Yes, we can!

zeepje.jpgDit plaatje staat niet alleen op mijn sleutelhanger, maar siert nu ook als zeepje ons toilet.
Rosie the riveteer, symbool voor alle vrouwen die in de tweede wereldoorlog het werk van de mannen overnamen. Zich de zware werkzaamheden eigen maakten en hun land naar de overwinning hielpen. Die zelfvertrouwen kregen, maar later toch weer terug gewezen werden naar hun enige recht, het aanrecht.
Nou ja, natuurlijk niet allemaal. Er is gelukkig ook een hele generatie van zelfstandige, hardwerkende en sterke vrouwen uit voort gekomen.
Maar dat weet je natuurlijk niet, als je bij mij een plasje pleegt. Daar staat ze eigenlijk alleen een beetje voor de sier en de “verluchting”  😉

Daar werkte ik….

Bron: Collectie Boijmans on line

Destijds was Museum Boijmans-van Beuningen nog een stuk kleiner. In 1972 werd de nieuwe Bodonvleugel geopend. Daarvoor werd een verbinding gemaakt via de “Commissiekamer”, die dus opgeofferd werd. In die kamer werd niet alleen vergaderd, maar ook  nieuw-aangekochte werken aan het personeel getoond.
Natuurlijk kwamen er vaak kunstenaars in het museum, om een praatje te maken, maar vaker om werk te verkopen. En zo stond er op een dag een bont gekleed gezelschap in de hal, met aan het hoofd een man met een indianenveer in zijn warrige haar, die zich voorstelde als Dado. De naam zei me niets… Mevrouw Hammacher had uitdrukkelijk gezegd dat ze voor niets gestoord mocht worden en ja, daar hield ik me aan…. Ik zei tegen de man dat helaas, nee, het niet mogelijk was dat hij mevrouw kon ontmoeten. Maar hij bleef aandringen… Nee, nee, u kunt een afspraak maken. Nee meneer, sorry, maar komt u later maar terug…als u een afspraak heeft gemaakt….  Maar toen ik uiteindelijk, na veel vijven en zessen, toch maar even mevrouw Hammacher ging polsen, viel ze bijna van haar stoel. “Maar Els, je hebt Dado toch niet laten wachten?” vroeg ze ontzet. Wist ik veel… En dus ging ik terug naar de hal, maakte excuses aan het gezelschap en bracht Dado en consorten naar haar kamer. Er waren personen voor wie “niet storen” “toch maar wel storen” betekende.
In die oude Commissiekamer werd een keer een enorm groot schilderij getoond van Dado (Miodrag Djuric), dat “La piscine” (het zwembad) heette. Ik vond het ronduit griezelig… Net als het andere werk van deze schilder. Ik had natuurlijk geen stem in welke tentoonstellingen georganiseerd werden, dus kreeg Dado in 1974 een overzichtstentoonstelling.
…wordt vervolgd…

Bewaren

Daar werkte ik….

Wieneke vroeg me laatst of ik iets kon vertellen over mijn werk in Museum Boijmans-van Beuningen in Rotterdam. Ja natuurlijk, al is het al lang geleden. Ik werkte er van 1971 tot de geboorte van onze oudste in 1976. Maar het waren onvergetelijke jaren.
Toen ik solliciteerde, kon ik niet weten dat het zoveel werk zou inhouden. Ik had überhaupt geen idee van wat ik te doen zou krijgen. Want een museum, och wat werd daar nou gedaan? In mijn idee zou ik er dagelijks op mijn gemak langs mooie kunst kunnen lopen. Zo nu en dan die schitterende  gebeeldhouwde trap af mogen schrijden, misschien wel met een gevierde kunstenaar. En nou ja, ik zou misschien ook wel eens een briefje moeten typen, post moeten opbergen. Nee, in mijn optiek zou ik een heel prettig en rustig leven daar krijgen…
Nou, vergeet het maar! Het werd héél hard werken. Er waren nog geen computers of tekstverwerkers. Alles moest nog uitgetypt worden en handmatig uitgezocht.
Eén van de eerste dingen die ik moest doen, was een lijst opstellen van werken die in de tentoonstelling zouden komen. Mevrouw Hammacher, de hoofdconservator van de afdeling Moderne Kunst, had dat allemaal genoteerd op kaarten. Ik legde de kaarten op een stapel en begon aan mijn lijst. Wist ik veel… Wat een teleurstelling toen bleek dat ik alles eerst op de goede volgorde had moeten leggen, dat wil zeggen eerst schilderijen, dan tekeningen, dan prenten en daarna de beeldhouwwerken. Ik moest helemaal van voren af aan beginnen. Maar ik zou het ook nooit meer vergeten!
Voor een tentoonstelling werden werken geleend bij musea en particulieren. En vooral die laatsten vroeg je soms om een tekening of schilderij met heel veel emotionele waarde. Daar ging dan een uitgebreide correspondentie aan vooraf, met lange en zeer beleefde en vriendelijke brieven. Die typten wij (er waren nog twee andere secretaresses) dan uit. Een heel groot deel van de correspondentie was in het Frans, maar ook in het Engels of soms Duits. Daarnaast moesten telefoontjes beantwoord worden, contact gehouden met andere musea, uitgevers, drukkerijen. Elke dag was weer anders, zelden was het saai.
De foto hieronder toont de tuin van het museum. Het secretariaat zat in de hoek rechts. Het gebouw midden in de tuin was er toen nog niet.
…wordt vervolgd…

