Yes, we can!

zeepje.jpgDit plaatje staat niet alleen op mijn sleutelhanger, maar siert nu ook als zeepje ons toilet.
Rosie the riveteer, symbool voor alle vrouwen die in de tweede wereldoorlog het werk van de mannen overnamen. Zich de zware werkzaamheden eigen maakten en hun land naar de overwinning hielpen. Die zelfvertrouwen kregen, maar later toch weer terug gewezen werden naar hun enige recht, het aanrecht.
Nou ja, natuurlijk niet allemaal. Er is gelukkig ook een hele generatie van zelfstandige, hardwerkende en sterke vrouwen uit voort gekomen.
Maar dat weet je natuurlijk niet, als je bij mij een plasje pleegt. Daar staat ze eigenlijk alleen een beetje voor de sier en de “verluchting”  😉

Mengelmoes

Een beetje bijpraten over afgelopen week. Dinsdags het nucleair onderzoek van de poortwachterklier. Het klinkt buitenaards, dat voelt ook voor mij zo. Raar idee dat er radioactiviteit ingespoten wordt, al is het maar een minimale hoeveelheid. Maar de radiologe was allerliefst, stelde me op mijn gemak (nou ja, voor zover je dat dan kunt zijn) en ik ging met Leo weer rustig huiswaarts.
Woensdag was het vroeg op, zonder koffie, thee of boterham. Nuchter moest ik zijn. Dat de operatie pas ver na de middag ging plaats vinden, deed daar niks aan af. En het leek wel of iedereen ineens over Paasbrunch, chocola en lekkere dingen wilde praten. Gelukkig, tijdens de narcose weet je van niks. En ‘s avonds kreeg ik wel te eten. Donderdag kon ik gelukkig weer naar huis. Leo nam het huishouden over en de jongens kwamen. Het werd een gezellige avond.
Dat ik de volgende dag kookte, was een eigen(wijze) beslissing. Op de een of andere manier zou dat toch moeten kunnen, dacht ik. Dat kon ook, al heb ik weleens in een betere stemming gekookt. Maar er werden bloemen gebracht, van de Scrabbleclub, van de wandelclub en ook schoonzus en zwager namen bloemen mee.
Zaterdag dacht ik het verband wel weg te kunnen halen. Heel voorzichtig, stukje voor stukje losweken met baby-olie. Het ging prima. Maar wat een schrik toen ik na het douchen de wond langzaam open zag trekken. Paniek, er is geen ander woord voor. Druipnat stond ik in de badkamer. En ook nu weer redde Leo de zaak, door me voorzichtig af te drogen en te helpen. Maar het voelde beslist niet kosjer, dus gingen we naar de Spoed Eisende Hulp. Ook daar weer vriendelijke en vooral adequate hulp. Het leek allemaal erger dan het was. Dicht- en afgeplakt kon ik terug naar huis, waar ik vooral een beetje op de bank gehangen heb. En mooi de tijd vond om dat dikke e-boek binnen de termijn uit te lezen.

Nylonkousen

Vorige week kocht ik vier maal twee paar pantalonkousjes. Nou ja, geen opzienbarende aankoop. Maar ik vouwde de kousjes op en daar lagen ze dus, op de bank. Acht paar kousjes, voor nog geen vier euro. Zo goedkoop, dat je er niet over piekert om ze te laten repareren. Dan ben ja alleen al aan die reparatie meer kwijt.
Dat was vroeger anders. De kousen die mijn zus destijds kocht, waren duur. Ragfijne kousen, met naad, die heel voorzichtig werden aangetrokken. En ook regelmatig ‘s avonds gewassen werden en dan op een handdoek over de deur te drogen gehangen. Een ladder er in was rampzalig en werd met een klodder nagellak tegengehouden. Dan kon de kous later worden gerepareerd.
Ik herinner me een klein en donker winkeltje in de buurt bij ons thuis. Het rook er altijd een beetje muffig, naar zweetvoeten denk ik. Het was een beetje ook rommelig, overal lagen de kousen, er stond een aftandse kassa. Onder een ongezellige felle lamp zaten twee zussen (?) dag in dag uit kousen te repareren. Ze hadden daar een machientje voor, trokken de kous over een soort buis en dan ging het van prrrrrft, prrrrffft. Razendsnel en met een beetje geluk had je dan weer een paar kousen die nog wel even mee konden.
Zuinigheid met vlijt, duurzaam en ook wel milieubewust. Ach ja, verleden tijd.

Wolletje…?

