Eigen oogst

Eigen-oogstDit is het begin van een -hopelijk- uitbundige oogst aardbeien. We kijken ze zowat de grond uit! Maar natuur laat zich niet dwingen, dus zullen we geduld moeten hebben.
Ze worden één voor één rijp en dan plukken we ze meteen. Anders vinden de vogels ze of rotten ze weg.
Ik hoef dus nog geen potten te sparen voor jam.
Maar in ieder geval hebben we dit jaar een eigen oogst(je)….
Ze smaken overigens voortreffelijk.

Sauce Bolognese

Nee, ik pretendeer niet dat ik de “originele” sauce Bolognese maak. Maar mijn recept is zeker heerlijk en ik maak het altijd in grote hoeveelheden. Zo’n lekker klusje voor een zomermiddag. Veel groenten snijden, aanfruiten, vlees erbij en dan maar laten pruttelen. Zo doe ik dat:

125 gr. spekblokjes
500 gr. rundergehakt
2 uien
1-1,5 flinke winterpeen
4-6 stengels bleekselderij
1 eetlepel tomatenpuree
1 blik tomatenblokjes
glas rode wijn
peper, zout
oregano, tijm, paprikapoeder

 

Snipper de uien en hou ze apart.
Snijd winterpeen en bleekselderij in piepkleine blokjes.
Bak het spek in een grote stoofpan zachtjes uit, maar laat het niet kleuren.
Doe de ui erbij en laat even zachtjes bakken, maar ook niet kleuren.
Voeg de tomatenpuree, oregano en tijm toe en bak alles even mee.
Voeg het gehakt toe en laat bakken tot het gehakt niet meer rood ziet en uit elkaar valt.
Doe dan de groenten en rode wijn erbij en breng aan de kook.
Kruid met peper en zout naar smaak.
Voeg de tomatenblokjes toe en roer het paprikapoeder erdoor.
Laat alles op een laag vuurtje minstens 45 minuten zachtjes stoven. Roer regelmatig even door.

Natuurlijk kun je nog wat andere groenten, zoals paprika in blokjes toevoegen. Dat is misschien niet origineel, maar het ligt helemaal aan je eigen smaak!

Gebruik de saus bij pasta zoals spaghetti of tagliatelle of in de lasagna.

EET SMAKELIJK!!

 

Geur

Nou ja, geur… zeg maar gerust de stank. Zo erg dat zwager ongerust de kamer binnen kwam om te melden dat het in de hal een beetje naar riool rook. In koor antwoordden wij “Oh, dat is de kaas”. Want in de koelkast in onze berging ligt een ronde Coullommiers, een kaas tussen Camembert en Brie in. Maar nogal scherp van geur. Er zijn diverse fabrikanten die het maken, er is zelfs een rauwmelkse variant. Maar wij kopen het meestal bij de Lidl, tenminste als er een Franse week is.

 

Mag de geur dan niet te harden zijn, de kaas smaakt heerlijk. Maar door die geur durven we het niet aan onze gasten voor te zetten. Dus moeten (!) we het wel zelf opeten. Och, met een glaasje rode wijn erbij offeren we ons graag op! 😉 😉 😉

Koffie

De geur van vers gezette koffie, als ik ‘s morgens de trap af kom. Dat is voor mij puur geluk. Hier dus geen Nespresso, Senseo of ander apparaat, maar een ouderwets koffiezetapparaat.

Toch vind ik Nespresso best lekker, maar ook heel duur. Ik kan me niet aan de indruk onttrekken dat al die fraaie winkels, al die reclame vooral door de consument betaald worden. Laatst las ik de argumenten van de hotemetoot van Nespresso in Nederland. De koffie was van superieure kwaliteit, er was een heleboel blabla over de plek waar en de manier hoe de koffie verbouwd werd. De boeren kregen er de beste prijs voor….  

Ja, ja, zal best, maar in Parijs, op de duurste locatie, de Champs Elysées, zat een winkel waar bijkans de hele Bijenkorf in kon. En uiteindelijk moet al die luxe toch verdiend worden met die cupjes.
Maar goed, iedereen zijn eigen luxe. Ik neem nog een lekker bakkie, geserveerd door mijn eigen man. Daar kan geen George Clooney tegenop, ozo!!

Drop

Drop, dat is toch typisch Nederlands? In het buitenland is ons nationale snoep niet altijd zo geliefd. Hoewel geen grote dropfan, heb ik opreis meestal wel een zakje bij me. Maar laat een Chinees of Japanner een dropje proeven en hij/zij kijkt al argwanend naar dat zwarte goedje. Om daarna een vies gezicht te trekken.
Maar in Italië is drop wel bekend en ook vaak gegeten. Er is drop in alle soorten en maten en vooral laurierdrop is erg populair. Niet gek trouwens, want overal zagen wij grote heggen van laurierstruiken.
Deze dame had een kraampje op een markt in Urbino.

Aardappeltjes

Vroeger, maar toch nog niet zo lang geleden, was juni de maand voor de nieuwe aardappelen. Zo rondom vaderdag kwamen ze op de markt, vrij tegelijkertijd met de tuinboontjes.
Mijn moeder kon klagen dat de aardappelen zo slecht werden. Maar meteen zei ze dan met een vergenoegd gezicht “Nog even, en dan zijn de nieuwe aardappeltjes er weer”. De eerste aardappelen waren krieltjes, met een zacht velletje. Die kookte ze met schil en al en bakte ze daarna. Maar niet voordat er een heleboel al in haar en mijn mond verdwenen waren, met een beetje gesmolten boter en wat zout. Ze hadden een heerlijke aardse smaak. Wel kreeg ik altijd een beetje buikpijn daarna. Maar of dat van de de hoeveelheid kwam of van iets anders, dat weet ik niet.

Toen ik nog maar pas getrouwd was, waren er ook nog “nieuwe aardappelen”. En het hele ritueel herhaalde zich bij mij thuis.

Tegenwoordig is er geen verschil meer te vinden. Het lijkt wel of het hele jaar door “nieuwe oogst”te krijgen is. Maar die smaak van vroeger, nee die is er niet meer.

Kiwi

Toen in de jaren 80 de eerste kiwi’s bij de groenteman in de schappen lagen, vond ik het een heerlijke vrucht. Ik sneed ze door en lepelde het vruchtvlees eruit. Heerlijk, frisse zacht-zoete smaak, die een beetje aan kruisbessen deed denken.

Tegenwoordig ben ik er niet meer zo enthousiast over. Het fruit dat je nu koopt, is zo hard en onrijp dat het een hele tijd duurt voor het te eten is.

Zelfs het trucje om ze samen met een appel in een zak te doen, maakt ze niet lekkerder. Vorige week at ik er weer eens een. En hoewel ik best iets zuurs weet te waarderen, kneep hier mijn mond van samen. Voorlopig dus geen kiwi meer!!

Kwestie van smaak

Zaanse-huisjes

Ik weet eigenlijk niet wat ik hiervan moet denken. Mijn eerste reactie was “grappig”.

Maar hoe zal het zich in de loop der tijd houden? Geen idee. Tja, de eerste ontwerpen van Frank Lloyd Wright werden ook niet met gejuich ontvangen en nu zwijmelt men erbij.

Of zoveel roem Wilfried van Winden, de bedenker van deze “fushion architectuur” ook ten deel zal vallen, moeten we dus maar afwachten.

Het valt in ieder geval wel op!

(foto Trouw)