Bewaren

Rosie

Nu is het heel normaal dat je als vrouw kunt en mág werken, een carrière opbouwen. Maar nog niet zo lang geleden was dat helemaal niet vanzelfsprekend. Waren mannen de werkende klasse en hadden vrouwen maar één recht, het aanrecht. Trouwens, men dacht dat ze veel te teer zouden zijn om die mannenberoepen uit te oefenen. Hun hersens en hun fysieke kracht zouden onvoldoende zijn om dat alles te leren en uit te voeren. Maar als de nood aan de man komt, dan veranderen die mannen hun ideeën maar al te snel. Want wie konden in de oorlog, als zoveel mannen naar het front zijn, nou wapens produceren, vliegtuigen maken, bussen besturen, de economie draaiend houden? Juist ja, die zwakke vrouwtjes (!!) Met opmerkelijke flexibiliteit werden ze omgeturnd tot stevige vrouwen die hun mannetje stonden. Ze kregen zelfs een bijnaam: ze werden een “Rosie, the riveter“. Rosie staat voor al die vrouwen die in fabrieken in Amerika, Engeland en andere landen het werk van de mannen overnamen, zorgden dat de oorlogsmachine kon blijven doordraaien. Ze namen het hele proces over, van ontwerpen tot bouwen, monteren, schroeven en lassen. Zo kon het leven op een min of meer normale manier blijven doorgaan. (Klik op een foto om te vergroten)

Klik op de foto voor een filmpje

In het Bevrijdingsmuseum in Groesbeek is er momenteel een leuke tentoonstelling aan al die Rosies gewijd. Je ziet ze op fraaie reclameposters staan, maar ook zijn er foto’s en films van vrouwen aan het werk.

Dat de vrouwen na de oorlog hun plaats in de werkende maatschappij zouden opgeven, bleek ijdele hoop te zijn. Zoveel vrijheid, niet alleen financieel, lieten de vrouwen zich natuurlijk niet meer afnemen. Konden ze dat wel? Wat dacht je?

YES, WE CAN!

 

Bewaren

Bewaren

Bewaren

Bewaren

Beroep

Blogfotos-B-01 De mannen hier op de foto doen heel gespecialiseerd werk. Het zijn “roeiers” en hun werkgever is Roeiers Vereniging Eendracht (RVE). Een bekende in de Rotterdamse haven. Vroeger roeiden ze inderdaad met hun bootje naar het schip en namen de trossen over om die dan vast te maken aan de bolders op de kade. Dat gebeurt nu anders. De schepen komen dicht tegen de kant en met een dunner touw worden de trossen over gegooid. Zeker bij zo’n groot container- of cruiseschip is dat een hele en zware klus, die nauwkeurig en goed uitgevoerd moet worden.  Vorige week lag de Ovation of the Seas met 8 trossen voor en 8 achter vast. Alleen de mannen van de RVE mogen dit werk in Rotterdam doen.

 

50 jaar

Ommoord, de wijk waarin wij wonen, bestaat dit jaar 50 jaar. Ze ziet dus Sarah. Wij wonen er sinds 1972, zijn er twee keer in verhuisd en wonen er nog steeds met plezier.
We waren blij met ons 2-kamer flatje en later met het ruime appartement met veel groen ervoor.

Nu wonen we alweer ruim 35 jaar in onze eengezinswoning. Er waren al wel plannen om weer naar een appartement terug te gaan, maar die kregen nog steeds geen vaste vorm. En dan zou ik wel graag in de wijk blijven. Want er is hier alles dicht bij de hand: goed openbaar vervoer, veel groen, allerlei winkels en prima voorzieningen.

Natuurlijk is er in al die jaren veel veranderd. In het begin was het vooral de wijk van de vele hoge flats, zand, bouwlawaai en ongezelligheid. Mijn collega van toen “wilde er nog niet dood gevonden worden”. Het toen geplante prille groen is uitgegroeid tot leuke plekken met statige bomen. Sommige flats zijn al een keer gerenoveerd en er is veel laagbouw bij gekomen. En de wijk vergrijst. De kinderen van toen zijn inmiddels volwassen, vertrokken naar weer nieuwere wijken. Hopelijk komen er weer wat jongeren hier, zodat de balans wat verbetert 😉  Wij hebben het hier nog steeds erg naar onze zin!!

 

Motivatie

  Je hoeft niet elke dag enthousiast uit bed te springen en te roepen “ha fijn, ik mag weer gaan werken!”

Maar zo’n ongemotiveerde sticker op je auto plakken, is dan weer het andere uiterste.

Ach misschien heeft die man wel een wereldbaan, maar wil ie het niet weten voor de buren 😉 😉

 

Weerzien

We gingen gisteren naar Museum Boijmans-van Beuningen om de tentoonstelling “Handmade” te zien. Daarover vertel ik later meer.
Maar direct bij de ingang wachtte me een leuke verrassing. Van 1971 tot aan de geboorte van onze oudste in 1976 werkte ik als secretaresse van de afdeling Moderne Kunst in Museum Boijmans. Aan de toenmalige hoofdconservator, Mevrouw Renilde Hammacher, is nu, ter gelegenheid van haar 100e verjaardag, een tentoonstelling gewijd.
Met affiches, foto’s, catalogi, brieven en een video met een vrij recent interview. In een aantal zalen boven waren door haar aangeworven kunstwerken tentoongesteld. Daar lag de catalogus van “De metamorfose van het object”, de eerste tentoonstelling waaraan ik meewerkte.
Er waren foto’s en affiches van tentoonstellingen zoals Jime Dine en George Segal, die ik vanaf het begin heb zien opbouwen.
 

En toen ontdekte ik ineens voor een brief, die nog door mij getypt was. De referentie MK-RH/EH 76/36/4 liet aan duidelijkheid niets te wensen over.

En al is het museum nu totaal veranderd en raak ik er zelfs de weg een beetje kwijt, ik denk nog altijd met veel plezier terug aan die leuke jaren. Het was een topbaan!!