Wolletje

Dit is niet Leo, maar een foto die ik op internet vond en waar ook het verhaal van het wolletje verteld wordt. http://www.11vbdbat.nl/verhalen/Geen-humorgevoel.html

Toen het laatst zo koud was, legde Leo ‘s avonds een fleece dekentje over zijn voeteneind van het bed. En ja, dat moet natuurlijk ‘s morgens weer netjes worden opgevouwen.
Hij keek eens naar het dekentje en zei toen: “hoe was dat ook al weer, een wolletje maken?” Ik keek hem niet begrijpend aan, maar later werd me duidelijk wat hij er mee bedoelde. Tijdens zijn militaire diensttijd sliep hij op een zelf gevulde strozak, zonder lakens, onder twee grijsgrauwe dekens. Die dekens moesten elke dag netjes opgevouwen worden. Niks “zo is het wel goed”, maar keurig netjes. De dienstdoende sergeant (??) kwam zelfs met een liniaal langs om te kijken of iedereen wel de juiste maat hanteerde.
En dus vouwt Leo zijn fleece dekentje ook nu nog steeds keurig netjes op. Net zo netjes als hij de bedden opmaakt. Want wil ik nog wel eens denken “het kan zo wel”, let Leo altijd op de patronen, die dan keurig aansluiten.
Toch wel nuttig hoor, die militaire diensttijd. Soms denk ik dat het wel goed zou zijn als het weer terug kwam. Niet om te leren schieten, maar om discipline, orde en netheid bij te brengen aan de jongens én meisjes van nu. Om meer structuur in het dagelijks leven te krijgen, koken en schoonmaken te leren. Je hebt er tenslotte ook later profijt van…

Knapzak

In 2008 moest ik na de borstkanker operatie ook nog bestraald worden. Dat gebeurde in de Daniël den Hoedkliniek, hier in Rotterdam.
De verzekering voorziet in zo’n geval voor ziekenvervoer, maar Leo en ik besloten op eigen gelegenheid te gaan. We zetten dan de auto bij een halte van de tram die bijna tot voor het ziekenhuis rijdt.
knapzakDe eerste keer had Leo een katoenen tasje bij zich. Ik vond dat vreemd, waar had hij die nou voor nodig? Maar wat bleek? Eenmaal in de tram toverde hij uit die tas van allerlei lekkers. De ene dag was het een krentenbol, dan weer een stukje chocola of een sultana. Ook had hij meestal een pakje chocomel of appelsap bij zich en zeker als het heet was ook nog een flesje water. Elke dag, en dat meer dan 30 keer, was het iets anders. Ik had natuurlijk al snel in de gaten dat die knapzak altijd mee moest. Het werd een beetje een soort van handelsmerk. En zo werd die bestraling weliswaar nog geen feestje, maar wel een heel stuk minder vervelend.
Ook onderweg zagen we nog wel eens wat. Dan lag er een groot schip bij de Erasmusbrug, dan weer waren er allerlei evenementen in aanbouw. En op de terugweg namen we wel eens een ijsje of gingen we nog even de stad in.
Bestraald worden moet ook dit keer weer. Misschien minder vaak, maar toch. Maar die knapzak wordt vast weer van stal gehaald.

Podcast

Een beetje terug van weggeweest, een podcast. Een geluidsbestand dat je op je computer, laptop, tablet of telefoon kunt beluisteren. Hier kun je lezen hoe je dat in zijn werk gaat. Zelf heb ik al een heleboel uitzendingen van “De Sandwich” van Jacques Klöters om te beluisteren, de “Grote Harry Bannink podcast” ook en sinds kort is er een “Smaakmakers”-Smaakmakers.jpgpodcast. De eerste daarvan was een interview met Karin Luiten, je weet wel van “Zonder pakjes en zakjes”. Die volg ik al lang, want ze kan niet alleen heel lekker koken, het is allemaal ook nog eens leuk beschreven. Karin houdt niet van lange lijsten ingrediënten. Ze houdt het redelijk simpel en daardoor kan iedereen haar recepten volgen. Ook geeft ze nog wel eens alternatieven aan, zodat je niet de deur uit hoeft om koriander te halen, als er peterselie in de koelkast ligt. Gewoon koken, maar wel erg lekker!
Dus wie ook wil luisteren, dit is de link.

