Water

Vrijdagmorgen, de wekker gaat. Leo is al wakker en zegt “Goeiemorgen, …. we hebben geen water.” Ik moet nog even helder worden, maar dan snap ik wat ie bedoelt. Hoe kan dat nou? Nee, boven komt er geen druppel meer uit de kraan, beneden nog maar een miezerig straaltje.
Ik bel met het waterleidingbedrijf. Na 5 minuten krijg ik iemand van de storingsdienst aan de lijn. “Vervelend”, zegt ze. “Hebben de buren ook geen water?” Als ik antwoord dat ik dat nog niet kan zeggen, omdat bijna iedereen nog slaapt, krijg ik als antwoord “Dan kan ik niets voor u doen.” Ik ontplof bijna. “Ik geef een storing door, noteer wat”, roep ik korzelig. Ze noteert naam, postcode, telefoonnummer en zegt dan dat het zal worden doorgegeven. Na ruim een uur is er nog geen enkele teken van het waterleidingbedrijf. Ik bel opnieuw en nu heb ik een vriendelijke man aan de telefoon. Hij noteert meteen opnieuw alle gegevens. Ik weet inmiddels dat de buren aan beide kanten wel water hebben, dus zit het probleem in onze leiding. Gelukkig komt er binnen korte tijd iemand om het probleem te verhelpen, al is dat nog niet zo simpel. Maar goed, er wordt aan gewerkt.
Leo heeft snel bij de super een aantal flessen water gekocht. Maar wat ben je toch onthand als er geen water uit de kraan komt. We kunnen ons niet wassen of douchen, geen tanden poetsen, de vaatwas of wasmachine gebruiken. En wat dacht je van het toilet? Een klein boodschap is nog wel zuinig weg te spoelen met kostbaar flessenwater, maar een grote boodschap…… bahhhhh!
Ik ga een beetje knutselen en al gauw heb ik vieze handen. Eventjes wassen…. oh nee….!!! We realiseren ons nu pas echt wat een rijkdom zo’n kraan is.

Vallen

Ik heb het niet zo op selfies en nu al helemaal niet. Want ik ben even niet om aan te zien. Donderdagmorgen, net toen ik wilde gaan wandelen, ben ik gevallen. Boem, met mijn neus op het asfalt. Nee, gelukkig, er was niks gebroken en ik kon meteen weer terug naar huis lopen. Maar ik ben wel geschrokken en mijn neus zag er even niet zo mooi uit. Hij werd dik, gloeide, en is inmiddels bont en blauw, met uitlopers onder mijn  beide ogen. Bij de super ontlokte het al iemand de vraag “wie heeft er gewonnen?” terwijl daarbij Leo schaapachtig werd aangekeken. En ook anderen suggereren flauwtjes dat hij misschien…?  Maar nee, ik struikelde over de hond van onze buurman. Ik stond even met hem te praten en wilde daarna verder lopen. Maar ik had helaas niet gezien dat zijn hond me voor de voeten liep. Voortaan dus eerst maar even kijken waar ik loop…!
Afbeeldingsresultaat voor struikelen cartoon

Annie M.G. Schmidt-dag

Ze is en blijft één van mijn favoriete Nederlandse schrijfsters en ik vind een speciale dag om haar te eren dan ook heel normaal. En hoe ik dat dan doe? Met een liedje over een klein lelijk eendje. Het plaatje werd in 1960 als reclame uitgegeven door Citroën. Tekst -natuurlijk- van Annie M.G. Schmidt en de muziek van Paul Chr. van Westering.

lelijke-eend

klik op de foto om het liedje te horen

Bewaren

Boek

Eva Vriend-De helpende hand. De gheschiedenis van de thuiszorg in Nederland, een interessant gegeven, maar soms wel een beetje droog. Alle politieke besluiten, wisselingen en gesteggel rondom de zorg in Nederland zijn niet te vermijden in een wetenschappelijk onderzoek. Maar daar ging het mij niet om. Ik wilde graag weten hoe de thuiszorg in Nederland was ontstaan, hoe het vroeger ging en hoe het beleefd werd. En gelukkig lees je dat ook in de verhalen van de verschillende geïnterviewde vrouwen.
Eva Vriend’s moeder was één van de eerste “gezinsverzorgsters” in Nederland. Maar kreeg later door ziekte te maken met diezelfde zorg, maar dan van de andere kant.
De opleiding, vaak in een internaat, was voor veel jonge vrouwen in de jaren 50 dé manier om de zorg voor jongere broertjes en zusjes te ontlopen. Het zorgen in een ander gezin was toch anders. Je taak was belangrijker, je had meer vrijheid. Gezinnen waar structuur ontbrak, moeder moest worden vervangen, het was veel en zwaar werk, maar voor de meeste vrouwen toch erg leuk. En wat een tijd brachten ze door in zo’n gezin, weken-, maandenlang. In de loop van de jaren verandert er een heleboel, niet in het minst omdat de kosten voor al die zorg de pan uit rezen. Tegenwoordig moeten gezinnen veel meer zelf oplossen. Thuiszorg is inmiddels verworden tot voornamelijk poetsen. Enkele dagen per week zorgen in één gezin is veranderd in elke dag bij meerdere gezinnen of ouderen klussen doen. Alles onder enorme tijdsdruk. Tijd voor een gezellig praatje, persoonlijke aandacht of bijsturen in het huishouden, het is er niet meer bij. Snel, snel, op naar de volgende cliënt….
Al met al toch een heel interessant boek. Ik kwam tot de conclusie dat het in het begin vrouwen zijn die de zorgtaken regelden, nu zijn het mannen die beoordelen hoe de hulp moet worden verleend. Vooral voordelig en efficiënt, maar met minder oog voor sociale aspecten en ten koste van de kwaliteit.

