Naam

De man achter deze zaak in Leeuwarden wilde geen brood of gebak gaan bakken. Dat zou toch al te voorbestemd zijn. Dus werd hij slager…. Maar toch wel iets met eten, want “nomen est omen”.

Bewaren

Picknicken

Dat vind ik toch zo heerlijk, er op uit en dan ergens picknicken. En het liefst op z’n Engels, met zo’n fraaie picknickmand vol proviand, koele drankjes en een groot geruit kleed, echt servies, glaswerk en bestek.
Nou ja, in de praktijk komt het neer op plastic bordjes, kleffe boterhammen en is de drank toch behoorlijk warm geworden. Maar het idee blijft, zeker als je zo’n leuke oude auto ziet, met zo’n mooie mand achterop.

Bewaren

Oldtimers

This slideshow requires JavaScript.

Afgelopen zaterdag gingen we naar Culemborg. Niet alleen om een verjaardag te vieren, maar ook om even rond te neuzen in het gezellige centrum. Daar is vaak iets te doen. En laten we nu ook weer met onze neus in de boter vallen, want er was een oldtimershow. De Markt en omliggende straten en pleinen stonden vol met honderden oude auto’s, de meeste fraai opgepoetst, maar sommige met het stof van jaren er nog op. Er was voor ieder wat wils, bakbeesten van Amerikaanse sleeën, VW Kevers, veel rood en glimmend koper, versieringen die tegenwoordig volkomen taboe zijn. Op de laatste nipper moest er soms ook nog wat gesleuteld worden en sommige (bij)rijders hadden zich in toepasselijke kleding gestoken. Zelf maakte ik nog een alternatieve selfie en Leo moest natuurlijk met een VW Kever op de foto. Weer een dag vol goede herinneringen!

Amsterdam

Ik kom regelmatig in Amsterdam, alleen, met vriendinnen of met mijn echtgenoot. En telkens kom ik dan weer in een ander gedeelte van die stad. Toen ik vorige maand met Leo in Amsterdam was, had ik het boek De wensdagen nog niet gelezen. Maar we liepen over de Lijnbaansgracht en gingen door wat straten die juist in dat boek zo vaak genoemd werden. Ontdekten een hofje en we maakten foto’s natuurlijk. Eigenlijk niks spectaculairs, maar gewoon een mooie dag!

Leuk

Na een lange reis moet een mens wel eens eventjes naar de wc. Gelukkig is dat in een museum nooit een probleem, al zijn er heel veel verschillen te beschrijven in de een of andere toiletgelegenheid. In het Fries Museum is alles consequent in het Fries, maar gelukkig ook in het Nederlands aangegeven. Al snapte ik deze aanduiding meteen. Het gaf me een beetje “ouwerwets” gevoel. Als kind kwam ik nog wel bij familieleden met een toilet buiten, het huisje. Dus de aanduiding “húskes” was voor mij genoeg, de grafische verbeelding vond ik ook wel mooi. Gek, maar ik zag in de figuren een verpleegster en een soldaat. Maar ja, die moeten ook wel eens plassen nietwaar?

Fietsen

Overal in Nederland zie je fietsen staan, met name bij stations. In Amsterdam is een enorme fietsenstalling naast het Centraal station, duidelijk gemarkeerd met een ok al enorm groot bord.
Ik vraag me dan altijd af hoe je je eigen fiets daar weer terug kunt vinden. Maar blijkbaar is dat niet zo’n groot probleem.

Winkeltje

 

 

 

 

 

 

 

 

Zo jammer dat dit winkeltje in Vollenhoven gesloten was. Want ik had hier natuurlijk heel graag willen rondkijken. In een winkel die “Juffrouw Sprokkel” heet, moet wel van alles liggen waar je blij van wordt.
Hoe verzin je zo’n naam? Want zo heet de dame van de winkel vast niet. Sprokkelt ze zoveel bij elkaar, sprokkelt ze hout? Ach ee, ze verzamelt gewoon van alles.Die naam past gewoon bij haar!

