Recept

Koken doe ik graag. Ik heb dan ook heel wat kookboeken (gehad) en snuffel graag op Google naar nieuwe recepten. Maar het gekke is dat ik zelden een recept helemaal volg. Ik weet niet wat dat is, maar iets, ook al is het maar één ingrediënt, moet ik veranderen. Het liefst kook ik dan ook voor de vuist weg. Dan kijk ik in de koelkast wat er ligt, nodig op moet of lekker bij elkaar smaakt. En er ligt altijd wel wat in die groentenla.

Vorige week lag er courgette, bleekselderij, puntpaprika en bosuitjes voor het grijpen. En ik had ook nog een stukje Halloumi met chili. Dat is kaas uit Cyprus, die je heerlijk goudbruin kunt bakken. Soms is het te koop bij Lidl en omdat je het lang kunt bewaren, koop ik dan wat pakjes.
Uien en knoflook zijn altijd in voorraad. En oh ja, dat restje crème fraiche moest ook op. Dit werd het uiteindelijk:

Cypriotische macaroni
voor 2 personen
1 flinke ui, gesnipperd
2 tenen knoflook, gesnipperd
1 puntpaprika, in stukjes gesneden
3-4 stengels bleekselderij, in kleine boogjes
1 courgette in blokjes
2-3 tomaten, in stukjes
2-3 lenteuitjes, gesneden
1-1,5 eetlepel crème fraiche
(olijf)olie
oregano, peper en zout naar smaak
150 gram. Halloumi (met chili)
150 gram elleboog macaroni

Snijd de Haloumi in plakken van ongeveer 1 cm. Droog de kaas goed en bak ze in de hete olie tot de plakken goudbruin zijn. Schep de kaas op een bord en laat het afkoelen. Snij het dan in kleinere blokjes.
Fruit de ui in de resterende olie tot die goed glazig is.Doe de knoflook erbij en laat ook even mee fruiten.
Voeg dan paprika, bleekselderij, tomaten en lente ui toe. Bestrooi met wat oregano en peper en zout naar smaak. Laat even goed bakken.
Voeg de courgette toe en laat alles nog ongeveer 10 minuten smoren.
Snij de kaas in kleinere blokjes en meng die met de crème fraiche door de saus.
Kook ondertussen de macaroni gaar en giet deze af. Doe de macaroni in de pan met saus en roer alles goed door.
Serveer, eventueel bestrooid met wat fijn geknipte peterselie.

EET SMAKELIJK!!







Wat doe je?

Nu hij elke dag thuis werkt, was het voor onze jongste zoon een mooie gelegenheid om eens te zien of hij helemaal vanaf niks een brood zou kunnen bakken. Dat lijkt in de verste verte niet op zijn dagelijks werk. Maar koken en bakken is zijn hobby en nu kan hij het nuttige verenigen met het aangename.

Dus maakte hij vorige week een “starter”van bloem en water. Hij verzorgde dat een aantal dagen zodat op zondagmorgen een wat gistig geurende en bubbelende pot op zijn aanrecht stond.

Daar deed hij nog meer bloem, water en wat zout bij en kneedde daar een mooi deeg van.
Afgedekt en opzij gezet, wachtte hij tot het gerezen was.

De deegbol werd daarna op een bakblik gelegd en ingesneden. En toen kon het in de oven geschoven worden.

Na enige tijd was dit het resultaat.
Het huis moet verrukkelijk geroken hebben. Dat kun je helaas niet overbrengen met een appje. Maar bekijken konden wij het thuis wel via Whatsapp.

En hij heeft beloofd nog verder te oefenen, zodat wij straks, als alles weer “gewoon” is, een lekker broodje van hem krijgen. En daar ga ik me nu alvast op verheugen!

Speciale aanbieding

Naast alle kommer en kwel is er gelukkig ook altijd een (glim)lach te verkrijgen.

De winkelier in deze zaak had een wel heel speciale aanbieding voor ogen. Nou ja, wie weet geeft het zelfs wel bescherming….

Geen idee wie de maker is en waar het gepubliceerd werd (ik geloof op Twitter). Gezocht en gevonden op Google Afbeeldingen.

Pareltje

De muziek van Harry Bannink ligt me na aan het hart. Zoveel prachtige nummers, waarvan er veel maar een enkele keer ten gehore zijn gebracht.

Afgelopen week stuitte ik op een nummer dat Edwin Rutten heeft gezongen in de Sjef van Oekel show. Een tekst van Tony van Verre en de heerlijke muziek, ja natuurlijk, van Harry Bannink.

