Recept

Nu ik nog maar één keer in de week boodschappen haal, is het zaak goed te plannen wat we in de loop van de week zullen eten.

Peulvruchten zitten sowieso een keer ertussen, met een saus of als curry. Maar verder natuurlijk vooral verse groeten, die wel een beetje te bewaren zijn.

Vorige week had ik weer eens paprika mee genomen en daar maakte ik Shakshuka van. Dat is een recept waarin heel veel eigen variatie mogelijk. Leo vond het erg lekker en daarom deel ik het met jullie.

Bron: Google foto’s

Sahkshuka (voor 2 personen)
1 ui, gehakt
2 tenen knoflook, gehakt
1 pepertje, gehakt
3 paprika’s, gehakt
3 stengels bleekselderij, in blokjes
1 lenteui, gehakt
½ bosje peterselie, gehakt
2 tomaten, in kleine stukjes
1 eetlepel tomatenpuree
4 eieren
1 theelepel gemalen komijn
1 theelepel (gerookte) paprika
½ theelepel gemalen korianderzaad
½ theelepel oregano
(olijf) olie om in te bakken

Verwarm de olie en fruit hierin de ui, knoflook, pepertje en bleekselderij licht aan.
Doe de tomatenpuree erbij en bak even mee. Strooi de kruiden erover en roer goed door.
Voeg de paprika toe en laat alles ongeveer 5-10 minuten zachtjes bakken. Doe er eventueel wat water bij als het te droog wordt.
Voeg de tomaten erbij, net als de lenteui en peterselie en laat alles nog even goed door bakken. Proef en breng op smaak met zout en peper.

Maak in de groenten vier holletjes en breek daarin de eieren. Zet het vuur laag en laat de eieren stollen totdat het wit gaar is en de dooier eventueel nog wat zacht.
Bestrooi de eieren nog met wat zout en peper en eventueel nog wat peterselie.

Serveer met brood.

EET SMAKELIJK!!

Verwenmomentje

Elke morgen ontbijten wij op ons gemak. Meestal gaat Leo het eerst uit bed, zet koffie en perst sinaasappels uit. De tafel is dan de vorige avond al door hem gedekt.

Eerst nemen we één of twee koppen koffie en lezen ondertussen de krant, blogs of onze e-mails. Dan haal ik het beleg uit de koelkast. Je ziet, ik doe heus ook wel wat in het huishouden 😉 😉

En dan kunnen we ontbijten. In het broodmandje liggen volkoren boterhammen, roggebrood, Duits brood en crackers. Verder staat er een Hollandse bus beschuit op tafel. Naast hartig beleg en kaas is er ook zoetigheid zoals jam, honing en chocoladehagelslag. Een goed gevulde ontbijttafel!

Ik eet anderhalve boterham met worst en kaas. En een cracker met jam. Leo eet meestal iets meer dan ik. Hij sluit dan graag af met een beschuitje met roomboter en pure chocoladehagelslag. En dan komt mijn “verwenmomentje”. Hij snijdt een kwart van de beschuit af en kijkt vragend naar mij. En ja hoor, ik ben altijd wel in voor zo’n lekker hapje. Dus strek ik mijn hand uit en krijg daarop een mooi driehoekig belegd beschuitstukje.

Ik kan natuurlijk zelf ook een beschuitje nemen, maar dat zijn me teveel calorieën. Dit is net genoeg om me helemaal blij te maken 🙂 🙂

Verschuiven

Dit jaar hebben we al een heleboel afspraken op de lange baan moeten schuiven. Noodgedwongen, omdat ziekenhuis of fysio geen gelegenheid hadden.

Maar ook de kapper, de pedicure, de mondhygiëniste, allemaal konden ze niet werken en moesten de afspraken ervoor verzet worden.

Voorlopig weet ik zelf nog niet wanneer en waar ik wel terecht kan…
Het is ook niet zo’n ramp. Mijn korte koppie kan er nog wel even mee door. De nog maar half gelakte en inmiddels veel te lange teennagels zitten nog in dichte schoenen verborgen. En de afspraken bij de dokters en zo kunnen gelukkig ook nog wel even wachten. Tandarts en mondhygiëniste zijn ook niet zo dringend (vind ik…. ).

Lastiger is het voor mensen met wel dwingende afspraken. Die moeten dus eerst voorgaan. Het zal voor alle assistenten nog een hele puzzel worden om iedereen aan de beurt te krijgen.

Muzikale maandag

In deze vreemde tijd, waarin we niet meer bij en met elkaar mogen zijn, vieren we koningsdag. Zonder vrijmarkt, zonder festiviteiten.
Toch laat ik deze dag hier niet ongemerkt voorbij gaan.

Ik denk niet dat Koning Willem-Alexander of Koningin Maximá mijn blog lezen. Ik weet het eigenlijk wel zeker 😉 Maar dat doet er niet toe.
Ik feliciteer hierbij de koning en wens hem nog veel gezondheid en geluk toe. En daar hoort een vrolijk dansje bij….

