Monumentendag

img_20260913_092219185_hdr392981977569219587

Afgelopen zaterdag stond al in onze agenda gepland. We gingen naar een tentoonstelling. Niet in een museum, maar in het voormalige Badhuis in het Justus van Effencomplex. Dat ligt in de wijk Spangen waar ik ben opgegroeid.

Al eerder waren Leo en ik daar en hoewel ik aan het gebouwencomplex niet erg veel herinneringen heb, weet ik dat mijn vader regelmatig naar dat badhuis ging. Nu was er een tentoonstelling te zien van de vele foto’s die in de loop der tijd in deze wijk gemaakt zijn. Natuurlijk veel privéfoto’s van bewoners, maar ook foto’s die gemaakt werden door het echtpaar Bep en Tinus de Does. Zij hebben inmiddels vele boeken op hun naam staan over allerlei wijken in Rotterdam.

Het eerste boek over Spangen heb ik al een tijdje, maar natuurlijk kocht ik ook dit boek, het tweede in de reeks. Ik kom er later deze week nog op terug.

Het was heel leuk om de foto’s te bekijken. Veel uit de tijd dat mijn ouders er kwamen wonen, in 1929. Veel uit de tijd die ik zelf heb meegemaakt. En natuurlijk beelden van hoe de wijk er nu uitziet.

Want Spangen heeft in de loop der tijd goeie en slechte jaren gekend. Is veranderd van een rustige arbeiderswijk naar een stadsdeel met grote problemen, drugsoverlast en verpaupering. Maar gelukkig ziet de wijk er nu heel vriendelijk uit, al is er ook veel veranderd. Maar er is nog altijd “Het Kasteel”, de stevige basis van voetbalclub Sparta.

Verdwenen zijn de vele kleine winkeltjes, huizen zijn gesloopt en nieuw opgebouwd of gerenoveerd. Waar ik woonde werd al in 1969 verbouwd. We kregen een douche, het keukentje werd vergroot en van twee slaapkamertjes werd één kamer gemaakt.

Mijn ouders verhuisden in de jaren 80 naar Ommoord. Jaren later werd er opnieuw verbouwd. Van twee huizen werd er één gemaakt en van moderne gemakken voorzien. Voordeuren en ramen werden vernieuwd en de nummering veranderde. Ik herken de huizen niet meer.

En eigenlijk heb ik er ook niks meer te zoeken. Maar het was leuk om weer even een blik in het verleden te kunnen werpen en oude dingen te herbeleven.

Op de tentoonstelling lag ook een blanco boek waarin je verhalen en herinneringen over Spangen kon schrijven. En dat deed ik natuurlijk.

Ophef

Bron: De Havenloods/Google foto’s

Een tijdje geleden ontstond er in Rotterdam opeens ophef over de “Hef”. Die brug vormt een markant punt in onze stad en heeft een geheel eigen plekje veroverd in de Rotterdamse geschiedenis. In de jaren dertig sprong er een jongen vanaf en vergaarde daarmee tijdelijke roem. Zijn opvolger moest zijn sprong met de dood bekopen.

Voordat de spoortunnel er was, reed je met de trein over de brug als je naar de zuidelijke provincies ging. Eenmaal over de brug was je echt weg of weer helemaal thuis als je Rotterdam weer inreed.

Nu is de brug een monument. En Rotterdammers zijn trots op hun monumenten. Daar moet je niet mee gaan rommelen. Maar ja, die brug ligt wel soms een beetje in de weg. Zoals bij het zeilschip dat bij Oceano gebouwd wordt voor Jeff Bezos. Een superjacht, met een super mast. En die mast is te hoog voor de Hef.

Of iemand dat over het hoofd heeft gezien of dat er gedacht is dat voor geld alle deuren en bruggen wel open zullen gaan, ik weet het niet. Maar iemand heeft bedacht dat dan die Hefbrug maar “even open moet”. Op de totale bouwsom van 500 miljoen maakt een bedrag van enkele tonnen natuurlijk niet meer uit. Maar voor Rotterdammers was het een brug te ver.

Hoe het verder zal gaan, weten we nog niet. Heeft men een beetje al te snel conclusies getrokken? Volgens burgemeester Aboutaleb is het helemaal niet zeker dat zo’n eis zomaar ingewilligd zal worden. We zullen het dus nog wel horen, zien en beleven.

Mocht Jeff Bezos mijn blog lezen -je weet maar nooit 😉 -, dan geef ik hem ongevraagd advies. Als hij het zelfde bedrag als voor het verwijderen van de val schenkt aan een echt Rotterdams goed doel, dan kunnen we misschien wel even zo’n ontmantelde brug door de vingers zien….

Brandgrens

Rotterdam, dat zo zwaar gehavend werd door het bombardement van 14 mei 1940, heeft eigenlijk maar weinig tastbare herinneringen aan die vreselijke dag bewaard. Maar een paar kleine dingen herinneren nog aan wat er toen was. Her en der in de stad liggen lampen tussen de tegels, die de brandgrens markeren. Maar die vallen eigenlijk nauwelijks op.
Toch ontdekte ik laatst een bijzonder monument(je). Geen groots beeldhouwwerk, geen obelisk met inscripties… Nee, een vrij kleine steen, met daarin geëtst de brandgrens en een spreuk van Erasmus “Zoet is de oorlog, totdat je hem proeft.”
Ik vind dat wel passen bij de stad. Niet lullen, maar poetsen. Vooruit, we blijven niet steken in de geschiedenis, maar starten met nieuwe plannen. Zo ontstond van lieverlee de stad zoals wij en vele buitenlanders die nu kennen.
Maar zo nu en dan, heel kort, staan we stil bij die beslissende dag. De dag dat Rotterdam haar hart verloor, ten dode leek opgeschreven. Maar als een fenix is herrezen uit haar as.
Wie binnenkort een rondvaart met de Spido gaat maken, moet ook eens even een stukje de Westerkade over lopen en stilstaan bij deze gedenksteen.
brandgrens

Stonehenge

Alweer enige jaren geleden ging ik naar Engeland en bezocht ik ook Stonehenge. Een monument dat al eeuwen bestaat. Ongelofelijk hoe in de oudheid die verzameling stenen bij elkaar is gezet. En nog onbegrijpelijker dat de bewoners van toen ze konden neerzetten en stapelen zonder hijskranen.
Nu zijn er van die dwazen die menen dat zij hun namen met watervaste viltstift er op moeten schrijven.
Stongehenge

De meisjes van Jamin

Zeg “Jamin” en bij sommige mensen komen meteen de verhalen los. Over het snoep dat ze als kind mochten kopen, toverballen, zuurballen, toffees. En over de ijsjes, die je er toen kon kopen. Een dubbeldikke in een papiertje, met losse wafels. Hoe lekker het was, hoe veel het (of hoe weinig) het kostte…..Maar bijna niemand weet dat de fabriek oorspronkelijk in Rotterdam stond, in Crooswijk. Eind jaren 50 verhuisde de fabriek naar Oosterhout. De gebouwen werden gesloopt en niets herinnerde meer aan die lekkere fabriek.

Maar nu staat er een monument, voor de meisjes van Jamin. De vrouwen die de snoepjes en ijsjes inpakten, staan nu in mooi roze op het Goudseplein.

Bron: Waar in Rotterdam