Gelukkig

Veel Nederlanders voelen zich gelukkig. Een onderzoek van het Trimbos Insitituut onder 7000 Nederlanders wijst uit dat 89 procent van de Nederlanders zich gelukkig voelt.

Mooie aanleiding om dit gedicht weer eens op te halen:

De Dapperstraat

Natuur is voor tevredenen of legen.
En dan: wat is natuur nog in dit land?
Een stukje bos, ter grootte van een krant,
Een heuvel met wat villaatjes ertegen.

Geef mij de grauwe, stedelijke wegen,
De’in kaden vastgeklonken waterkant,
De wolken, nooit zo schoon dan als ze, omrand
Door zolderramen, langs de lucht bewegen.

Alles is veel voor wie niet veel verwacht.
Het leven houdt zijn wonderen verborgen
Tot het ze, opeens, toont in hun hogen staat.

Dit heb bij mijzelven overdacht,
Verregend, op een miezerigen morgen,
Domweg gelukkig, in de Dapperstraat

J.C. Bloem

Voor wie de variaties op dit gedicht wil lezen, klikt hier.

Triest

Hoe onvoorspelbaar en wreed kan het gaan in het leven? Een Syrische man ontvlucht zijn land vanwege de onrust daar en hoopt op een rustig bestaan hier. Dan wordt hij zonder pardon doodgeschoten in Alphen aan de Rijn.

De tuinman en de dood
Een Perzisch Edelman:
Van morgen ijlt mijn tuinman, wit van schrik,
Mijn woning in: “Heer, Heer, één ogenblik!
Ginds, in de rooshof, snoeide ik loot na loot,
Toen keek ik achter mij. Daar stond de Dood.
Ik schrok, en haastte mij langs de andere kant,
Maar zag nog juist de dreiging van zijn hand.
Meester, uw paard, en laat mij spoorslags gaan,
Voor de avond nog bereik ik Ispahaan!” –
Van middag (lang reeds was hij heengespoed)
Heb ik in ’t cederpark de Dood ontmoet.
“Waarom,” zo vraag ik, want hij wacht en zwijgt,
“Hebt gij van morgen vroeg mijn knecht gedreigd?”
Glimlachend antwoordt hij: “Geen dreiging was ’t,
Waarvoor uw tuinman vlood. Ik was verrast,
Toen ‘k ’s morgens hier nog stil aan ’t werk zag staan,
Die ‘k ’s avonds halen moest in Ispahaan.”
(P.N. van Eyck)

Gedichtendag

Elke dag van het jaar is wel aan iets speciaals gewijd. Zo ook vandaag. Vandaag is het Gedichtendag.

En dus hier een gedicht van Johannes Herman Buma, in 2009 stadsdichter van Middelburg:

POSTERS

Veel postende mensen
in de straat
zij hebben geschreven

gedachten een vraag,
een wens, een groet
in woorden in zinnen

waar moet
dat naartoe
over land over zee,
door de lucht

of blijft het hier
in de straat

Grenspost

Grenspost

Flarden in visioen gedrenkte wolk reizen in cyclonen rond
Rothonden vermaken zich met zielen in hun kaken malen
Uit het holst van het moeras wellen ongenaakbare vocalen
Dat vervloekte ritme altijd van gerammel & geknor van lege magen

Bij de laatste grenspost (waar ze wisten dat ze onbestaanbaar waren)
staat de felbegeerde oud-gereformeerde Nazidame zich te schroeien
aan de roodroodgloeiende noverbermist; pooiers op trompet,
zwijgend groepsportret van singer-songwriters op bloesems en frambozen,
pose met een supersonisch voetbalmeisje in een elfmans-opklapbed

Ze zeiden dat het eigenlijk m’n moeder was
Ze spraken voetstoots af dat ze m’n dochter was
Jullie namen alles aan wat stom en jong en grijs en krom was
O! De grote monitoren, de oren, de motoren, spoorlozen,
al die overrijpe snoevers en vooral die niet te missen
show van honger en vergelding voor de ramen
De vermissing lijkt vooral op de bevrijding uit een ander ongewisse

Uit: Zwarte Gaten – Hans Verhagen
ISBN 9789038890609

Naar aanleiding van dit gedicht werd onder meer dit filmpje gemaakt:

En wie meer wil weten over de maker van het filmpje, klikt hier.

