Ergernissen

Gelukkig ben ik niet zo van de ergernissen. Ik maak me natuurlijk wel eens kwaad, maar ach, vaak is het de moeite niet waard om je druk te maken.

Maar een top vijf kan ik toch wel volmaken:

  1. Mensen, die op de zebra al bellend in een slakkengang oversteken, terwijl ik voor hen stopte;
  2. Regendruppels in mijn nek;
  3. een knoop in mijn naaidraad
  4. de rotzooi die sommige mensen overal achterlaten in de natuur
  5. iets opbergen en later niet meer weten waar (dat is dus dubbele ergernis, want ik doe dat zelf)

Recept: Sangria

Met dit warme weer is een glaasje sangria natuurlijk niet te versmaden.

Sangria

voor ca. 1-1/4 liter:
1/2 kopje zeer fijne suiker
1 kop koud water
1 limoen, schoon geboend en in dunne plakjes gesneden
1 sinaasappel, schoon geboend en in dunne plakjes gesneden
12 tot 16 ijsblokjes
1 fles rode Spaanse wijn

Doe suiker en water in een steelpannetje en zet dit op een laag vuur. Roer met een houten lepel totdat alle suiker is opgelost. Haal de pan van het vuur, als de stroop bijna kookt. Doe de limoen- en sinaasappelschijfjes er in en laat minstens 4 uur op kamertemperatuur afkoelen.

Doe de ijsblokjes en de limoen- en sinaasappelschijfjes in een grote glazen kan, Voeg een 1/2 kopje suikerstroop toe. Vul de kan verder met de rode wijn en zet koel weg.

Serveer in mooie glazen, met in elk glas een schijfje limoen en een schijfje sinaasappel.

PROOST!!

Deze versie komt uit de serie “Uit eten in de Wereld” van Parool/Life.

Luisterboeken

Vroeger moest ik ook op zaterdag naar school. Ik herinner me dat we het eerste uur hoofdrekenen kregen. Daarna zal het wel taal of zoiets geweest zijn, maar dat weet ik niet meer precies.

Maar het laatste uur was het mooiste uur van de week: dan las de juffrouw voor. Alleen op de wereld, Mariska, de circusprinses en nog veel meer boeken heb ik niet zelf gelezen, maar alleen gehoord. Lezen vond ik heerlijk, maar voorgelezen worden was het einde.

Soms als ik een beetje ziekjes was, dan las zelfs mijn moeder of zus voor. Ik heb de buikpijn best wel eens een beetje aangedikt, alleen maar om voorgelezen te worden.

Maar wie leest me nu voor? Geen mens, toch? Geen nood, ik gebruik een luisterboek. Als ik wil kan ik op elk uur van de dag me laten meevoeren in een verhaal, door Yvonne Keuls, Dieuwertje Blok, Job Cohen of nog een heleboel anderen. Heerlijk.

Alleen moet ik wel oppassen, dat ik niet onder het “lezen” in slaap val. Maar dat zal de leeftijd wel zijn 😉

Spelfout

Op een spandoek van een school in Oldenzaal stond De school FELICITEERD de geslaagden.

De fout werd snel hersteld, maar er was intussen wel een foto gemaakt. Die stond inmiddels in diverse kranten.
Geen wereldnieuws, maar wel opmerkelijk.
Maar het meest opmerkelijk vind ik sommige commentaren, waarvan de strekking is “wat een gezeur, zoiets kan iedereen toch gebeuren. Had het zelf niet eens gezien”

Nou ja….

Trivia

Zoekend in onze boekenkast kwam ik “Schott’s curiousiteiten” tegen. Een klein boekje met daarin allerlei weetjes.Een kleine greep uit de onderwerpen:

  • puntentelling bij golf
  • Uitvaarthits in Nederland.
  • Bon mots van Dorothy Parker
  • symbolen voor wasvoorschriften
  • alle coupletten van het Wilhelmus.
  • Het handalfabet

Alles kriskras door elkaar, maar een heerlijk boekje om zo nu en dan in te kijken.

Crisis?

gratis op te halen

Overmorgen komen onze nieuwe meubelen. Na ruim 20 jaar wilde ik wel eens iets anders dan het stevige en overslijtbare grenen.  Okay, de kussens zouden wel vernieuwd moeten worden, maar het onderstel is nog prima en ziet er netjes uit. Maar wat doe je met die oude meubelen?

We hebben een advertentie gezet op Marktplaats. Eerst t.e.a.b., maar  geen respons. Toen kon het gratis worden afgehaald, maar ook daarop geen reactie.

Daarna belden we Piekfijn, de recyclewinkel in Rotterdam. Of ze het wilden ophalen. Misschien, ze wilden eerst even kijken of het nog wel iets was. Daarnet waren ze er.

Geen woord over het stevige hout, of dat er er nog iets mee te doen was. Nee, kussens niet goed. Kan met het grof vuil mee.

Ik vraag me af wat je dan moet aanbieden? Meubels met het prijskaartje er nog aan?

Slapend leren

Vroeger was op de TV een serie “Mission impossible”. Daarin konden de hoofdpersonen in één nacht een andere taal leren, gewoon door tijdens het slapen een geluidsband in die taal te laten draaien.

Het leek me heerlijk. Even voor je op vakantie ging een cursus volgen, maar er helemaal geen moeite of tijd aan besteden. Geen woordjes leren of rijtjes stampen. Nooit meer naamvallen door elkaar haspelen, want je sliep er gewoon nog een nachtje mee.