Zo’n pareltje mag nog wel eens gezien en beluisterd worden. Een beetje stout, al lang geleden op de TV vertoond, maar eigenlijk, op een andere manier, nu toch weer helemaal up-to-date.

Quarantaine

Een woord met een Q, daar kun je soms zo naar zoeken bij Scrabble. Nu om nooit meer te vergeten.

Wat we ook hopelijk nooit zullen vergeten is wat voor consequenties (hé, weer een!) het allemaal heeft. Je ziet nog maar een beperkt aantal mensen, op grote afstand of via een appje of FB-bericht. En dat is al vaak meer dan in vroeger tijden. Want toen bestond dat rotte Q-woord natuurlijk ook, al zal het minder gebruikt worden.

Met tijd in overvloed nu, denk ik terug aan de maanden dat ik in Katwijk kuurde. Zoals ik hier vertelde, bracht mijn moeder me. Nu is de afstand Rotterdam-Katwijk met de auto gemakkelijk te doen. Maar mijn ouders hadden geen auto en met het openbaar vervoer was het niet alleen omslachtig en duurde het lang, het was ook kostbaar. Dus kwamen ze maar één keer in de veertien dagen een uurtje op zondag. Mijn zus en zwager kwamen het andere weekend. Verder zag ik niet veel familie. En voor vriendinnetjes was ik toch nog te klein. Overdag was ik vaak alleen, omdat de andere kinderen wat groter waren en naar school gingen, met bed en al.

Deze foto dateert waarschijnlijk van voor mijn tijd in Katwijk. Maar het was één van
de weinige die ik op het internet kon vinden.
Het is de meisjes-lighal en zo te zien kregen de kinderen hier les.
Ik was daar toen nog te klein voor.

Nu realiseer ik me dat al die kinderen en volwassenen daar in dat Zeehospitium ook in een soort quarantaine zaten. We moesten vooral rusten, flink eten en veel in de frisse zeelucht zijn. Hoe? Daar heb ik geen duidelijke herinneringen aan bewaard. Al weet ik wel dat, toen ik weer mocht lopen, ik soms op het strand mocht spelen. En dat er altijd wel een raam open stond, weer of geen weer.

Wat moeten mijn ouders toch veel te verwerken hebben gehad. We hadden nog geen telefoon, er werden maar spaarzaam foto’s gemaakt en de verpleging was uitstekend, maar veel vertellen deden de zusters niet. Niet aan ons, maar dat is begrijpelijk, maar ook niet aan de ouders.

Gelukkig hebben we nu alle mogelijkheden voor contact en dat wordt in deze dagen gelukkig ook veelvuldig gebruikt. We delen onze berichten met de kinderen, natuurlijk. Maar wisselen ook foto’s en berichten uit met familie, vrienden, soms zelfs volslagen vreemden. En dat is fijn. Ver van elkaar en toch dichtbij! Een kleine, fijne bijkomstigheid in een verder nogal bedrukte tijd.

Hoe kan dat?

Laatst maakte ik foto’s in Delft, samen met Jeanne en nog wat andere fotomaatjes.

En dit plaatje kon ik natuurlijk niet weerstaan. Want hoe krijg je in hemelsnaam je fiets daar geparkeerd? Wel lekker veilig, niemand zal hem daar jatten. Maar makkelijk lijkt het me niet.

Of is het nou zo’n deelfiets en wilde iemand hem per slot van rekening toch niet met anderen delen? Ik blijf het onhandig vinden 😉

Gek gevoel…

Ik voel me eenbetje een paria. Ik wil er niet aan toegeven, want de werkelijkheid is niet anders en ik zal beslist niet de enige zijn die zich vreemd voelt. .

Geen bezoek, zoveel mogelijk thuis blijven. Nee, het openbaar vervoer is nu geen optie. Natuurlijk bellen we, appen we en kunnen we zelfs skypen. Maar wat een vreemde gewaarwording. Gevangen in je eigen bubbel, maar nu niet vrijwillig, maar op last van de overheid. Voor een goed doel, dat zeker. Voorlopig voor drie weken, maar wie weet voor hoe veel langer nog.

Alles is afgelast, zingen, gymen, spelletjesmiddag. De hulp heeft zich afgemeld. Wanneer ze weer komen wil of mag, is nog onzeker.

Boodschappen doen gaat vlug, vlug. En met een van te voren gemaakte lijst, want even lekker rustig winkelen is er al niet meer bij.

Nou ja, met een beetje droog weer gaan we een stuk wandelen in de omgeving. Dat kunnen we nog wel. En als we dan mensen tegenkomen, blijken die maar al te graag in voor een praatje. Maar ze houden afstand, voor wie weet wat….!