Sinterklaas

Zelfs een respectabele heilige als Sinterklaas moet met zijn tijd meegaan. Want een briefje schrijven doen kinderen niet meer, ze sturen liever een SMS-je:

Ik stuur de Sint een SMS’je
Ik stuur de Sint een SMS
Maar heeft de Sint wel een mobieltje
Heeft Sinterklaas wel een nul-zes
Wat zal de Sint geweldig blij zijn
Als ie mijn SMS’je ziet
En als de Sint geen GSM heeft
Stuur ik een mail aan Zwarte Piet

Ik heb een lange lijst gemaakt van allerhande dingen
Maar ik leg die lange lijst niet bij m’n schoen
En ik heb ook weinig zin om bij de schoorsteen te gaan zingen
Ik zou ’t wat moderner willen doen

Ik stuur de Sint een SMS’je
Ik stuur de Sint een SMS
Maar heeft de Sint wel een mobieltje
Heeft Sinterklaas wel een nul-zes
Wat zal de Sint geweldig blij zijn
Als ie mijn SMS’je ziet
En als de Sint geen GSM heeft
Stuur ik een mail aan Zwarte Piet
Ach, waarom niet
Als de Sint geen GSM heeft
Stuur ik een mail aan Zwarte Piet

tekst: Ivo de Wijs

Karel de Grote

In Aken is het al Karel de Grote wat de klok slaat. Ik moest mijn geschiedenis enigszins ophalen, maar herinnerde me wel dat hij als de grondlegger van Europa wordt beschouwd.

Men beweert dat hij niet kon lezen en schrijven, maar wel de kunsten stimuleerde. En hij vond dat ieder kind recht had op onderwijs. Of elk kind daar zo blij mee is?
France Gall heeft daarover zo haar eigen mening:

Verjaardag

‘Als ik oud word neem ik blonde krullen
neem geen spataders, geen onderkin,
en als ik rimpels krijg omdat ik tweeënzestig ben
dan neem ik vrolijke, niet van die lange om mijn mond
alleen wat kraaienpootjes om mijn ogen.
Ik ga nooit liegen of bedriegen, waarom zou ik
en niemand gaat ooit liegen tegen mij.
Ik neem niet van die vieze vette
grijze pieken en ik ga zeker ook niet
stinken uit mijn mond.
Ik neem een hond drie poezen en een geit
die binnen mag, dat is gezellig,
de keutels kunnen mij niet schelen.
De poezen mogen in mijn bed
de hond gaat op het kleedje.
Ik neem ook hele leuke planten met veel bloemen
niet van die saaie sprieten en geen luis, of zoiets raars.
Ik neem een hele lieve man die tamelijk beroemd is
de hele dag en ook de hele nacht
blijven wij alsmaar bij elkaar.’

Judith Herzberger (met een draai van mezelf, vanwege die leeftijd 😉 )

Dit gedicht vond ik wel toepasselijk vandaag, nu ik 62 word. Er is geen sprake van keuze hoe je er uit gaat zien als je oud wordt, maar met een beetje humor is het best uit te houden.

Stadsgedicht

De wereld is vol vrouwen
en de meesten zijn zwanger.
Op straat bollen hun buiken
als zeilen in de zomerwind.

Zo voer Da Gama de Taag af, Lissabon uit.
Later kwamen de schepen terug
geladen met de geur van kaneel, het ronde
van de aarde en met zwart zwetend goud.
De wereld kwam uit houten buiken.

In de supermarkt laveren de vrouwen voorzichtig.
Ze dragen hun kussens van liefde, hun ogen
glanzen want de wereld is zwanger
de nacht draagt een geheim en
morgen is het zomer, is de stad verlaten
als de vlakste zee, zwerft de zon
door lege cafés en windstille bibliotheken.

In je ooghoek ritselt nog geen kind.

Marco Nijmeijer uit: Misschien is water van dun hout, 2007

Dit gedicht werd door de Rotterdamse stadsdichter Jana Beranová in juli 2010 gekozen als Gedicht van de maand