Angst

Zo langzamerhand lijkt de angst ons in zijn greep te houden. Angst om ziek te worden, om dood te gaan. Dat is op zichzelf niet zo raar. Niemand wil dood gaan, al is dat onze enige zekerheid in dit leven.

Maar al die maatregelen die onze vrijheid beperken, maken ons tot angstige wezens. We durven niet meer gewoon bij elkaar te zijn. We zijn bang om om huidcontact te maken, dus kijken we weg als iemand in de supermarkt geholpen moeten worden.

We durven onze kinderen niet meer te knuffelen, te zoenen, even op de rug te slaan. Erger, we zien onze kinderen zelfs niet meer, alleen nog maar via een digitale verbinding.

Zo nu en dan hoor of lees ik reacties, waarvan ik het koud krijg. “Pas op, raak dit niet aan. Weet je wel hoeveel handen dat vastgehouden hebben? Is dat apparaat wel ontsmet? Koop jij nog gewoon schepijs?”

Even een blaadje inkijken bij de supermarkt lijkt voor sommigen een zelfmoordactie. Alles wordt afgewassen, ontsmet. Post niet verzonden of geopend, want misschien….. Het begint in mijn ogen hysterische trekjes te vertonen.

Zelf probeer ik, mijn sterrenbeeld indachtig, de gulden middenweg te vinden. Als ik wandel, wil ik niet in de berm kruipen of me gedragen alsof de tegemoetkomende man of vrouw een schurftige hond is. Ik passeer op de grootst mogelijke afstand, maar of dat nou anderhalve meter is…? Ik zeg nog vriendelijk gedag in plaats van afwerend mijn hoofd om te draaien.

Hopelijk komt er een tijd dat we allemaal weer gewoon gaan doen. Of zullen we de angst voor Corona dan inruilen voor een andere angst? Omdat we er zo aan gewend zijn, smetvrees is verworden tot een normale karaktertrek? Ik hoop toch van harte dat het zover niet zal komen.

Glazen bol

Het nieuws over het virus begint een beetje af te nemen. Of zijn we murw van alle statistieken, cijfers en narigheden? Ik volg het nieuws al langere tijd niet meer op de voet.

Maar nu komen anderen met hun berichten. De betweters, de “ik had het al voorspeld”roepers, de beste stuurlui, die aan wal staan en oh zo goed weten hoe het allemaal geregeld had moeten worden.

Dat er zo’n enorme pandemie aan zat te komen, verbaasde me niks. Op de een of andere manier moet er weer een nieuw en beter evenwicht in de natuur komen. De Spaanse griep maakte meer dan 50.000.000 (vijftig miljoen) slachtoffers. En dat is nog maar een vrij bescheiden schatting. Het kunnen er ook twee keer zoveel zijn geweest. Hoeveel slachtoffers zullen er dan nu vallen? Is het nu nog maar een schijntje en zal er in de toekomst met nog veel grotere getallen gerekend moeten worden? We zijn geneigd te geloven dat de wereld maakbaar is, maar of dat ook zo is…?

Niemand die het weet…! Toch hoor je nu al mensen beweren dat het allemaal van te voren bekeken had moeten worden. Zo lees ik vaker dat er veel meer IC-bedden hadden moeten zijn. Ik vraag me dan altijd af of ze wel enig idee hebben hoe een IC-kamer er uit ziet. Welke apparatuur er aanwezig is en vooral welk prijskaartje er aan zal hangen. Ik schat dat je met 100.000 euro niet erg ver van de waarheid bent, maar ik weet echt niet of dat een redelijk bedrag is. Misschien is het zelfs hoger. Maar dat je met een paar IC-bedden al gauw richting een miljoeneninvestering gaat, lijkt me wel. Laat staan dat je eist om honderden meer bedden….!

Bron: Google afbeeldingen

Geloof me, ik weet heus wel dat de bezuinigingen in de zorg niet altijd helemaal terecht waren. Het had echt beter gekund en ik hoop dan ook dat we in de toekomst meer geld voor de zorg zullen uittrekken. En meer waardering zullen hebben voor de handen aan het bed.

Dat de managers zich wat bescheidener gaan opstellen bij de salarisvaststelling.

Maar laten we asjeblieft ophouden met het allemaal beter te weten. Niemand beschikt over een goed werkende glazen bol en achteraf praten is zo gemakkelijk. Wie alles van te voren weet, komt met een euro de wereld door.

Zin of onzin?

Dat we dat nare C-virus het hoofd moeten kunnen bieden, lijkt we vanzelfsprekend. Al blijkt het een taaie rakker. En wat moeten we daarvoor dan uit de kast halen?