Nou ja zeg! Genoeg gemekker. Er is nog van alles te doen. Zo heb ik mijn puzzel uit de mottenballen gehaald. Die lag er al al te lang en zal misschien (??) nu een keer afkomen. Voorlopig tijd zat!

De tuinman en de dood

De tuinman en de dood

Een Perzisch Edelman:
Van morgen ijlt mijn tuinman, wit van schrik,
Mijn woning in: ‘Heer, Heer, één ogenblik!

Ginds, in de rooshof, snoeide ik loot na loot,
Toen keek ik achter mij. Daar stond de Dood.

Ik schrok, en haastte mij langs de andere kant,
Maar zag nog juist de dreiging van zijn hand.

Meester, uw paard, en laat mij spoorslags gaan,
Voor de avond nog bereik ik Ispahaan!’ –

Van middag – lang reeds was hij heengespoed –
Heb ik in ‘t cederpark de Dood ontmoet.

‘Waarom,’ zo vraag ik, want hij wacht en zwijgt,
‘Hebt gij van morgen vroeg mijn knecht gedreigd?’

Glimlachend antwoordt hij: ‘Geen dreiging was ‘t,
Waarvoor uw tuinman vlood. Ik was verrast,

Toen ‘k ‘s morgens hier nog stil aan ‘t werk zag staan,
Die ‘k ‘s avonds halen moest in Ispahaan.’

P.N. van Eyck (1887-1954)
(met dank aan www.Gedichten.nl)

Al voor de derde keer…!

Vorige week gingen we voor de derde keer naar een voorstelling van de “Grote Harry Bannink Podcastshow“. Wie denkt dat het nu wel genoeg zou zijn, vergist zich deerlijk. Want de muziek van Harry Bannink verveelt nooit. Je moet ook wel een hele lange adem hebben om alle liedjes, meer dan 3000 stuks, allemaal af te luisteren.

De cast was hetzelfde als de eerste keer, Frank Groothof die zong bij de piano van Dick van der Stoep en alles aan elkaar gepraat door Gijs Groenteman. De voorstelling was totaal anders en toch ook hetzelfde. Geen bekende meezingers uit de Ja Zuster, Nee Zuster-periode, maar mooie teksten van Willem Wilmink, Hans Dorrestijn, Rob Crispijn en anderen van het Schrijverscollectief.

In het knusse theater van de Kantine Walhalla kwam alles met veel verve over het voetlicht. En al kijkend bedacht ik me hoe jammer het is, dat al die liedjes zo’n verborgen bestaan leiden. Wie op Spotify zoekt, krijgt bijna alleen nummers uit die Annie M.G. Schmidt periode. Die zijn beslist niet te versmaden, maar de teksten van Het Schrijverscollectief zijn absoluut pure poëzie. Het zijn stuk voor stuk pareltjes, waaraan de muziek van Harry Bannink nog meer glans en diepgang geeft.

Ik vroeg na afloop aan Gijs Groenteman of er nog CD’s met deze mooie nummers zullen worden uitgebracht. Misschien op de lange duur, maar op dit moment zit het er nog niet in. Ik hoop van harte dat zoiets wel van de grond gaat komen. Want het zou jammer zijn als dit stuk Nederlandse cultuur in de grote vergetelheid ten onder zou gaan.

Probleem

Toen ik afgelopen vrijdag het blog van Sjoerd las, dacht ik dat het geintje was. Het kon toch niet waar zijn dat mensen in alle ernst zich opwinden over zoiets als “bijenpoep”? Maar helaas, het is wel degelijk waar.

Mijn hemel, hoe ernstig kan dat zijn? Maar dan google ik nog wat verder en begrijp ik de zaak wat beter.

Want ga maar na, je kunt natuurlijk niet tolereren dat bijen je auto bevuilen. Onze eigen goed gepoetste, duur betaalde en veilig vlakbij huis geparkeerde Heilige Koe, overdekt met een laag gele bijen uitwerpselen? Nee, dat is te erg voor woorden. Daar moeten vragen over gesteld worden, handtekeningen voor verzameld en protestacties tegen gevoerd worden.

Wat nu? Zullen de bijen het veld moeten ruimen? Krijgen ze kleine pampertjes om, zodat de vieze boel tenminste adequaat afgevoerd kan worden? (In zee natuurlijk, bij alle andere plastic soep) Of ligt de oplossing van het probleem in het genadeloos vernietigen van de bijen?

Misschien is dat het beste. Want als er geen bijen meer zijn, is de mensheid ten dode opgeschreven. En dan is het hele probleem meteen de wereld uit!

😡 😡 😡 😡 😡 😡 😡 😡 😡 😡 😡 😡 😡 😡