Geluk

screenshot_20260227-2230372232296339770215779

Het is altijd leuk om een lekker flesje te krijgen.

Dit keer was het een fles met een paars likeurtje. Lekker, niet te zoet.

En zo nu en dan een glaasje.

Op een winteravond of op een avond als de lente zich al heeft aangediend.

Och, eigenlijk kan het altijd.

Het heet niet voor niets “Volmaakt geluk”.

Toko

Het winkelcentrum dichtbij onze wijk heeft al lang veel betere tijden gekend. Toen was het winkelaanbod veel gevarieerder. Er was een modewinkel, een grote radio- en tv-zaak, een doe-het-zelfwinkel en een bank. Ook was de drogist veel beter gesorteerd en luxer dan nu het geval is. Er zijn ook winkels gebleven, zoals de banketbakker, Zeeman en met drie supermarkten hoeven we niet te klagen. Sommige winkels staan al weer langere tijd leeg, maar er zijn wel drie kapperszaken.

Bron: Facebook

Maar Toko Sodiro kwam al weer vele jaren geleden erbij en is inmiddels niet meer weg te denken. Klein begonnen, groter gegroeid en ruim voorzien van allerlei tropische levensmiddelen. Het is er vaak druk, roezemoezig en het ruikt er heerlijk. Er heerst een gemoedelijke sfeer.

Ik koop er graag kruiden en specerijen, rijst, kroepoek of mie. En dan snuffel ik even tussen alle onbekende artikelen. Maar we halen er ook zo nu en dan een heerlijk broodje. Daarvoor moet je wel even in de rij wachten. Geen punt, want er is altijd wel iemand in voor een praatje.

Experiment

Al lang wilde het eens een keer zelf maken: zuurkool van rode kool. Was niet moeilijk, zei jongste. Dus toen ik een bio rode kool kon krijgen bij de Appie, ging ik aan de slag.

En nee, moeilijk is het niet. Eerst de rode kool schoonmaken en fijn raspen of heel fijn snijden. Alles in een grote kom en dan kneden met zout (1,5 tot 2% van het gewicht aan kool). Ik had ongeveer 600 gram geraspte kool en gebruikte ca. 10 gram zout. Dan alles flink kneden en knijpen. Net zolang totdat de kool vocht loslaat en er een laagje koolnat op de bodem ligt.

img_20251003_124057871_hdr2594470255697907298

Ik gebruikte er verder geen kruiden of specerijen in. Deed de kool in een flinke pot en duwde alles goed naar beneden. Ik vulde een plastic zakje met water om de kool goed onder te houden en deed het deksel lichtjes dicht. De pot in een schaaltje gezet, zodat uitlopend vocht geen rommel geeft. En dan donker wegzetten op kamertemperatuur.

Dan begon het grote wachten. Wel regelmatig kijken en ik weet nu dat je vooral in het begin de pot voorzichtig moet openen. Leg een doekje over als je de pot opent.

Na ongeveer 5 tot 6 weken stopte de fermentatie en zette ik de pot in de koelkast. Ik heb er ruim twee keer van gekookt.

Wij vinden het een zeer geslaagd experiment en ik ga dit zeker nog eens doen.

Hergebruik

In Vancouver wonen heel veel Chinezen. Na San Francisco is daar de grootste China Town ter wereld. En dan kun je er dus heel veel Chinese eethuisjes en restaurants vinden. Waar bijna iedereen eet met eetstokjes. Die stokjes worden meestal gemaakt van bamboe en na gebruik weggegooid.

Daar moet je toch wat mee kunnen doen…? Ja zeker, de honderdduizenden stokjes worden verzameld, schoongemaakt en verwerkt. Tot planken, traptreden, onderzetters, meubelen en nog wel meer. En deze producten vinden hun weg naar diverse landen en werelddelen.

Mooi hergebruik toch?

Recept

Zo nu en dan kun je ongelofelijke trek hebben in iets. Dat had ik ook laatst. Wafels, oh……!

Ik zocht en vond dit recept van Einfachbacken.de op Instagram. Lekkere knapperige wafels, niet te zoet, redelijk gezond ook nog.

Ik maakte een half recept, net genoeg voor ons twee.
125 gram (fijne) havermout
250 ml. Melk
3 eetlepels suiker
50 gram bijna gesmolten boter
1 ei
snufje zout, kaneel naar smaak

Doe havermout, suiker zout en kaneel in een kom en meng goed.
Meng in een ander kom de melk, ei en gesmolten boter goed door elkaar en voeg het aan het havermout mengsel toe. Laat het beslag een kwartiertje of langer wellen.

Verwarm het het wafelijzer en vet het in. Schep het beslag in de wafel vorm en bak in ca. 4 tot 5 minuten goudbruin en knapperig. Serveer met poedersuiker of fruit.

Ik heb een rond wafelijzer en bakte hier 4 flinke wafels van.

La Baie de la Somme

Vorig jaar waren we al in dit gebied. We vonden het beslist een tweede -en misschien nog wel meer- bezoek waard. Veel lange ritten maakten we niet. Het was lekker weer, een beetje fris. Maar de zon liet zich regelmatig zien en dan is het genieten op een bankje langs de zee. De vogels te zien fourageren, de golven die zich terugtrokken of juist weer stevig op de stenen beukten.