Geen klagen

Laatst was ik met wat administratie bezig, toen ik ook meteen maar eens naging hoeveel ik vorig jaar nou aan ziektekosten had betaald. Zoals elke Nederlander betaal ik natuurlijk maandelijks mijn premie. Eerlijk gezegd, dat is geen kattenpis, maar een flink bedrag. En ook het eigen risico gaat vrijwel elk jaar voor een deel op. Er zijn altijd wel medicijnen die betaald moeten worden, steunzolen die niet vergoed worden of wat dan ook.
Vorig jaar was ik voor het eind van januari natuurlijk al door dat eigen risico heen. Ga maar na, twee weken ziekenhuis, twee keer ambulancevervoer, operatie, revalidatie. De rekeningen daarvoor tikten lekker aan. Maar uiteindelijk kwam ik tot de slotsom dat ik “slechts” het eigen risico had moeten betalen. Alle kosten, bij elkaar gelijk aan een luxe auto, werden gedekt door de verzekering.
Nou zijn er mensen, die dan zeggen dat je het inmiddels zelf betaald hebt, met al die hoge premie. Ja, dat klopt, maar dan had ik al 14 jaar die premie opzij moeten leggen. En dan nog was ik er niet mee uitgekomen, want in 2008 is er ook een behoorlijk bedrag voor mijn ziektekosten uitgegeven.
Het is natuurlijk een zinloze berekening, maar al die klagers mogen zich best eens realiseren, dat het in Nederland helemaal niet zo slecht geregeld is. Dat het soms misschien wel beter kán, maar dat het in andere landen beslist vaak veel slechter is.

Bewaren

Boek

Leo kwam dit boek tegen in de bibliotheek en nam het mee. Niet om te lezen, maar vooral om even door te kijken en te genieten van de leuke tekeningen van Fiep Westendorp.
Altijd herkenbaar, altijd raak getroffen. Ik kan daar een hele tijd in bladeren. Op elke rechter pagina staat een grote tekening, op de linker wordt een detail herhaald met de naam van het detail eronder, in het Nederlands, Engels, Turks en Arabisch. Groot en klein, jong en oud kunnen hier hun kennis uitbreiden of bijspijkeren. En welke nationaliteit je ook hebt, welke taal je spreekt, je wordt er beslist allemaal vrolijk van.

Kattencafé

Een café, waar je naast een kopje koffie en een broodje ook kunt knuffelen met een kat. In Japan, kattenland bij uitstek, zijn ze al min of meer gemeengoed. Hier kennen we dat nog niet zo. Schoondochter wist er een in Den Haag, maar nu zag ik zelf dat er ook een in Rotterdam zit, Pebbles Kitty Cat Café op de Hoogstraat. En dat het goed liep ook. Niet verwonderlijk natuurlijk.
Want katten zijn heerlijke dieren, die je kopjes geven, op je schoot gaan liggen en zo’n heerlijke sfeer van warmte en geborgenheid om zich heen hebben.
Maar ja, een kat in huis is vaak toch lastig. Want wie zorgt er voor als je weg bent?
En die kattenbak, elke dag weer schoonmaken. Om van de kattenharen en allergieën maar te zwijgen.
Maar nu kun je dus naar het kattencafé. Even bijpraten met (schoon)moeder of vriendin, kopje koffie of thee, een taartje. En als kers op de taart, even tuttelen met een kat. Gewoon heel gezellig, zonder rompslomp. Heerlijk toch….?

Bewaren

Feestkleding

Nee, geen blog over mode.
Dit is een rok die ik zag in een vitrine in het Bevrijdingsmuseum in Groesbeek. Een heel bijzondere rok, gemaakt van restjes stof, oude dassen. Gemaakt om te dragen als het weer vrede zou zijn, er weer mogelijkheden waren om feest te vieren en te dansen.

Een rok van hoop op betere tijden.

Bewaren

Dodenherdenking

Gedicht van Paul Niemöller, op een muur in het Bevrijdingsmuseum in Groesbeek.

Eerst kwamen ze voor de Joden
en ik zei niets
want ik was geen Jood

Toen kwamen ze voor de communisten
en ik zei niets
want ik was geen communist

Toen kwamen ze voor de vakbondslieden
en ik zei niets
want ik was geen vakbondslid

toen kwamen ze voor mij
en was er niemand meer over
die iets kon zeggen