtam om heen gemaakt. Want zeg nou zelf, zo bijzonder is het toch niet? Een bord, een paal, wat grind…. en een onmetelijk uitzicht.

Maar het is de gedachte hè, dat je echt op het puntje staat. Dat vonden Irene en ik toen destijds in ieder geval best wel bijzonder.

Verhaal

Bij het opschonen van de computer kwam ik een aantal stukjes tegen over de tijd dat ik in het Zeehospitium in Katwijk kuurde. Blijkbaar was ik vergeten dat ik dat allemaal geschreven had, maar ik wil ze zo nu en dan alsnog hier plaatsen.

Bron: Google foto’s

Prikken

Toen, in 1952, moest je de hele dag in bed blijven. Dan is elk verzetje zeer welkom. En kinderen die al een beetje opknapten, wilden maar al te graag de boel op stelten zetten. Hoewel er voor ons ook heel veel mogelijk werd gemaakt, waren de mogelijkheden natuurlijk beperkt.

Kinderen blijven kinderen, die hun energie kwijt wilden. Dus een onbekend geluid op de gang kon betekenen dat er iets leuks op handen was.

Bron: Pinterest/Museum Rotterdam

Maar hoorde je het gerammel van de “prikzuster” dan was Leiden in last. Want regelmatig (ik denk elk kwartaal) werd je bloed onderzocht. De naalden waren toen nog niet zo dun en flexibel als nu. Het waren grote, gevaarlijk uitziende spuiten van glas. Ze werden natuurlijk hergebruikt en keer op keer gesteriliseerd.

Ik denk dat heel wat kinderen hier hun leven lang angst voor hebben gehouden. Veel kinderen kropen onder de dekens, begonnen te huilen of te schreeuwen. Maar het hielp geen cent, want geprikt worden moest je toch.

Ik weet niet of ik zo’n kouwe kikker ben of dat mijn karakter nogal neigt naar “wat moet dat moet, niet zeuren”. Die priksessies maakten echt wel indruk en ik vond ze ook niet leuk. Maar een trauma of angst voor naalden of witte jassen heb ik er niet aan overgehouden.

En die zuster of dokter zal aan het eind van de dag wel een diepe zucht gelaten hebben, omdat het er weer opzat voor een tijdje.

Straatnaam

Paardenhoefklaver staat op open, zonnige, matig droge tot matig vochtige, stikstofarme, matig voedselrijke, weinig of niet bemeste, kalkrijke zand- of mergelgrond, ook op kalksteen. De soort vermijdt standplaatsen op zware klei. Ze groeit op rivierduinen, in kalkgraslanden en op rotsachtige hellingen, in bermen en in steengroeven.

De westgrens van het Midden-Europese areaal bereikt Nederland niet. Onze voormalige vindplaatsen zijn als een voorposten van het verspreidingsgebied te beschouwen.

De soort groeide vroeger gedurende een lange tijd op een rivierduin bij Lexmond langs de Lek en kortstondig in de 80er jaren in Zuid-Limburg. (Al deze kennis kopieerde ik van de site Verspreidingsatlas.nl)

Vroeger speelde de plant een rol bij hekserij en toverkunst. Ze werd als afrodisiacum gebruikt en werd ook medisch aangewend wegens de aanwezige werkzame psychofarmacologische stoffen. Voor zo ver mij bekend is, wonen er geen heksen in de Paardenhoefklaver, maar ja weten doe je dat natuurlijk niet zeker 😉 😉