De ene dag lunchten we uitgebreid, de andere dag waren we onderweg en aten een crepe of een croque monsieur. Ook verwenden we onszelf met heerlijke taartjes. Het was tenslotte vakantie en de innerlijke mens moet zo nu en dan ook gestreeld worden.

Recept

Ondanks veel kookboeken in m’n kast kook ik eigenlijk meestal met wat ik in huis heb. En soms vind ik dat wel blogwaardig, zoals dit recept.

img_20250828_1934275257777259084041486002

SPAANSE MACARONI (2 personen)
200/300 gram rundergehakt
1 flinke ui, in reepjes
2 teentjes knoflook, gehakt
stengel bleekselderij in smalle boogjes
2/3 tomaten in stukjes
1 paprika, in blokjes
1 kleine courgette, in reepjes
1 flinke eetlepel tomatenpuree
1 rode hete peper (optioneel)
200 gram elleboog macaroni
kruidenmix: 1 theelepel Italiaanse kruiden; 1 theelepel komijn; 1/2 theelepel korianderpoeder; 1 theelepel gerookt paprikapoeder; peper en zout naar smaak

Bak het gehakt in wat olie aan.
Voeg de ui toe, bak tot glazig, voeg knoflook en bleekselderij bij.
Bak de tomatenpuree ook even mee en daarna voeg tomaten en paprika toe.
Doe de kruiden erbij, meng goed en voeg voldoende water/bouillon zodat de saus even 10-15 minuten kan stoven. Roer de laatste minuten de courgette reepjes er door.
Kook de macaroni al dente. Giet af en meng de macaroni door de saus. Garneer eventueel nog met wat peterselie of korianderblad en serveer.

EET SMAKELIJK

PS: Ik maakte dit de eerste keer met chorizo braadworstjes (AH). Ook lekker.

Koffie met lekkers

Normaal drinken wij ’s morgens gewoon koffie, zonder iets erbij. Niet omdat we dat niet lusten, maar dat is nou eenmaal beter voor onze lijn.

Op vakantie laten we die regel vaak maar voor wat het is. Zo ook in Lier, waar we na een wandeling over het Begijnhof neerstreken op het terras van “Zuster Agnes”.

En daar namen we naast ons kopje koffie een Liers vlaaike. Dat is de plaatselijke lekkernij. Bescheiden van formaat, maar erg lekker en zeker niet bescheiden in calorieën. Maar we konden ze niet weerstaan. Zacht, zoet, met een hint van kruiden als gember, kaneel en kardemom.

We vonden ze zelfs zo lekker dat we op zoek gingen naar bakkerij Roxanne Kesselaers, die ze volgens oud en origineel recept bakt. We moesten wel even zoeken naar deze bakker in de Lisperstraat. Maar zo konden we later die week nog een keer genieten van dit echte en originele streekrecept.

Bier

Op weg naar Lier wilden we niet door Antwerpen, hoewel de navigatie dat aangaf. Maar wij namen de afslag bij Brecht en reden binnendoor naar onze bestemming. Maar niet voordat we een bezoekje brachten aan de Abdij van Westmalle.

De Abdij zelf is helaas een klein aantal dagen in het jaar te bezoeken. De ommuurde gebouwen stralen rust uit, maar zijn ook zeer gesloten. Toch hebben we er heerlijk gewandeld, want het ligt erg mooi.

De monniken behoren tot de orde der Cisterciënzers, maar worden vaak Trappisten genoemd. Nog steeds worden er mannen opgeleid om monnik te worden. Zo’n opleiding is zwaar en duurt drie tot vijf jaar.

In de Abdij wordt al sinds 1836 bier gebrouwen, eerst voor eigen gebruik, later ook voor de verkoop. Het is een heerlijk biertje, dat in drie variaties te koop is. In 2005 werd Westmalle bier uitgeroepen tot het beste bier ter wereld. Sinds kort is er een vierde soort te verkrijgen, maar voorlopig slechts in een heel beperkte oplage.

Bij de Abdij stonden een aantal koeien stil te grazen. De Trappisten maken ook een speciaal soort kaas, Hervé kaas, gerijpt met trappistenbier. Dus misschien waren het wel de koeien, die de abdij van melk voorzien.

Haags

Onze oudste is al heel lang het huis uit. Net 18 was ie toe hij in Groningen ging studeren. En van dat ogenblik werd hij een beetje een Grunneger.

Daarna ging hij in Den Haag wonen. En van lieverlee werd dat zijn stad. Het knaagt een klein beetje dat hij Rotterdam met een schuin oog bekijkt. Maar ja, zo gaat dat. Het is niet anders.

Als hij komt brengt hij vaak iets lekkers mee, van een slager op de Fred, van een Haagse bakker.

Zoals laatst, toen hij met deze onmiskenbare Haagse Harry-doos aankwam. Er zat een Haagse poffert in, of zoals ’t op z’n plat Haags heet “uhn poffah”.

Onbekend voor ons Rotterdammers, maar erg lekker. Het lijkt op een enorme krentenbol, met een laag zoete vulling.Haagse Harry houdt zo te zien van een stevige hap.