Bewaren

Bewaren

Bewaren

Leeuwarden

Wat gingen we in Leeuwarden doen? Naar een, wat zeg ik, twee tentoonstellingen, beide aangeraden door Wieneke.
Eerst lopen we naar het Princessehof voor de opwindende potten en beeldjes in porselein. Grappig om te zien wat onze voorouders toch zo opwindend vonden en wat nu helemaal niet meer zo extreem overkomt. Door de overvloed aan niks verhullende reclame zijn we een beetje overvoerd, misschien? Maar de peepshow vonden we allebei heel leuk en daar stonden toch ook wel dingen die nou ja…. Ach, ga zelf eens kijken.  Goed voor een vrolijk uurtje.


Daarna liepen we langzaam en genietend van de mooie gevels naar het Fries Museum. Een nieuw en ruim gebouw, waar mooie tentoonstellingen gehouden worden. Nu is er sitz of chintz te zien. Prachtige katoenen stoffen, bedrukt met voornamelijk natuurmotieven. Al in de tijd van de Verenigde Oost-Indische Compagnie werden deze stoffen uit India gebruikt om handel mee te drijven en dienden ze als betaalmiddel in Indië. Maar ook in Nederland waren de stoffen zeer geliefd. Rijke dames lieten er fraaie japonnen, mantels, dekens, hoeden van maken. En zuinig als Hollanders zijn, nadat de jurken versleten waren, werden de wijde rokken verknipt tot kinderkleding. In klederdracht werden strakke ruiten gecombineerd met sierlijke bloemranken. Veel van die kleding is nu te zien op de tentoonstelling. Er is een film, waar de fabricage wordt uitgelegd en waar een nieuw ontwerp op oude manier wordt gedrukt en geverfd. De tentoonstelling is zeer verzorgd, ruim en mooi opgezet en brengt oude en nieuwe technieken en ambachten tezamen.

Ergernis

“Zeg, je wilde toch naar Leeuwarden?” “Ja, zullen we dat doen? Met welke trein? Niet zo vroeg en kijk even of je moet overstappen”. “We kunnen om 10 over 9, maar dan moet je wel in Zwolle overstappen, of om 10 over half 10, die gaat rechtstreeks”.  “Die nemen we dan!”
Als we instappen is het een beetje druk, maar we vinden een plekje en installeren ons. Oh, het is een stilte-coupé. Nou ja, we knikken naar elkaar en kunnen na 45 jaar ook woordeloos communiceren 😉
In Gouda stopt de trein, we horen wat gezoem uit de luidsprekers, maar dat is zo zacht en dus onverstaanbaar. Stilte-coupé, nietwaar?
Na een half uurtje zijn we in Utrecht. De trein staat al een aantal minuten stil. Dan klinkt ineens uit de speaker, luid en duidelijk, dat de trein op een ander spoor is aangekomen. Wie verder wil naar Amersfoort, Zwolle of Leeuwarden moet er hier uit en naar spoor 9b. We blijken op spoor 21 te staan, moeten dus via de grote hal naar een heel ander spoor. Dat wordt nog haasten, want die trein gaat over 2 minuten. Het echtpaar dat naast ons zat, zet er, net als wij, de pas in en puffend komen we nog net op tijd in de goeie trein aan. En ook zij hebben behoorlijk de smoor in. “Had dat nou niet een beetje eerder gekund, nu moesten we ons rot lopen”, zegt de vrouw. Ik beaam het en laat mijn ongenoegen ook blijken. Want de NS leert het, geloof ik, nooit. Dat de trein naar een ander spoor gerangeerd wordt, weten machinist en conducteur toch al veel eerder. En dat hadden ze toch op z’n minst eerder kunnen omroepen, uitleggen en zich voor het ongemak excuseren. Maar nee hoor, niks niemendal. In de trein die vertrekt wordt wel omgeroepen dat we exact op tijd vertrokken zijn. En kijk, dat hoef ik niet te weten. Daar ga ik gewoon van uit! Zo hoort het ook!

Feestkleding

Nee, geen blog over mode.
Dit is een rok die ik zag in een vitrine in het Bevrijdingsmuseum in Groesbeek. Een heel bijzondere rok, gemaakt van restjes stof, oude dassen. Gemaakt om te dragen als het weer vrede zou zijn, er weer mogelijkheden waren om feest te vieren en te dansen.

Een rok van hoop op betere tijden.

Bewaren