Noodzakelijk…?

soepmakerIn een van de reclameblaadjes zag ik dit. En ik dacht ‘Heb ik dat nodig”. Nee, natuurlijk niet, want soep maken doe ik regelmatig  en zeg nou zelf, soep maken is toch kinderspel. Alles, ja echt alles kan in de soep. Van ui en knoflook tot tomaten, courgettes, vlees, vis, maar ook rijst, pasta, bulgur of wat er maar in huis is. Zo’n lekker bordje soep dat altijd weer net iets anders smaakt.
Ik kook meestal een flinke pan vol. Heb er zelfs een keer een echt grote pan voor gekocht, zo een van 5 liter. Dat is nog niks vergeleken bij de soeppan van mijn nichtjes, die het formaat wasketel benadert. Daar kun je een extra bordje van uitdelen.
Ik heb eens gekeken hoe het apparaat werkt. Echt veel tijd zal het niet besparen. Wel veel ruimte in het keukenkastje. Die soep zal best binnen te houden zijn, dat wel. Maar die extra smaak van met liefde gekookte soep, pruttelend en zacht geurend, zou je die er ook in proeven?

Recept

Maandag begint de Nationale Week zonder Vlees. Wij doen er aan mee. Dat is niet zo moeilijk, want we eten al heel vaak vegetarisch. Dit recept (voor 2 personen) staat beslist de komende dagen een keer bij ons op tafel.

125-150 gram bulgur
250 gram champignons (in schijfjes)
½ rode of gele paprika (gehakt)
1 ui (gehakt)
2 tenen knoflook (gehakt)
150 gram doperwtjes
1 eetlepel (naar smaak) gedroogde oregano
1 theelepel (gerookte) paprika
¼ (meer of minder) theelepel hete paprika
3-4 bosuitjes (gehakt)
klein bosje peterselie (gehakt)
zout en peper naar smaak
100 gram Haloumi kaas in reepjes/blokjes
olijf- of arachide olie
1/4 citroen
Kook de bulgur in water en laat droog stomen.
Bak de kaas in wat olie goudbruin. Neem uit de pan en laat afkoelen.
Bak de champignons goudbruin, doe daarna de paprika blokjes, ui en knoflook en oregano, en paprikapoeder erbij. Circa 5 minuten laten smoren, eventueel wat water toevoegen.
Op smaak brengen met peper en zout en erwtjes toevoegen en nog 5 minuten goed doorwarmen. Op het laatst wat citroensap toevoegen.
¾ van de peterselie en bosui door de bulgur roeren.

Bulgur op borden scheppen, groenten er over verdelen en kaas bovenop leggen. Rest van de peterselie en bosui erover strooien.
EET SMAKELIJK!!

Bonnenman

Weten jullie nog wie dat was? Nee, hij (of zij) heette geen Bonneman, maar was een persoon die geld kwam ophalen aan huis. Ik herinner me dat nog wel. Mijn moeder kreeg dan bonnen, die ze in winkels kon inwisselen. Ze betaalde daar dan dus mee. De waarde van die bonnen, zeg maar krediet, was haar door een bedrijf voorgeschoten. En wekelijks betaalde ze een deel daarvan terug.

gulden

Je kreeg geen bankbiljet maar een waardebon

Wat gek eigenlijk, want met die bonnen kon je alleen maar in bepaalde winkels kopen. Mijn moeder had daar een geel boekje van. En telkens als we iets nodig hadden, dan kwamen die bonnen te voorschijn. Stigmatiserend zouden we dat nu noemen. Want nu betaal je met je pinpas en niemand weet of je wel of niet rood staat.
Leo weet dat ook bij zijn oma zo’n bonnenman aan de deur kwam en ik zag die bonnen ook bij een tante, verstopt in de theepot. Oom mocht blijkbaar niet weten wat ze hiermee betaalde.
Het fijne kregen wij als kinderen natuurlijk niet te horen. Ik herinner me wel dat ik mee mocht, als mijn moeder weer bonnen ging halen. Het bedrijf zat dacht ik op de Henegouwerlaan in Rotterdam. En ik weet niet meer hoe het heette. Wat zou ik graag daar nog iets meer over willen weten. Rinkelt er bij jullie een belletje?

Geëmancipeerd…

Tja, je kunt als grote supermarkt natuurlijk niet achterblijven. Dus werd er op de reclameredactie driftig vergaderd. Hoe kunnen we ons nou een beetje profileren als modern en geëmancipeerd bedrijf? Na lang nadenken kwam de stagiaire met de oplossing. Die handige nat/droog stofzuiger, die laten we bedienen door een eh… meneer. En die handige krik, in handen van een vlotte leuke vrouw, nou dat slaat aan hoor!
En zo zuigt meneer het stof en heeft mevrouw een plek in de garage. Is dat nou geen voorbeeld van emancipatie…. ? 😉 😉 😉