Al lopend ontdek je vaak allerlei merktekens op ramen, deuren, muren. Sommige zijn goed te begrijpen, zoals huisnummers.
Andere zijn wat raadselachtiger, zoals letters op gebouwen of reclameborden. Hoe je moet varen van hier naar daar is ook voor een landrot te begrijpen.
En de aanduiding van de metrolijn is natuurlijk wel duidelijk, maar wat die roze papiertjes op een raam in Delft nou te betekenen hadden?
Al maanden lang hadden we kaarten in huis voor een voorstelling van The Analogues in het Nieuwe Luxor-theater.
Het is niet de eerste keer dat we ze zien. We zagen al Sergeants Pepper’s Lonely Heart Club Band, The White Album en nu dus Abbey Road. Een fenomenale band, die tot in de kleinste details de Beatles muziek doet herleven. En een uitverkochte zaal met een gemêleerd publiek, dat enthousiast meezong en een knetterend eindapplaus ten beste gaf. Een heerlijke avond!
In Londen was ik een aantal jaren geleden met een vriendin. In de bus van ons hotel naar the City zag ik ineens dat we over Abbey Road reden. Ik stootte haar aan. “We rijden over Abbey Road”, tetterde ik enthousiast. “Nou en? Er rinkelde geen belletje…. Maar vorig jaar zijn Leo en ik wel degelijk even uitgestapt om HET zebrapad en de studio te zien. Nee, geen selfie gemaakt. Daarvoor was het te druk.
Je ziet ze te pas en te onpas afgebeeld. Zoals hier in Delft op een bank voor een Delfts Blauw winkel, waar nog veel meer kussende boeren en boerinnetjes te koop zijn.
En deze vond ik op een koekje bij de koffie ergens in Rotterdam.
Ze zijn enorm populair bij toeristen, dus altijd raak!
Ik spaar die kussende paartjes niet, maar soms vind ik het toch wel erg leuk om ze eens op mijn blog te zetten. Bij deze dus!
Ik koos voor een lekker biertje en nam alle tijd om een gerecht uit te zoeken. Op mijn dooie gemakje at ik daarna een heerlijke salade met een tweede biertje erbij. Ik stuurde deze foto naar Leo, die het thuis maar met een kant-en-klaar maaltijd moest zien te doen. Maar gelukkig heeft hij daar geen moeite mee.
Leo stond me bij aankomst in Rotterdam-Alexander dan ook op te wachten, zodat ik niet meer met de metro naar huis hoefde. En dat maakte me heel erg blij!
Tijdens de fototour in Delft kwamen we deze zaak tegen. Nou ja, er zijn erg veel horeca gelegenheden in Delft, dus dat is ook niet zo verwonderlijk. Maar toen ik de naam en de bijbehorende borden zag, ontspon in mijn hoofd meteen dit telefoon-gesprek 😉 😉 😉 :
Hallo? Waar ben je? Ik zit even bij Moeke… Bij Moeke?Ja! Waarom?Nou, Moeke heeft gin.Oh…? En Moeke brouwt haar eigen bier…. Ja,ja, en is dat dan wat? Ja zeker! IPA, Blond en ook nog Weizen. Trouwens, Moeke ruimt haar kelder op. Het duurt dus nog wel even voor ik weer thuis kom. Oh ja, zucht….. ik zie het wel…. !!!
De plaatjes spreken gewoon voor zichzelf, nietwaar?
Dat ik van fotograferen hou, is wel duidelijk. Bijna alle foto’s op dit blog zijn zelf gemaakt. Daarom meldde ik me op Facebook aan bij Fotomaatjes. Om me daarna te bedenken dat ik natuurlijk een vreemde eend in de bijt zou zijn met mijn kleine cameraatje. Maar ja, fotograferen is fotograferen. Of je het doet met een spiegelreflexcamera of met zo’n redelijk eenvoudig dingetje als mijn compact cameraatje, het gaat tenslotte om de plaatjes. Maar ik ken de beperkingen van mijn toestel natuurlijk al te goed. Maar zo’n handig klein en licht toestel geeft me vrijheid, terwijl zulke grote en zware -maar absoluut prachtige- camera’s mij te veel zouden belasten.
En het was reuze gezellig met nog zes andere dames, waarvan ik alleen mede-blogster Jeanne kende. Binnen no time zaten we aan de koffie en werd er gezellig gepraat.
Het weer was ons goed gezind, met zelfs een warm zonnetje zo nu en dan op onze rug. Snel door de stad wandelen was niet de bedoeling. Er werd natuurlijk bij alles wat fotogeniek is gestopt en uitgebreid gefotografeerd.
Hierbij wat foto’s die ik die dag maakte. Morgen komt er nog een ander verhaal, dat ik ter plekke bedacht en op de geheugenkaart vastlegde.
In Groede namen we ook een kijkje. Een leuk dorpje met midden in het centrum een straatje waar je doorheen kunt lopen, maar ook waar je de huisjes kunt bezoeken. Vergeet niet eerst een kaartje te kopen bij de winkel.
De huisjes zijn teruggebracht in oude staat en herbergen onder andere een handwerkwinkeltje, een smederij, een bakkerij, kapperszaak, schildersbedrijfje en kruidenierswinkeltje. Nu was alles nog niet helemaal bezet, maar aan de hand van wat filmpjes werd toch iets over het verleden verteld. De oude ambachten zijn inmiddels historie. Wie weet nog hoe een smid werkte, welke schilder maakt nog zelf zijn verf of mengt de kleuren? Wat kon je vroeger kopen in zo’n kruidenierszaak of manufacturenwinkel?
Zelf heb ik nog herinneringen aan mijn opa en vader, die huisschilders waren. En ik keek dan ook met veel belangstelling naar de vele verschillende kwasten en ander gereedschap.
Na afloop kochten we in het kleine winkeltje nog wat stoofpeertjesjam. Maar ook voor andere streekproducten kun je hier terecht. Alles ambachtelijk gemaakt. Dat zal best lekker smaken.
Normaal snoep ik (niet meer) zoveel. Maar onderweg wil ik natuurlijk wel de lokale lekkernijen proeven.
En wat eet je in Zeeland? Natuurlijk een bolus. En een beetje zoeken op Google leidde ons naar de beste bolusbakker, die in Clinge zit. Omdat we toch van plan waren naar Hulst te gaan, waar Clinge dicht in de buurt ligt, besloten we het eten van een bolus uit te stellen tot de laatste dag.
Aan de kust logeren en dan geen strandwandeling maken, dat kan natuurlijk niet. Dus trotseerden Leo en ik de hevige wind, maar genoten we van de zon. Want al had ik al vaker gehoord dat het “in Cadzand altijd mooi weer is”, zo’n opmerking nam ik m et een korreltje zout. Maar kijk: de zon scheen echt!
We parkeerden de auto op een nu nog vrijwel leeg parkeerterrein en liepen de dijk bij Nieuwvliet op. Het licht was prachtig en de wind maakte mooie patroontjes in het zand. En de frisse zeelucht maakte ons helemaal helder en fris.
Onze capuchons op en dicht geknoopt, das om en met de jas toe geritst kon ons niet veel gebeuren. 😉 Tenslotte zijn we niet van suiker.
We kozen voor de wind in de rug, want zand in ons gezicht, nee liever niet. Maar even lekker uitwaaien ja, dat wel!