Vaker je handen wassen, geen bezwaar. Geen handen schudden, maar het “namaste” gebaar maken, ook geen al te grote opgave. Thuisblijven, geen contacten met anderen, we houden ons eraan maar moeilijk vind ik het wel. Ik mis de sociale contacten, de afspraken en vooral mis ik het fysieke contact met de kinderen. Maar we houden het voorlopig dus maar bij Whatsappen, Zoomen of gewoon telefoneren.

Maar sponzen jullie de boodschappen af? Bij voorkeur met een desinfecterend middel? Nee, ik doe dat niet. Net zo min als ik handschoenen draag of een mondkapje. Want we zijn altijd al omgeven door allerlei bacteriën, bacillen en virussen. Alleen worden we daar niet altijd zo ziek van. Ik herinner me dat bij de introductie van de nieuwe VIM (doodt 99% van alle huishoudbacteriën) een professor waarschuwde. Je gooide met die 99% ook alle goede bacteriën weg. En hij vond dat heel dom. Want wanneer alles steriel was, zouden we juist geen weerstand kunnen kweken.

Bron: Google afbeeldingen

Nee, ik onderschat het C-virus niet. Het is heel gevaarlijk en daarom blijven wij ook zoveel mogelijk thuis. Zodat we niet constant en in hoge mate in aanraking met het virus komen. Maar willen we die zo gewenste immuniteit krijgen, zullen we toch een keer met meneer of mevrouw Corona kennis moeten maken. Eerst maar op flinke afstand en dan langzamerhand steeds dichterbij. Net zo’n draak uit enge sprookjes. Heel, heel voorzichtig benaderen. En dan, als wij ons hebben kunnen bewapenen, ons immuunsysteem op scherp staat, kunnen we confrontatie misschien aan en wordt het beest getemd.

Maar voorlopig nog even wachten. Dus thuis blijven is nog altijd het devies.

Terugkijken

Nu we zo veel minder te doen hebben, teruggeworpen op onszelf, denk ik vaak terug. Aan de verhalen van mijn moeder, uit haar jeugd en hoe het toen was. Nu heb ik spijt dat ik niet veel meer gevraagd heb, want ik weet slechts wat vage herinneringen.

Mijn moeder kwam uit een groot gezin, acht kinderen. De meeste heb ik niet gekend, zij waren al overleden voor ik geboren werd. Van sommigen had ik zelfs nooit gehoord. Dat waren de kinderen die slechts enkele maanden oud waren geworden. Over hun bestaan las ik in het Gemeentearchief van Rotterdam.

Mijn oma stierf in 1919, kort na de 11e verjaardag van mijn moeder. Of mijn moeder de Spaanse griep toen al had gehad of later kreeg, weet ik niet. Haar verhalen daarover waren vaag en kort: het was heftig, ze had het zo benauwd gehad dat ze uit het raam hing om lucht te krijgen.

Wel kan ik nu reconstrueren dat van dat gezin er nog vijf andere kinderen en mijn opa die griep hebben overleefd. En dat in een klein huisje, waar meerdere kinderen op een klein kamertje lagen. Waar geen badkamer was, misschien zelfs geen wc. Waar armoe heerste, zeker na het overlijden van mijn oma. Opa was schoenmaker en verdiende ook nog wat bij als kelner in een groot Rotterdams café. Soms speelden mijn moeder en haar zusje daar onder het biljart, want een oppas was er niet.

Opa ging met zijn gezin in de kost, wat toen der tijd gebruikelijk was. De verhalen die moeder en tante er over vertelden, logen er niet om. Gierige hospita’s, weinig te eten, geen privacy. En al gauw moest moeder gaan werken. Niks verder leren, maar lange dagen trappen en stoepen boenen voor een habbekrats en een schrale boterham.

Wat heb ik hieruit geleerd? Dat wij, in deze moeilijke, maar toch nog luxe tijd, niks te klagen hebben. Dat we voldoende kunnen eten, de gezondheidszorg nu zo vele malen beter is. Ook al hebben velen er wat op aan te merken. Dat klagen niks helpt, maar dat je beter je schouders er onder kunt zetten. Tevreden blijven en de tering naar de nering zetten.

Maar betere tijden komen er beslist. Misschien duurt het langer dan we willen of denken, hopen. Maar hoe dan ook, ook deze tijd gaat eens voorbij.

Andere handel

Heineken, de vroegere werkgever van mijn man, heeft zijn productieproces om gegooid. Bier wordt nog wel gebrouwen, maar nu wordt ook handgel geproduceerd:

” Zo gaat Heineken ziekenhuizen in Nederland en België helpen met desinfecterende middelen. Maar liefst 250.000 flesjes handsanitizer, gemaakt van 30.000 liter alcohol, worden komende weken verdeeld.” (bron: De Telegraaf van 31 maart 2020) Weer eens een heel ander begrip van “Heerlijk helder”.

En een wat gezelliger bericht in deze gekke tijd dan al die cijfers en statistieken over wat het Corona-virus allemaal teweeg brengt.
Ik sluit mijn ogen niet voor de werkelijkheid, maar toch…..