Maar nu las ik vanmorgen in METRO dat zangvogels in hun slaap leren zingen. Jonge zebravinkjes leren de liedjes van hun vaders en tijdens hun slaap zijn hun hersens extra actief, volgens biologen van de Universiteit Utrecht. En het zou ook zo werken bij kinderen.

Dus voortaan mag, nee moet, de I-Pod gewoon mee naar bed.

De Kleine Aarde

Zo ongeveer 1974-1975 luisterden man en ik naar een lezing door Sietze Leeflang, over het project De Kleine Aarde.

Het maakte diepe indruk. Hij vertelde toen dat er minimaal 8 kilo graan moet worden verbouwd om 1 kilo vlees te kunnen produceren, waardoor er een enorme verspilling ontstaat. Hoe milieubelastend de kassen zijn en hoe we beter met het milieu zouden moeten omgaan, zodat we de aarde in goede staat aan onze kinderen kunnen overdragen.

We werden prompt vegetarisch, gebruikten recycled papier en werden zuinig met energie. Jarenlang wilde ik geen koffiezet-apparaat, maar gebruikte ik  een Melitta-filter.

De ideeën van Sietze Leeflang en de Kleine Aarde zijn al lang niet meer “geitenwollen-sokkenpraat”, maar worden nu gretig omarmd door “groene” politici.

Dag opa

Ik denk dat het in de vierde klas van de lagere school was, dat wij regelmatig “kwekelingen” hadden. Jongens en meisjes van de kweekschool, die het vak van meester of juf moesten leren en praktijkervaring kwamen opdoen. Zo ook meester Mensonides. Een lange jongen (maar in mijn ogen toen al een man) die trots vertelde dat hij van Griekse afkomst was. Ik vond hem best wel aardig in het begin.

Ik denk dat het in de vierde klas van de lagere school was, dat wij regelmatig “kwekelingen” hadden. Jongens en meisjes van de kweekschool, die het vak van meester of juf moesten leren en praktijkervaring kwamen opdoen. Zo ook meester Mensonides. Een lange jongen (maar in mijn ogen toen al een man) die trots vertelde dat hij van Griekse afkomst was. Ik vond hem best wel aardig in het begin.

Op een dag stonden de klassen allemaal al in de gang, klaar om naar huis te gaan. Zes keer zo’n dertig meisjes, met hun hoge stemmetjes. Die tegen elkaar kwebbelden dat horen en zien je verging. En het galmde zo in die betegelde hal. Meester Mensonides kwam de klas uit, met zijn regenjas aan en een aktetas onder de arm. Hij voelde zich heel wat, dat kon je van zijn houding aflezen, al had ik dat toen niet zo in de gaten. . Onder het langslopen riep hij luid: “Daaaaag, omaatjes, tot morgen.” “Dag opa,” riep ik luid en duidelijk boven al het geroezemoes uit. .

Met een ruk stond hij stil. Hij draaide zich om en zijn ogen schoten vuur. “Wie riep dat?” “Ik,” zei ik en stak mijn vinger op. “Hierrrr komen,” wees hij. Ik liep naar voren, me van geen kwaad bewust. Hij pakte me bij de arm en trok me de gang door, op weg naar het lokaal van het hoofd der school. Kortaf vertelde hij haar wat gebeurd was en bleef staan om haar reactie te peilen.

Het schoolhoofd was een rijzige dame, met gezag en charisma. Ze overzag de situatie onmiddellijk. Misschien vond ze hem ook wel een blaaskaak, die nog veel moest leren. Mij kende ze redelijk goed en ze wist dat ik geen kwaad in de zin had, maar slechts een grap met een grap wilde beantwoorden.

“U kunt wel gaan,” sprak ze afgemeten. “Ik zal dit afhandelen, daar kunt u gerust op zijn.”

En daar kon meester Mensonides het mee doen. Enigszins teleurgesteld verliet hij het lokaal.

“Els toch,” sprak het hoofd ernstig. “Je mag toch geen opa tegen de meester zeggen?” Haar ogen twinkelden en heel even kroop een zweem van een glimlach om haar mond. “Maar hij zei toch ook oma tegen ons?” “Ja, goed, maar….” Ze dacht even na. “Daar houden meesters niet zo van. Zul je het onthouden?” Ik knikte. “En morgen breng je me een blaadje waarop je twintig keer hebt geschreven: ik mag de meester geen opa noemen.”

Tegen meester Mensonides vertelde ik de volgende dag dat ik strafregels had moeten schrijven. Hoeveel en over wat er verder nog was gezegd, liet ik me niet uit. Tussen meester Mensonides en mij is het nooit meer goed gekomen, maar met jhet hoofd heb ik altijd een prima verstandhouding gehad. Ze was streng, maar rechtvaardig, maar bovenal had ze gevoel voor humor!

Op een dag stonden de klassen allemaal al in de gang, klaar om naar huis te gaan. Zes keer zo’n dertig meisjes, met hun hoge stemmetjes. Die tegen elkaar kwebbelden dat horen en zien je verging. En het galmde zo in die betegelde hal. Meester Mensonides kwam de klas uit, met zijn regenjas aan en een aktetas onder de arm. Hij voelde zich heel wat, dat kon je van zijn houding aflezen, al had ik dat toen niet zo in de gaten.
Continue reading